Globaal bekeken
In de bundel Na de watersnood ('schrijvers en dichters en de ramp van 1953', zie Aankondigingen) troffen we het volgende gedicht van Gerrit Achterberg, getiteld Watersnood:
Beelden van Zadkine stonden moeders daar
babies boven de springvloed uit te beuren.
Zonen zagen hun vaders medesleuren;
wat wordt een ouder in je handen zwaar;
de schuren van de boerderijen scheuren.
Ratten en mensen klommen door elkaar.
Een kind zat om haar dode pop te zeuren
en was het ogenbliklijk zelf nog maar.
Het water steeg tegen het vee omhoog.
De koppen groeiden van geluid en dood.
Het wurgde zich; de balg ondersteboven.
Kippen vlogen als sneeuw de golven over.
Padvinders vonden later, vals en droog,
katten in bomen; een portret, een brood.
In een recent uitgegeven boek over orgaan- en weefseldonatie (Leven door geven, uitgave Meinema, Zoetermeer), geeft de directeur van het Prof. Dr. Lindeboom Instituut, prof. dr. ir. H. Jochemsen, in een interview weer hoe in het orthodox protestantisme tegen orgaandonatie wordt aangekeken:
'Het Lindeboom Instituut representeert de "christelijke ethiek vanuit gereformeerde en reformatorische gezindte", ook wel gezien als de meer behoudende of orthodoxe zijde van het geheel der protestantse kerken. De grote meerderheid van de protestantse ethici en opiniemakers, ook aan behoudende zijde, staat in beginsel positief tegenover orgaandonatie- en transplantatie; zo ook het Lindeboom Instituut, dat zich in 1992 in een bundel over verschillende medisch-ethische thema's reeds in die zin uitsprak over orgaandonatie. In het algemeen is de medisch-ethische leer in behoudende kringen op dit punt niet sterk afwijkend van die in de breedte van het protestantisme, maar de verwoording en de beleving liggen soms wel anders. De leer met betrekking tot orgaandonatie komt op het volgende neer: het lichaam vergaat, maar je kunt er nog iets positiefs mee doen, omdat orgaantransplantatie het leven van de ontvanger kan redden of sterk kan verbeteren. De hersendood is de dood van de persoon en het lichaam van een hersendode is dus het nog levende lichaam van een dode persoon; de dode persoon wordt niet geschaad als één of meer organen uit diens lichaam verwijderd worden. Of het lichaam integraal vergaat, hetzij dat er delen uit worden gehaald ten behoeve van ontvangers van organen, is van geen betekenis voor de Opstanding, net zo min als het feit dat de lichamen van martelaren zijn verminkt: of verbrand zou betekenen dat zij geen deel kunnen hebben aan de Opstanding.'
In het boek De dood en de Bijbel (uitgave NBG i.s.m. Jongbloed, Heerenveen, zie Aankondigingen) komt een passage voor over 'de vervolging van Antiochus', ontleent aan het apocriefe boek 2 Macabeeën (6 : 1-31). Daarin gaat het over de godsdienstvervolging onder Antiochus IV, met bijzondere aandacht voor het martelaarschap van 'de schriftgeleerde Eleazar'. Joden mochten niet meer belijdend jood zijn. Hier volgt een deel van de tekst en de prent van Gustave Doré, die erbij is geplaatst:
'Met geweld werd men gedwongen deel te nemen aan de offermaaltijd, die maandelijks op de geboortedag van de koning werd gehouden; op het feest van Dionysus moest men met klimop omkranst meedoen in de optocht ter ere van Dionysus. Op aanraden van Ptolemeüs werd besloten dat de naburige Griekse steden met betrekking tot de joden dezelfde gedragslijn zouden volgen en dat zij de joden aan de offermaaltijden zouden laten deelnemen; degenen die weigerden de Griekse gewoonten over te nemen, moesten worden gedood. Het was duidelijk dat de joden veel lijden te wachten stond. Zo werden twee vrouwen gevangen genomen die hun kinderen hadden besneden. Met de zuigelingen aan hun borst voerde men hen door de stad, als prooi voor de spot van het volk; zij werden van de stadsmuur naar beneden gegooid. Anderen waren in dicht bij de stad gelegen grotten samengekomen om in het geheim de sjabbat te vieren. Ze werden aan Filippus verraden en deze liet hen levend verbranden; uit eerbied voor de heiligheid van de sjabbat durfden zij zich niet te verdedigen. (…) Eleazar, één van de voornaamste schriftgeleerden, een man op leeftijd en een indrukwekkende verschijning, werd gedwongen om varkensvlees ereel. te eten.'
V.D.G.
[Tekst afbeelding: Castave Doré plaatst de oude schriftgeleerde Eleazar in het midden van het tafereel. Zijn beulen leven zich op hem uit, terwijl omstanders vol aandacht de moordpartij onder hun voeten gadeslaan. Het gericht van eleazar is getekend door zijn lijden.]
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 maart 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 maart 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's