De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Gehoorzaamheid voorop

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gehoorzaamheid voorop

LICHT OP DE KERK [12]

8 minuten leestijd

Wanneer we binnen de ruimte van de kerk ons bezinnen op de roeping tot gehoorzaamheid, is de eerste vraag of we bereid zijn te luisteren naar de Schrift, als het geopenbaarde Woord van God. Volgens de Bijbel begint gehoorzamen met luisteren. Wat is gehoorzamen anders dan horig willen zijn aan wat Gods bevel en belofte ons te zeggen hebben? Dat is het kardinale punt in de verhouding God-mens, Schepper en schepsel.
Op de óngehoorzaamheid is de relatie die wij met God hadden, radicaal stuk gegaan. Herstel van de verbroken relatie is dank zij Gods allergenadigst initiatief mogelijk, omdat Hij er niet het zwijgen toe deed, maar riep en roept de eeuwen door: 'Waar zijt gij?' De wereld, maar niet het minst de gemeente van Christus, heeft een sprekende God, die Zich ten volle en ten diepste heeft uitgesproken - zonder ooit uitgesproken te raken - in het Woord dat vlees geworden is, onze Heere Jezus Christus. De Vader noemt Hem één en andermaal: 'Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik mijn welbehagen heb', en beveelt zonder meer: 'hoort Hem!' Hiermee zijn we bij de kern van de gehoorzaamheid binnen de kaders van de kerk. Kortom: gehoorzamen is gehoor geven aan de hoogste instantie, namelijk het gezaghebbend Woord van God. Het een en ander maakt ons helder hoe nauw de samenhang is tussen het Woord als het gezaghebbend spreken van God en het geloof in Gods Woord, dé gestalte van de vereiste gehoorzaamheid. Daarom spreken we in de kerk op Schriftuurlijke manier over de gehoorzaamheid des geloofs. Iedere andere vorm van gehoorzaamheid, dus buiten het geloof in Gods Woord om, mag onder ons geen erkenning hebben. Is zij ten diepste geen ongehoorzaamheid?

Gehoorzaamheid heeft prioriteit
Het thema van dit artikel is: 'Kerk en gehoorzaamheid'. Men zou hierbij kunnen denken aan de gehoorzaamheid die de kerk van haar gelovigen vraagt. Gehoorzaamheid dus die wij als leden aan de kerk verschuldigd zijn. Een hoogst reële, schriftuurlijk geboden aangelegenheid. Hiervan geldt: dat alle dingen in het huis(gezin) van God, de gemeente van Christus, met eer en orde geschieden.
Een kerk die niet op haar eigen, maar op Gods strepen staat, kan met recht van de onderdanen van het rijk van God eisen dat zij allemaal 'hun hals buigen onder het juk van Christus.' Immers, God gaf Zijn getuigenis, Zijn Woord, zijn wet om naar te leven. Dat de werkelijkheid bij lange na niet - of kun je beter zeggen nooit? - aan die hoge eis van gehoorzaamheid toekomt, laat staan er aan voldoet, is met name voor de Koning der kerk, maar eveneens voor allen die haar van harte liefhebben een droef en pijnlijk gegeven.
Wie zou niet wenen als hij de kerk, getrokken in het licht van Gods heiligheid, in haar onheiligheid en ongehoorzaamheid openbaar ziet worden? Wenen, maar wel in de wetenschap dat we zelf delen in haar steeds verder toenemende afval van God, Zijn heilige geboden en beloften.
Kerk en gehoorzaamheid… lijkt het er niet op dat we het laatste wel voorgoed kunnen vergeten? Niet als we in rekening brengen dat de nieuwe kerkorde zegt 'dat de kerk in gehoorzaamheid aan de Heilige Schrift als enige bron van de kerkelijke verkondiging en dienst de drie-enige God, Vader, Zoon en Heilige Geest belijdt'. Belijden we nu dat de Schrift altijd boven de confessie staat, behouden we dan dáármee niet het recht om in totale gehoorzaamheid aan de Schrift in de eventuele nieuwe kerk te staan en te strijden? Me dunkt! Daarin ligt het recht verankerd dat we ons op de Drie Formulieren van Enigheid kunnen blijvend beroepen als geheel Schriftgetrouw. Om nu de gedachte dat de kerk (nog steeds…!) bestaat bij de gratie van onze of haar eigen gehoorzaamheid, bij de wortel af te snijden, stel ik voor om na te denken over: 'Gehoorzaamheid en kerk'. Gehoorzaamheid heeft prioriteit.

Geloof en kerk
Hoewel geloof en gehoorzaamheid niet helemaal synoniem zijn, kan het een zonder het ander niet bestaan. Met de aanduiding 'geloofsgehoorzaamheid' grijpen geloof en gehoorzaamheid dusdanig op elkaar in dat we kunnen zeggen dat de gehoorzaamheid aan het Woord van God ons tot geloof brengt en het geloof draagt gehoorzaamheid als vrucht.
Letten we alleen op het aspect van de gehoorzaamheid der kerk, met name onze Nederlandse Hervormde Kerk, die op het punt staat te fuseren met de deels gedeconfessionaliseerde Gereformeerde Kerken en de Evangelisch-Lutherse Kerk, dan is - kort door de bocht gezegd - de kerk, ook de toekomstige PKN, danig 'op weg' te weerspreken wat haar belijdenis beweert (ds. L. H. Oosten).
Andere collegae hebben tot taak dit in deze artikelenreeks met de stukken aan te tonen, te bevestigen of te weerleggen. Mij is de cruciale vraag voorgelegd antwoord te geven op de volgende overweging: In hoeverre is het kerk-zijn nu en straks afhankelijk van onze gehoorzaamheid?
Voor sommigen mag dan de grens van de gehoorzaamheid bereikt zijn op de datum dat de nieuw te vormen kerk een feit is. Een kerk die haar eigen belijden(is) ongehoorzaam is, kan van mij geen gehoorzaamheid meer vragen. Hoeft daar wat mij betreft ook niet meer op te rekenen. Het mag waar zijn dat velen uit liefde tot de Kerk der vaderen met ons blijven hopen en bidden dat God het verhoede– Maar wat moeten wij als het zover is als wij vrezen en waartegen we jarenlang onze wettige, kerkelijke stem verheven hebben? Ik ben met anderen van mening dat het er dán juist op aan zal komen dat we ons voor Gods aangezicht rekenschap hebben te geven van ons belijden: Ik gelóóf de kerk.

Wat dit concreet betekent?
Lees wat er staat en luister naar uw eigen woorden: 'Ik geloof de kerk'. Ik geloof niet in de kerk, ik geloof wel in Gód, de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Dat ziet op de meest intieme relatie van de gelovige in gemeenschap met de Drie-enige. Maar ik geloof niet op die manier in de kerk als ik in God geloof.
'De kerk is niet ons tegenover, waarmee wij relatie, gemeenschap hebben. De kerk dat zijn we zelf. (…) Daarmee belijden wij dat de kerk er is. Niet dat we ons aan haar toevertrouwen.' Op deze pregnante wijze laat dr. A. A. van Ruler ons zien wat het betekent de kerk te gelóven. In dit verband maakt hij enkele behartigenswaardige opmerkingen met betrekking tot de kerk: 'Zij stamt uit Israël. Nader bepaald: zij stamt uit de Messias van Israël, uit Christus, de Middelaar. Zij is het lichaam van Christus. Men kan ook zeggen: zij is het volk van God. Of ook: zij is de tempel van de Heilige Geest. Samengevat: de kerk is de kathedraal van de liefde en dan de liefde opgevat als goddelijke en historische realiteit. Samengevat: Het is de plaats waar Christus met zondaren wil samenwonen.' (curs. H.V.)
Of die kerk geen gebreken kende? Of die kerk, als in de dagen van Elia, niet bijna tot niet gekomen is? Of die kerk niet diep weg kan zinken, zo diep dat het wel lijkt of God haar verlaten heeft, omwille van onze godsverlating? Het zal allemaal waar zijn. Of de Heere niet het recht heeft Zijn eigenhandige planting uit te rukken en zo - ook aan onze Hervormde Kerk - het oordeel te voltrekken? Wie zal het durven ontkennen.
Maar wie beschikt nu al op voorhand over een rooivergunning, let wel van Godswege? Of laten we ook de uitvoering van het oordeel over de kerk aan God over? Concreet betekent geloofsgehoorzaamheid zich vastklemmen aan de barmhartigheid van die God, die in de toorn aan Zijn ontfermen gedenkt. Kan ik niet meer in de genade van God geloven, dan buig ik niet meer voor het Woord van Zijn gericht en van Zijn belofte. De weg van de geloofsgehoorzaamheid brengt je in de worsteling om de vervulling van Gods beloften. Lieten profeten, lieten in de donkerste tijden Anna, Simeon, Zacharias, Elisabet, Maria, Jozef, met hen die de vertroosting van Israël verwachtten, verstek gaan? Zij bleven op hun (wacht)posten. Leefden uit de beloften van het verbond, dat God ooit met de vaderen gemaakt had. Dat zijn voorbeeldige voorbeelden van geloofsgehoorzaamheid. Weten we nu al zeker dat de Heere het laat afweten? Die oude geloofsgetuigen wisten zeker van niet. Geloven is toch zeker weten? Laten we ons inspannen om de dwalingen uit te zuiveren. Onbegonnen werk, zegt iemand. Aan u zou ik willen vragen: zou er iets voor de Heere te wonderlijk zijn? Kan een dode kerk niet tot leven komen? Gelóóf maar van wel. Ezechiël 37 is hier heel positief over.
God laat Zijn werk en Zijn kerk niet schieten. Profeteer, mensenkind! 'Geloofsgehoorzaamheid is niet de zonden van de kerk, maar de kerk in haar zonden liefhebben.' (ds. W. L. Tukker) Kan een doodzieke kerk tot herstel komen? Ja, als we het verval dat zij vertoont, maar niet op háár en van onszelf áfschuiven en als we ons bekennen als medeschuldigen. De kerk geloven betekent ook buigen onder de aanklachten. Waren wij als gereformeerde belijders altijd gehoorzaam als het ging om de invulling van het kerk-zijn in de levenspraktijk? Zijn we kerkelijk niet te introvert geweest en nog? Was ons kerk-zijn er soms een vol trots en niet onder het kruis? Betekent geloofsgehoorzaamheid niet diep buigen onder de schuld en opnieuw leren leven van de rechtvaardiging van de goddeloze, ook als kerk, juist als kerk? Ik ben er heilig van overtuigd dat de kerk de plaats is waar Christus met zondaars wil samenwonen.
H. VISSER, BARNEVELD

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 januari 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Gehoorzaamheid voorop

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 januari 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's