De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De gemeente leiding geven

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De gemeente leiding geven

LICHT OP DE KERK [34]

5 minuten leestijd

Wat de regering van de kerk betreft wil ik in deze bijdrage de volgende kanten daarvan belichten, te weten:

A. de plaats van de ambten, de kerkenraden, bij de besluiten over de weg van de gemeenten; B. de positie van de predikant daarbij; C. de relatie tussen kerkenraad, classis en synode.

Vooraf zeg ik dat ik me wil houden binnen het kader van dit onderwerp. Dat betekent dat ik aan bepaalde zaken, rakende de besluitvorming van het Samen op Weg-proces voorbij ga, aannemende dat die in andere artikelen aan de orde gekomen zijn. Mijn bijdrage is geschreven vanuit de huidige optiek, nu al de besprekingen rondom de beoogde eenwording duidelijk in een slotfase gekomen zijn. Ik weet dat er nog enkele besprekingen gevoerd zullen worden, ook met hen die hun fundamentele bezwaren gehandhaafd hebben en dreigen zich van de kerk los te maken. Van harte hoop ik dat die zullen leiden tot zulk een resultaat dat ook zij voor de kerk behouden blijven.

A. De plaats van de ambten, de kerkenraden, bij de besluiten over de weg van de gemeenten

De weg van de gemeenten

Toen er eenmaal vaart begon te komen in het SoW-proces, globaal genomen sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw, begon het tot in de kleinste gemeenten door te dringen, daaraan niet langer voorbij te kunnen gaan. Mocht men aanvankelijk op grond van de aanvankelijke geruststelling van 'niemand wordt gedwongen', anders gehoopt hebben, voortgang van het proces vroeg noodzakelijk om een plaats op de agenda van elke kerkenraad. Evenwel, om genoemde en andere redenen zal bezinning binnen menige kerkenraad pas laat op gang gekomen zijn. Toch wel spijtig!

Ondertussen is het dan zover dat er afgestevend wordt op afronding van een proces van vele jaren. Met als uitkomst de vorming van de Protestantse Kerk in Nederland. Niet direct een wereldschokkend gebeuren. Maar toch wel één met grote gevolgen voor de leden, besturen en medewerkers van de drie samengaande kerken. Mensen uit verschillende protestantse tradities, menigmaal zich van elkander onderscheidend naar geloofsbeleving en kerkgevoel en zo meer, worden op één erf samengebracht. Ongetwijfeld zullen er velen zijn die reikhalzend uitzien naar de dag dat het SoW-proces beklonken wordt. Voor anderen, vooral uit hervormd-gereformeerde kring, zal dat een dag van bittere teleurstelling zijn. Allerlei inspanningen mochten niet baten. Velen van hen zullen zich onterfd voelen.

Leiding aan een mondige gemeente

Als er ooit leiding aan een gemeente moet gegeven worden, dan wel tijdens een proces van vereniging van kerken. En, niet te vergeten, daarna! Artikel V van de hervormde kerkorde is daar overduidelijk over: de regering van de gemeente berust niet bij een predikant, noch bij enkele ouderlingen of diakenen, maar bij de vergadering waarin de ambten bijeen zijn, de kerkenraad.

Hierbij dient bedacht te worden dat terzake van de regering (leiding) van de christelijke gemeente, de kerkenraad gericht dient te zijn op een handelen in de geest van Christus. Men diene zich verre te houden van een eigenmachtig of eigenzinnig optreden. Het gaat toch niet aan om de christelij-ke gemeente te behandelen als een schare die de wet niet kent. Het kan . toch ook niet zo zijn dat voor een hervormde gemeente, zeker vanouds deel uitmakend van wat een volkskerk heet, heel niet opgaat het gestelde in 1 Johannes 2 : 27: 'En de zalving, die gijlieden van Hem ontvangen hebt, blijft in u en gij hebt niet van node dat iemand u lere'. Wanneer we zo niet mogen omgaan met de Heilige Schrift, noch mogen afdingen op het werk van de Heilige Geest, dan is daarmee de opdracht gegeven aan de kerkenraad om de leden van de gemeente nauwkeurig op de hoogte te houden van het Samen op Weg-proces. Ook om haar zorgvuldig te laten delen in de afwegingen cq. besluitvormingen waartoe het proces gedurig aanleiding heeft gegeven. Temeer daar het hier voor de gemeente een moeilijke maar ook belangrijke materie betreft.

Ambtsdragers van wie hierin goede leiding en voorlichting wordt gevraagd, mogen er zich terdege van bewust zijn dat zij ook in dezen verantwoording schuldig zijn aan de Heere van de gemeente. En dat verder trouw en eerlijkheid van hen gevraagd wordt. Trouw aan de Schriften. Doch ook die eerlijkheid dat lang niet alles in de ontwerpen als onbijbels afgedaan kan worden. Noch ook de oude documenten van de kerk als bijna sacrosanct

verklaard kunnen worden. Niet van het minste gewicht is eveneens hoe er tegen de gemeente gesproken wordt over de kerk als geheel en over degenen die in commissies of raden zitten. Wordt daarin voortdurend een vijandbeeld opgeroepen, dan wel hoogachting en een elkaar vasthouden voorgestaan. Hoe moeilijk dat soms zijn kan.

Meegenomen worden

Als eenmaal alle voorbereidingen zijn afgerond en vervolgens in een officiële akte het samengaan van de drie kerken is vastgelegd, mogelijk eind 2003, worden ook alle hervormde gemeenten geacht deel uit te maken van de PKN. Men zie hiervoor art. II: 2, nieuwe kerkorde. Als de tekenen ons niet bedriegen, zullen inderdaad alle gemeenten 'gewoon' worden meegenomen. Daargelaten tegemoet komende bepalingen, in overgangsregelingen vastgelegd of zelfs blijvend verankerd.

Hoewel het zo ver nog niet is, worden er nu al uitspraken gedaan als 'wij gaan niet mee'. Naar kerkrecht is het helemaal geen kwestie van wel of niet meegaan. Doch veeleer van meegenomen worden in de PKN met alle rechten en plichten daaraan verbonden. Vooral ook daar een hervormde gemeente niet ios te zien valt van de landelijke kerk cq. de synode.

Men hoede zich dan ook voor boude uitspraken als 'wij gaan niet mee'.

Vooral als ambtsdragers zich daartoe laten verleiden, in het openbaar en met kracht van woorden, worden gemakkelijk emoties opgeroepen en krachten losgemaakt. Te vrezen valt dat er dan veel ongeestelijks in de openbaarheid zal treden. Verdeeldheid en vijandigheid zullen zich voordoen, waar dat eerder niet het geval was.

P. M. BREUGEM, BARNEVELD

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 juni 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De gemeente leiding geven

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 juni 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's