Wat noemen wij gave muziek?
DE PLAATS VAN MUZIEK IN ONS LEVEN [2]
Muziek is een gave van God. Die overtuiging loopt als een rode draad door deze artikelenserie heen. Maar tegelijkertijd moeten we daar een andere overtuiging naast zetten: niet alle muziek is als gave muziek te waarderen. Immers: ook de muziek is op allerlei manieren aangetast door de zonde. Soms kun je bij bepaalde muziek het gevoel hebben dat het bijna hemels mooi is. Maar zelfs dan zullen we het woordje 'bijna' nooit uit de zin kunnen schrappen. Honderd procent gave muziek wordt op aarde niet gemaakt (nee, liefhebber, zelfs niet door Bach!). Honderd procent gave muziek bestaat niet. Maar dan zullen we toch op zoek moeten naar een antwoord op de vraag welke muziek gaaf genoeg is om er als christen van te kunnen genieten. In dit artikel hoop ik daar op zijn minst een paar handvatten voor te geven.
Gaaf gelijk aan harmonieus?
Veel christenen zijn ervan overtuigd dat gave muziek in elk geval harmonieus moet zijn. Muziek die in hun oren te hard, te ruig, te dissonant klinkt, kan in hun oren niet als gave, laat staan als Gode welgevallige muziek gelden.
De bijbeltekst die vaak wordt aangehaald om die overtuiging te ondersteunen, is Filippenzen 4 : 8: 'Al wat waarachtig is, al wat eerlijk is, al wat rechtvaardig is, al wat rein is, al wat lieflijk is, al wat wel luidt... bedenkt datzelve.' Zo op het eerste gehoor lijkt dit een steekhoudend argument te zijn, maar bij nader inzien overtuigt het toch niet.
Allereerst gebruikt Paulus deze termen zo algemeen dat ze moeilijk als absolute norm voor een muziekleer kunnen dienen. Daar komt bij: waar hebben we het dan eigenlijk over? Over de muziek op zich of over de muziek als drager van een tekst? Als dat laatste het geval is, is Filippenzen 4 natuurlijk wel van'toepassing, maar om de tekst toe te passen op muziek op zich, lijkt me toch problematisch.
Waar zou die gedachte eigenlijk vandaan komen? Ik denk dat we dan vooral aan de invloed van de Griekse filosofie op de theologie moeten denken. Onder invloed van deze filosofie ontwikkelde zich namelijk een beeld van God waarin volmaakte harmonie als één van zijn zeer wezenlijke eigenschappen wordt gezien. Wanneer dan vervolgens wordt nagedacht over de vraag hoe Gods schepping (met alle scheppingsgaven) oorspronkelijk bedoeld was, dan kan het niet anders of juist ook dit kenmerk gaat een grote rol spelen. 'Schoonheid is de kracht van de orde', heeft Thomas van Aquino, de grote theoloog van de Middeleeuwen, ooit met zoveel woorden gezegd. En van Calvijn is bekend dat hij muziek mooi vond als die helder, zuiver en verheven was en bovendien goed in de maat lag. Al met al is de overtuiging dat gave muziek noodzakelijkerwijze ook harmonieuze muziek is, wijd verbreid onder christenen. Ik ben het met deze opvatting echter niet eens.
Ook dissonanten kunnen gaaf zijn
Naar mijn overtuiging is het om allerlei redenen niet vol te houden dat gave muziek harmonieus moet zijn. Om te beginnen geloof ik namelijk niet dat harmonie een objectief gegeven is. Of iets harmonieus klinkt of niet, is op zijn minst voor een deel heel subjectief en tijdgebonden. En bovendien: alles went. Om een voorbeeld te noemen: veel tijdgenoten van Bach vonden zijn muziek veel te scherp en dissonant, terwijl diezelfde muziek door velen van ons als het toppunt van harmonische schoonheid wordt ervaren. En toen de Beatles en de Rolling Stones voor het eerst hun muziek de wereld inslingerden, vonden velen dat duivelse herrie, terwijl ook de generatie van mijn ouders inmiddels redelijk aan deze sound gewend is en sommige nummers als 'klassiek' ervaart.
In de tweede plaats geloof ik op bijbels-theologische gronden niet in het 'harmoniemodel'. Veel realistischer dan een filosofisch, harmonisch beeld van God is het beeld dat de Bijbel ons van God tekent. Onze God is de God van de geschiedenis, die volop in de hoogten en de diepten van het leven staat. De muziek van die God is de lofprijzing in de tempel (zie Kronieken), maar ook en vooral de Psalmen. Niemand kan volhouden dat de Psalmen qua inhoud zo harmonieus zijn. Ze zijn waarschijnlijk nog veel rauwer dan wij ons, mede als gevolg van onze muzikale traditie, kunnen voorstellen. Bij veel Psalmen is het in elk geval ondenkbaar dat daar ooit een harmonieuze melodie bij heeft gehoord. Kortom: ik houd het ervoor dat muziek niet harmonieus hoeft te zijn om toch als gave muziek te kunnen gelden.
Letten op de inhoud van muziek
In het algemeen lijkt het me het beste, om vooral te letten op de manier waarop bepaalde muziek wordt gebruikt en inhoudelijk wordt ingevuld. Allereerst hebben we het dan over de inhoud. In het vorige artikel heb ik betoogd dat muziek een middel is dat in dienst genomen moet worden. Aanvullend moet gesteld worden: dit kan door middel van woorden (tekst) of door middel van muziek zelf.
Het duidelijkst wordt de inhoud uiteraard, wanneer deze in een tekst is gevat. Hoe pretentieloos zo'n tekst ook is (denk aan heel veel popliedjes), er zit altijd een boodschap in. Het is deze boodschap die aan het betreffende muziekstuk of liedje zijn belangrijkste inhoud geeft. Het is bijna een open deur, maar ik trap hem toch maar weer even open: een christen moet zo bewust mogelijk luisteren naar de
boodschap van een tekst. Of deze nu in het Engels, het Frans of in de moerstaal is geschreven: wees je bewust van wat er gezongen wordt! Dat dit in de praktijk veel minder gebeurt dan je zou denken (bij kerkelijke, klassieke én populaire muziek!), maakt dat het waarschijnlijk toch niet zo'n open deur is. Veel minder makkelijk valt de inhoud te ontdekken, wanneer een muziekstuk puur instrumentaal is. Toch kan ook zulke muziek zijn geschreven met de bedoeling om er een bepaalde visie mee uit te drukken. De eerste symfonie van Gustav Mahler is geschreven zonder woorden, maar voor diegénen die dit muziekstuk leren kennen, wordt snel duidelijk dat Mahler er heel duidelijk zijn visie op het leven in verwerkt heeft. Het probleem is echter dat deze boodschap zich pas kan prijsgeven, wanneer de luisteraar de moeite neemt zich te verdiepen in de achtergrondinformatie bij het stuk. Ik denk niet dat er iemand is die, zonder iets van Mahler en zijn motieven te weten, zou kunnen ontdekken wat hij precies met dit stuk voorhad. (Dat Mahler hier zelfs op aanstuurde, blijkt uit het feit dat hij de in de eerste versie toegevoegde programmaomschrijvingen in de definitieve versie wegliet.)
Ondertussen roept dit wel een vraag op, die in christelijke kring veelvuldig besproken wordt, namelijk: kan muziek, waarvan wij de bedoelde inhoud niet kennen, ons onbewust toch beïnvloeden? Op die vraag kom ik in het volgende artikel terug. Op dit moment is voldoende om te beseffen: ook woordeloze muziek kan een boodschap hebben.
Letten op de functie van muziek
Naast de inhoud van muziek is ook de functie ervan een belangrijk aandachtspunt. Immers: muziek kan in dienst worden genomen om allerlei redenen en voor allerlei doelen. Om maar met een kleine opsomming te beginnen: er is reclamemuziek, dansmuziek, filmmuziek, aanbiddingsmuziek, achtergrondmuziek, ontspanningsmuziek, protestmuziek, etc, etc. Al deze verschillende functies zijn heel bepalend voor de vraag of we al dan niet met gave muziek te maken hebben. Wanneer we, vanuit het geloof, bewust willen luisteren, zullen we dit punt zeker niet buiten beschouwing kunnen laten.
In sommige gevallen zal dit leiden tot een snel en duidelijk oordeel. Een grote categorie van de hedendaagse dans-muziek (de verzamelnaam van alle verschillende stijlen is 'dance'; de term 'house', in christelijke kring vaak hét wachtwoord voor alles wat slecht is, is inmiddels weer passé) is uitsluitend bedoeld om het danspubliek in een zo groot mogelijke (seksuele) extase te brengen. Het oordeel hierover kan niet anders dan negatief zijn. Maar hoe zit het met een menuet van Mozart? Extatische muziek is deze statige dans zeker niet, maar de ambiance waarin deze 'keurige' dans beoefend werd, deed misschien niet onder voor een hedendaagse danceparty. Toch hoor ik binnen de christelijke wereld niet zo heel veel bezwaren tegen Mozarts menuetten. En stiekem denk ik: gelukkig maar, want ik zou deze menuetten niet graag willen missen.
Dit voorbeeld maakt denk ik wel duidelijk dat het niet altijd zo gemakkelijk is om op grond van de functie van een muziekstuk tot een afgewogen oordeel te komen. Toch zal in veel gevallen het oordeel niet anders dan afwijzend kunnen zijn.
Welke normen gebruik je?
Eén vraag is ondertussen nog niet aan de orde geweest: welke normen hanteren we om te bepalen of muziek al dan niet als 'gaaf' gekwalificeerd kan worden? Hoe belangrijk deze vraag ook is: ik kan er kort over zijn. Voor de beoordeling van muziek gelden namelijk precies dezelfde normen als voor het hele leven: de heilzame geboden van God. Of het nu gaat om de inhoud of om de functie van de muziek: altijd weer zal in het licht van Gods geboden duidelijk moeten worden of er sprake is van gave muziek of niet. Muziek is in die zin gewoon één van de facetten van het leven, niet bijzonderder dan andere en dus onderworpen aan de ene wet van Christus.
Helaas treffen we in christelijke kring bij discussies over muziek nogal eens een andere houding aan: alsof muziek een uitzonderlijk gevaarlijk fenomeen met een heel eigen benadering zou zijn. Het Evangelie geeft ons daar denk ik geen grond voor. Zoals alles in het leven van gelovigen gericht zal moeten zijn op de eer van de Drie-enige God, zo ook de muziek die - actief of passief- een plek mag krijgen in het leven. Wat dat concreet betekent, wil ik in het volgende artikel illustreren aan de hand van de muzieksoort die de kerk ongetwijfeld voor de grootste vragen stelt: de popmuziek.
B. J. VAN DER GRAAF, GOUDA
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 september 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 september 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's