De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

4 minuten leestijd

In Vrijzicht (gezamenlijke uitgave van de Nieuwe Vrijzinnige Omroep, de Vereniging van Vrijzinnige Hervormden en de Vrijzinnige Geloofsgemeenschap NPB) schreef de historicus Johan Wijne een artikel onder de titel 'Geschiedschrijving zonder godsdienst', waarin hij een vergelijking maakt tussen de Leidse historicus H. L. Wesseling en de Utrechtse historicus H. W. von der Dunk:

'De Utrechtse historicus H. W. von der Dunk is al enige tijd met emeritaat en blijft gelukkig schrijven, want zijn kennis lijkt onuitputtelijk en de verwoording daarvan onvergelijkbaar met die van Wesseling. Terwijl Wesseling nogal makkelijk vervalt tot intellectuele keuvelarij die niet altijd verschoond blijft van een zekere oppervlakkigheid, gaat Von der Dunk graag de diepte in met zijn analyses en inzichtelijkheid. Het lezen van de beschouwingen van Von der Dunk vergt daarom wat meer inspanning, maar die werpt wel vruchten af, omdat het gelezene eerder beklijft. De artikelen van Wesseling lezen vlot weg, hetgeen zijn populariteit in kringen die graag over alles mee willen praten heeft bevorderd, maar die nogal makkelijk vergeten lijken te worden.

Begeren
Een opmerkelijk verschil tussen beide historici is wel de manier waarop ze in hun geschiedbeschouwingen omgaan met de rol van de godsdienst in een samenleving. Wesseling doet dat één keer in een artikel dat hij "Christelijke waarden" noemt en waarin hij de Tien Geboden de maat neemt. Over het tiende gebod schrijft hij dat het begeren van andermansgoed een hoge vlucht heeft genomen, want "Ons hele fiscale stelsel is gebaseerd op het begeren van andermans bezit". Het is toch wel bedroevend dat iemand die zoiets poneert populair kan worden en beschouwd als eminent historicus. Het is niet opmerkelijk dat Wesseling bij zijn beschrijvingen van de kolonisatie, de koloniale oorlogen, de dekolonisatie en de Dreyfus-affaire geen enkele aandacht besteedt aan de godsdienstige factor die juist bij deze onderwerpen zo'n belangrijke en soms zelfs beslissende rol heeft gespeeld.

Opium
Von der Dunk daarentegen laat in zijn "Mensen, Machten, Mogelijkheden" geen gelegenheid voorbij gaan om aandacht te besteden aan die godsdienstige factor, waarbij niet eens van belang is op welke manier hij dat doet. Geschiedschrijving houdt immers naar de constatering van de historicus Geyl in een "discussie zonder eind" en die kan ook hier worden toegepast. Fascinerend komt juist dat religieuze aspect aan de orde in de werkelijk magistrale en briljante beschouwingen van Von der Dunk over Mensbeelden in de geschiedenis en over Van maakbare samenleving naar maakbare mens? Dat Jan Blokker in De Volkskrant deze beschouwingen typeert als "een zweverig soort wijsheid" en "Dagsluitdivagatie" (divagatie is een duur woord voor uitweiding) maakt godsdienst tot een wezenlijke factor in onze samenleving, erkennen degenen die als ware gelovigen in de Verlichting naar Marx godsdienst als "opium van het volk" blijven kwalificeren.'

Dat de predikantszoon Jan Terlouw (oud-minister) niets meer heeft met de godsdienst van zijn vader(en) is alle mensen publiekelijk bekend (gemaakt). Nochtans schrijft hij in Vrijzicht (zie hierboven) het volgende:

'Kerken hebben vaak gefaald, maar er zijn mensen die enorme kracht en inspiratie aan hun geloof hebben ontleend. Systemen zijn verkruimeld, maar uit het ongerijmde is soms diep inzicht geboren. Het ogenschijnlijk zwakke blijkt soms bron te zijn van grote kracht. Zie hoe sommige mensen geteisterd worden door harde slagen, schrijnend verlies, onoverkomelijk lijkende rampen, en hoe ze zich oprichten met een kracht waar je versteld van staat. Onverslaanbare groeikracht, ontembare levenskracht. Het weerloze blijkt weerbaar. Er is zoveel waar ik sprakeloos van ben. Van de taaiheid en buigzaamheid van bomen in de storm. Van de esthetiek van veldbloemen, waarvan de kleuren nooit met elkaar vloeken. Van de verbazende eigenschappen van het watermolecuul. Van geestverwantschap. Van mystieke ervaringen. Van de subtiliteit van taal. Van onbaatzuchtige liefde in verzorgende beroepen en elders. Van het raadsel van het bewustzijn.'
V.D.G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 februari 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 februari 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's