In memoriam ds. Adrianus van Eijk
25 AUGUSTUS 1920 - 19 AUGUSTUS 2002
Onze levenstijd is zeventig of als we heel sterk zijn tachtig jaar en het uitnemendste van die is moeite en verdriet. Bij Adrianus van Eijk zijn deze woorden van de Psalmdichter gebleken waar te zijn. Hij bereikte de leeftijd der zeer sterken, maar het laatste traject was niet gemakkelijk voor hem en zijn naaste familie. Eigenlijk kon hij het werk dat de liefde van zijn hart had niet opgeven. Als ik hem de laatste maanden sprak dan bleek hij in de stellige overtuiging te leven, dat hij de aanstaande zondag zou moeten preken. Wanneer ik memoreerde hoe hij gedurende zo'n lange periode aan ouderen steun had gegeven met wat hij schreef in zijn blad Licht in de avond, dan reageerde hij resoluut: dat doe ik nog steeds! Voor een ernstige ziekte zich openbaarde, had hij reeds te kampen met het verlies van zijn memorie. Toch heeft hij het voorrecht gehad nog op 8o-jarige leeftijd het Woord van God te verkondigen. Bijna gedurende een halve eeuw lang heeft hij zich kunnen inzetten voor deze hoge opdracht. Dat is een lange periode. En dan te bedenken dat hij pas op latere leeftijd predikant is geworden. v 0p i juli 1953 deed hij intrede in Benthuizen. Hij was toen 32 jaar oud. Eerst werkte hij namelijk in een comestibleszaak van zijn vader, die helaas in 1947 op nog jeugdige leeftijd overleed. Steeds meer werd duidelijk dat de roeping van Aad elders lag. Bij hem leefde het verlangen predikant te worden. Met een bewonderenswaardige discipline lukte het staatsexamen te doen en de studie aan de universiteit te Utrecht te voltooien.
In het midden van de vorige eeuw werd het de dienaren van het Woord niet altijd gemakkelijk gemaakt. Wanneer de predikant later terugdacht aan de beginperiode, dan kon hij - net als zoveel andere collega's - spreken over een ouderling uit zijn eerste gemeente. Steevast belde die ambtsbroeder op zaterdagavond aan bij de pastorie van Benthuizen. Een kist vol heerlijke appels werd in het portaal gezet. De nodiging om iets verder te komen dan de deurmat werd niet afgeslagen. Het zou juist zijn bevreemding hebben ge-
wekt, als hij meteen had kunnen vertrekken. Onder het genot van een kop koffie stak de man van wal: 'en, dominee, wat gaat u morgen tot de gemeente zeggen? ' De predikant was op zijn qui-vive. Hij realiseerde zich dat zijn preek reeds bij voorbaat onder de toets van de kritiek gesteld zou worden. Resoluut was dan ook zijn respons: 'dat hoort u morgen wel'. Nadat het deze ouderling duidelijk was geworden, dat hij met zijn predikant tevoren geen appeltje kon schillen, werd voortaan geen ooft meer naar de pastorie gebracht. Met smaak kon mijn oudere collega eindeloos vertellen over wat hij als predikant zoal had meegemaakt. Steeds meer raakte hij ervan overtuigd dat het zijn opdracht was om de vrede te bewaren. Vooral in de tweede nogal gemêleerde gemeente Bergschenhoek heeft hij zich wat dit betreft verdienstelijk gemaakt. Wellicht moet deze periode van 1958 tot 1970 als de meest gelukkige tijd in de pastorie gezien worden. Zijn derde en laatste gemeente werd Gouda. Even vier jaar was hij daar predikant. Naast een predikant met allure zoals ds. Kievit was het waarschijnlijk niet zo eenvoudig de gemeente te dienen. Het is nu eenmaal niet mogelijk allebei de dominee te zijn. Hoe dan ook per 1 februari 1975 werd hij als pastor aan het Bleulandziekenhuis verbonden. Tot zijn emeritaat op 25 augustus 1985 was hij daar werkzaam. Reeds eerder had hij zijn gaven in meer specialistische richting beproefd. In zijn eerste gemeente was hij werkzaam als legerpredikant en later ook nog als docent godsdienstonderwij s.
Wie ds. A. van Eijk wat beter leerde kennen, weet dat het een veelzijdig man was. Vooral zullen zijn vrouw en kinderen zich hem zo blijven herinneren. Nooit was hun man en vader te beroerd om hand- en spandiensten te verlenen. Later werd het voor zijn kinderen gewoon lastig om zelf klusjes op te knappen. Maar als er nu een fietsband gerepareerd moet worden, proberen zij het wel precies zo aan te pakken als pa dat deed. In de gemeenten die ds. Van Eijk diende heeft hij zich ook van zijn praktische kant laten zien. Wie ooit in Bergschenhoek de originele borden met de namen van predikanten erop gezien heeft, mag best weten dat deze gemaakt werden volgens zijn schets. Ook het kerkzegel van Benthuizen, Bergschenhoek en een aantal andere gemeenten is door hem ontworpen. In het sigillum van zijn tweede gemeente werden twee opmerkelijke teksten verwerkt: 'Wees een stad op een berg, want het is in geen hoek geschied' (Mattheüs 5 : 14 en Handelingen 26 : 26b). Hoewel de technisch aangelegde predikant geen studeerkamergeleerde was, heeft hij wel vijfhoeken uitgegeven. Dit is vooral meditatieve lectuur voor ouderen. Als voorzitter van de redactie van het blad Echo werkte hij mee aan een speciaal nummer voor bejaarden. En zelf gaf hij gedurende 38 jaar een eigen periodiek uit: Licht in de avond. Van de nood maakte hij namelijk een deugd. Het bleek hem onmogelijk alle oudere gemeenteleden te bezoeken. Daarom besloot hij door middel van een blad toch met hen pastoraal in contact te komen. Dit bleek landelijk aan te slaan. Op deze manier heeft hij velen van dienst mogen zijn. Zijn stukjes kenmerkten zich door de eenvoud. De gebruikte voorbeelden waren uit het gewone leven gegrepen. Zijn inspiratie deed hij op door de omgang met mensen. Opvallend genoeg liet hij zelf niet gemakkelijk merken wat er ten diepste in hem omging. Zelfs in de kring van zijn intimi was dat niet het geval. Toen hij er voorzichtig op geattendeerd werd dat het gesprek met zijn kinderen hem niet zo gemakkelijk afging, zei hij: ze kunnen toch in mijn preken horen wat ik ze graag wil meegeven! Op de vraag wat het geloof nu eigenlijk is, luidde het karakteristieke antwoord: het vertrouwen op de beloften van God. Treffend gekozen is dan ook
de tekst op de rouwkaart: 'En ten volle verzekerd zijnde, dat hetgeen beloofd was, Hij ook machtig was te doen' (Romeinen 4:21). Met de titel van zijn laatste publicatie wordt een verwijzing in deze richting gegeven: 'op de golfslag der beloften' (1981). Ds. Van Eijk kwam erop toen hij langs het strand liep. Hij zag hoe de golven steeds op het strand spoelden. Zo laat de HEERE zijn beloften op ons afkomen. Ongetwijfeld wordt zo ervaring met God opgedaan: die het beloofd heeft, zal . het ook doen! Ooit heeft een dichter het onnavolgbaar vertolkt: 'Zo komt hij steeds met stille overmacht en zo neemt Hij voor lief mijn onvermogen'(Gezang 487). Wat geweldig wanneer we tot de slotsom komen dat Adrianus van Eijk ondanks zijn tekorten als man, vader of opa en ook als domi-nee door God gebruikt werd om te attenderen op hetgeen waar het uiteindelijk op aankomt. Zó mogen we de nagedachtenis aan hem bewaren. Gods kracht wordt volbracht in onze zwakheid.
G. HETTE ABMA
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's