De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Op de toekomst gericht

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Op de toekomst gericht

LICHT OP DE KERK [SLOT]

8 minuten leestijd

Wanneer wij de bijbelse gegevens ten aanzien van de verhouding kerk en toekomst nagaan, ontdekken wij dat die relatie onafscheidelijk en onopgeefbaar is. Zij is in Christus, in Zijn trouwbelofte gefundeerd en gegarandeerd en daarom gelegitimeerd. De toekomst van de kerk is dan ook welverzekerd.

Niet voor niets belijdt Paulus het Hoofd van de gemeente als de Hoop der heerlijkheid. (Kol. i: 27) Wie vanuit Christus en Zijn toekomst leeft, kan de kerk met een gerust hart aan Hem toevertrouwen, (zie ook H. Cat. zondag 21).

Het spant intussen de adventsverwachting van de kerk des te meer. Wee haar als zij de verwachting van Zijn toekomst mist of laat verflauwen. Dan verwereldlijkt de Kerk en valt zij in slaap met alle gevolgen van dien. De Kerk dient zich constant bewust te zijn dat zij leeft in het licht van het Rijk, in 'de morgenglans van de eeuwigheid'. Vandaar dat in haar verkondiging en activiteiten de toekomst aan de orde van de zondag en de werkdag is. Hoe kan het anders, want de Geest leert de bruid van Christus intens naar haar Bruidegom verlangen. Hij zorgt ervoor dat zij mee gaat roepen: Maranatha!

Bedroevend

Wie echter let op de geschiedenis van de Kerk, de eeuwen door, wie de kerkelijke situatie in eigen land en processen in eigen gezindte nu onderkent, schaamt zich voor veel dat schril afsteekt bij het getuigenis van de Schrift aangaande de kerk en de toekomst. De kerk heeft in de loop der tijden de toekomst ver voor zich uitgeschoven en is thuis geraakt in deze oude wereld. Het is allerminst een teken van geloof, hoop en liefde. Zelfs is de toekomst des Heeren in haar midden ontkend en naar het rijk van de fabeltjes verwezen. Daarnaast waren en zijn er allerlei stromingen en sekten in en buiten de kerk die op de toekomst vooruitgegrepen hebben en dat nog doen.

Zij meenden het Rijk der hemelen zelf op aarde te kunnen stichten, al dan niet met wonder en geweld. Of zij wilden een zuivere kerk, een groep van louter wedergeborenen of partijgangers formeren en verwierpen en verachtten een gedeformeerde kerk. Die 'doperse geestesstroming' is nog altijd niet van het kerkelijke toneel verdwenen. Helaas!

Anderen wens(t)en de kerk met de beste bedoelingen te vernieuwen, te behouden en voort te zetten; bij haar belijdenis(geschriften) te bewaren. Maar zijn wij daartoe echt in staat (gebleken)? Wij kunnen beter weten. God heeft onze assistentie niet nodig. Hij heeft ons geen engelentaak opgedragen! Het uitrukken van het onkruid te midden van de tarwe is niet aan ons uitbesteed. Het zal pas op de grote oogstdag geschieden. Zijn oogst rijpt intussen wel en wordt binnengehaald. Ons is de dienst van de verzoening toevertrouwd. Laten wij die bewogen behartigen!

Vanwege alle onenigheid en verstarring die de gemeente van Christus teister(d)en, mede veroorzaakt door wat zich in het Samen op Weg-proces afspeelt, is aan velen het zicht op Zijn toekomst ontnomen. In meer dan één opzicht geeft de kerk naar binnen en naar buiten geen visitekaartje van haar Bruidegom af. De vraag klemt evenwel aan ons adres: Wat komt er van het verbreiden van de Waarheid terecht? Zijn wij daarin samen wel op weg? Met hoop van zegen? !

Heeft de kerk, verdeeld en verscheurd als zij is, nog wel toekomst?

Bedreigend

Op weg naar de toekomst en juist vanwege de toekomst van God wordt de kerk bedreigd. Van binnenuit door allerhande dwaalgeesten en beweringen die het gezag van het Woord van God aantasten en het voortbestaan van Zijn kerk ondermijnen. Door lauwheid en wereldgelijkvormigheid en afval. Vanwege lege testamenten met alle gevolgen voor jongeren en ouderen. Het vreemdelingschap van de kerk is of allang opgegeven of is, ook onder ons, vergeestelijkt. Wat wordt de Geest dusdoende bedroefd en uitgeblust! Naast de vele gevaren die in de gemeente zelf gesignaleerd worden door Christus en Zijn apostelen, dreigt er dodelijk gevaar van buitenaf. De duivel en zijn medestanders zijn er op uit de kerk te verwoesten en haar toekomst . onmogelijk te maken. In de wereld, in de eigen samenleving wordt het van Christus zijn, het voor Hem uit - en opkomen hoe langer hoe minder geaccepteerd. Lijden, veel verdrukkingen, vervolgingen, haat worden de kerk op weg naar het einde niet bespaard.

In de laatste fase van de geschiedenis wanneer de antichrist de kerk terroriseert, lijkt de toekomst van de kerk verder weg dan ooit. Opnieuw komt onontwijkbaar de vraag tot ons, of wij ons terdege voorbereiden op deze noodsituaties? Zijn wij op onze qui vive? Of verspillen wij veel te veel tijd en aandacht aan bijkomstigheden, aan binnenkerkelijke twisten, aan eigen gelijk? Willen wij andere zekerheden en veiligheden dan Hij ons biedt? Op je (wacht)post blijven, juist in de nood van de kerk, kan wel eens meer toekomstgericht zijn en de boze minder in de kaart spelen dan wij tevoren overwogen hebben. Daar kun je in ieder geval de Waarheid verdedigen! En zal het missionair gesproken niet meer winst dan verlies opleveren? !

Troostend

In de Bijbel is het zicht op de toekomst bepaald door de verwachting van de definitieve doorbraak van het Koninkrijk in glorie en victorie aan het einde der tijden. De heilsgeschiedenis loopt uit op het nieuwe Jeruzalem. Daarin zullen Gods heilsplannen ten volle worden onthuld en vervuld. Al Zijn beloften worden ingelost.

Op doorreis is de kerk geroepen zich op de veelbelovende toekomst van Christus te richten en alles onderweg daaraan dienstbaar te maken.

Heeft de kerk, hebben met name de beleidmakers in het Samen op Wegproces dit gegeven van Jezus' toekomst in gedachten gehouden? Of is het een vergeten hoofdstuk? Gelet op hun taal, hun gedragingen en hun organisatie/structuren valt te vrezen dat zij het tenminste verwaarlozen! En wijzelf dan? Waaruit blijkt in onze samenkomsten, uit onze gesprekken en geschriften dat wij wel toekomstgericht leven en handelen ten dienste van de kerk en ten overstaan van de wereld?

De kerk is 'voorportaal' van het Koninkrijk genoemd. Juist in haar mogen de krachten van de toekomst merkbaar zijn. Zij is geroepen om Christus en Zijn werk door de Geest te verheerlijken. Want de relatie met Christus is beslissend zowel voor dit als voor het toekomende leven. Zonder bekering en geloof is er immers geen toegang tot en ingang in het Koninkrijk. Evenmin zonder gedegen voorbereiding en geheiligde toewijding. Op weg naar de toekomst is de Geest tot Leidsman en Trooster aan de kerk gegeven. Hij effectueert het heil. Trouwens, Hij is als eersteling gave waarborg voor haar toekomst, voor de uitkering van de volledige erfenis die God Zijn kerk heeft vermaakt.

In die toekomst is alle twist en wrok verdwenen; zijn leed en schande en dood voorgoed verleden tijd. Eeuwige blijdschap zal er zijn. En wat wacht, is het volledig kennen van God, het genieten van Hem en Zijn welbehagen. Hij zal voorgoed bij Zijn kerk zijn en in Zijn gemeenschap zal zij volkomen en volledig haar hart ophalen. Hij zal haar inwijden en inleiden in al Zijn harts- en heilgeheimen. Feestelijk! Daarbij is het Koninkrijk meer, breder dan de kerk. Heel de schepping die nu zucht en reikhalzend uitziet naar Christus' verschijning, zal eveneens delen in de heerlijkheid van God en van Zijn volk. God zal zijn alles en in allen. Naast deze heilrijke toekomst is er de keerzijde van het laatste gericht met alle consequenties van dien. Duivel; verdervende machten, alle vijanden van God en Zijn kerk zullen gestraft worden en voorgoed van het wereldtoneel verdwijnen. 1

Herenigen in Geest en waarheid

Nu komt het er op aan dat wij als kerk

in Nederland, ieder voor zich persoonlijk, met de genoemde noties bezig zijn. Dat is vruchtbaarder dan wat er nu gaande is. Bij onze bezinning op onze positie(s) inzake de kerk en de toekomst mag meegenomen worden dat kerkelijke structuren en vormen, dienend als instrumentarium onderweg, in het komende Rijk overbodig blijken te zijn. Johannes zag in het nieuwe Jeruzalem geen tempel, want de Heere, de almachtige God, is haar tempel en het Lam! (Openb. 21) Zou dit gegeven ons niet meer bescheiden • moeten maken in onze stellingnamen? Zou wat de Schrift zegt over de toekomst ons als gereformeerde beweging in onze overwegingen ten aanzien van onze plaats en roeping in de kerk niet kunnen herenigen in Geest en waarheid?

Omdat God, het Lam en de Geest kerk en kosmos zullen vervullen en verrukken, zal de toekomst van de kerk vol aanbidding en lofprijzing zijn. Grandioos!

Nu bidt de kerk: Uw Koninkrijk kome. In de stellige verwachting: Want van U is het Koninkrijk en de kracht en de heerlijkheid, in eeuwigheid. Amen.

P. KOEMAN, BARNEVELD

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 juli 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Op de toekomst gericht

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 juli 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's