Met andere ogen
ASIELZOEKERS BEREIKEN MET HET EVANGELIE
In uw straat, dorp of omgeving wonen vele volken. Uit alle delen van de wereld komen asielzoekers hierheen. Velen komen uit gesloten moslimlanden, zoals Afghanistan, Iran, Irak en Somalië. Daar zijn zendingswerkers niet welkom. 'Gaat heen, onderwijs al de volken...', zei de Heere Jezus. Deze zendingsopdracht betreft ook asielzoekers. Van moslim christen worden, betekent daar vaak de dood. In ons land kunnen ze wel in vrijheid het Evangelie horen en christen worden. Er liggen in Nederland unieke kansen om hen in aanraking te brengen met het heil in Christus. Bieden wij als kerken hun ook daadwerkelijk die kansen? Wat zijn de mogelijkheden? Wat zijn de moeilijkheden? Als medewerker van stichting Gave - kerkelijk werk onder vluchtelingen - is mij gevraagd vanuit de praktijk hierover te schrijven.
Terwijl Nederland asielzoekers buiten de deur probeert te houden, kijkt God met heel andere ogen naar hen: Hij heeft hun behoud op het oog. Gods plan is enerzijds dat het Evangelie de wereld ingaat en zo mensen bereikt. Dat gebeurt via zendelingen, die bijvoorbeeld uitgezonden zijn naar Afrika en Azië. Gods plan is anderzijds dat mensen die in hun eigen omgeving niet bereikt worden, naar plekken komen waar ze in aanraking komen met het Evangelie. Deze laatste lijn zien wij nu ook gebeuren: mensen die in eigen land het Evangelie niet konden horen, komen als asielzoeker hierheen en horen hier het rijke Evangelie van Jezus Christus. Er zijn aardig wat asielzoekers die juist in Nederland Jezus Christus als hun persoonlijke Verlosser en Zaligmaker leren kennen. Om welke groep(en) gaat het precies? Halverwege 2002 zaten er 80.000 asielzoekers in de asielzoekerscentra. Iets meer dan de helft van hen is (naam)moslim. De tweede groep bestaat uit (naam)christenen. De overigen zijn animist, boeddhist, hindoeïst of atheïst. Asielzoekers zijn gevlucht om in ons land asiel aan te vragen. Er zijn asielzoekers die in eigen land vervolgd, onderdrukt en met de dood bedreigd werden.
Asielzoekers verblijven soms jaren in grote onzekerheid, over de uitkomst van hun asielprocedure. Daarnaast mogen ze niet of zeer beperkt werken. Er zijn er die trauma's te verwerken hebben en/of niet weten of hun familie nog in leven is. Vergeet niet: het zijn gewone mensen, net als u en ik.
Praktijkvoorbeeld
Het volgende dient als voorbeeld. Met een Iraniër (26) had ik wekelijks contact. Al bij de eerste kennismaking kwamen we op geloof terecht. De eerste gesprekken waren vooral verkennend, wat hij geloofde en wat ik geloof. Hij was moslim. Hij zei: 'Islam en christendom is ongeveer hetzelfde.' Ik maakte hem de essentiële verschillen en de uniekheid van het christelijk geloof duidelijk. Daaropvolgende gesprekken kwam hij met allerlei vragen over het christelijk geloof. Veel basiselementen heb ik aan hem kunnen uitleggen, maar bepaalde zaken - bijvoorbeeld drie-eenheid - zijn moeilijk uit te leggen. Het komt dan aan op geloven. Belangrijk is op dat moment dat we op eenvoudige wijze vragen kunnen beantwoorden, als: Wie is Jezus voor mij? Hoe worden mijn zonden vergeven? Hoe weet ik dat ik naar God in de hemel ga?
Zelf las hij in de Bijbel en in de lectuur die ik hem gaf. Naast bijbeluitleg kon ik gewoon met hem bidden. Op een gegeven moment zei hij: 'Ik wil straks kiezen tussen islam, jodendom en christendom.' Hij was duidelijk op zoek naar de waarheid. In die periode bestudeerde hij ijverig iedere avond de Koran en de Bijbel naast elkaar. Telkens bad ik dat hij tot geloof zou komen.
Uiteindelijk was het duidelijk het werk van Gods Geest. Opeens liet hij alle bedenkingen tegen het christelijk geloof varen en zei: 'Hoe kan ik christen worden? Want ik geloof in Jezus, de Zoon van God!' Hij had drie nachten daarvoor liggen worstelen en zich ten slotte overgegeven. Ik peilde eerst wat hij precies geloofde. Voor zo iemand moet op dat moment duidelijk zijn dat 'geloof een levende relatie is met God in plaats van een religie. Het is niet: even van jas verwisselen. Het is de grootste verandering in je leven! Geloven kost wat!'
In een gebed heeft hij zich overgeven aan Koning Jezus, zijn zonden beleden en vergeving gevraagd aan Jezus Christus, en God in zijn leven toegelaten, om alleen nog voor Hem te leven. Opvallend was dat hij toen zei: 'Al die 26 jaar van mijn leven heb ik zonder God geleefd, dat was een verloren tijd.' Na deze doorbraak hebben we iedere week een catechese-bijbelstudie gedaan, waarin hij veel basisbegrippen heeft geleerd. Persoonlijke geestelijke
begeleiding is dan erg belangrijk, wil hij groeien in geloof. Correctie in gedrag is soms nodig. Wat wij in onze christelijke opvoeding allemaal hebben geleerd, moet hij in korte tijd leren. Inmiddels is hij gedoopt. Ik merk dat hij verandert en groeit. Hij is nog steeds erg leergierig, om Gods Woord beter te verstaan.
Sinds kort is hij doorgevlucht naar een ander land. Hij zag in dat hij in Nederland weinig kans had. Zo'n abrupt einde van contact is pijnlijk. Dit kan sommigen ervan weerhouden een nieuw contact aan te gaan.
Bezoeken
Ik kan me voorstellen dat u het moeilijk vindt met asielzoekers in contact te treden en het Evangelie met hen te delen. 'Wat doen ze hier eigenlijk? ' Het is waar: niet allen komen met zuivere vluchtmotieven. Maar God ziet hen met heel andere ogen! Zelfs aan de moordenaar aan het kruis schonk Jezus Zijn liefde en vergeving! Jezus heeft de wereld lief! Ook asielzoekers! Hij wil hun het eeuwige leven in Hem schenken. Om die liefde uit te delen schakelt Hij u en mij in. 'Hoe zullen zij in Hem geloven van Wie zij niet ge-
hoord hebben? ' Hij gebruikt ons als kanaal om hen te bereiken. Zijn wij bereid ons door God te laten inschakelen, en Zijn liefde voor zondaren uit te delen in woord en daad? Wat Christus voor u en mij gedaan heeft, in Zijn oneindige liefde, houden we toch niet voor onszelf? Maar dat delen we toch uit aan ieder die het horen wil? Gods Geest bewerkt mensen dat zij op Zijn roepstem gaan antwoorden en zich als een zondaar aan Zijn voeten werpen.
In de praktijk blijkt dat gemeenteleden voor zichzélf een drempel over moeten. Asielzoekers zijn over het algemeen heel gastvrij: bij het eerste contact breekt het ijs al snel en er ontstaan hartelijke relaties. Sowieso 80 procent staat open voor contact met Nederlandse christenen. Dat contact wil zeggen: regelmatig (wekelijks) asielzoekers bezoeken en/of hen uitnodigen bij hen thuis. In een vertrouwensrelatie kan op eenvoudige wijze het geloof ter sprake worden gebracht en het Evangelie worden gedeeld. Zelfs christenen in Nederland beginnen te stotteren en worden rood, als het over het geloof gaat. Voor mensen uit niet-westerse landen is het geloof echter meer een geïntegreerd onderdeel van het bestaan dan bij ons. Voor hen is het helemaal niet vreemd daarover een gesprek te beginnen. Geloofsgesprekken monden soms uit in bijbelstudies en/of deelname aan de eredienst.
Mogelijkheden
Vanwege hun godsbesef praat men met asielzoekers makkelijker over geloof dan met de geseculariseerde Nederlander. Moslims durven in Nederland hun interesse sneller te tonen. Asielzoekers die kort in Nederland zijn, staan méér open dan zij die al lange tijd in de procedure zitten. Niet allen staan open voor het Evangelie. Bij sommigen is veel tijd nodig om je christelijke levensstijl te laten zien, waarna ze wél geïnteresseerd raken en openstaan, bijvoorbeeld bij Afghanen.. Anderen tonen een tijdje interesse, maar worden daarna volledig in beslag genomen door andere zaken, zoals de asielprocedure. Maar er zijn er ook die openstaan voor het Evangelie en - na korte of lange tijd - tot geloof komen. Evangelisatiebijeenkomsten - waarin radicaal de boodschap én de liefde en blijdschap van de Verlossing in Christus doorklinkt - zijn een belangrijk middel. Het is Gods Geest die we in hen aan het werk zien. Gebed is dan ook erg belangrijk. Ook onder asielzoekers komen we levende christenen tegen van wie wij veel kunnen leren: hun mededeelzaamheid en vertrouwen op God, te midden van alle ellende. Het spreekt voor zich dat het belangrijk is dat asielzoekers werkelijk hartelijk welkom zijn in uw gemeente: vertaling, koffiedrinken. Bezoekcontacten zijn de basis van al het werk. Daarnaast kunnen activiteiten worden gedaan, zoals kerstviering, evangelisatiebijeenkomsten (internationale dienst), kinderbijbelclub, tienerclub, jongerenwerk en bijbelstudies voor bepaalde doelgroepen.
Moeilijkheden
In asielzoekerscentra is het niet onmogelijk te evangeliseren. Het gaat erom dat men niet als een Jehovah's getuige te werk gaat, maar via een vertrouwenrelatie. Waar we tegen aanlopen, is de beperkte menskracht. Niet overal zijn voldoende gemeenteleden te mobiliseren die het Evangelie willen delen. Enerzijds doen veel gemeenteleden al veel prachtig werk in hun ge-meente. Anderzijds merken we dat gemeenteleden contact met vreemdelingen moeilijk vinden, vanwege angst voor het onbekende. Daarnaast komt vreemdelingenhaat voor. Van de gemobiliseerde bezoekers os een aardig aantal bereid - soms met schroom - het Evangelie ter sprake te brengen. Een klein percentage daarvan geeft bijbelstudie. Geestelijke begeleiding en diepgang is er wel, maar er zijn over de hele linie helaas weinig christenen die dit doen. Dit is één van de redenen dat asielzoekers die leken tot het christelijk geloof gekomen te zijn, terugvallen. Optrekken met asielzoekers kost soms doorzettings- en incasseringsvermogen, met name als het om teleurstellingen gaat.
Door onrust vanwege het huidige asielbeleid merken wij dat een groter wordende groep alleen bezig is met de vraag: 'Sta ik morgen op straat of krijg ik een status? ' Doordat dit hun leven beheerst, gaan gesprekken soms nauwelijks meer over geloof. Hiermee samenhangend: kerkelijke gemeenten hebben hun handen soms vol aan asielzoekers die op straat worden gezet, met wie men een goede band had. Maar daardoor raakt evangelieverkondiging vaak op de achtergrond.
Wat betreft taal kan men met Engels, Frans en/of Nederlands het grootste deel van hen goed bereiken, aangevuld met lectuur. In de communicatie met asielzoekers kunnen allerlei fouten worden gemaakt. Zo mogen we absoluut niet vragen naar hun vluchtreden, tenzij ze dat zelf vertellen. Ook moeten we geen verwachtingen wekken die we nietwaar kunnen maken. En we mogen duidelijke grenzen stellen. Daarnaast moeten we met niet-westerlingen niet al te confronterend communiceren. Ga in het geloofsgesprek niet het christendom verdedigen, maar stel het unieke van Christus en het christelijk geloof centraal.
Appèl
God wil niet dat deze volkeren verloren gaan. Optrekken met asielzoekers is de consequentie van Christus' liefde voor u en mij. Wat Christus gedaan heeft, willen we toch aan alle mensen laten merken en vertellen? .' Veel asielzoekers staan werkelijk open voor het Evangelie, maar er zijn te weinig christenen die hun het Evangelie uitleggen. De velden zijn wit om te oogsten, maar waar zijn de arbeiders? Ik roep ieder op mee te werken aan bewustwording in uw gemeente en arbeiders te mobiliseren.
Om zoveel mogelijk asielzoekers te bereiken, zou het mogelijk moeten zijn dat in elk asielzoekercentrum minimaal een levende gemeente of team christenen actiefis, die het Evangelie in woord en daad aan hen bekendmaakt.
S. VAN LEÏJENHORST
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 2002
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 2002
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's