Ontsnappingsroutes
[n.a.v. Handelingen 27 : 30-32]
De nacht
De nacht duurt. Of liever: de nachten duren. Het is al de veertiende. Geen sterren in de nacht en geen zon overdag. Paulus spreekt, maar ze blijven maar rondzwalken over de ruwe zee. Niet zo moeilijk in te denken. Het Evangelie word je doorgegeven. In de gemeente wordt hoog gesproken over de redding van je leven, bovendien wordt er mooi over gezongen. Maar de nacht duurt. Je leven blijft maar staan onder die dreigende dood. Dan kunnen liederen mooi zijn, preken zelfs indrukwekkend, er mag aan Paulus een engel verschenen zijn, maar wat heeft dat met mijn leven te maken? Alle nachten kennen die heftige twijfel. Die momenten datje het niet meer gelooft. Die tijden dat je je meer herkent in Psalmen die dat uitspreken dan in mooie evangeliegeschiedenissen. Tijden datje tranen je tot spijs zijn en je in het zwart gaat vanwege des vijands onderdrukking. Mooi gesproken Paulus, maar ik heb het licht nog niet gezien.
Een alternatieve ontsnappingsroute
Wat doe je dan? De veertiende nacht lijkt voor het eerst het einde van deze barre en angstige tocht in zicht te zijn. Uit dieptepeilingen blijkt dat er waarschijnlijk land nadert. Althans zo vermoedt het scheepsvolk. Redding is hier echter een groot woord. De wind kan hen evengoed op de kust gooien, zodat nog alles verloren is. Vandaar het uitgooien van de ankers.
Dan echter lijkt de bemanning een ontsnappingsroute te vinden, langs een andere weg dan Paulus gewezen heeft. Ieder zou immers het leven behouden, heeft deze gevangene in de Heere gezegd. Maar als het land dichtbij is, is het misschien mogelijk om met een soort reddingsbootje die kust te bereiken. Dan zijn zij alvast veilig. De sloep was in eerste instantie als een soort laatste redmiddel nog binnenboord gehaald (Hand. 27 : 16). Nu lijkt hij het scheepsvolk van nut te kunnen zijn.
Een alternatieve oplossing, buiten de weg van redding die door Paulus is aangegeven, buiten het Evangelie om. Ze zijn niet vreemd. Ze zijn er al sinds mensen leven van wat door God beloofd is. Reeds de vader van de gelovigen kiest zijn eigen alternatief. Hij bedenkt samen met Sara de weg via Hagar om Gods beloften een stapje dichter bij de vervulling te brengen (Gen. 16). Niets nieuws dus. Hier lijkt een goede mogelijkheid voor de scheepsbemanning om zichzelf vast in veiligheid te brengen.
Paulus' derde woord
Op dat moment neemt Paulus voor de derde keer in deze geschiedenis het woord. Hij richt zich tot de hoofdman en de soldaten: 'Indien dezen niet in het schip blijven, gij kunt niet behouden worden' (Hand. 27 : 31). Alleen als allen op het schip blijven, is er voor allen redding. Proberen uit het schip weg te komen werkt averechts. Wegvluchten van deze angstige plek is je eigen ondergang bewerken. Alleen wie leeft van de gunst waarin God deze mensen het leven geschonken heeft, die wordt gered. Wie blijft: op het schip waar alle hoop op redding verloren is (Hand. 27 : 20), die behoudt het leven.
'Dezen' en 'gij'
Nu is er nog een merkwaardigheid in dit woord van Paulus. Hij zegt: Indien dezen niet in het schip blijven, gij kunt niet behouden worden. Het is niet zo dat het scheepsvolk alleen maar speelt met het eigen leven door deze vluchtpoging. Evenzeer brengen ze het leven van de hoofdman en zijn soldaten in gevaar. En daarmee ook het leven van Paulus. De apostel is degene die is overgeleverd aan Julius de hoofdman (Hand. 27 : 1). Alternatieve reddingspogingen brengen levens in gevaar in plaats van te redden.
Allen
Allen zullen het leven behouden, heeft de Heere God aan Paulus bekendgemaakt. Maar dat strookt niet met de redding van enkel het scheepsvolk via de reddingsboot. Juist wanneer zij vluchten zou de deskundigheid van het schip verdwijnen, zodat het gevaar voor de achterblijvende, de hoofdman, de soldaten en de gevangenen, alleen nog maar groter zou worden. De soldaten zijn blijkbaar overtuigd door de woorden van Paulus. Zij kappen de touwen waaraan de reddingsboot hangt. Zij ontnemen de enige ontsnappingsmogelijkheid. Niet enkele, het scheepsvolk alleen, zullen gered worden, maar allen.
Die soldaten spelen trouwens in het verdere verloop nog één keer een opmerkelijke rol. Wanneer ieder zwemmend de kant tracht te bereiken, zijn ze bang voor ontsnapping. Dat brengt hen op het plan om de gevangenen maar te doden. Dat laatste wordt door de hoofdman voorkomen. Maar ook daar schuilt een redden van jezelf achter. Als gevangenbewaarders dienen ze met hun eigen leven voor gevangenen garant te staan. Beter dat ze sterven dan dat ze ontsnappen.
Jezelf redden of gered worden
Zowel het scheepsvolk alsook de soldaten zijn blijkbaar bezig om zichzelf te redden. Dat is niet wereldvreemd, maar in de nacht waarin je eigen leven op het spel staat een heel menselijk trekje. De God die Paulus dient, is blijkbaar de enige die in staat is om allen te redden. Het verdedigen van je eigen leven en je eigen zaak is het allergewoonst. Minder gewoon is dat wie zijn leven verliest, het zal behouden. Wie in de nacht waarin geen hoop meer is op redding, het leven als een gunst uit de handen van de God van Paulus ontvangt, die is gered.
J. MULDERIJ, OOSTWOLD
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 juli 2002
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 juli 2002
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's