De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Eten

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Eten

[n.a.v. Handelingen 27 : 33-36]

4 minuten leestijd

Dag

Na veertien nachten lijkt het voor het eerst weer dag te worden. Tot nu toe ligt de nadruk op nachtelijke gebeurtenissen. Paulus ziet een engel in de nacht. In de veertiende nacht tracht het scheepsvolk via de sloep te ontsnappen.

De machten van de duisternis vieren overwinning na overwinning. Maar nu: 'en ondertussen dat het dag zou worden...' (Hand. 27 : 33). Op dat moment neemt Paulus voor de vierde keer het woord. Het is nu opnieuw tot 'hen allen' gericht. De gehele scheepsbemanning.

Paulus' vierde woord

Eten is een probleem in tijden van grote spanningen. Dat is al eerder in deze geschiedenis gebleken. Vers 21 vermeldt al dat ze lang zonder eten zijn geweest. Nu wijst Paulus er bij het aanbreken van de dag nadrukkelijk op.

Daarom vermaan ik u spijze te nemen (Hand. 27 : 34). De aansporing om voedsel te nemen heeft in deze geschiedenis iets heel alledaags. Na zo'n lange spannende tijd is het goed om te eten. Hoewel dat in tijden van spanning heel moeilijk kan zijn, geeft Paulus hier een welgemeend, maar dringend advies. Wie niet eet verzwakt, in dergelijke omstandigheden. Tijden van spanning ontnemen eetlust. Maar niet eten vermindert je verzet.

Maar daarmee is Paulus' aansporing nog lang niet uitgeput. Hij wekt op om voedsel te nemen, 'want dat dient tot uw behoud' (Hand. 37 : 34). Dat woord redding brengt op een heel ander spoor. Het gaat om veel meer dan een wijze aansporing in tijden van stress. De mensen op het schip hebben alle hoop op redding verloren (Hand. 27 : 20). Paulus heeft in de nacht die engel gezien. Een engel die zegt dat God in zijn gunst hem al deze mensen het leven geschonken zal worden. Die redding heeft dus het oog op het 'in Gods gunst je leven behouden'.

Avondmaal

Daarmee wijst deze aansporing verder dan de gewone maaltijd. Het gebeuren op het schip verwijst naar de viering van het avondmaal. God danken, het brood breken en eten. Bij het aanbreken van de dag wordt hier in het teken van het gebroken brood herinnerd aan de overgave van de Heere Jezus Christus. Dat maakt de aansporing om voedsel tot je te nemen des te dringender. Het is goed met het oog op je redding.

Wie het leven in Gods gunst heeft ontvangen, leeft niet meer van brood alleen. Hij leeft van het gebroken brood dat een teken is geworden van het verbroken lichaam van onze Heere Jezus Christus. Hij leeft van het verbroken lichaam waarin die gunst van God vastbesloten ligt en gegrond is. Voedsel tot je nemen is die gunst van God ontvangen. Dat is de weg van redding.

Terugdenkend aan die mannen die met de sloep wilden ontsnappen (Hand. 27 : 30-32) heeft de uitdrukking 'het is goed voor je redding' ook nog een andere lading. Daar in de nacht heeft Paulus de weg afgesneden die niet goed is voor je redding. Namelijk je behoud zoeken met je eigen clubje, in dit geval de scheepsbemanning. Die weg is afgesloten. Nu wijst hij hier echter een weg die wel goed is voor je redding. Het gebroken brood nemen nadat God ervoor gedankt is.

Paulus voorbeeld

Paulus gaat daarin zelf voor. Nadrukkelijk blijkt dat hij zelf eerst het brood neemt en vervolgens eten de anderen ook met hem. Dat maakt hen goedsmoeds. Ook dat is een woord dat we eerder in deze geschiedenis tegenkomen. Paulus wekt de mannen op om moed te houden, omdat het leven van niemand verloren zal gaan (Hand. 27 : 22). Daar voegt hij even later nog bij dat ze moed moeten houden, omdat hij vertrouwt dat het zal gaan zoals God gezegd heeft. Nu, na de maaltijd worden allen goedsmoeds.

Het gebroken brood als teken van het gebroken lichaam van de Heere Jezus maakt de scheepsbemanning goedsmoeds. Dat is nog voor de daadwerkelijke redding geschied is. Dit goedsmoeds worden is niet de zucht van iemand die pas ontsnapt is aan een groot gevaar. Op het strand elkaar aankijken en zeggen: dat is maar net goed gegaan. Dit goedsmoeds worden is nog op het schip, midden in de nood. Bij het breken van het brood en God ervoor gedankt te hebben.

Lofzang

Lopen zo ook onze avondmaalsvieringen niet uit op een lofzang? Looft de Heere mijn ziel en vergeet geen van zijn weldaden (Psalm 103 : 2). Niet omdat de omstandigheden buiten de kerkmuren ineens als een blad aan de boom zijn veranderd. Maar omdat we midden in de stormen van ons leven, waar het aangevochten wordt door duisternis en dood, de tekenen ontvangen dat het leven in Gods gunst gered is. Daarom zingen we aan het einde van de avondmaalsviering van de weldaden van de Heere.

Zo komen allen behouden aan land. Zo is het dat God in deze geschiedenis waarmaakt wat Hij door Paulus heeft bekendgemaakt. Gered in Gods gunst, geen hoofdhaar gekrenkt...

J. MULDERIJ, OOSTWOLD

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juli 2002

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Eten

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juli 2002

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's