Arm en rijk
Want gij weet de genade van onzen Heere Jezus Christus, dat Hij om uwentwil is arm geworden, daar Hij rijk was, opdat gij door Zijn armoede zoudt rijk worden.' [2 Korinthe 8 : 9]
Hoort kerstfeest voor u uitsluitend bij 25 en 26 december? Hebt u er het liefst nog sneeuw bij omdat het voor u dan pas echt kerstfeest is? Met deze vragen komen we uit bij het functioneren van de heilsfeiten in ons leven. Als u die vraag aan Paulus gesteld had, zou u merken dat kerstfeest (en dat geldt van de andere heilsfeiten evenzo) voor hem niet beperkt is tot een bepaalde datum. Hij leeft erbij en spreekt er uit. Niet te pas en te onpas. Wel op momenten dat wij er niet op gerekend hebben. Paulus kan de menswording van Christus 'erbij halen' als hij ons oproept om de ander uitnemender te achten dan jezelf (Filippensen 2 : 4 e.v.) en zelfs bij de aanbeveling van een collecte bij de christenen in Korinthe voor de arme moedergemeente in Jeruzalem. Dan blijkt dat Paulus de menswording van Christus er niet bij haalt, maar dat die behoort tot de kern van zijn geloven en verkondigen. Terecht. Als Christus niet was geboren, wajren wij nog verloren.
In het verband van de aanbeveling van de collecte voor de arme christenen in Jeruzalem spreekt Paulus over de menswording van Gods Zoon in termen van arm en rijk. Dat geldt allereerst Christus. Hij was onnoemelijk rijk. Een rijkdom die ons voorstellingsvermogen ten enenmale te boven gaat. Rijk in eer was Hij, rijk in aanbidding, rijk in de liefde van Zijn Vader, rijk in macht, waarin Hij deelde met zijn Vader, rijk in bezit omdat alles wat van de Vader was ook van Hem was. Aan het opnoemen van die rijkdom is geen eind. Hij had niet slechts alles, maar was alles. Hemel en aarde waren van Zijn heerlijkheid vol. Op de aarde is dat niet meer zo, in de hemel temeer. Die onvoorstelbare rijkdom aan heerlijkheid heeft de Heere Jezus achtergelaten. Niet als een lot dat Hem overkwam, zoals wanneer iemand die rijk is tot armoe vervalt door oorzaken buiten hemzelf. Nee, Christus koos ervoor. Het was Zijn daad om arm te worden. Die alles regeert, werd een klein kind. Die alles bezit, werd naamloos arm en vond geen plaats waar Hij Zijn hoofd kon neerleggen, was ten slotte uitgestoten van de aarde en buitengesloten van de hemel.
Dat is genade, zo laat Paulus weten. Genade van plaatsvervanging, van borgtocht. Want Hij is om uwentwil arm geworden. Arm geworden voor armen. Wie zijn die armen? Nu bedoelt Paulus niet arme christenen in Jeruzalem voor wie hij in de christengemeenten uit de heidenen collecteert omdat dit voor hem een ereschuld is aan de moedergemeente in Jeruzalem. Hij schrijft dat aan christenen in Korinthe en kijkt daarbij over hun hoofd u of jou aan die dit leest. Weet u dat u arm bent? Weet jij watje kwijt bent? Door eigen schuld! Er waren eens koningskinderen: u, jij en ik. We deelden in de rijkdom van de hemelse koning. Al het Zijne was het onze. De heerlijkheid van onze hemelse Vader straalde op ons af, geschapen als we waren naar Zijn beeld. Al die rijkdom, die heerlijkheid, dat we heersten over de schepping, dat we kind aan huis waren in het hemelse paleis, dat we deelden in de gunst van de Koning van alle koningen, in één keer kwijt. Door eigen schuld. Bewuste keus. Geen lot, maar (zonde)daad. Weet u dat? Is dat onze armoe bij alles wat we hebben? God kwijt betekent datje alles kwijt bent.
Wat een kerstboodschap komt in deze collecteaanbeveling naar u toe. Christus was rijk in heerlijkheid en liefde van de Vader, zoals ook eens wij. Dat alles heeft Hij afgelegd, begraven, zegt Luther. Is één voorbeeld te bedenken dat de vergelijking met deze diepe vernedering kan doorstaan? Elk beeld schiet tekort. Er is geen vergelijk. Om-dat er geen armoede is als de armoede van een mens die ontdekte God kwijt te zijn, er achter kwam dat hij z'n hemelhoge schuld bij God niet kan betalen.
Hoor de boodschap van kerstfeest: Christus, die rijk was, wilde arm worden. Niet zomaar arm. Maar arm als u. Neergelegd wilde Hij worden in uw armoede, in uw nood, in uw vreugdeloze bestaan zonder uitzicht, in uw zwakheid en onmacht. Hij nam pp Zich wat u aan schuld draagt en nooit kwijtraken kunt. Opdat u van Zijn overvloedige rijkdom zou ontvangen de heerlijkheid die u eens had: gerechtigheid en heiligheid en zo kindschap van God met eeuwig leven als vrucht daarvan. Een toekomst in het nieuwe Jeruzalem om er eeuwig kerstfeest te vieren. Dat wordt me het kerstfeest wel! Het eeuwig 'Hallelujah!' voor Hem die op de troon zit en de wereld zo lief gehad heeft dat Hij Zijn eniggeboren Zoon, het liefste, gegeven heeft. En voor Christus, Die zo naamloos arm werd, Zich helemaal leeg maakte, om u Zijn rijkdom aan te bieden.
Want gij weet... Wat Paulus voorop zet, plaatsen wij achteraan. Niet omdat het onbelangrijk is. Juist omdat het levensbelangrijk is. Je kunt geen kerstfeest vieren als je dat niet weet. Het kerstfeest wil u juist bij deze Christus brengen. Laat u arm maken door de overtuiging van Gods Geest opdat u de rijkdom in Christus zoekt en vindt. Zo wordt het een werkelijk gezegend kerstfeest!
P. VAN DER KRAAN, BLESKENSGRAAF
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 2002
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 2002
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's