De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De belijdenis en de gemeente

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De belijdenis en de gemeente

GEREF. BOND START REEKS GEREFORMEERD BELIJDEN

7 minuten leestijd

Het hoofdbestuur uan de Gereformeerde Bond heeft het initiatief genomen een aantal boekjes te laten verschijnen, die tot doel hebben om gemeenteleden de waarde uan het gereformeerde belijden voor onze tijd te laten zien. Dat is in een tijd waarin de betekenis van dat belijden steeds minder beseft wordt, een uitermate prijzenswaardig initiatief Het is de bedoeling dat er twaalf delen verschijnen in een reeks die eenuoudig gepubliceerd wordt onder de titel: 'Gereformeerd Belijden'.

Omdat we ervan uitgaan dat het gereformeerde belijden de kern van de bijbelse boodschap zelf uitermate kernachtig weergeeft en samenvat, hopen we dat deze reeks haar weg zal vinden in de gemeenten die van gereformeerde-bondssignatuur zijn, maar ook daarbuiten. Vooral de jongeren in de gemeenten wensen we toe dat zij de deeltjes die in deze reeks verschijnen, zullen lezen en overdenken. Hier worden namelijk de grenzen aangegeven van.de bijbelse boodschap enerzijds naar de kant van de vrije groepen, anderzijds naar de boodschap van de moderne theologie.

In de deeltjes die ik onder ogen had, zijn aan elk hoofdstuk gespreksvragen toegevoegd. Ze lenen zich daarom uitstekend voor het gebruik in bijbelkringen en gesprekskringen. Ook kerkenraden kunnen hiervan gebruik maken in hun vergaderingen voor de bezinning, die daarin steeds terugkeert. In dit artikel wil ik kort ingaan op de twee eerste deeltjes die in deze serie zojuist verschenen zijn. Het eerste boekje heeft als titel Van horen naar zeggen. Het is geschreven door drs. J. Westland uit Bergambacht. Het tweede heeft als titel Gemeentegetrouu; . Het is van de hand van ds. H. van Ginkel uit Goes.

Belijdenis en Bijbel

In het eerste deel in de reeks gaat ds. Westland onder andere in op de betekenis van het belijden volgens de Heilige

Schrift. Hij tekent enkele momenten uit de geschiedenis van het belijden. Vervolgens zet hij uiteen waarin de spanning ligt tussen de eenheid en de voortgang van het belijden. Moet bijvoorbeeld een bijbelse visie op Israël en de gedachte van het Koninkrijk Gods een plaats krijgen in een eventueel nieuw belijden van de kerk? Het is een boeiend boekje waarin de schrijver met kennis van zaken op de materie ingaat. Hij herinnert aan wat in een nota uit 1974 van de Gereformeerde Bond over zijn positie en beleid in de Nederlandse Hervormde Kerk is gezegd : 'In de reformatorische belijdenissen is in principe alles gezegd', (pagina 55).

In verband daarmee moest ik bij het lezen van deze woorden denken aan de bekende gedachtewisseling over de positie en de problemen van de Gereformeerde Bond in de Hervormde Kerk tussen dr. H. Berkhof en ds. G. Boer. (1956). Als prof. Berkhof gezegd heeft dat we niet bij de belijdenissen maar bij het Woord hebben te beginnen, antwoordt ds. Boer: 'Wanneer u zegt: Niet bij de belijdenissen maar bij het Woord hebben wij te beginnen, dan doet u het klassieke gereformeerde standpunt onrecht. Immers het beroep op de opengeslagen bijbel wordt nooit opzij gedrongen door het kerkelijk gezag van de belijdenis. Nog nooit is bij mijn weten met de stukken aangetoond dat het kerkelijk gezag van de belijdenis een verdringing inhield van de alles beheersende plaats van de Heilige Schrift'. (Gedachtenwisseling etc. Den Haag, 1956).

Israël en Koninkrijk Gods

Dat zogenaamde beroep op de open Bijbel deed ds. Boer denken aan de remonstranten van Dordt, die buiten de klassieke weg van het gravamen om steeds de inhoud van de belijdenis discutabel wilden stellen. Toch blijft de vraag zich opdringen of bepaalde themata van de bijbelse boodschap voldoende in de gereformeerde belijdenissen aan de orde komen. Als ik ds. Westland goed begrijp, doet hij een voorzichtig pleidooi om in een eventueel nieuw belijden plaats in te ruimen voor een theologische visie op Israël en voor een uitgebalanceerde gedachte over het Koninkrijk Gods. Op zich is dat volkomen te begrijpen. Immers: In de laatste decennia zijn deze twee themata uitvoerig in de kerkelijke en theologische discussies naar voren gekomen, niet het minst als gevolg van bepaalde ontwikkelingen in politiek en maatschappij. Alleen, er moet dan wel een consensus over die onderwerpen in de kerk gevonden worden.

Beperken we ons tot een belijdenisuitspraak over Israël, dan zal daarin een theologische visie ontwikkeld moeten worden die een breed draagvlak in de kerk heeft. Ieder die op de hoogte is van het huidige kerkelijke leven, weet hoe verschillend niet alleen in de Hervormde Kerk maar ook in het geheel van de gereformeerde gezindte gedacht wordt. Men zal zich in deze kwestie aan de ene kant moeten afgrenzen naar de gedachte van de tweewegenleer, aan de andere kant naar de gedachte van de vervangingstheologie. Bovendien, hoe moeten we denken over de zogenaamde Iandbelofte? Ook tussen theologen uit de kring van de gereformeerde gezindte bestaat verschil van inzicht over de exegese van bijvoorbeeld Genesis 17 en Psalm 105. Sommigen menen dat de Iandbelofte in deze Schriftgedeelten alleen voor de tijd van het Oude Testament voor Israël gold. Anderen zijn van oordeel dat deze belofte ook consequenties heeft voor de tijd van het Nieuwe Testament. En eveneens voor de tijd waarin wij leven. Bovengenoemde vragen laten zien met hoeveel belangstelling ik dit boekje gelezen heb.

Roeping van de gemeente

Het tweede boekje in de serie 'Gereformeerd Belijden' behandelt allerlei aspecten van gemeenteopbouw. Ds. Van Ginkel vraagt aandacht voor de plaats en roeping van de gemeente in deze wereld. Doet een oproep om te volharden in de loopbaan van het geloof, juist in een tijd van ontkerstening. Hij zet de betekenis van het ambt uiteen en geeft aandacht aan de vorm en inhoud van de evangelieverkondiging. Het is een zeer evenwichtig boekje, dat voornamelijk door kerkenraden gelezen en bestudeerd dient te worden. Allerlei spanningen die in gemeenten in onze tijd optreden, worden

door de auteur geanalyseerd en vervolgens in het licht van de Heilige Schrift besproken. Van groot belang zijn de woorden die prof. Berkhof gewijd heeft aan de crisis van de middenorthodoxie in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Enkele daarvan worden door Van Ginkel aangehaald.

Het is volstrekt terecht als hij concludeert dat de gevaren waaraan de midden-orthodoxe gemeenten een halve eeuw geleden bloot stonden, nu onze gemeenten bedreigen. Dezelfde prof. Berkhof die ds. Boer bestreed op het punt van het belijden van de kerk en de betekenis van de belijdenissen, schrijft behartenswaardige dingen over de taak en roeping van de predikant. Hij constateert de neiging bij kerkerïraden om vlotte sprekers en populaire figuren als predikanten te beroepen, maar stelt daartegenover: 'Wij hebben predikanten nodig, die het karakter en de energie opbrengen om hun gemeente te durven teleurstellen en om allerlei niet te doen. De Zondagsdienst zal weer een gebeuren moeten worden/ Liturgische vernieuwingen helpen niet, wanneer er geen volmacht in de prediking is. En de volmacht der prediking laat zich niet forceren of organiseren. Zij wordt geboren en groeit in de stilte en de studie, in een nieuw zich geconcentreerd verdiepen in de Schrift'. (Berkhof, Crisis van de midden-orthodoxie; pagina 60).

Ambt

Het meest werd ik getroffen door de uiteenzetting van de bijbelse gegevens over het ambt. Tegenover de devaluatie van het ambtelijk gezag in deze tijd stelt de schrijver: 'Ambtsdragers worden niet alleen uit en door de gemeente gekozen, maar vertegenwoordigen in de gemeente ook het hogere Gezag. Zij weten zich door Christus geroepen. Ze vertegenwoordigen niet de mening van het 'volk' of van henzelf. Zij heb-

ben als taak het Woord van God door te geven en de gemeente daarmee te leiden', (pagina 58) In verband met de spanningsvolle verhouding tussen ambten en gaven merkt ds. Van Ginkel op: 'Omdat dit evenwicht tussen de door God gegeven gaven en de door God gegeven ambten in de kerk zo heilzaam is, hebben we moeite met de zogenaamde gaventest. Deze heeft iets van een psychologische toets', (pagina 61) Hij wijst er dan op dat bij die gaventest het initiatief komt te liggen bij het gemeentelid dat iets met zijn gaven moet doen. Samenvattend kan ik alleen maar zeggen: De eerste twee deeltjes van de serie Gereformeerd Belijden zijn de moeite waard gelezen en herlezen te worden.

T. C. GUIJT, HARDINXVELD-GIESSENDAM

N.a.v. drs. J. Westland Van horen naar zeggen. Belijdend spreken over oude en nieuwe thema's; Ds. H. van Ginkel Gemeentegetrouw. In gesprek over de opbouw van de gemeente. Serie Gereformeerd Belijden, deel 1 en 2.

Uitg. Kok, Kampen i.s.m. Gereformeerde Bond; 111 resp. 74 blz.; € 8, 95 per deel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juli 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De belijdenis en de gemeente

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juli 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's