De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Minder zuiver of vals?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Minder zuiver of vals?

LICHT OP DE KERK [27]

9 minuten leestijd

Waar is de kerk? In de tijd van de Reformatie was dat een spannende vraag. De Rooms-Katholieke Kerk had daar een zeer uitgesproken antwoord op: 'Waar de paus is, daar is de kerk'. Daarmee bedoelden de roomsen: overal waar men trouw is aan de paus en de roomse leer, daar is de kerk. Men koos voor die stelling om de reformatoren buitenspel te zetten. Zij waren scheurmakers en ketters. Ze braken met de kerk, want ze braken met de paus en met de bisschoppen. Buiten de Rooms-Katholieke Kerk, de enige kerk die zou kunnen bestaan, was geen zaligheid. Daarom werd juist toen voor de kerk vaak het (schitterende) beeld van de ark gebruikt. Maar daar werd de conclusie aan verbonden dat er buiten deze Roomse Kerk alleen de wateren van het oordeel zijn. Het Concilie van Trente oordeelde daarom dat het zonder het katholieke, dat is het roomse, geloof onmogelijk is om God te behagen. Diverse pausen spraken uit dat onderwerping aan de paus noodzakelijk was om in het heil te delen.

Reformatie

Wat was het antwoord van de reformatoren? Zij wilden de kerk niet scheuren en breken. Hun diepste intentie en verlangen was: reformeren van de kerk van binnenuit. Uit heel de theologie van Calvijn spreekt een diepe afkeer van separatisme, van het verlangen om van de kerk te scheiden. Vanwaar die intense onmogelijkheid om de kerk te breken? Dat was omdat men de overtuiging was toegedaan dat er slechts sprake kan zijn van één kerk. Zoals wij ook één God, één Middelaar, één doop, één genadeverbond belijden. Daarom was de stelling van de Reformatie: 'Waar het Woord is, daar is de kerk'. Dat is geen koude, formele stelling. Daar trilden al de noties van de Schrift in mee. Het ging om het gepredikte én om het geloofde Woord. Immers: Gods Woord keert nooit ledig terug. Het ging ook om het Woord zoals het bediend werd in het sacrament. Waar Woord en sacrament zuiver worden bediend, daar is de kerk. Daar klinkt de stem van de Goede Herder. Daar is ook de kudde die de stem van de Herder hoort.

Maar... daar is Rome totaal van vervreemd. Daar klinkt de stem van 'een vreemde'. Deze 'vreemde' is 'een dief', verderft de kudde. De scheiding voltrekt zich tussen de dwaalleer van Rome aan de ene kant en de zuivere verkondiging van het Woord aan de andere kant.

Calvijn spreekt over de zuivere doctrina als over de levende leer van Christus. De Reformatie wilde niets anders dan de ingeslopen dwalingen uitzuiveren en terugkeren naar de oorsprong van de christelijke kerk. Maar... voor de zuivere prediking van wet en evangelie was geen plaats. Rome heeft dit Evangelie verworpen. Binnen de kerk, pilaar en vastheid van de waarheid, zat de leugen op de troon. En voor hen die leefden uit en preekten uit het 'Sola Scriptura, sola gratia, sola fide, solus Christus' was geen plaats meer in de kerk. 'Satan heeft in het Pausdom alles vervalst wat God tot onze zaligheid had gegeven'. Waar is dan de kerk? Niet daar waar de paus is. De Reformatie zocht het kenmerk van de kerk dus in het Woord. De reformatorische grondstelling was en is: 'Waar het Woord is, daar is de kerk'. Enige bron en norm voor het kerk-zijn is het Woord. Zonder het Woord van God is er geen sprake van een kerk. 'Het Woord is de ziel van de kerk.' (Calvijn) En Christus vergadert Zijn kerk door Woord en Geest. 'Wat wij zeggen, dat de zuivere bediening van het Woord en het zuivere gebruik in de bediening van de sacramenten een pand en kenteken is, dat wij die gemeenschap, waarin beide aanwezig zijn, veilig als een ware kerk kunnen aanvaarden, daarvan gaat de betekenis zo ver, dat die kerk nooit verworpen mag worden, zolang ze daarbij blijft, ook al is ze overigens vol van fouten'. (Institutie IV, 1, 12)

Nederlandse Geloofsbelijdenis

Tegenover Philips II en de hele Rooms-Katholieke Kerk moest ook de Nederlandse Geloofsbelijdenis zich rekenschap geven van deze vragen. Daarom brengt de geloofsbelijdenis in artikel 29 'de ware en valse kerk' ter sprake. Guido de Brés legt uit dat deze beide kerken gemakkelijk te onderscheiden zijn. Hij bedoelt: aan de ene kant staat de Roomse Kerk en aan de andere kant de kerk van de Reformatie. Hoewel... er moet wel 'naarstig en met goede voorzichtigheid onderscheiden worden welke de ware Kerk zij'. Want aan de rechterzijde van de Reformatie was de Roomse Kerk. Maar aan de linkerzijde waren 'de sekten', de dopersen, die vonden dat de breuk niet radicaal genoeg was. De strijd had twee fronten. De Roomse Kerk wordt echter niet bij name genoemd. Er wordt zorgvuldig maar ook voorzichtig geformuleerd. De Roomse Kerk krijgt hier een spiegel voorgehouden: de kenmerken van het valse kerk-zijn! Dat is: 'Zij schrijft zich en haar ordinantiën meer macht en autoriteit toe, dan het Woord Gods, en wil zich aan het juk van Christus niet onderwerpen; zij bedient de sacramenten niet, gelijk Christus in Zijn Woord verordend heeft, maar zij doet daar af en toe, gelijk als het haar goed dunkt; zij grondt zich meer op de mensen, dan op Christus; zij vervolgt degenen, die heilig leven naar het Woord van God en die haar bestraffen over haar gebreken, gierigheid en afgoderijen'. Een heldere, scherpe spiegel. De kerken zijn gemakkelijk te kennen en te onderscheiden. In de één klinkt de stem van de Herder. En die stem wordt gehoord, geloofd. Het Woord geeft als een levend Woord vrucht. In de andere klinkt de stem van de vreemde. De één vervolgt. De ander wordt vervolgd.

Westminster Confessie

Werd de Nederlandse Geloofsbelijdenis in de nacht van 1 op 2 november 1561 over de muur van het kasteel te Doonik geworpen, de Westminster ' ^ Confessie dateert van 1647. Dat is - dus 86 jaar later. De situatie is totaal anders. De 'achilleshiel' van de Reformatie is aan het licht gekomen. De onderlinge verdeeldheid kristalliseert zich uit in afzonderlijke kerken, die zelfstandig naast elkaar staan. In het begin van de Reformatie was er sprake van het gemakkelijk onderscheiden van de ware en de valse kerk. Maar... hoe zit het nu?

Aan de ene kant moest nu groter nadruk gelegd worden op de onzichtbaarheid. Dwars door de kerken heen was 'de onzichtbare kerk' aanwezig, zij die de Heere toebehoren. Aan de andere kant was de vraag: 'Hoe zit het met de verhouding tussen de afzonderlijke kerken in de lijn van de Reformatie? ' Daarvoor koos de Westminster Confessie in artikel 25 als insteek dat afzonderlijke kerken 'meer of minder zuiver' zijn. Dat hangt af van de leer, de orden van de kerk en de eredienst. Zelfs de zuiverste kerken kunnen lijden onder bepaalde vormen van dwaling. De onzichtbare kerk openbaart zich in zichtbare kerken die 'meer of minder zuiver' zijn. Impliciet vindt hier een acceptatie plaats van de breuken binnen de Reformatie. Bovendien werd door deze formulering de bedding geschapen voor een eenvoudiger overgang van de ene naar de andere kerk, of zelfs voor het overwegen van kerkscheidingen. Calvijn en de NGB denken meer uit de eenheid van de zichtbare kerk. De Westminster Confessie houdt nadrukkelijk rekening met de verscheidenheid aan kerken, meer of minder zuiver. Men kan een minder zuivere kerk verlaten en overgaan naar een meer zuivere kerk. In zo'n visie op de kerk is breken met de weg van de kerk, hoe uiterst pijnlijk ook, minder ernstig dan in de lijn van Calvijn en de NGB. Volgens de laatste is het 'het ambt aller gelovigen*

volgens het Woord van God, zich af te scheiden van degenen, die niet van de Kerk zijn en zich te voegen tot deze vergadering'. 'Waar het geloof begint, scheidt men zich af van de wereld en daar voegt men zich tot de kerk' (ds. W. L. Tukker) Verder wordt er over 'scheiden' van de kerk niet gesproken. Dat hoeft ook niet, want een valse kerk vervolgt haar kinderen en zet hen buiten de deur.

Ontwikkeling

De kenmerken van een valse kerk (artikel 29 NGB) worden in geen enkel reformatorisch belijdenisgeschrift gebruikt tegen mede-reformatorische kerken. Toch zijn kerkscheidingen in de Nederlandse geschiedenis een feit geworden. De Afscheiding van 1834, de Doleantie van 1886, en de voortgaande kerkscheidingen daarna zijn er voorbeelden van. En dat ondanks het feit dat we allemaal dezelfde NGB met daarin artikel 29 hadden en hebben. Geleidelijk aan is de lijn van de NGB, over de valse kerk, ingeschoven in de lijn van 'meer of minder zuivere kerken'. En de legitimatie voor het breken van de kerk werd gezocht in het feit dat 'een minder zuivere kerk' soms werd benoemd als 'een valse kerk'. In de akte van Afscheiding en Wederkeer werd de Hervormde kerk in 1834 dan ook 'een valse kerk' genoemd. En de eenheid werd (voorgoed? ) verbroken. Eerlijk moeten we zeggen dat de Hervormde Kerk van die dagen er langs heen schuurde. In de begrippen 'ware en valse' kerk zit beweging. Er was op vele plaatsen geen zuivere bediening van het Woord. De sacramenten waren aangetast, de tucht keerde zich tegen mensen die het Evangelie zuiver verkondigden. Maar, de kerk als geheel een valse kerk? Nee. Daarom zijn onze vaderen in de negentiende eeuw ook binnen de kerk gebleven en niet zonder zegen. Zij bleven binnen het kader van artikel 29. De kerk, hoe ernstig ziek en verzwakt, is niet vals. Daarom zijn ze gebleven. Ze liet zich door het schema van 'meer of minder zuiver' niet verleiden om te breken. En de kracht van Gods Woord en de werking van Gods Geest bleek wonderlijk. Christus vergaderde Zijn gemeente door Woord en Geest in die vervallen situatie. Hij bleek de vervallen en gedeformeerde kerk niet te hebben verlaten. En Gods heilig Woord deed haar kracht dwars tegen bittere en harde vrijzinnigheid in. Slechts in diepe verwondering mogen we dat achteraf belijden.

G. D. KAMPHUIS, AMSTELVEEN

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 mei 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Minder zuiver of vals?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 mei 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's