De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Een Calvijn-congres in Princeton

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een Calvijn-congres in Princeton

6 minuten leestijd

Eind augustus werd het achtste Internationale Congres voor Calvijn-onderzoek in Princeton gehouden. Het is goed om daarover te rapporteren. Calvijns bio geschriften zijn niet slechts een voorwerp voor onderzoekers, want zijn leven en w was op de nauwste manier met de kerk verbonden. Calvijn was een groot geleerde maar geen studeerkamergeleerde. Hij leefde en leerde midden in de kerk van Genève, nauw betrokken bij Frankrijk en met een Europese horizon. Hij heeft in Genève per 14 dagen 10 maal gepreekt. Deze preken, die opgetekend werden en thans worden uitgegeven voorzover bewaard gebleven, zijn de bestudering zeer waard. Het merend van Calvijns werk bestaat uit commentaren en uitleg van de Heilige Schrift. Een ware goudmijn.

De congressen voor Calvijn-onderzoek zijn begonnen in Amsterdam in 1974 en 1978. Het derde was te Genève in 1982. Het vierde te Debrecen in Hongarije in 1986. Daarna kwam men bijeen in Grand Rapids (USA) in 1990. In 1994 vergaderden wij in Edinburgh, Schotland. In 1998 was de Presbyteriaanse Kerk van Korea de gastheer in Seoul. Nu in 2002 was Princeton de plaats van bijeenkomst. Het volgende congres zal in Emden en Apeldoorn zijn (2006). Er zijn reeds discussies om in 2009 - vier eeuwen na Calvijns geboortejaar - bijeen te komen in Frankrijk of Genève.

Voor wie vrijwel alle congressen heeft meegemaakt, is het treffend dat vele Calvijn-kenners zoals G. W. Locher (Bern), R. Stauffer (Parijs), R, Peter (Straatsburg), W. F. Dankbaar (Groningen), S. van der Linde (Utrecht), H. A. Oberman (Tuczon, Arizona) zijn heengegaan; en dat anderen - H. W. Simpson (Potchefstroom), Brian Armstrong (Atlanta), David Wright (Edinburgh) - midden in hun jaren ernstig ziek werden, zodat zij hun pen moesten neerleggen. Het Is verrassend dat een nieuwe generatie aantreedt om de palm verder te dragen.

Geen betere leermeesters

Wij vergaderden in Princeton op de campus waar naast de universiteit het seminarie van de Presbyteriaanse Kerk is gevestigd. Het meest indrukwekkende moment op dit congres beleef- grafie den wij en in de grote Miller Chapel op de erken eerste avond, waar het congres werd, geopend en waar Psalm 124 achtereenvolgens in vier talen werd gezongen. Dat was aangrijpend! Immers, in deze psalm, die gezongen werd met de eel tekst van Beza en de prachtige melodie van Louis Bourgeois (15 51), hoort en gevoelt men het hart en de geest van de hugenoten: de kerk in vervolging. Men ervaart de gemeenschap met de kerk der vaderen, beter gezegd met de God der vaderen die ook onze God en de God van onze kinderen wil zijn. Op de vraag: Heeft het nog wel zin om Calvijn te bestuderen, over wie al zoveel boeken verschenen zijn? is het antwoord dat de waarlijk groten in de kerk zoals Augustinus, Luther en Calvijn altijd de bestudering waard blijven. Betere leermeesters om ons naar het hart van het Evangelie te leiden, zijn er niet. Bovendien is er over Luther en meer nog over Calvijn zoveel laster en legende verspreid, dat die dikke laag van doelbewust of onbewust misverstand telkens weer moet worden weggebroken om tot de werkelijkheid zelf te komen. Verder: al spoedig en zeker in de eeuwen na de hervormers waren hun werken wel veel geprezen maar slecht gelezen. Dat geldt tot op vandaag toe. Men moet zich ook moeite geven om het goud uit hun geschriften op te delven, maar wie zich die moeite getroost, wordt rijk beloond.

Verbanden

Misverstand is er niet alleen bij anderen, maar ook onder ons. Wanneer bijvoorbeeld Beza en Calvijn tegenover elkaar worden gesteld, dan verstaan wij niet de diepe eenheid in de Reformatie, de zeer wezenlijke verbondenheid van Luther en Melanchthon alsmede van Calvijn en Beza. Wanneer Melanchthon en Beza de aristotelische systematiek gebruikten in hun verdediging van de reformatorische leer tegenover de contra-reformatie en als logische consequentie de verkiezing vooropstelden, terwijl Luther en Calvijn dat niet deden, dan wil dat allerminst zeggen dat het welbehagen Gods bij hen in tegenstelling tot hun

navolgers tekort kwam. Het tegendeel is waar. Men kan Beza niet uit de diepe geloofsgemeenschap met de andere reformatoren losmaken, evenmin als men een bijbeltekst uit zijn verband kan rukken zonder deze mis te verstaan.

Wel kan de omgang met de reformatoren ons leren dat het geheimenis van de verkiezende liefde Gods nooit losgemaakt mag en kan worden van de rechtvaardiging van de goddeloze. Hierin zijn Luther en Calvijn, alsmede hun directe navolgers, volstrekt één! Wie deze verbanden, die diep in de Heilige Schrift verworteld zijn miskent, verkrijgt een wedergeboorteleer van neocalvinistische snit al of niet voorzien van bevindelijke precondities, waarbij de mens met zijn kwaliteiten in het middelpunt komt te staan en niet als een goddeloze voor God. Dan ontstaat dezelfde verstarring als gebeurt in de liturgische drempelgebeden met de tollenaar uit Lucas 16, die zodoende al prevelende in een farizeeër wordt omgetoverd.

Uitwisseling

De omgang met God kan alleen gevoed worden vanuit de Heilige Schrift en het verstaan vereist studie, uitleg, prediking, onderricht, en dat in het zweet van onze ziel, zoals men vroeger zei. Daarom is de omgang met de reformatoren zo belangrijk en is de wetenschappelijke bestudering van hun geschriften uiterst noodzakelijk. Het is buitengewoon verrijkend op zo'n internationaal congres te ervaren hoe geleerden van velerlei culturen en achtergronden uit Azië, Afrika, Amerika en allerlei delen van Europa (zelfs Finland!) zich gegrepen weten door dezelfde reformatorische boodschap en dat zij een groot deel van hun tijd, kennis en kunde besteden om de geschriften van de reformatoren open te leggen en toegankelijk te maken. Hoe verfrissend is het om zich door de uitwisseling met hun ontdekkingen te laten verrijken alsook hetgeen wijzelf ontdekt en ontvangen hebben door te geven. Men kan wat in de meditaties in de morgenwijdingen en de lezingen aan de orde kwam niet allemaal rapporteren. Het belangrijkste op zo'n congres zijn altijd de persoonlijke contacten en ontmoetingen. Veel van hetgeen opgevangen en uitgewisseld werd, moet nog bezinken en persoonlijk verwerkt worden. Ik noem de referaten die mij zeer aangesproken hebben: 'Commentaar en preken over Genesis' (Max Engammare, Genève); 'Methodologie in de discussie over Calvijn en calvinisme' (Chr. Strohm, Bochum); 'Perspectieven van de antropologie van Calvijn' (Chr. Link, Bochum); 'Calvijns laatste jaren' (Robert Kingdon, Madison USA); 'Calvijns opvatting van collegialiteit' (Elsie Mc.Kee, Princeton). Dr. W. H. Th. Moehn uit Aalburg gaf een seminar over 'Een vergelijking van Calvijns preken en commentaar op de Handelingen'. Verder vond een rapportage plaats van de werkzaamheden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam voor het eerste deel van Calvijns brieven, dat in het voorjaar zal verschijnen.

Toepasbaar

Aansluitend aan het congres hielden collega J. P. Boendermaker en ik voor de derde maal een Calvijn-Luther-seminar, waarin wij preken over Job bestudeerden. Dat was indrukwekkend. Voor dit seminar waren participanten uit Princeton naar Amsterdam overgekomen, alsmede anderen uit Zwitserland. Verschillende collegae uit ons land namen deel. Ontroerend was het enthousiasme van onze Japanse collega, die met geheel andere vragen tot de tekst kwam dan wij. Volgend jaar komt hij weer voor het vervolg.

Opnieuw trof het ons hoezeer Luther en Calvijn ten diepste één zijn in hun bijbelse-reformatorische boodschap en hoezeer Calvijns prediking onmiddellijk toepasbaar en verrijkend is voor onze prediking vandaag. Wij kunnen alleen maar oproepen om zich niet mee te laten slepen door mode-theologieën, hetzij conservatief of progressief, maar zich in te spannen voor de studie van de Heilige Schrift en de Reformatie. Dan blijft men vast staan in de stormen van onze tijd.

W. BALKE, HILVERSUM

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 september 2002

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Een Calvijn-congres in Princeton

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 september 2002

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's