De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

4 minuten leestijd

H et blad Vrij-Zicht (Evangelie en cultuur) geeft aandacht aan het feit dat honderdenvijftig jaar geleden Vincent van Gogh in de pastorie van Zundert werd geboren. Een paar fragmenten:

• 'Net als zijn vader wilde Vincent de liefde van God uitdragen. "Er is in onze familie zover men kan zien, uan geslacht tot geslacht, altjjd iemand geweest die Evangeliedienaar was. Waarom zou die stem ook niet in dit en volgend geslacht u/orden gehoord? " Na zijn schooltijd werkt hij als onderu/jjzer in het Engelse Ramsgate, maar het geloof trok aan hem als een magneet aan ijzer. "Daar mijn doel is een betrekking in verband met de Kerk moet ik nog verder zoeken", schreef hij in een sollicitatiebrief aan de methodistische predikantjones. Kort daarna werd hij aangesteld als hulppredikant in een Londense arbeiderswijk. Tijdens zijn eerste preek wees hij op Psalm 119 vers 19: "ik ben een vreemdeling op deze aarde. Het is een oud geloof, en het is een goed geloof, dat ons leven een pelgrimage is, dat wij vreemdelingen op aarde zijn. Maar al is dit zo, dat we niet alleen zijn, ivant onze Vader is met ons. Wij zijn pelgrims, ons leven is een lange wandeling of reis van de aarde naar de hemel... Het eind van onze pelgrimage is het binnengaan in ons Vaders huis, waar vele woningen zijn, waar Hij ons is voorgegaan om een plaats te bereiden..." "Wij zijn pelgrims op aarde en vreemdelingen - wij komen van ver en we gaan ver. De reis van ons leven gaat van de liefhebbende borst van onze moeder op aarde naar de armen van onze Vader in de hemel. Alles op aarde verandert - wij hebben geen blijvende stad hier - het is de ervaring van iedereen.'" (...)

• 'Na vergeefse omzwervingen om zijn roeping van predikant te volgen, vestigde hij zich als hulppredikant in de Belgische mijnstreek de Borinage. Met het gevoel "niet waardig te zijn een kind van God" woonde hij in een barak waar hij op stro sliep en droog brood at. Want zo schreef hij: "De mens'kan niet leven bij brood alleen maar bij alle brood dat door de mond God uitgaat". Ondanks zjjn grote inzet en zelfverloochening ontsloeg het evangelisatiecomite hem "wegens het ontbreken van bepaalde eigenschappen, zoals de gave van het woord". De werkelijke reden was waarschijnlijk dat men de vergaande identificatie met de armen om hem heen niet gepast vond. Geheel onafhankelijk zette hij nu zijn zendingswerk voort. Hij voelde zich steeds meer e'e'n met de armen. Hij las Dickens, Shakespeare en tekende vele stillevens. Omdat zijn broer Theo hem aanraadde zich alleen nog maar op het tekenen te richten verbrak hij het contact met hem. Schilderen of prediken, Vincent wist niet welke keuze hij moest maken. Na enkele nachten onder de blote hemel te hebben geslapen, stond het voor hem vast: wanneer hij via het prediken het Koninkrijk Gods niet kon verkondigen, dan werd hij schilder. De taak van een evangelist was daarmee weggevallen.' (...)

• 'Toch sprak hij ook in latere tijden nog wel over de grote betekenis van Christus. Ruim een halfjaar na de dood van zijn vader schilderde hij een Bijbel met daarnaast een gedoofde kaars. De tekst is die van Jesaja 53 : 3-4: "Hij was veracht, en de onwaardigste onder de menschen, een man van smarten. Waarlijk hij heeft onze krankheden op zich genomen, en onze smarten heeft Hij gedragen".'

I n het zelfde Vrij-Zicht constateert de van huis uit christelijke gereformeerde maar nu zeer vrijzinnige prof. dr. Anne van der Meiden met onverholen vreugde dat de reformatorische jeugd 'eigen wegen' kiest en wegloopt naar voor de kerkenraad 'oncontroleerbare samenkomsten'. Het was er overigens altijd al, meent hij:

Toch was er in de recht se vleugel van de reformotorische kerken altijd al spanning tussen de dogmatische gelijkhebbers en regeluitleggers aan de ene kant en de meer subjectieve, "beuindelijke" groeperingen in de kerk, aan de andere kant. Naast de kerk bloeide er al in de 17e en 18e eeuw het was broeierige conventikelwezen. Men zocht emotionele toespijs op de verkilde en rationele prediking. Denk eens aan de grote "opwekkingsbewegingen" in de 18e eeuw in Engeland maar ook in Nederland. In de 20e eeuw zijn er golven uan waarheidsgebonden opwekkingsbewegingen over de wereld heen gekomen. Moeder zong liederen vanjohan de Heer, las preken uan Billy Graham en was met haar Christelijk Gereformeerde uriendinnen dolenthousiast ouer de urolijke verkondiging van Belgische evangelisten die met grote tenten door Nederland trokken, voor de Eerste Wereldoorlog. Maar.ook hier, in al die bewegingen, kwam de "leer" nauwelijks ter sprake.'

V.D.G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 mei 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 mei 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's