De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Petrus, toch thuisgekomen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Petrus, toch thuisgekomen

DE APOSTELEN VAN JEZUS CHRISTUS [XI, VERVOLG 2]

9 minuten leestijd

'En Petrus volgde Hem van verre...' (Mt. 26 : 58), Zowaar, daar is hij toch weer. Dat doet toch goed. Geloof en hoop zullen wel ver te zoeken geweest zijn; maar de liefde... Op voorspraak van Johannes dringt hij door tot in de zaal van de hogepriester. Hij hoort en ziet wat de Meester wordt aangedaan. Valse beschuldigingen, spot en vuistslagen; het bespuwde aangezicht. Klappen inhet gezicht... Maar dan ineens wordt hij herkend: drie maal zelfs. Bij Jezus gerekend, door Jezus getekend. Hoe komt een mens daar zonder kleerscheuren tussenuit? Hier is het óf belijden, óf verloochenen.

Wat wordt het nu? Bovendien is Petrus intussen toeschouwer geworden, 'zittend bij de dienaren, om het einde te zien.' Hoe zwaar moet dat voor Jezus zijn geweest: Petrus als 'buitenstaander'. En dan slaat de mensenvrees toe: 'Toen begon hij zichzelf te vervloeken en te zweren: Ik ken de Mens niet: Tussen mij en Hem is er nog nooit iets geweest...! Maar de haan gehoorzaamt zijn Schepper en kondigt drie keer de nieuwe dag aan. 't Wordt vrijdag, Goede Vrijdag. Maar Petrus is nergens meer. Gedachtig aan Jezus' woord vlucht hij weg; getroffen vooral door Jezus' blik, want midden in Zijn nameloze lijden ziet Hij ook Simon. (Mt. 26 : 75; Lk. 22 : 61). Petrus ziet, en Jezus hoort. Maar als de Heere Zich omdraait, staat Petrus toch op afstand 'oog in oog' met de Meester! Satan zift, maar Jezus bad. En die ene blik in stil verwijt en bestraffing is geladen van de gloed der liefde. Dat breekt het hardste hart. Ook nu nog. Een wapen van Jezus dat wonderen werkt. Onuitsprekelijk berouw doet Petrus buiten wenen, schreien, bitter en ook hoorbaar; soms zonder woorden, alleen maar uitgestoten klanken. En dan verdwijnt Petrus uit ons gezicht. De nacht in...

Simon opgezocht

't Wordt Pasen. Er is zowaar een boodschap van de Meester! 'Zegt Zijn discipelen én... Petrus' (Mk. 16 : 7) Hoe kan het! Sterker nog: 'De Heere is waarlijk opgestaan, en is van Simon gezien!' (Lk. 24 : 34) Straks zal Paulus het in 1 Kor. 15 : 5 bevestigen: de Heere is eerst alleen door Cephas gezien, daarna door de twaalven. Simon, opgezocht door de opgestane Levensvorst. Nu zijn er zeker weer tranen gevloeid. Van berouw, van verwondering en van niet uit te spreken liefde... Een ontmoeting die met woorden toch niet is weer te geven. Een stil geheim in de Bijbel, alleen aan Jezus en Petrus bekend. Maar wel zeker met deze inhoud: vergeving! Als Simon toch op paasmorgen eens naar Jezus had moeten gaan! Het was er zeker niet van gekomen. Maar nu komt de Heere tot hem, en handelt Hij reeds op de eerste paasdag met Petrus af. De opperste Herder zoekt eerst het verst afgedwaalde schaap... 'Opperste Herder': zo laat Hij Zich hier kennen. Maar dan mag er ook zijn het gaan tot Hem. Wie heeft nog te vrezen, hoe hoog ook de schuld, om tot deze Jezus te gaan? 'Zijn grootheid moet ons niet verschrikken; niemand heeft ons liever dan Jezus Christus; wat ontbreekt er nu nog, daar Christus Zelf deze uitspraak doet: 'Ik ben de weg, en de waarheid en het leven; niemand komt tot de Vader dan door Mij' (NGB art. 26). Wat zal Petrus een heerlijke boodschap voor Thomas gehad hebben in de komende acht dagen. Samen met de anderen. Maar wij geven, ondanks het getuigen, elkaar het geloof niet. Hooguit heeft de gedurige verzekering Thomas weer getrokken binnen de kring. Wat kunnen we daar dan al blij mee zijn... Trouwens: Petrus heeft ook zelf, zoals wij twee keer lezen, bij het lege graf gestaan (Lk. 24 : 12; Joh. 20 : 6). Hij is er zelfs in geweest. En heeft zich verwonderd. 'En hij ging weg, weer naar huis...!' Ach ja, wat gelukkig dat de Heere het daarbij niet liet.

Volg mij

In het paasverhaal komen wij Petrus verder niet tegen in de Bijbel. Althans niet apart vermeld. Wel vraagt Joh. 21 nog onze aandacht. De wonderlijke visvangst bespraken wij reeds bij Johannes, ('Het is de Heere', vs. 7.) Nog blijft Jezus' herhaalde vraag na het middagmaal aan Petrus: Heeft Simon, de zoon van Jonas, de Heere meer lief dan de anderen? De: tweede en derde keer laat de Heere de anderen erbuiten. Verschillende woorden worden hier gebruikt voor liefhebben. Jezus spreekt meer over 'liefhebben'; Petrus over 'houden van'. Een woord dat Jezus de derde keer ook gebruikt. En misschien zo heel dicht bij Petrus komt staan. Toch moeten wij deze nuance maar geen bijzondere aandacht geven; Johannes gebruikt beide woorden gelijkwaardig door elkaar heen. Waar gaat het om? De drie keer houdt ongetwijfeld verband met de drievoudige verloochening. En Jezus betuigt tot drie keer toe in bijzijn van de anderen Zijn volledig vertrouwen in Petrus als toekomstige herder van de gemeente. De nuancering 'lammeren!', 'schapen', 'hoeden', en 'weiden' drukt de totale zorg voor héél de kudde uit. Tegelijk spreekt Jezus een woord vol van profetische kracht: 'Voorwaar, voorwaar zeg Ik u...'(vs. 18) Een beeld van de jeugd, die kan gaan en staan waar men wil. Maar in zwakheid van de ouderdom komt de afhankelijkheid van anderen; en hun wil gaat over ons. Onder dit beeld zal Petrus' verdere leven gaan, met straks de niet-vrijwillige martelaarsdood, waarmee hij God verheerlijken zou. En dan: 'Volg Mij', (vs. 19) Even verder met nadruk: 'Volg gij Mij' (vs. 21). De weg van een ander (Johannes) is Jezus' zaak, Daar moet Petrus buiten blijven.

De veertig dagen komen tot aan de Hemelvaart. Bij Johannes zagen wij dit al eerder. Daarna staat Petrus weer voorop (Hd. 1:13; 1:15), geeft hij leiding aan een gemeente van 120 personen. Met profetische bezieling stelt hij de open plaats van Judas aan de orde. En onder aanroeping van de Naam des Heeren wordt Matthias bij loting met algemene stemmen gekozen, (vs. 26). Opvallend: het twaalftal moet blijven. Maar is niet blijvend: Wanneer straks (Hd. 12) Jacobus wordt onthoofd door Herodes, vindt geen aanvulling; meer plaats. Hier is de kring van de twaalven echt gesloten.

Pinksterpreek

't Gaat Pinksteren worden. De Heilige Geest stoot de deuren open, en gaat Christus verheerlijken (Joh. 16 : 14). 'Maar Petrus, staande met de elven, verhief zijn stem en sprak....' (Hd. 2 : 14). Een machtige pinksterpreek volgt, geladen en vol van de Schriften, die Jezus voor Zijn discipelen geopend had. Nu kan Petrus preken en mag hij preken. Torenhoog verheft hij de verhoogde Heiland. Tegelijk is er de Heilige Doop (vs. 41). Drieduizend geloven in de Opgestane, de Christus, de Messias. Straks al vijfduizend (Hd. 4 : 4). De genezing van de kreupele aan de Schone Poort (Hd. 3 : 1 e.v.) maakt weer de prediking los: nu is Petrus veel scherper, beschuldigend ook. Dezelfde avond nog zet het Sanhedrin Petrus en Johannes in de gevangenis (Hd. 4:3). Want morgen is er weer een dag... Maar die dag lost niets op: Petrus preekt door, en Johannes wijkt niet. Bedreigd mogen ze los. De gemeente verheugt zich. Maar dan is er het Godsgericht: Petrus, die in Hd. 9 Dorkas mag opwekken uit de doods doet door het woord van de Heere Ananias en Saffira sterven midden in de gemeente (Hd. 5 : 1 e.v.). Nieuwe gevangenschap volgt; als het Sanhedrin hen wil ophalen de andere dag, staan ze te preken in de tempel (Hd. 5). Nog steeds is Petrus de leider; machteloos

staat het Sanhedrin. Onder nieuwe dreiging en geseling komen ze toch weer vrij. Verblijd om de smaad, om Jezus' Naam gedragen (Hd. 5 : 41). Straks legt Petrus met Johannes Samaritanen de handen op; zij ontvangen de Heilige Geest (Hd. 3 : 14 e.v.). Predikend in de dorpen van Samaria gaat de weg terug naar Jeruzalem. Ach ja, wat is er veel te verhalen. Cornelius' geschiedenis; bevrijding uit de gevangenis opnieuw. De eerste Synode (in 48 na Chr.) te Jeruzalem (Hd. 15/Gal. 2). Alleen de Heilige Geest houdt het allemaal bij... Petrus wordt (Gal. 2 : 9) de apostel van de Joden. Eigenlijk is ons van zijn reizen heel weinig bekend. Naar Gal. 2 : 11 e.v. heeft Paulus hem een keer geducht de les gelezen, nadat Simon van de tafel van de heidenen wegliep, toen er Joden kwamen. Was hij Cornelius en de open hemel met het linnen laken vergeten? (Hd. 10/11). Toch weer mensenvrees bij de getuige van de pinksterdag...?

Martelaarschap

Algemeen wordt aangenomen, dat Petrus als martelaar stierf onder keizer Nero in Rome (64 na Chr.). In de beginjaren '60 na Chr. schreef hij zijn twee brieven. Wat is dan zijn prediking volgroeid geworden! We bladeren wat in zijn brieven: 'Geloofd zij de God en Vader van onze Heere Jezus Christus, Die naar Zijn grote barmhartigheid ons heeft wedergeboren, tot een levende hoop, door de opstanding van Jezus Christus uit de doden.' (1 Petr. 1: 3 e.v.) De gemeente is niet gekocht door vergankelijke dingen, zilver of goud, maar door het kostbaar bloed van Christus, het Lam! (1 Pet. 1:18) Je vraagt je af: 'Zou Petrus dit zonder tranen hebben kunnen schrijven? '

'? Een onbestraffelijk en onbevlekt Lam, geopenbaard om uwentwil, die door Hem gelooft in God, opdat uw geloof en hoop op God zou zijn.' (1 Pet. 1:19 e.v.). 'Een mens is gelijk het gras. Maar het Woord blijft eeuwig' (1 Pet. 1: 24 e.v.). 'U dan die gelooft, is Hij kostbaar, dierbaar' (Pet. 2:7). Het lijden als christenen, de hitte van de verdrukking; maar zalig wie om Jezus' wil gesmaad wordt (1 Pet. 4 : 12). De vermaning aan de ouderlingen om de kudde Gods te weiden (1 Pet. 5:1). Als de overste Herder verschenen zal zijn zullen zij de onverwelkelijke kroon der heerlijkheid behalen.' (1 Pet. 5:4). Zijn tweede brief, geschreven aan degenen 'die een even dierbaar geloof met ons verkregen hebben... (2 Pet. 1: 1). Ontroerend is Petrus' getuigenis: 'Ik weet dat de aflegging van mijn lichaam (tabernakel) haast zijn zal, gelijk ook onze Heere Jezus Christus mij heeft geopenbaard' (2 Pet. 1:14). Nog één keer komt de verheerlijking op de berg terug (2 Pet. 1:17 e.v.). Een adembenemende waarschuwing jegens de goddelozen en overspeligen, en gruwelijke mensen vult 2 Pet. 2. Hoofdstuk 3 tekent dan de wederkomst van de Heere, schijnbaar uitgesteld. De Heere is slechts lankmoedig. Zijn dag zal zeker komen, als een dief in de nacht. Hoe mag dan de gemeente wel heilig verwachtend haar Heere tegemoet zien. Net zoals Paulus, die in Gal. 2 : 9 Petrus hartelijk de hand schudde, in zijn brieven hetzelfde vermaant als Petrus. Ja ja, ze hebben elkaar in de Heere gevonden, die twee. Daarom kan Petrus zijn naam hier vrijuit noemen; spreken ook van 'de geliefde broeder Paulus' (2 Pet. 3 : 15 e.v.), die al eerder vijftien dagen bij hem in Jeruzalem had gelogeerd (Gal. 1:18).

Zijn einde nadert. Wie gaat er mee? Wie kan er mee? Ach, martelaarschap is voor ons niet in te denken. Dat wordt alleen geschonken aan hen die de Heere daartoe roept. Maar het blijft wel wonder, en is Gode tot heerlijkheid.

En zó is hij toch thuisgekomen, Simon Petrus, een apostel van Jezus Christus.

J. C. SCHUURMAN, BARNEVELD

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 juli 2003

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Petrus, toch thuisgekomen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 juli 2003

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's