Uit de pers
Namedropping
Met excuus aan hen die zich ergeren aan de vele Engelse woorden en uitdrukkingen in ons taalgebruik, zet ik deze uitdrukking toch maar boven dit onderdeel wan onze rubriek. Je hebt veel meer Nederlandse woorden nodig om deze ene Engelse term weer te geven. Het woordenboek geeft als vertaling van 'namedropping': dikdoenerij met namen van bekende personen. Goede sier maken met het citeren van namen die klinken als een klok. Ik kom op dit onderwerp door een omslagverhaal dat ik deze zomer onder ogen kreeg van het weekblad De Groene Amsterdammer (3 augustus 2002). Niet alleen in de kerkelijke pers worden regelmatig grote namen geciteerd. Ook onder intellectuelen is het citeren van grote denkers zeer geliefd. Het pronken met andermans veren is een druk beoefende bezigheid. Iemand zocht uit welke grote namen steeds weer terugkomen in het seculiere circuit. Freud, Fromm, Sartre, Wittgenstein. Het onderzoek in De Groene Amsterdammer liet zien dat Marx nog altijd de kroon spant.
Waarom doen mensen dat: grote namen citeren? Waarom doen dominees dat op de kansel? Waarom beroepen schrijvers in de kerkelijke pers zich soms op klinkende namen? Ik kan alleen maar voor mezelf spreken. Als jong predikant weet ik dat ik me graag beriep op uiteraard Calvijn en Luther, Kohlbrugge en Spurgeon. Waarom? Soms inderdaad om goede sier te maken. 'Hoort u, gemeente, hoe bestudeerd uw dominee wel is? ' Of soms was je onzeker over bepaalde opvattingen die je kwijt wilde naar aanleiding van een tekst. En dan stond en staat het sterk als je jouw mening verstopt achter een citaat van een algemeen vertrouwd persoon. 'Zoals ik deze week las bij...' Het kan dus inderdaad dikdoenerij zijn. Maar ook camouflage van eigen onzekerheid. Citeren van bekende namen is wat mezelf betreft op de achtergrond geraakt omdat oudere catechisanten me er eens op aanspraken. Waarom legt u niet gewoon de Bijbel uit? Waarom worden we lastiggevallen met namen als Kohlbrugge en Spurgeon? Wie zijn dat eigenlijk en moeten we echt weten wat die mensen hebben beweerd? Voegt dat iets wezenlijks toe aan de inhoud van de Bijbel? Ontluisterende vragen waren dat voor me. Sinds die tijd ben ik me zeer • gaan beperken in het citeren van klinkende namen.
Misquotes: 'Ga maar rustig slapen'
In De Groene Amsterdammer wordt aangetoond hoe vaak bijvoorbeeld columnisten citaten verbasteren, onjuist citeren. Er zijn befaamde citaten die steeds weer terugkeren. Het onlangs verschenen boek onder redactie van Rien van den Berg, Gert Marchal en Koos van Noppen 'Het Groot Citatenboek' is een lust om te lezen. De Groene Amsterdammer laat zien hoe citaten in het gebruik worden verdraaid of verkeerd gebruikt.
'Terug naar Nederland, Ket Nederland uan onder anderen Marsman, die graag en eigenlijk maar om één regel bij voortduring wordt geciteerd (in de bekende dagbladen keer in de ajgelopen acht jaar). "Denkend aan Holland", ziet men in de jaren negentig "stampvolle bussen traag langs oneindige wegen" of "lange files sloom voor oneindig rode stoplichten staan" en "brede snelwegen door oneindige villaivijken". Henri Beunders zag zeljs "brede Haagse ambtenaren zuchtend door oneindige gangen gaan", een ander zag "trage overheidscommunicatiestromen" en tveer een ander "stromen immigranten". Gerrit Komrij zag "waardepapieren snel door begerige vingers gaan". De variaties geven een treffend beeld van de jaren negentig van de vorige eeuw: men zag, omkomend in de verstikkende rijkdom, vooral wat beklagenswaardig was.
Het gebruik valt op van citaten die zo uitgesleten zijn dat ze eigenlijk niemand meer hulp kunnen bieden. Neem "to be or not to be", of Chamberlains "peace in our time". Het laatste is goed voor een slordige 35 keer in de afgelopen jaargangen van d drie grote dagbladen. Of Colijns aanmoed ging in 193 6 (65 keer) om "rustig te gaan slapen", net als "in andere nachten". Dit citaat wordt opvallend vaak verkeerd of net niet juist gedateerd (Mient-Jan Faber en Marcel van Dam menen dat Colijn het in 1940 zei, enkele maanden voor de inval van de Duitsers).
Rommelen met citaten blijkt overigens eerder regel dan uitzondering. Zo verbasteren Iadingen scribenten het inmiddels volstrekt uitgesleten dictum van Marx dat godsdienst "opium is van het volk" tot de uitspraak dat godsdienst opium is voor het volk. Dat ging in de ajgelopen jaren vaker Jout dan goed, zelfs na ingezonden brieven en corrigerende artikelen. En het zijn bepaald niet de minsten die zich vergaloppeerden: Geert Mak, Paul Cliteur, Martin Sommer, Mark Bovens en Mario Vargas Llosa - of diens vertaler. Waarschijnlijk is de fout zelfs de wereld in geholpen door niemand minder dan Lenin. Ook vaker Jout dan goed gaat het met het beroemde "sommige varkens zijn meer gelijk dan andere varkens", toegeschreven aan orge Orwell. Om deze misquote meer authe ticiteit te verlenen, iverd ze zelfs veelvuldig in het Engels geciteerd, zoals D66-Kamerlid Boris Dittrich tot drie keer toe deed in een en dezelfde televisieuitzending van Veronica, en zoals de NRC-correspondent en inmiddels geroemd schrijver Frank Westerman zelfs opschreef in de zin: "Dat de egalitaire uto van het communisme in haar tegendeel is verkeerd ('"some pigs are more equal than others'") is genoegzaam bekend". De varkens in het citaat moeten natuurlijk "beesten" zijn, zoals iedereen weet die Ani 64 mal Farm daadwerkelijk heeft gelezen. De Volkskrant laat de/out zelfs in de kop van een artikel staan; bij een verhaal over varkens.
Columniste Anet Bleich spant de kroon. Al zijn het vaak kleine fouten (Churchills "blood, toil, tears and sweat" wordt bij Bleich het "bloed, zweet en tranen" vanjoyce), ze blijkt nauwelijks één citaat juist te kunnen Jormuleren. Hier past een citaat van niemand minder dan Lord Byron: "Sommige mensen hebben net genoeg gelezen om verkeerd te citeren".
Citeren is een riskante bezigheid. Het kan gemakzucht camoufleren. Soms geheel onbedoeld. Regels gaan rondzingen en raken daardoor al verder los van de oorspronkelijke aangever. Onlangs las ik nog in ons blad de bekende regel: 'Een dominee die niet studeert, is niet bekeerd'. Van kindsaf e heb ik dit citaat menig keer gehoord i-en het zou een wijs woord van Gunning zijn. Nu werd het K. Schilder in de mond gelegd. Van wie is het nu eigenlijk? Misschien dat een lezer uitkomst kan bieden, zo mogelijk met bronvermelding.
J. Maasland
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 september 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 september 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's