Generale regelingen vastgesteld
Protestantse Kerk biedt ruimte aan verschillende gastleden
Mensen die vanuit een andere kerk willen meeleven met de Protestantse Kerk in Nederland, krijgen daarvoor alle ruimte. Dat blijkt uit de generale regeling voor het gastlidmaatschap. De PKN onderhoudt bijzondere banden met enkele kerken in Nederland. Leden van deze kerken kunnen in de regel door de kerkenraad als gastlid worden ingeschreven. Het betreft de kerken die lid zijn van de Raad van Kerken, de Christelijke Gereformeerde Kerken, de Gereformeerde Gemeenten, de (vrijgemaakt) Gereformeerde Kerken, de Bond van Vrije Evangelische Gemeenten en de Unie van Baptisten-gemeenten. Net als in de huidige Nederlandse Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken en de Evangelisch-Lutherse Kerk voorziet de kerkorde van de (verenigde) Protestantse Kerk in Nederland in de mogelijkheid dat mensen zich als gastlid verbinden aan een plaatselijke gemeente. Inschrijving kan daarbij plaatsvinden indien het betreffende lid woont binnen het grondgebied van de gemeente en het bevoegde orgaan van de andere kerk daartegen geen bezwaar maakt. Onder vergelijkbare voorwaarden kunnen ook leden van buitenlandse kerken als gastlid worden ingeschreven. Gastleden delen in de pastorale en diaconale zorg van de gemeente en in de geestelijke vorming. Ze kunnen lid zijn van een kerkenraadscommissie of orgaan van bijstand. En ze kunnen deelnemen aan het heilig avondmaal onder dezelfde voorwaarden als de eigen leden van de gemeente.
Uitgebreide regeling voor de kerkelijke rechtspraak
De generale regeling door de kerkelijk rechtspraak geeft uitgebreide procedures voor de kerkelijke rechtspraak. In de Protestantse Kerk in Nederland is ervoor gekozen de behandeling van klachten, bezwaren, geschillen, etc. niet op te dragen aan de ambtelijke vergaderingen, maar aan onafhankelijk rechtsprekende colleges; in de generale regeling worden de procedures beschreven. Met de regeling wordt voorzien in een rechtsgang die waarborgen biedt voor een zorgvuldige behandeling van de verschillende soorten 'geschillen'. De werkgroep Kerkorde zegt bij de opstelling onder meer gekeken te hebben naar de seculiere (niet-kerkelijke) wetgeving. De kerkelijke procedures kunnen gaan over tuchtzaken (waaronder die betreffende misbruik van pastorale of gezagsrelaties), bezwaren en geschillen, ambtsontheffing of beheerszaken.
Dienstenorganisatie als kerkelijke instelling
De dienstenorganisatie van de Samen op Weg-kerken krijgt een andere juridische vorm. In de generale regeling voor de dienstenorganisatie wordt deze beschreven als een kerkelijke instelling, d.w.z. een kerkelijke rechtspersoon die - als zelfstandig onderdeel van de kerk - deel uitmaakt van de kerk. Daarmee wordt het beter mogelijk om bijvoorbeeld fondsen te werven buiten de kerk. De gedachte, die in een eerder stadium is opgekomen, om voor het onderdeel Kerkinactie een stichting (die rechtspersoonlijkheid heeft) op te richten, wordt daarmee afgewezen; bij de keuze voor de stichtingsvorm zou de verwevenheid met het overige kerkelijke werk onvoldoende naar voren komen en bestaat het risico dat de dienstenorganisatie op afstand gaat functioneren van de kerk zelf.
Klassenindeling voor predikantstraktementen verdwijnt
Predikanten ontvangen in de (verenigde) Protestantse Kerk in Nederland allen een zelfde basistraktement, aangevuld met mogelijk periodieke verhogingen. Daarmee verdwijnt de betaling op basis van een klassenindeling van de gemeente, zoals nu nog gebruikelijk is in de Nederlandse Hervormde Kerk. Er zal ook geen sprake meer zijn van schalen op basis van de grootte van gemeenten, zoals in de Gereformeerde Kerken in Nederland gebruikelijk is. Met het vaststellen van de regeling komt er een einde aan de verschillen tussen de drie kerken, waar met name gefedereerde gemeenten mee te maken hebben. De generale regeling gaat er verder van uit dat de kerkenraad de verplichting houdt om de predikant een ambtswoning aan te bieden. Aan deze verplichting is gespiegeld gekoppeld de verplichting van de predikant om de ambtswoning te betrekken.
De regeling voor het studieverlof is gehandhaafd.
De predikant heeft een keer per vijfjaar recht op studieverlof en pleegt vooraf overleg met de kerkenraad en het moderamen van de classicale vergadering. Er komt ook een gezamenlijke regeling voor de predikantspensioenen. Het onderdeel van het pre-pensioen moet nog nader worden besproken met het georganiseerd overleg. Naast de voor iedereen geldende regeling bevatten de afspraken flexibele, per persoon verschillend in te vullen, mogelijkheden, zoals een vrijwillige aanvulling op het standaardpensioen.
Verenigende kerkenraden moeten ook naar notaris
Kerkenraden die in de (verenigde) Protestantse Kerk in Nederland op plaatselijk niveau een vereniging willen aangaan, moeten ook een notariële akte laten opstellen. Dat blijkt uit de generale regeling over fusie en splitsing. Bij vereniging en samenvoeging worden de gemeenten niet alleen kerkelijk gezien één gemeente, maar ook in burgerrechtelijk opzicht gaan ze samen één rechtspersoon vormen; de diaconieën van deze gemeenten gaan mee in deze vereniging of samenvoeging en vormen één diaconie. De regeling maakt duidelijk dat gemeenten, die na 1 mei 2004 willen fuseren, een aantal maatregelen moet treffen. Zo zullen de naam en de grenzen van de verenigde gemeente moeten worden vastgesteld. Ook moet de samenstelling van kerkenraad en colleges zijn geregeld. En de kerkenraden schenken bijzondere aandacht aan de positie van predikanten, kerkelijk werkers en medewerkers die op arbeidsovereenkomst zijn aangesteld. De synode stelde eerder al vast, dat hervormde gemeenten, gereformeerde kerken, lutherse gemeenten en gefedereerde gemeenten niet verplicht zijn zich te verenigen.
Incidenteel preekconsenten voor kerkelijk werkers
Kerkelijke werkers die in een bediening zijn gesteld, kunnen uitsluitend in een gemeente die in bijzondere omstandigheden verkeert een preekconsent krijgen. Zo'n preekconsent kan alleen verleend worden als de kerkenraad daarom vraagt, de classicale vergadering zorgdraagt voor begeleiding van de kerkelijk werker en aan de kleine synode gebleken is dat de desbetreffende gemeenten niet op een andere wijze kunnen voorzien in de behoefte aan een voorganger voor kerkdiensten. Vergelijkbare voorwaarden gelden voor de verlening van een preekconsent voor kerkelijk werkers die als geestelijk verzorger in een instelling werkzaam zijn.
Het consent geldt bij een kerkelijk werker in een gemeente voor de betrokken gemeente en eventueel voor andere gemeenten binnen dezelfde classis. Bij een geestelijk verzorger geldt het consent alleen voor de instelling.
De triosynode die vorige week donderdag en vrijdag in Wageningen bijeenkwam, kende slechts één agendapunt: het vaststellen van de generale regelingen. Op ruim 130 A-viertjes is hierin een gedetailleerde uitwerking gegeven van de kerkorde. Naast het principiële deel van de kerkorde en de uitwerking ervan in de ordinanties vormen deze generale regelingen samen met de overgangsbepalingen het complete pakket aan kerkelijke wetgeving voor de toekomstige kerk.
Tijdens de tweedaagse discussie was het meest opmerkelijke dat plaatselijke gereformeerde kerken en hervormde en lutherse gemeenten die alleen het huwelijk tussen man en vrouw erkennen, de kerkelijke zegening van een relatie van homoseksuelen in een andere gemeente niet in hun register over hoeven te nemen. Zo wilde de synode tegemoet komen aan bezwaarden. Ter informatie noemen we hieronder enige opvallende onderwerpen uit de generale regelingen.
RED. DE WAARHEIDSVRIEND
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 april 2003
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 april 2003
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's