Globaal bekeken
E en predikant-lezer reikte mij een fragment aan uit De toetssteen uan ware en ualse genade van Theodorus van de Groe (1705-1784). Daaruit blijkt hoe het ook in zijn dagen in de kerk niet zo rooskleurig was en mensen vanonder de nood en schuld van de kerk vandaan wilden lopen. Het betreft het slot van zijn verhandeling over zondag 31 van de Heidelbergse Catechismus over de sleutelen van het Koninkrijk der hemelen:
'Nadat hij (de satan, u.d.G.) zijn eerste proefstuk in het paradijs heeft afgelegd aan twee uolmaakt heilige mensen, kunnen wij, achter de Heere, nooit genoeg voor de satan beven. Doch Hij zal al de Zijnen Zelf bewaren, dat zij hun voet niet zullen zetten in de strik van de duivel. (...)
Voorwaar, al wie zjjn onsterfelijke ziel liefheeft, en de satan geen plaats wil geven, moet gans ernstig uan ons uermaand zijn, in de naam uan de Heerejezus Chritus, de ouerste Richter uan leuenden en doden, dat hij alle soort uan separatisten toch tuil tekenen, en zich zorguuldig hoeden uoor hun licht, uromigheid, gemeenschap en konuentikel-werk; want deze uier haat de Heere ook en zij zijn Zijne ziel een gruwel. Spr. 6 : 16. Indien sommigen nog enige heilige tranen ouergehouden hebben ouer Josefs droeuige uerbreking en ouer de ueruallen muren en wegen Sions, laten zij dan komen en die uitstorten uoor het aangezicht des Heeren, midden in Zijn kerk, en laten zij toch enige vergelding doen aan het huis uan hun arme moeder, alwaar zij gewonnen en geboren zijn. O, zij zullen immers in die ueruallen hut nog ueel veiliger wonen, dan op de toppen uan Aniana, uan Zenir en Hermon, die steile woningen der leeuwinnen, die akelige bergen der luipaarden, waar er zo menig ongelukkig is uerslonden, die alleen uoor ijn eigen hoofd geestelijker wilde zijn dan alle kerkgangers, Hoogl. 4:8. Welgelukzalig zal het uolk zijn, dat op Jeruzalems puinhopen nog klaaglijk zal zitten wenen, wanneer anderen met snelle hooggebulte kamelen zullen aftrekken naar Egypte, waar de stauen en stokken uan het Euangelie ras ueranderen in slangen en basiliskussen. En met deze ernstige waarschuwing besluiten wij hier het gewichtige hoofdstuk der uerlossing, dat ons zolang heeft opgehouden. 60de zij lof! Amen.'
J oden, die in de Tweede Wereldoorlog naar 'verbanningskampen' in Friesland waren getransporteerd, beseften aanvankelijk nog niet wat hun uiteindelijke lot zou zijn. Hier volgt een fragment uit de uitgebreide correspondentie van Guus van der Wijk in het kamp in Elsloo en zijn a.s. echtgenote in Leiden (zie boekbesprekingjodenkampen).
• 'Wij denken (tenzij het noodzakelijk is) ook niet aan toekomstige moeilijkheden hier. Denk dus niet aan wat daar kan gebeuren. Het eigenaardige feit doet zich uoor dat de meesten uooraf zullen denken dat het zo beroerd zal zijn om misschien afgesnauwd te worden en lichaamsstraf te krijgen. Alhoewel dat natuurlijk niet prettig is, ualt dat zeer waarschijnlijk reuze mee. De Polizei heeft diuerse jongens hier in het kamp ook wel eens zeer ruw behandeld, doch daar trekt men zich in de regel niets van aan. Dat wordt gewoonte. Neen, het zijn de zogenaamde "stille" krachten in een mens zijn lichaam, die het ueel harder te verantwoorden krijgen. Zich wapenen daartegen, zich moreel niet laten kapot maken. Dat is uan ueel groter belang dan zich beangst te maken om een uitbrander waarje op het laatst zelfs niet meer naar luistert.JIJ bent mijn leuensgezellin en ik zal trachten je ouer de moeilijkste punten heen te helpen.
Heb dus moed en uertrouwen. Wat werken zonder eten is, weet jij niet. Euenwel wen je na een paar weken ook aan niet eten. Eerst krijg je een beetje maagpijn (90% uan het kamp liep met maagpijn rond) en als je tilwerk hebt, word je ook nog wat duizelig, maar dat is onwennigheid. Het is niet zozeer datje eruan doodgaat, dan wel datje door gebrek aan uoedzaam eten ueel uatbaarder wordt.'
• Op 10 november ging Guus vanuit Westerbork met 757 anderen naar Auschwitz. Het boek meldt:
'In maart 1943 kwam ook Mineke de Vries in kamp Westerbork terecht. Ze vertrok op 17 maart naar het vernietigingskamp Sobibor, waar ze drie dagen later bij aankomst direct werd uergast. Haar zuster Annie, zwager Ab (de broer uan Guus) en hun zesjarige dochtertje Lilly kregen een oproep om zich 26 mei uan dat jaar in Westerbork te melden. "Wij zijn uol goede moed, gelukkig gezond en sterk en hopen u weer spoedig terug te zien", schreuen ze in een afscheidsbriefje uan 24 mei aan de achterblijuende familie. Op 4 juni werden alledrie in Sobibor uermoord. Max de Vries, Minekes broer, onderging dat lot op löjuli 1943. Zijn urouw Dolly de Vries-Knocker en dochtertje Hetty werden in februari 1943 gedwongen om uan Leiden naar Amsterdam te uerhuizen. Moeder en dochter overleefden de oorlog dankzij de Engelse komaf uan Dolly, wier grootvader in Engeland was geboren.'
V.D.G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 augustus 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 augustus 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's