Gods zwijgen en Gods spreken [4]
'Toen zei Elisa: Hoort het woord des HEEREN; Zo zegt de HEERE.-' [2 Koningen 7:1a]
Koning Joram neemt de naam HEERE in de mond. Verder zegt hem die Naam niets.
Elisa noemt God bij Zijn naam. Voor hem heeft hij inhoud. Hoort het woord des HEEREN.
'k Heb de indruk dat de profeet de koning in de rede valt. Joram, je denkt wel dat de HEERE nooit meer aan het jvoord komt. Hoe minder God ons zegt, des te groter mond zet de dwaze mens tegen Hem op. U denkt de HEE- RE weg te kunnen redeneren? Vergeefse poging, de eeuwen door. Dat red je nooit. Joram, je moest nu je grote mond maar eens houden. Zo zegt de HEERE.
Mag Hij ook nog wat zeggen? Toen 'Zei Elisa: 'Joram, ga er eens voor zitten, laten we eens samen praten, kijken of we het met elkaar eens kunnen worden over de HEERE'.
Of: 'Koning ik vat u'? Helemaal niet. U denkt toch niet dat God met het ongeloof in discussie gaat? Water en vuur verenigen zich nimmer. Ons evangelie is geen ja en nee, zegt de apostel Paulus. Ik raad u aan daar in allerlei vraagstukken binnen en buiten de kerk ernstig rekening mee te houden. Wie het 'zo zegt de HEERE' in spreken en preken uitschakelt, blaast loos alarm. De bazuin van het evangelie moeten we zuiver afstemmen op het Woord van de HEERE. Wat zei Elisa dan? Dreigde hij, ging hij in debat en in het debat op de vuist?
Bedolf hij Joram onder een stortvloed van verwijten? Ook die weg kiest Elisa niet. Trouwens het zou het hoogwaardige woord des HEEREN onwaardig zijn. God hoeft zich door ons niet te laten verdedigen. Gods Woord is te heilig voor scheldkanonnades.
Elisa brengt het woord van de HEERE. Daarmee is het woord aan de HEERE. Eindelijk baant God zich een weg voor Zijn woord. Hoort het woord des HEE- REN. Hoor er van op. Wat nu volgt is geen oordeelswoord, geen richtend woord, geen woord dat als een bliksem de koning, die met God heeft afgerekend, dodelijk treft. Zo is de HEE- RE niet. Dat is het onbegrijpelijk geheim van de naam HEERE. Daar heet Hij nu HEERE voor. Hij spreekt het verlossende woord. Elisa komt namens de HEERE met het woord van genade, van barmhartigheid, die roemt tegen het oordeel. Zo doet de HEERE Zijn naam ere aan.
Ongehoord verrassend zegt de HEERE: morgen is er weer volop eten. Is er weer korenmarkt in de poort van Samaria. Meelbloem en gerst in overvloed. Morgen zijn de armsten de koning te rijk. Wat de HEERE voor morgen belooft, daar hoefje nu toch geen 'jamaar' achter te zetten?
Zo is onze God, die Zijn waarheid nimmer krenkt, maar eeuwig aan Zijn verbond blijft denken. Morgen, tegen alle ongeloof in, boven alle verdiensten uit. Alle spot ten spijt.
Zo is God nu altijd. En de allergrootste verrassing voor de allerschuldigste zondaren die God ooit in de wereld te zien gaf, is de kribbe van Bethlehem, is het Brood des levens, dat uit de hemel neerdaalt, is het kruis van Golgotha, het opengebroken graf, de overwinning op de zonde en de dood. Is Jezus Christus, de Gekruisigde en Opgestane, aan Wie gegeven is alle macht in hemel en op aarde . Ik heb een woord van de HEERE voor u, moedeloze zondaar, wanhopige twijfelaar. In de nacht der wereldzondeschuld bestelde de Heere hulp bij een Held. Morgen! Paasmorgen! Christus was in mijn verdiende hopeloosheid. Zo zegt de HEERE, die ook Zijn eigen Zoon niet gespaard heeft. Hem in de dood overgaf om de oorzaak van onze eeuwige honger en kommer, namelijk de zonde, weg te nemen.
Verbazingwekkend antwoord op Jorams uitval richting God. Wat wij er ook van denken of zeggen, eens overwint toch de genade. Verder op de HEERE wachten zou misschien voor u ook een vraagteken kunnen zijn? 'k Zou het toch maar doen als ik u was. Meestal zet onze HEERE Zijn tegenstanders schaakmat met Zijn oneindige barmhartigheid. Zalig wie daar niet langer tegenop kan. Zich gewonnen geeft aan Zijn liefde. Aan de weet komt: ik heb de eeuwige dood verdiend, maar krijg het eeuwige leven. De volgende dag werd naar het woord des HEEREN een evangeliedag, een dag van blijde boodschap. Op uw bede: de morgen, ach wanneer, heeft het evangelie als antwoord:
er zal verlossing komen, Zijn goedheid is zeer groot. Gods soevereine genade is in geen enkel opzicht van ons afhankelijk. Was het u niet meerdere keren een wonder dat God uitkomst geeft boven bidden en denken? Mijns ondanks? Wie vrije genade belijdt, moet de vrijheid van de genade verdisconteren, en niet beknibbelen of aan voorwaarden binden. Gods antwoord op Jorams beklag is verrassend verlossend. Hoort het Woord des HEEREN. Wie het echt hoort, beluistert van verre de toon en de taal van de eerste kruisbede: Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen. Ik zou niet weten hoe ik zonder dat gebed behouden zou worden. U wel? Alleen nog dit. Wij zijn wel verantwoordelijk hoe wij met God en Zijn woord omgaan. Het ongeloof, dat geen cent geeft voor het woord van de HEERE, zal het weten dat er geen ontkomen aan is als wij zo'n grote zaligheid geen acht geven. De hoofdman is voor allen die Christus openlijk te schande maken een baken in zee. Zien en niet eten, in het
zicht van de verlossing sterven. Dat gunnen we niemand. Eens komt de grote morgen. Dan zal uit de puinhopen der wereld de dageraad rijzen. Zet er maar met bevende hand, die vastgehouden wordt door de Heere, - net als een vader bij zijn kind doet - een groot uitroeptek : n achter en zeg luid en duidelijk voor God en mensen: HEERE, God van eeuwige verbondstrouw, beloofd is beloofd!
H. VISSER, KATWIJK AAN ZEE
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juni 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juni 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's