Getemperde vreugde, blijvende zorg
IMPRESSIE VAN DE TRIOSYNODE
Alles is gezegd, alles is uilgesproken, de standpunten inzake het verenigingsproces uan heruormden, gereformeerden en lutheranen zijn bekend. Spanning, scheuring en slijtage tuaren opnieuw sleutelwoorden in de toespraken tijdens de triosynode die in Daljsen uergaderde, samen met getemperde ureugde ouer de dikke punt die achter jarenlang ouerleg ouer de kerkorde gezet kon tuorden. 'De PKN u> il kerkzijn in de reformatorische traditie, gehoorzaam aan het Woord', zei de een. 'Ik kan niet dankbaar zijn dat dit proces ook voor scheuring en breuken zorgt', zei de ander. En samen werd opnieuw de zorg gedeeld, over eenheid in de gemeente.
Het feit echter dat binnen de Gereformeerde Kerken het laatste woord over de zelfstandigheid van de plaatselijke kerken en daarmee de mogelijkheid van uittreding nog niet gesproken is en kerken, zo bleek vorige week, contact zoeken met de Nederlands Gereformeerde Kerken, houdt Samen op Weg ook beleidsmatig nog erg spannend. Hervormde synodeleden boden royaal aan gereformeerde kerken onbeperkt het recht op uittreding te doen behouden, evenals de lutheranen hun eigen synode mogen behouden. 'Wisselgeld? ', zo vroeg men tijdens de koffiepauze onderling, om ook aan hervormde zijde een nieuwe tegemoetkoming te verkrijgen. Maar zo was deze suggestie in de toespraak van ds. G. de Fijter niet bedoeld. 'Alles beter dan een scheuring', vond oud. M. Burggraaf, een sympathiek standpunt dat tegelijk het eigen ecclesiologische geweten kan overvragen.
Historisch besluit
Vrijdagmorgen 13 juni, het besluit tot vereniging van drie kerken is geagendeerd, nu het kerkordelijk huis staat. We staan voor een historisch besluit, zei SoW-scriba dr. B. Plaisier, maar het wonderlijke is dat dit niet zo voelt. Hij erkende dat een discussie van 43 jaar de spiritualiteit voor SoW soms steen voor steen heeft afgebrokkeld, waarbij de vreugde van het begin tot een proces van vormen werd, waarbij men elkaar wilde overtuigen met kerkordeteksten en regelingen. Tegelijk wilde ds. Plaisier eraan blijven vasthouden dat het de Geest was die ons dichter bij elkaar bracht. Dit alles maakt dat in het voorliggende verenigingsbesluit (op de pagina hiernaast in kader afgedrukt) verschillende emoties verwoord zijn: gevoelens van voor- en tegenstanders, juridische en geestelijke aspecten, God niet voor ons karretje willen spannen maar ook dankbaarheid dat bijeenkomt wat elkaar zo lang bestreed: gereformeerd en luthers. Ds. G. de Fijter (heru., classis Kampen) diende een amendement in waarin hij wilde uitspreken te verlangen 'naar eenheid met alle kerken die voortkomen uit de Reformatie, en ons daar actief voor in te zetten'. Het leverde hem later een aantal reacties op: ds. A. A. S. ten Kate (heru., classis Breda) vond het jammer dat hij de brede oecumene vergat en ds. G. J. van Pijkeren (geref., classis Doorn) noemde het een beperking, omdat christen onze naam en protestants onze bijnaam is.
Diaken A. Guyt (heru., classis Doorn) diende een motie in waarin hij opriep de structuur van de kerk zodanig aan te passen dat de bezwaren tot een minimum beperkt kunnen worden. Ds. W. Westerveld (geref., classis Woerden) waarschuwde voor het gebruik van grote woorden in het verenigingsbesluit en wilde elke schijn vermijden God een mening over SoW in de mond te leggen.
Ds. J. L. Schreuders (heru., classis Bommel) sprak van 'een hooggestemde verklaring, waar ik niet bij kan'. Hij zei niet dankbaar te kunnen zijn voor een proces dat ook deling en scheuring betekent en riep op de bezwaarden de scheidbrief niet te geven.
Synodaal elftal
Ds. H. de Jong (heru., classis Zwolle) ging namens de elf synodeleden die in januari aangaven voor de vereniging te stemmen als de synode bezwaarden werkelijk tegemoet zou treden, in op hun huidige positie. Hij benadrukte dat deze elf blij zijn met de notitie 'Verbonden met het gereformeerd belijden', vorige maand aan de kerkenraden verzonden. 'Wij beseffen dat in deze notitie zaken zijn verwoord die we zelfs in de hervormde kerkorde niet zo geformuleerd zagen. Ik denk aan de formulering over de binding aan de belijdenis.' Omdat de commissie-Stelwagen haar werk nog niet heeft afgerond en er hoop blijft dat de kerk niet zal scheuren, verklaarde ds. De Jong 'vooralsnog' tegen te zullen stemmen. Tegelijk vroeg hij de bezwaarden niet het onmogelijke te eisen.
De gereformeerde synodepreses ds. J. G. Heetderks vroeg ds. De Jong of er toch sprake was van wisselgeld. 'Hier wordt een grote claim gelegd voor de komende maanden', waarop ds. W. Meijer (heru., classis Nijkerk) ds. Heetderks liet weten dat hervormd-gereformeerden uit zorg voor het geheel van de kerk constructief over de kerkorde hebben meegedacht, en die kerkorde tegelijk blijven afwijzen. Ds. Meijer gaf aan tegen te stemmen, omdat werkelijke geestelijke eenheid ontbreekt, vanwege de zegening van alternatieve relaties en het loslaten van de lijn doop-belijdenis-avondmaal (die hem zwaarder woog dan het lutherse belijden) en vanwege het samengaan van deze vereniging met scheuren. Evenals ds. Heetderks had ook visitator-generaal ds. J. Stelwagen moeite met de positie van ds. H. de Jong en zijn medesynodeleden. De notitie van het moderamen over de verbondenheid met het gereformeerd belijden is de uiterste grens van wat met het oog op kerk-zijn nog kan. 'In de woorden van ds. De Jong hoor ik dat men uiteindelijk wel zal voorstemmen, maar nu zijn kruit droog zal houden.' Hij noemde het een soort chantagemiddel.
Oud. J. Kapteyn (geref., classis Leiden) vroeg niet alleen aandacht te besteden aan hen die niet mee willen, 'want scheuren kun je herstellen, maar slijtage is moeilijker te repareren'. Ds. W. van den Brink (heru., classis Nijmegen) wilde er schuld over belijden dat hijzelf zo weinig heeft meegedaan met het geestelijk gesprek in de kerk. Ds. L. P. Blom (heru., classis Gorinchem) zei dat de verklaring van het moderamen indruk op hem gemaakt had, omdat uitgesproken wordt dat de kerk niet pluraal is, maar reformatorisch wil zijn. 'Is dit kerk-zijn in gehoorzaamheid aan de Schrift de maatgevende interpretatie? '
Ds. A. van der Lingen (heru., classis Slochteren) noemde het met geen pen te beschrijven wat er na 12 december gebeurt, als de kerken niet verenigen.
Ds. J. C. Schuurman (heru., classis Dordrecht) was dankbaar voor de notitie over de verbondenheid met het gereformeerd belijden. Hij merkte op dat in veel gemeenten verwarring is over de betekenis van het erkennen en respecteren van de belijdenisgeschriften uit de lutherse traditie en constateerde dat er in de verklaring van het moderamen anders over gesproken wordt dan in een brief van het moderamen naar een wijkgemeente in Zeist, opgenomen in de Informatienota.
Ds. M. J. Wattel (geref, classis Hoofddorp) zei zich ook verbonden te weten met de rooms-katholieke traditie en bepleitte contacten met de migrantenkerken.
Vertrouwen
Ds. B. Plaisier vroeg aan diaken Guyt wat de kerk nog meer moet doen voor de bezwaarden, antwoordde ds. De Fijter dat de eenheid met kerken van de Reformatie gezocht zal worden en zei tegen ds. Schreuders dat het gaat om het vertrouwen dat de PKN een Christus-belijdende volkskerk is: 'Ik trek het me persoonlijk aan als gezegd wordt dat de synode scheuren veroorzaakt. Met een geschiedenis van scheuren achter ons komen we nu samen, omdat we elkaar vonden in de religie van de bèlijdenis.'
Dr. P. van den Heuvel antwoordde ds. Schuurman namens de werkgroep kerkorde dat de verklaring en de brief aan Zeist bij elkaar horen. 'De bijzondere verbondenheid met de gereformeerde belijdenis kan een kerkenraad door de ondertekening van de verklaring (die bij het beleidsplan gevoegd moet worden, red.) maximaliseren, waarbij je erkent dat anderen met hun traditie verbonden zijn. Tegelijk heeft de kerk ervoor gekozen samen in de reformatorische traditie te staan'.
De bijgaand afgedrukte verklaring alsmede het verzoek aan de hervormde, gereformeerde en lutherse synode om tot vereniging te besluiten werd door de triosynode aanvaard met 121 stemmen voor en 34 stemmen tegen. Voor
de hervormde synode was de verhouding 47-25. Meer dan een derde van de hervormde synodeleden stemde tegen de vereniging, opnieuw een bewijs van de beperkte steun voor dit proces op het grondvlak. Het toont aan dat Samen op Weg tot de eindstemming een spannende zaak wordt - en dat is veelzeggend voor de wijze waarop dit proces zich op nauwelijks nog te beheersen wijze voortsleept. Opnieuw ook een teken dat het voorstel om niet verder te gaan dan een unie - vorig jaar door Confessionele Vereniging en.Gereformeerde Bond de kerk voorgesteld- de kerk uiteindelijk zal dienen. Een serieuze bespreking hiervan zou ook voorkomen dat er momenteel allerlei besprekingen aan gereformeerde zijde plaatshebben waar de synode zelf weinig greep op heeft. De theologische bevlogenheid die aanwezig was bij de aanvang van wat later Samen op Weg ging heten, is weg, helemaal weg, zo bleek uit de woorden van dr. Plaisier. Diep zijn we ervan overtuigd dat een nadere bezinning aan de hand van het unievoorstel het beste is waartoe de kerk op dit moment kan besluiten.
Het woord is nu aan de hervormde synode, die op 27 juni al bijeenkomt. Daarna mogen gemeenten en classes zich uitspreken. In zijn afsluitend woord na de stemming zei preses ds. A. W. van der Plas dat we de roeping hebben elkaar vast te houden, echt van harte naar elkaar te luisteren en de geestelijke eenheid te zoeken waarover Christus in Zijn Woord spreekt. Daarvoor blijft het gebed om de Geest van Pinksteren nodig: werkelijke eenheid in het buigen voor Hem, in het leven met Hem, in het verwachten van Hem. Begeren we dat, voor onszelf, voor heel de kerk?
P. J. VERGUNST
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 juni 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 juni 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's