Geschiedenis van de mensheid
HET JAAR ONZES HEEREN 2002
Op de drempel van een nieuwjaar treedt onze identiteit aan het licht.Juist rond de waardering van het leuen, de herinnering aan de overledenen en het vertrouwen voor de toekomst is onze visie op de tijd zichtbaar. Onze houding wordt bepaald door de overtuiging dat hier en nu het heden van de genade is waarin God gezocht en gediend mag worden óf door de gedachte dat het leuen op aarde helemaal geleefd moet worden. Wanneer we het jaar met God doorgegaan zijn, mo^en we op de laatste dag van december heel 2002 in Zijn hand terug leggen. Als een jaar onzes Heeren.
Daarom mag, meer nog dan anders, aan het eind van het jaar in de christelijke gemeente de vraag klinken hoe wij staan tegenover Christus. Die vraag beslist over ons leven, over onze toekomst. Met Kerst is Hij gekomen als de Zoon van de levende God, als geheim van de godzaligheid: geopenbaard in het vlees, gerechtvaardigd in de Geest, gezien door de engelen, gepredikt onder de heidenen, geloofd in de wereld, opgenomen in heerlijkheid. De prediking van Hem, de verkondiging van Zijn Naam, is als uitvloeisel van het welbehagen van God ook dit jaar voortgegaan.
Kerst en de geschiedenis van de mensheid zijn nauw verbonden. 'Krachtens een genadige beschikking van God speelt zich in Israël een groot wonder af, waarin de vrijmacht zich openbaart, en de goddelijke majesteit, het oordeel en de luister van Gods Naam' (W. van 't Spijker). Christus eist de geschiedenis voor Zich op. Hij geeft richting aan ons bestaan. In Hem gaat het om ons leven en ons sterven, om onze tijd en onze eeuwigheid. Daarom herdenkt de gemeente op de zondag Zijn opstanding en overwinning op de dood. En daarom mag zij op Nieuwjaarsmorgen en Oudejaarsavond ook samenkomen om te belijden dat Hij de Eerste en de Laatste is, die Zijn kerk draagt door de tijd heen, die Zijn raad uitvoert, dwars tegen wat voor ogen is in.
Perspectief
Dat geloofsperspectief mag dezer dagen overheersen, ook als 2002 voor ons een zwaar jaar geweest is. We zien op de kracht van de zonde in ons leven, we zien op de macht van de dood, waardoor we de gang naar de begraafplaats moesten maken, om geliefden achter te laten. We zien de gebrokenheid, omdat we alleen kwamen te staan. Ja, ook in een welvaartsmaatschappij is - de vele zegeningen ten spijt - het uitnemendste van dit leven moeite en verdriet.
We herinneren ons op deze plaats ook degenen die ons ontvielen uit het midden van onze gemeenten, waarin zij met het Evangelie van Christus mochten dienen. Hun gedachtenis zij tot zegen, omdat hun woorden ons tot zegen geweest zijn, omdat hun Zender degene is die zegen geeft en vrede schenkt. We noemen hier de dienaren van het Woord, die heengingen: Ds. D. Oskam, overleden op 12 maart (84 jaar); Ds. J. van Drenth, overleden op 13 maart (81 jaar); Ds. W. Vroegindeweij, overleden op 30 maart (94 jaar); Ds. A. Heij, overleden op 3 juli (74 jaar); Ds. A. Schaap, overleden op 12 juli (63 jaar); Ds. A. van Eijk, overleden op 19 augustus (81 jaar); Ds. P. P. J. Monster, overleden op 27 november (88 jaar). Ds. H. N. van Hensbergen, overleden op 9 december (89 jaar). Hierbij denken we ook aan de op 30 april ontslapen kandidaat Erik de Bas, 26 jaar, die op de laatste zondag van zijn leven vanuit Maleachi 2 verkondigde dat God in de donkerte van het leven beloofd heeft te zullen komen. En aan kand. R. Dijkhof, 50 jaar, die ruim een halfjaar voor zijn heengaan voor het eerst een kerkdienst leidde.
Stroomversnelling
De Nederlandse samenleving leek het afgelopen jaar in een stroomversnelling te geraken. Gebeurtenissen en ontwikkelingen gingen zo snel, zodat de vraag reëel was wie het roer van onze natie in handen had. Concreet vertaalde dit zich in de reactie van premier Kok op maandagavond 6 mei, toen hij het volk na de moord op politicus Pim Fortuyn opriep om - hij haalde er de naam van God bij aan - kalmte te bewaren. Niet vaak zal de natie zich zo stuurloos en ontredderd gevoeld hebben, toen een man die honderdduizenden achter zich verzamelde, op straat werd neergeschoten. Niet minder aangrijpend dan het beeld van een stervende die gereanimeerd wordt, is het beeld van zijn uitvaart, waarbij duizenden Rotterdammers de naam van Pim scanderen en gebruik maken van allerlei rituelen om uiting te geven aan verdriet en verslagenheid. Het volk van Nederland zoekt houvast, en meent die gevonden te hebben in de rechttoe rechtaan ideeën van een intellectueel die de juiste snaar bij de massa kon raken.
'We gaan een tijd zonder religie tegemoet', schreef de Duitse martelaar Dietrich Bonhoeffer in zijn 'Verzet en overgave', denkend aan de secularisatie van de westerse samenleving. En het is waar dat in het publieke leven de religie geacht wordt steeds meer terug te treden. De recente discussie over de inhoud van het godsdienstonderwijs en de vrijheid van godsdienst bewijzen het. Stemmen die aangeven dat christenen maar in het weekend geestelijk moeten bijtanken, beogen de neutrale staat gestalte te geven, ondertussen het geloof in de autonomie van de mens uitdragend. Hoe waar en hoe verontrustend deze trend ook is, tegelijk heeft de maand mei bewezen dat ook de moderne mens vraagt naar zingeving in zijn bestaan, zoekt naar houvast in iets wat buiten hemzelf ligt. Hier ligt een van de grote vragen voor de kerk, in de doordenking van de cultuur en de overdracht van de woorden van God. Want behoefte aan werkelijke geborgenheid, veiligheid en warmte kan niet vervuld worden zonder te komen tot de onderwerping aan God, die in Christus zin aan ons bestaan geeft.
Koninklijke familie
Het was begin september het getuigenis van de minister-president, die opmerkte dat de mens in relatie tot God pas volledig tot zijn recht komt. Wie had een dergelijke belijdenis van de bewoner van het Catshuis nog voor mogelijk gehouden? Niemand, en daarom hebben we ook in dezen te zien op de genade van God, die blijkbaar onze natie niet losgelaten heeft, zoveel volkszonden ten spijt. Paulus legt een relatie tussen de voorbede voor de overheid, voor allen die leiding geven en het komen tot de kennis der zaligheid door de Middelaar Gods (1 Tim. 2). Juist nu we opnieuw een verkiezingsdag naderen, mag het gebed voor ons land en volk toenemen, met name voor allen die in frontlinies in de politiek uitkomen voor de waarheid van Gods Woord.
Dat gebed was en is er ook voor onze koninklijke familie, waar vreugde en verdriet het afgelopen jaar gevonden werd. Het huwelijk van de kroonprins, de geboorte van het eerste kleinkind en het overlijden van prins Claus maakte dat de band tussen Nederland en Oranje sterk beleefd werd. Na iemands overlijden leer je een mens soms beter kennen - hoe vreemd dit ook klinkt. Dat gold ook de prins der Nederlanden, die op 6 oktober overleed en wiens levensgang daarna dagenlang van alle kanten belicht werd. Het meest ontroerende moment bij zijn uitvaart was toen Huub Oosterhuis doorgaf dat hij samen met de prins op Koninginnedag keek naar het bezoek dat zijn vrouw en kinderen aan Hoogeveen en Meppel brachten. Prins Claus zei vanaf zijn ziekenhuisbed televisiekijkend, eerst 'Ze doen het goed', en daarna: 'Kijk, daar hoor ik, dat is mijn plaats, naast mijn vrouw.' Aan het einde van de dienst werd gezongen: 'Wie op de goede God vertrouwt, / heeft zeker op geen zand gebouwd.' Nog altijd is ons vorstenhuis verbonden met de protestantse traditie waarin ons land staat. Het getuigenis aangaande God klinkt op kruispunten in het leven, al verwoorden ds. Ter Linden en Oosterhuis dat in oecumenische zin. De verbondenheid van God, Nederland en Oranje bracht de dichter Lenze Bouwers tot een poëtisch In memoriam: 'Voorbij het lijden wacht een wit paleis, / met op de troon de Koning van zijn vrouw, / de koningin, gekleed in diepe rouw, / op aarde nog, met opdracht altijd wijs/ te zijn...'.
Wijsheid
Die opdracht tot wijsheid geldt evenzeer hen die in de kerk leiding hebben
te geven, ook voor het komende jaar. Wijsheid die gepaard gaat met voorzichtigheid en bezonnenheid, hebben we nodig. Het is wijsheid die voortkomt uit de vreze des Heeren, die verbonden is met Christus. Waar vinden we die wijsheid anders dan in het luisteren naar Zijn stem, in het leven naar Zijn geboden?
Ook die notie moet klinken op de drempel van een nieuw jaar. Brengt de gang van de kerk waarvan we deel uitmaken, ons tot schuldbelijdenis voor het aangezicht van de Allerhoogste? En geldt dit niet evenzeer voor de situatie in vele hervormd-gereformeerde gemeenten, waar eendracht en heiligheid minder gevonden werden dan verdeeldheid en afval? Het zijn vragen die we onszelf stellen.
Het is hier niet de plaats om de komende gebeurtenissen in de kerk van Nederland diepgaand te beschouwen, maar dat we aan de vooravond van een aangrijpende tijd staan, is elk op het Samen op Weg-proces betrokken gemeentelid duidelijk. Het elkaar via de media hekelen zal geen soelaas bieden. Het zoeken van het eigen gelijk is weinig vruchtbaar. Het horig zijn aan de vragen uit de samenleving kan de identiteit van de kerk niet zijn. Moeten we niet belijden samen van de Heere afgeweken te zijn en moeten we niet samen zoeken naar Zijn wil? Daarbij gaat het om de eenheid en de heelheid van de kerk, die ligt in het erkennen van de eenheid en de heelheid van de Schrift. Heel het Woord heeft immers zeggenschap.
Dan kan de scriba van de SoW-kerken, ds. B. Plaisier, in zijn - terechte - pleidooi voor het verstaan van de missionaire taak van de kerk toch niet tegelijk zeggen dat pogingen om ongereformeerde elementen uit de Hervormde Kerk te weren, uiteindelijk tot een doodlopende weg leiden, zoals hij op het recente IZB-symposium deed? Terecht legde hij de koppeling tussen belijden en zending, maar in dat belijden gaat het om het geloof dat de Schrift de wil van God volkomen bevat. Ongereformeerde c.q. onbijbelse overtuigingen hebben in de kerk ten principale geen bestaansrecht. Hier blijft onze roeping liggen om bescheiden in onze verwoording van het verstaan van de Schrift, maar tegelijk beslist in onze overtuiging in de kerk te staan, haar te dienen op basis van haar eigen belijdenis.
De boekrol van de geschiedenis zal in 2003 verder afgerold worden. Het Lam Gods is waardig bevonden die boekrol te openen. Christus zal de raad van God verder ontvouwen. Dat geeft rust aan wie zich geborgen weet in Hem, Koning tot in eeuwigheid. Het gaat om de heerlijkheid van Hem, het zal uitlopen op de aanbidding van Hem.
P. J. VERGUNST
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 december 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 december 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's