De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Ach moeder!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ach moeder!

HET GEDING: RUIMTE OF BASIS?

12 minuten leestijd

'In het zicht van de beslissing': onder deze titel gaven negentien hervormd-gereformeerde (oud-)ambtsdragers onlangs een brochure uit, waarmee zij het gesprek in hervormd-gereformeerde kring willen dienen. Onder hen zijn ds. A. Romein, ds. C. Snoei, ds. D. Ph. C. Looijen, mr. J. L. de Lange, prof. dr. F. G. Immink en drs. G. Verweij. Zij reiken argumenten aan 'die kunnen helpen bij een weloverwogen beslissing' nu het besluit tot vereniging in de Protestantse Kerk in Nederland aanstaande is. De schrijvers stellen na een korte schets van het begin in 1961 dat de vereniging 'voor de hand ligt vanwege overeenkomstig belijden en om gezamenlijk de taak aan te vatten gestalte te geven aan de missionaire en diaconale roeping in een geseculariseerde samenleving vandaag'.Vervolgens worden de bezwaren genoemd: 'de principiële tegenstellingen zijn groot en de verenigde kerk bevat allerlei elementen die strijdig zijn met het gereformeerde belijden'. Niettemin wordt voor vereniging gepleit, waarbij het voornaamste argument is dat er ruimte zal zijn voor het Woord. Het diepste motief voor eenheid zien de briefschrijvers in Christus' gebed (Joh. 17). In het vervolg van de zestien pagina's tellende brochure wordt ingegaan op de verhouding tussen waarheid en eenheid, op het begrip vaderlandse kerk, op de relatie tussen Schrift en belijdenis, op de noodzaak van verootmoediging, op de toekomst van de kerk in een geseculariseerde samenleving en op de ruimte in de kerkorde voor gereformeerde belijders.De brochure concludeert dat er 'voldoende ruimte is voor gemeenten van gereformeerde signatuur om binnen de PKN het kerkelijk leven naar reformatorische visie in te richten en op te bouwen. En om het geheel van de kerk voortdurend aan haar roeping te herinneren. Om nu het proces van vereniging nog af te breken en als kerken afzonderlijk verder te gaan zou onzes inziens een ramp zijn.' De brochure sluit behalve met een samenvatting af met acht concrete zaken die ons gebed vragen!Om het gesprek onder ons te dienen hebben wij deze brochure in enkele zinnen samengevat en schrijft ds. H. J. Lam bijgaand een bezinnend artikel naar aanleiding van 'In het zicht van de beslissing'. Wie de brochure zelf wil lezen, kan deze voor € 2,- bestellen via de telefoon (0318-610093) of via de e-mail (handreiking@msn.com).RED. DE WAARHEIDSVRIEND

Sympathiek
De brochure In het zicht van de beslissing is een sympathiek geschrift. Temidden van alle stemmen, die opklinken over Samen op Weg, probeert men op evenwichtige en rustige wijze een eigen geluid te laten horen. Eerlijk en nuchter worden de argumenten pro en contra Samen op weg geordend, gewogen en besproken. Dat gebeurt in kort en helder bestek. Er wordt verwezen naar de nieuwe kerkorde, die men enerzijds positief waardeert als een goed reformatorisch geschrift, maar waarvan men anderzijds weet dat er elementen in voorkomen die hervormd-gereformeerden beslist niet kunnen goedkeuren. De sympathie wordt vooral gewekt door de oproep tot verootmoediging en enkele gebedsintenties.
De balans slaat uiteindelijk door naar een pleidooi vóór Samen op Weg. Al leven er bezwaren in het hart van de scribenten en delen zij de pijn die er leeft in veel GB-gemeenten, de argumenten om mee te gaan, zijn sterker. Het diepste motiefis Christus' roeping tot eenheid. Verder is samengaan zeer wenselijk vanuit missionair en diaconaal oogpunt, alsook met het oog op onze jongeren, de maatschappij, de secularisatie.
Als hervormd-gereformeerden kunnen we volgens de brochure aan Samen op Weg meedoen, omdat er veel ruimte is om in overeenstemming met onze belijdenis vorm te geven aan het gemeente-zijn. We moeten eraan meedoen, omdat er voor ons een opdracht ligt in de verenigde kerk: haar te bepalen bij haar belijdenis; evenals een belofte: God houdt trouw.

Eigen geluid
'Een eigen geluid,' schreven we. We moeten het nauwkeuriger zeggen, omdat het geluid niet zozeer 'eigen' is vanwege wát men zegt, maar veeleer vanwege wíe het zegt. Wát gezegd wordt stemt grotendeels overeen met wat door het moderamen van de synode steeds wordt gezegd in de richting van de hervormd-gereformeerden: er is voor u alle ruimte om naar uitwijzen van Schrift en belijdenis in de kerk te staan. Opmerkelijker is door wíe het gezegd wordt, namelijk door hen die onder ons staan en schrijven: 'Ook wij rekenen ons tot deze beweging' (blz. 2).
Het is niet nieuw dat de bezwaren van de Gereformeerde Bond tegen Samen op Weg niet door allen uit onze kring gedeeld worden. Met name zij die de breedte van de kerk dienen of een meer gemêleerde gemeente, hebben van tijd tot tijd het positieve van het fusieproces de eigen gelederen voorgehouden. Meestal gebeurde dat in een wandelgang of in klein comité. In het zicht echter van de ultieme beslissing betuigen sommigen onder ons publiekelijk steun aan de vereniging. Niet onbezwaard, wel onbekrompen. Dit klinken van stem en tegenstem heeft onze beweging van meet af gekenmerkt. De beide boeken Delen of helen laten dat voldoende zien. Meestal wordt de 'stem' duidelijker gehoord dan de 'tegenstem'; maar wordt die laatste daadwerkelijk hoorbaar, dan volgt dikwijls een ferme discussie. Beide moeten onder ons kunnen klinken, niet het minst omdat beide willen opkomen uit het reformatorisch belijden. Toch beluisteren we deze tegenstem met gemengde gevoelens. Niet omdat we ons niet begrepen zouden voelen in wat we als Gereformeerde Bond al tientallen jaren in woord en geschrift uitdragen, namelijk dat Samen op Weg zó niet kan; want de auteurs begrijpen ons terdege. Niet omdat we deze brochure zouden ervaren als een aanval in de rug - daar zijn de scribenten te integer voor - zij stáán voor wat zij nu als 'Gebot der Stunde' zien. Niet omdat we als hervormd-gereformeerden vanwege deze tegenstem tegenover de synode nog minder eenheid vertonen; dat weet men daar evengoed wel.
De vraag is vooral: hoe komt het dat wij zo verschillen over wat heilzaam is voor onze moeder, de kerk? En dat juist nú, nu zij berooid en gehavend haar weg gaat door onze samenleving, om wat voor reden ook. Waarom is de héle kerk tot op het bot verdeeld over de vraag wat haar roeping is? Waarom dwingt het proces ons tot een keuze, die - als er niets verandert - op één en hetzelfde moment een keuze vóór de ander maar tégen onszelf is? Quis non fleret? Wie zou niet wenen? Om moeder.

Dezelfde dingen
We lopen diverse (niet alle) passages langs. Nieuwe inzichten inzake ons standpunt over Samen op Weg zal deze rondgang niet opleveren. Maar in het zicht van de beslissing voelen we ons geroepen dezelfde dingen te schrijven, die al zo vaak in de Waarheidsvriend hebben gestaan, omdat we hopen dat ze gehoor vinden bij hen die verantwoordelijkheid dragen voor onze moeder, de kerk. En wie is dat niet?!
Volgens de brochure is één van de argumenten om positief tegenover Samen op Weg te staan dat de nieuwe kerkorde 'in veel opzichten een goed reformatorisch geschrift' (blz. 3) is. Bedoeld zal zijn: een geschrift in reformatorische geest. Inderdaad telt de nieuwe kerkorde meer dan één moment dat laat merken dat men te rade wilde gaan bij de reformatoren en hun denkwijze. Dat is de ene kant van kerkorde-munt, geslagen op aangeven van de Heilige Geest. Maar de andere kant overschaduwt helaas de voorzijde: een beeltenis die veelmeer geslagen is door de tijdgeest. De brochure zelf noemt voorbeelden: open avondmaal, zegening van niet-huwelijkse relaties.
Onbegrijpelijk dat de brochure deze positieve afweging maakt. Het gaat toch om de hartstocht, die Paulus kende: dat onze moeder als een reine maagd aan haar man, Christus, wordt voorgesteld (2 Kor. 11 : 2)? De kerkorde wordt niet met dezelfde geestelijke macht uit de Schrift afgeleid als de confessie. Maar zij zal er toch niet mee in strijd mogen zijn? Bovendien zal een onbijbelse kerkorde knagen aan de belijdenis.

Eenheid?
Uit dit grondbezwaar vloeien de overige bezwaren voort. Hoe kan deze kerkvereniging gelegitimeerd worden met een beroep op Johannes 17? Zeker, de gescheidenheid, die welig tiert in ons land en waaraan wij als hervormd-gereformeerden veel te weinig schuld beleven, klaagt ons aan. In hoeverre zou God Samen op Weg gebruiken om ons aan die schuld te ontdekken? Niet alleen secularisatie en kerkverlating roepen ons tot verootmoediging (blz. 10), het fusieproces als zodanig doet dat ook, omdat Schrift en belijdenis daarin niet hun rechtmatige plaats hebben.
Daarom hebben we er grote moeite mee dat voor Samen op Weg hoge woorden gebruikt worden als 'een teken van hoop in de hele oecumene' en 'als een gave van God' (blz. 1). Op deze directe wijze zegt de brochure het niet. In die toonaard was de brief gesteld, die het triomoderamen in november vorig jaar de kerkeraden stuurde om in te gaan op vragen en bezwaren.
Terwijl ons net zozeer geladen woorden in gedachten komen, wanneer wij dit proces overwegen. We mogen ze niet lichtvaardig gebruiken; maar wanneer je je denken drenken wilt in de Schrift, schieten min of meer toepasselijke zinsneden je te binnen. Daarom zou ik - variërend op een woord van Jeremia - willen zeggen: Zij genezen de breuk van mijn moeder, de kerk, op het lichtst, zeggende: Eenheid, eenheid! Maar er is geen eenheid. Het gaat toch om een medicijn, waarmee onze moeder écht gediend is.

Voortzetting of opheffing
'De Protestantse Kerk in Nederland is de voortzetting van de Nederlandse Hervormde Kerk,' lezen we onder meer in artikel 2 van de nieuwe kerkorde. Is dat zo? Kerkordelijk wel, omdat de besluiten in de ambtelijke vergadering genomen zijn en haar belijdenis en geschiedenis meegaat. Maar het laatste woord is daarover nog niet gesproken. Het historisch perspectief van de brochure (blz. 7) beziet de komende vereniging als een herstel van de 'vaderlandse kerk'. Men is daar verheugd over. Tegelijkertijd betreurt men dat andere kerken van gereformeerde belijdenis niet meekomen in het Samen op Weg-proces.
De vraag rijst of met recht deze vereniging wordt aangeduid met het woord 'herstel'. Niet voor niets vraagt meer dan één theoloog-historicus zich af of niet veeleer sprake is van 'opheffing'. Wat zijn de consequenties van het feit dat onze kerk, als de fusie doorgaat, van alles verliest: haar naam, haar basis, haar organisatie, haar historische samenstelling? Ontstaat er toch niet een nieuw instituut? (Zie voor een uitgebreidere argumentatie wat collega L. J. Geluk schreef in Ecclesia, nr. 4.) Het is misschien net als met de Samaritanen: een volk waarin qua afkomst, naam en basis weinig meer te herkennen was van Gods volk. Al verhinderde dat onze Heere Christus niet bij de Jakobsbron een vrouw uit dat volk aan Zijn discipelschare toe te voegen. De onvruchtbare moeder baarde toch een dochter (Gal. 4 : 27).

Fundament
De brochure wijdt verder enkele alinea's aan de verhouding van waarheid en eenheid (blz. 6) en constateert dat onder ons het één (de eenheid) nog al eens ten koste gaat van het ander (de waarheid). Een terechte zorg: katholiciteit is niet onze sterkste kant. Daarom doen we er goed aan om telkens van Calvijn te leren dat eenheid eenheid in de waarheid is en alles te maken heeft met de rechte belijdenis aangaande Christus en met de gehoorzaamheid aan Zijn Woord. We mogen de brochure geen afgeronde ecclesiologie (leer aangaande de kerk) ontwringen, maar ik kan er niet direct uit opmaken of ze in het spoor van Calvijn de verhouding van waarheid en eenheid ziet. Juist zijn zicht helpt in het geding om eenheid en waarheid. Dan komt het gezegde over de belijdenisgeschriften (blz. 8) eveneens in ander licht te staan. Vanuit de overtuiging dat we geestelijk verbonden zijn met de belijdenis van ons voorgeslacht vragen de schrijvers zich af of men de belijdenisgeschriften de grondslag van de kerk mag noemen, waaraan men zich door ondertekening bindt. Christus is toch het fundament? Naar mijn mening is dit een onjuist dilemma. Christus, het Woord en de belijdenis vormen alle drie grondslag van de kerk, zij het niet op dezelfde wijze. En wat die ondertekening betreft: Luther vroeg erom, in Straatsburg gebeurde het, Calvijn liet in Genève de gemeenteleden de eed op de belijdenis afleggen, de Dordtse Kerkorde kende een niet mis te verstaan ondertekeningsformulier. Nodig? Niet om op ketterjacht te gaan, wel omdat er in een mensenhart een listige reserve schuil kan gaan tegenover de waarheid van het evangelie, die verraadt dat men innerlijk van zins is daarop af te dingen; zo spreekt Noordmans omineus in een dergelijk verband.

Schipbreuk
Het zou een ramp zijn, als het verenigingsproces afgebroken zou worden, aldus de bijdrage (blz. 13). Maar is het een nog niet grotere ramp als de fusie wél doorgaat? Want opnieuw zal onze moeder uiteengescheurd worden. Zij die bleven in 1834 en 1886, zullen alsnog gescheiden wegen gaan. Het zal de schipbreuk zijn, die voorkomen kan worden, als bij wijze van spreken naar Paulus' raad wordt geluisterd (Hand. 27 : 21).
En de ruimte dan voor onze manier van gemeente-zijn, waarover de brochure waarderend spreekt? Vanuit menselijk oogpunt bezien is ruimte mooi, maar wat hebben we aan ruimte, als de basis principieel te wensen overlaat? Onze moeder moet een goede moeder zijn.
Wat is een goede moeder? Eén, in wier schoot God Zijn kinderen wil vergaderen, om hen door haar zorg te voeden zolang ze zuigelingen en kinderen zijn en hen door haar moederlijke zorg te regeren, totdat wij ons sterfelijk vlees hebben afgelegd en gelijk zullen zijn aan de engelen (Calvijn). Dat laatste is ons uitzicht. Kunnen in dit licht, het licht van de eeuwigheid, de verantwoordelijken niet wachten met het nemen van beslissingen die onze moeder zozeer ontwortelen? Laat men gehoor geven aan wat onze belijdenis zegt: 'Wij nemen alleen aan wat dienstig is om eendracht en eenheid te voeden en te bewaren.'
Intussen blijven wij van deze moeder houden, al zal ze wellicht nog gehavender en nog zieker worden. Deed onze God dat ook niet, zelfs toen Hij haar - door haar eigen schuld - leidde in de woestijn? Hoewel Hij juist daar sprak tot haar hart.
In het zicht van de beslissing, die hopelijk geen vergissing zal zijn, kunnen we slechts vol mededogen zeggen: 'Ach moeder!'
H. J. LAM, NIEUWERKERK AAN DEN IJSSEL

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 maart 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Ach moeder!

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 maart 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's