Uit de pers
Bagdad en New York
Zijn er twee steden in de wereld die laatste jaren meer aandacht hebben gekregen dan New York (11 september 2001) en Bagdad? In Vrij Nederland van 1 maart schrijft Chris Keulemans een heel persoonlijk getint verhaal, waar hij heel somber boven zet: Bij de val van Bagdad. Keulemans' vader werkte ooit voor de FAO, de landbouworganisatie van de Verenigde Naties en als kind leerde hij daarom lezen op de Amerikaanse school in Bagdad. Binnenkort verschijnt van zijn hand een boek 'De Amerikaan die ik nooit geweest ben' over zijn jeugd in Bagdad.
'In het land tussen Eufraat en Tigris, ook wel Lieflijkheid genoemd, schijnt het paradijs te hebben gelegen. Zeker is dat ze daar in Mesopotamië het schrift hebben uitgevonden. Samen leverden die twee, paradijs en het geschreven woord, ons de bijbel op. Reden genoeg om het land dat tegenwoordig Irak heet de bakermat van onze beschaving te noemen. Is het erg als Irak straks onder een tapijt van bommen verdwijnt?
Toen New York werd aangevallen vond ik dat verschrikkelijk. Vanwege de slachtoffers, maar ook omdat elke hoop op een wereld van nieuwsgierigheid, vrijgevigheid en wederkerigheid ter plekke onklaar werd gemaakt. Het was al een onpraktisch idee, nu werd het onuitvoerbaar. In New York, Hollywood en nog een paar plaatsen in Amerika is de beeldcultuur uitgevonden, de andere pijler van onze beschaving. Je zou New York de nieuwe bakermat kunnen noemen. Uit wraak voor de aanval op de nieuwe moet nu ook de oude er weer aan geloven. Ik kan niet leven zonder beelden, ook niet zonder New York. En Bagdad dan, kan ik leven met het geschreven woord maar zonder Bagdad? Zelf houden die twee zich natuurlijk met dit soort vragen niet bezig. Ze hebben meer aan hun hoofd. Van beide steden zijn de bewoners getraumatiseerd. In New York bleef het na 11 september even stil in de wachtkamers, maar daarna kwamen de mensen met duizenden tegelijk bij de psychiater terecht. Niet dat ze daarmee te koop lopen. De herdenking, precies een jaar later, was des te treuriger omdat er een kloof lag tussen persoonlijk verdriet en publieke trots. Voor de individuele, nog onopgeloste verhalen van ontreddering was nauwelijks ruimte. Ze werden overstemd door het onwankelbare, collectieve verhaal dat Amerika heeft gekozen, over een volk dat samen sterk staat en niet zal buigen voor terreur. Het is een verhaal met ondubbelzinnige beelden: de vlag, de reddingswerker, de volledig bepakte militair.
Ik vermoed dat er in Bagdad minder wachtkamers zijn en minder psychiaters. De afstand tussen persoonlijk trauma en publieke strijdlust zal er des te groter zijn.'
Bagdad en New York, steden die ons bepalen bij oude en moderne cultuur. Irak bakermat van de beschaving. Amerika land waar de moderne beschaving in al zijn perversiteiten soms zich vrij kan uiten, hoezeer leiders ook de naam van God gebruiken of misschien moeten we soms wel zeggen misbruiken.'
'Beide bakermatten zijn door hun leiders gekaapt. Saddam bezweert zijn volk dat de gouden tijden van koning Nebukadnezar herleven. In Amerika hoef je de televisie maar aan te zetten of Bush en de zijnen geven je het gevoel dat de wereld op het punt staat te vergaan. Een enkele blik naar buiten en je ziet precies het tegendeel van wat ze zeggen: Bagdad is op sterven na dood, New York barst als vanouds van het leven.
Bij gebrek aan toekomst valt Saddam graag terug op het glorieuze verleden. Hef het zwaard, roept hij zijn volk toe, tegen de hitech van de Amerikanen. De fabrieken en opslagruimten die de wapeninspecteurs doorzoeken, heten naar koningen en veldheren uit roemruchte eeuwen. De aanvallers van zometeen vergelijkt hij met de Mongolen die Bagdad achthonderd jaar geleden belegerden. Tegen de muren van de stad, brult hij, zullen we ze doodslaan.
Bush spreekt zijn land geen moed maar angst in. Bange mensen geven hun lot sneller uit handen, en bange mensen zetten sneller hun televisie aan om even te kijken wat ze nu weer boven het hoofd hangt. De barrage van dreigende rampen is een samenspel tussen regering en kijkersbeluste tv-stations, zo opzichtig dat je er gek van zou worden als je er niet al aan gewend was. De meeste Amerikanen geloven inmiddels werkelijk dat ze hun vrijheid het best verzekeren door haar in te leveren. Toen het ministerie van Homeland Security vorige week iedereen aanraadde om voor drie dagen water en voedsel in te slaan, verklaarde attomey general John Ashcroft: "Wij verkeren in hogere staten van daadkracht en waakzaamheid zodat Amerika in vrijheid kan blijven werken."'
In het Reformatorisch Dagblad van 3 maart stond een leerzaam artikel te lezen van de hand van mr. Richard Donk onder de titel: Bakermat van beschaving in gevaar. Archeologen maken zich bezorgd over mogelijke oorlogsschade aan de culturele erfenis van Irak. Het is een land dat voor de bijbellezer vele bekende plaatsen met dito namen herbergt: Ur waar Abraham vandaan geroepen werd, Nimrud, hoofdstad van de Assyriërs vanaf 879 voor Christus, Nineveh, ook ooit hoofdstad van Assyrië, doel van Jona's geweigerde missie en Babylon, stad bekend door Nebukadnezar. Saddam is zich terdege bewust van dit rijke verleden van zijn land. Maar hij is almeer gaan lijken op die ene Nebukadnezar van wie de befaamde woorden zijn: Is dit niet het grote Babel dat ik gebouwd heb…? In Daniël 4 lezen we dat van deze grootheidswaan het gevolg is een stem uit de hemel die meldt: Het koninkrijk is van u gegaan. De vraag is of de VS het vandaag moeten zijn die langs de weg van een allesvernietigende oorlog deze moderne Nebukadnezar deze les moeten leren over de rug van vele duizenden slachtoffers onder onschuldige burgers? Terecht wordt allerwegen bepleit te zoeken naar een andere oplossing.
'Als jongetje hield ik van de ruïnes in de woestijn rond Bagdad. Misschien was de ruïne geruststellender dan het paleis. Er hing geen macht meer. Ik ben gefascineerd gebleven door wat er met grote culturen gebeurt als ze over hun hoogtepunt heen zijn. Het eerste teken van verval is meestal een krampachtig streven naar zuiverheid. Daarna volgt de hang naar zelfdestructie. Ten slotte de ruïne.
Het Amerikaanse ideaal van democratie plus vrije markt is zich aan het diskwalificeren. Deze oorlog wordt gevoerd om olie en macht, niet om de vrijheid van het Westen te verdedigen. De motieven zijn technologisch en amoreel. Een nieuw Irak als begin van de democratisering van de Arabische wereld is een drogreden, zie de chaos die Amerika in Afghanistan heeft achtergelaten.
Maar de oorlog moet aan het volk verkocht als rechtvaardig en onvermijdelijk, en dat verhaal moeten de media verkopen. De commerciële tv-stations zijn al zover. Een nieuwe virtuele oorlog, met visueel spektakel maar geen burgerslachtoffers, is een kijkcijferkanon. En de linkse media zijn ook al ingekapseld: in zijn boek What Liberal Media? schrijft Eric Alterman hoe "eerlijke" journalisten nu klem zitten tussen mediaconglomeraten die nieuws alleen waardevol vinden zolang het de winst vergroot, een regering die meer dan ooit aan geheimhouding hecht en conservatieve stemmen die klaarstaan om iedereen te veroordelen die ongemakkelijke waarheden opdiept over de macht.'
Keulemans vertelt hoe hij als kind op de Amerikaanse ambassade in Bagdad in aanraking komt met de Amerikaanse beeldcultuur, de kunst van alles kan.
'Tegenwoordig is het een industrie die bol staat van angst en zelfcensuur. Kijk naar de vier grote films in de race om de Oscars, Amerika's Javoriete exportproduct. The Hours, Chicago, Gangs of New York en Far from Heaven, ze spelen alle vier in het verleden, de klassieke manier om actuele controverse te ontlopen, maar spreken met hun portretten van mislukte, vastgelopen en doodgeslagen Amerikaanse dromers over nu. Het is niet moeilijk om ze te zien als parabels van de emotionele en intellectuele repressie die Amerika in haar greep heeft.
En wat exporteert Irak? Vier miljoen ballingen. Onder hen veel mensen met een hoge opleiding, en dus alleen in Nederland al zeker tachtig beeldend kunstenaars en een groeiend aantal zichtbare schrijvers. De vervormde, vaakgezichtloze menselijke wezens op de schilderijen van Aras Kareem, het spijkerharde, pijnlijk geestige proza van Ibrahim Selman, de trieste, verbrokkelde gedichten van Ali Albazzaz, Balkis Hamid Hassan en Al Galidi - er is weinig heel gebleven in de Irakezen, zelfs als ze de weg naar buiten hebben gevonden. Amerika streeft naar zuiverheid; er hangt een nerveuze, intimiderende sfeer waarin iemand die voor zichzelf denkt al snel een dissident heet. Irak zit al diep in de fase van zelfdestructie. De sjiitische moerasdorpen rond Basra zijn weggevaagd. De restanten uan Babylon, Ur en Ninevé 'zijn beschadigd en leeggeroofd. Saddams dictatuur koerst recht op zelfmoord af, maar ook na zijn val zal het land vanwege de massale medeplichtigheid en het onderlinge wantrouwen nog jaren aan de grond blijven, net zoals dat gebeurt in Oost-Duitsland en Rwanda.
Irak en Amerika houden elkaar in een dodelijke omhelzing. Dagelijks sterven er driehonderd Iraakse kinderen aan honger en ziekten waarvoor de medicijnen het land niet in mogen. De waterzuiveringsinstallaties zijn door Bush senior aan het eind van de Golfoorlog verwoest, wetend dat het cholera, tyfus en hepatitis zou veroorzaken. Het uranium dat na de bombardementen achterbleef zorgt voor massale leukemie. Intussen kost de nieuwe oorlog Bush junior zo veel, dat hij in eigen land nog verder gaat snoeien op gezondheidszorg, onderwijs, milieu en uitkeringen. Een kwart van de Amerikaanse kinderen leeft nu al onder de armoedegrens, veertig miljoen mensen leven er onverzekerd, het zal er niet beter op worden.'
Misschien is bij het verschijnen van deze aflevering van ons weekblad de oorlog al volop aan de gang. Vrede, lijkt in deze wereld een ideaal dat zich almaar verder van ons verwijdert. Maar betekent beschaving ook niet dat gevoelens van wraak en woede door ons op afstand worden gehouden? Soms lijkt een oorlog onvermijdelijk, hoewel er in de geschiedenis weinig oorlogen zijn gevoerd die echt tot een oplossing hebben geleid van de problemen waarom een oorlog werd begonnen. Dat zal dit keer ook weer het geval zijn, ook al zal de val van Saddam Hoessein misschien bereikt worden.
J. MAASLAND
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 maart 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 maart 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's