Globaal bekeken
G rappige zonden? ' Ds.J. P. Nap schreef er een korte meditatie over in de Hervormde Kerkbode van Zeist na een gesprek met zijn catechisanten.
'En wordt niet dronken in wijn, waarin ouerdaad is, maar wordt ueruuld met de Geest.' (Ef. 5 : 18).
'Hij keek me toch wel een beetje vreemd aan. Die ene jongen.
Toen ik tijdens de catechisatie zei: Wij maken als mensen wel eens een onderscheid tussen ernstige zonden en grappige zonden. Hij snapte het niet en kon zich bij grappige zonden niet zo veel voorstellen.
Ter verduidelijking zei ik: "Als volgende week blijkt dat één van jullie in de komende dagen iemand heeft vermoord, dan zullen wij Hier zeer verslagen bijeen zijn en ons afvragen hoe dit heeft kunnen gebeuren". Je vindt het een ernstige zonde. En dat is het ook. Overtreding van Gods gebod.
Maar als iemand van jullie a.s. zaterdagavond zich "per ongeluk" dronken drinkt, dan zullen jullie daar met stoere en sterke verhalen over vertellen. Je vindt het een grappige zonde. En dat is het niet. Het is eveneens een overtreding van Gods gebod: Wordt niet dronken in wijn. En in bier. En in het algemeen alcohol. Ga eerbiedig met je lichaam om. Want de Heere zegt: "gij zult niet doodslaan". Dat bedoelt ook respect voor je eigen lichaam; door God geschapen immers." j
De discussie was wel behoorlijk confronterend. Maar hopelijk genezend. Helend. De apostel zegt duidelijk in de tekst waar het om gaat: vervuld te worden met de Heilige Geest. Dat is tot eer van de Heere. Door de Geest raken wij onszei f kwijt, niet aan de alcohol maar aan de Heere. Om voor Hem te leven. De Geest bewerkt dat door het geloof in Jezus Christus. Misbruik van alcohol belemmert de vervulling met de Geest. Maar wie zich begeeft tot het gebed en tot het lezen van Gods Woord, zal met de Geest vervuld worden. En strijden tegen de zonde. Tegen de ernstige zonden. Daar vallen ook de "grappige" onder.'
n een recent verschenen boek van Ross King De hemel van de Paus (De Bezige Bij, Amsterdam), waarin Mi-
chelangelo en de Sixtijnse Kapel voor het voetlicht komen (zie boekbespreking), worden ook de wantoestanden ten tijde van Paus Julius II, in wiens opvoetlicht komen (zie boekbespreking(, worden ook de wantoestanden ten tijde van Paus Julius II, in wiens opdracht Michelangelo zijn bekende fresco's op het plafond in de Sixtijnse Kapel schilderde, eerlijk aan de orde gesteld.
• Over Paus Julius II en zijn voorganger Alexander VI
'Alexander VI was berucht geweest vanwege zijn liederlijke natuur. Hij verwekte minstens twaalf kinderen en leefde in het Vaticaan samen met maTtresses en prostituees. Volgens de geruchten had hij zelfs een incestueuze verhouding met zijn dochter Lucrezia Borgia. Julius' losbandigheid zonk daarbij in het niet, maar ook zijn kerkelijke beloningen waren niet voldoende geweest voor zijn wereldlijker natuur. Hoewel de franciscanen zich moesten houden aan strenge geloften van kuisheid en armoede, vatte Julius als kardinaal deze beide geloften niet al te serieus op. Van de grote bedragen die zijn promoties hem hadden opgeleverd, liet hij voor zichzelf drie paleizen bouwen. In de tuin van een van deze paleizen, het Santi Apostoli, bracht hij een ongeëvenaarde collectie beelden uit de oudheid bijeen. Hij had drie dochters; een uan hen was Felice, een gevierde schoonheid die hij uithuwelijkte aan een edelman en wegstopte in een kasteel ten noorden van Rome. Hij dankte haar moeder af ten gunste van een volende maTtresse, Masina, een bekende Romeinse courtisane. Bij een van zijn verschillende liefes liep hij syfilis op, een nieuwe ziekte, die volens een waarnemer "bijzonder gesteld was op priesters - en in het bijzonder schatrijke priesers". Ondanks deze kwaal en ondanks de jicht waaraan hij leed ten gevolge van zijn overvloeige dieet, verkeerde Zijne Heiligheid in een onverwoestbare gezondheid.' s e g g a v s v k v n w l u b V p g g n
• Over de boeteprediker Girolamo Savonarola
'Savonarola voelde zich gekwetst door de(ze) obsessie met de schoonheid van de klassieke oudheid. Hij was van mening dat de jongemannen van Florence door deze manie voor de antieke wereld tot sodomie vervielen. "Ik zeg u: zweert uw bijvrouwen en uw baardeloze jongelingen af, " tierde hij vanaf de preekstoel. "Ik zeg u: zweert die afschuwelijke verdorvenheid af die Gods gramschap over u heeft gebracht, want anders, wee u, wee uJ" Zijn oplossing voor het probleem was eenvoudig: de plegers van sodomie moesten tezamen met de overbodige voorwerpen worden verbrand. En onder "ouerbodige" voorwerpen verstond hij niet alleen schaakborden, speelkaarten, spiegels, mooie kleren en parfumflesjes. Hij spoorde de inwoners uan Florence ook aan hun muziekinstrumenten, wandtapijten, schilderijen en de boeken uan de drie grootste Florentijnse schrijvers, Dante, Petrarca en Boccaccio, in het vuur te gooien.
Het geval wilde dat de profetie van de broeder na verloop van tjjd uitkwam. Twee jaar later' trok de Franse koning Karei VIII, die de troon' van Napels opeiste, met een leger van meer dan dertigduizend man over de Alpen. Savonaroló vergeleek deze enorme invasiemacht - de gróótste die ooit voet op Italiaanse bodem had gezet - met de wateren van een zondvloed. "Zie, " riep hij op de ochtend van de 21e september 1494 vanaf de preekstoel uit, "ik zal wateren over de aarde doen stromen!" Hij vergeleek zichzelf met Noach en betoogde dat als de inwoners van Florence aan deze vloed wilden ontkomen, ze hun toevlucht moesten zoeken in de ark - de kathedraal uan Santa Maria del Fiore. (...) Het verhaal van Savonarola kende een tragisch einde, compleet met de vlammen, toorn en vergelding uit zijn prediking. Eerder schreef hij een boek, Dialoga della verita profetica, waarin hij betoogde dat God nog steeds, net als in de dagen van het Oude Testament, profeten naar de aarde stuurde, en dat hij, Fra Girolamo, een van die profeten was. Hij geloofde dat zijn visioenen tot stand kwamen door tussenkomst van engelen, en in zijn preken en dialogen verklaarde hij hoe zjjn voorspellingen van hel en verdoemenis door recente historischegebeurtenissen zouden zijn uitgekomen. Deze profetieën werden zijn ondergang, want volgens de officiële leer van de Kerk richtte de Heilige Geest zich uitsluitend tot de paus, en niet tot opruiende broeders uit Ferrara. In 1497 beval Alexander VI Savonarola dan ook om op te houden met prediken en profeteren, en toen hij daaraan een gehoor gaf, werd hij uiteindelijk in de ban edaan. Omdat de broeder zelfs toen nog hardnekkig doorging met prediken, werd hij gemareld en in 1498 midden op de Piazza della Signoria opgehangen.'
V.D.G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 september 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 september 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's