Hoe voorkom je kortsluiting?
VERBONDEN MET DE LEEFWERELD VAN JONGEREN [3]
'Waar slaat het op dat ik deze muziek niet mag draaien? ' 'Kunt u me e'en goede reden noemen waarom ik op zaterdagavond zo belachelijk vroeg thuis moet zijn? ' 'Wat is er eigenlijk zo Jout aan samenwonen? ' Als u met jongeren in gesprek probeert te gaan ouer hun leefwereld, komt er vaakjlink u> at tegengas. Alles wordt ter discussie gesteld. En terwijl u zoekt naar verbinding, is kortsluiting misschien meer het woord dat de sfeer van de gesprekken typeert.
In de vorige twee artikelen is een pleidooi gevoerd om de leefwereld van jongeren serieus te nemen. Oren en ogen sluiten voor de muziek die zij luisteren en de films die zij zien, werkt niet. Beter is het om te zoeken naar verbondenheid, naar contact - juist op deze voor ouderen vaak vreemde terreinen. Dat betekent bijvoorbeeld datje mee gaat luisteren en kijken, datje je door hen laat informeren, datje het gesprek zoekt. Maar dat plaatst tegelijk in een spanningsvolle relatie. Je wilt aan de ene kant hun films en muziek niet bij voorbaat afschrijven, maar aan de andere kant toch ook kritisch kunnen zijn-
Pijn en teleurstelling
Juist bij dat kritisch zijn gaat het nogal eens mis. Als in gesprekken de vonken eraf vliegen en de hitte voelbaar is, is het de vraag hoe je 'kortsluiting' kunt voorkomen. Is het eigenlijk nog wel mogelijk om je te verbinden met een leefwereld die zo verschilt van die van jou? Is het nog mogelijk om als ouders en leidinggevenden aan de volgende generatie door te geven wat wezenlijk is? Als ambtsdrager wil je ouders en leidinggevenden stimuleren om te zoeken naar aansluiting met de leefwereld van jongeren. Er ligt hier vaak veel pijn en teleurstelling. Ouders hebben geprobeerd hun oprechte zorg te delen met hun kinderen, maar er was geen enkel gesprek mogelijk. Veel ouders maken zichzelf verwijten: het is mijn schuld dat mijn kinderen een leven leiden dat tegen Gods wil ingaat. Of er is sprake van een grote mate van verlegenheid: ouders of leidinggevenden weten werkelijk niet hoe ze zaken uit de leefwereld van jongeren aan de orde moeten stellen. Wat dat betreft, zou het goed zijn als ambtsdragers het gesprek hierover binnen de gemeente op gang konden brengen: om ervaringen te delen, misschien informatie uit te wisselen, of ook elkaar te bemoedigen om toch verbondenheid te blijven zoeken.
Jongeren 'stenigen'?
Maar hoe ga je dit soort spannende gesprekken aan met jongeren? Waar moeten we beginnen? Misschien moeten we maar beginnen bij onszelf. Dat is tenminste wat me opvalt in bijvoorbeeld de geschiedenis die beschreven wordt in Johannes 8. Een vrouw is betrapt op overspel en de Farizeeën willen haar stenigen. Maar waar het op uitloopt, is dat de Farizeeën worden geconfronteerd met zichzelf. Eén voor één druipen ze af, omdat Jezus hun beschuldigingen als een boemerang op henzelf laat terugkomen.
Met de Farizeeën voel ik soms sterk de behoefte om bepaalde uitwassen binnen de jongerenwereld te 'stenigen'. Ik kan me gewoon boos voelen over de kortzichtigheid die tieners en jongeren aan de dag leggen. Maar Jezus leert me door deze geschiedenis dat het een risico met zich meebrengt om jongeren te willen veroordelen. Jongeren in verbinding brengen met God en Zijn Woord, betekent dat ook ons eigen hart door Hem blootgelegd wordt...! Jezus vraagt van ons in de eerste plaats geen inzicht in de wereld van jongeren, maar in ons eigen hart. Zijn we bereid naar onszelf te kijken? En verschillen de jongeren dan werkelijk zoveel van ons? Ik denk dat dit het begin is van 'verbinden': jezelf kennen en jezelf laten kennen! Wie jongeren wil uitdagen om hun leefwereld te verbinden met God, mag zichzelf daarom wel afvragen: ben ik zelf verbonden met Hem die de bron is van alle echte verbondenheid?
Over zo'n zin kun je makkelijk heenlezen, maar vraagt u het zichzelf écht eens af: leef ik met Hem? Niet alleen als er jongeren in de buurt zijn, maar juist ook als ze er met zijn en als misschien wel geen mens u ziet! In hoeverre is uw hart gevormd door God de Vader? U zou eens aan jongeren moeten vragen wat ze merken aan uw manier van omgang en reageren. Of misschien kunt u het van uzelf wel zeggen...: komt u dan uit bij de vrucht van de Geest? Bij liefde, blijdschap, vrede, geduld, vriendelijkheid, mildheid, trouw en zelfbeheersing? Of komt u toch meer in de buurt van ruzie, nijd, drift, rivaliteit, onenigheid en onmatigheid? Wat u zaait, zult u oogsten - ook in de gesprekken met jongeren.
Hart voor jongeren
In het jeugdwerk kun je soms stevig discussiëren met jongeren. Maar vóór alles gaat het erom dat een leidinggevende zelf verbonden is met God en op basis van deze verbondenheid, hart heeft voor jongeren. Dat wil zeggen: vóórdat er ook maar iets over de leefwereld gezegd wordt, moet duidelijk zijn dat er bewogenheid is. Bewogenheid heeft iets in zich van: 'te doen hebben met'. Niet in de zin van hoofdschuddend kijken naar de leefwereld van jongeren, maar in die zin dat hun wereld te maken heeft met jouw wereld als ouder of als leidinggevende. Jouw wereld staat niet meer los van hun wereld. Als hun wereld op z'n kop staat, staat jóuw wereld op z'n kop. Wanneer we een gesprek beginnen met gebogen knieën in plaats van een opgetrokken neus en met de bereidheid er daadwerkelijk zelfbij betrokken te worden, dan komt de kritische houding wezenlijk anders over. Niet als oordeel, maar als ontferming. En misschien wordt kortsluiten dan langzamerhand verbinden.
TIEMEN WESTERDUIN, STAFLID HGJB
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 oktober 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 oktober 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's