De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De evangelisatie en de kerk

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De evangelisatie en de kerk

EEN TYPISCH HERVORMD VERSCHIJNSEL [4]

7 minuten leestijd

In deze bijdrage denken we na over de inrichting van de verenigde kerk, in het bijzonder toegespitst op de positie van hervormd-gereformeerde evangelisaties en kerkenraadscommissies, Waarbij een intrigerende titel voor mijn bijdrage is gekozen: '... de toekomstvan de kerk'. Wie kennisgenomen heeft van het door de generale synode uitgestippelde beleid in verband met Samen op Weg, zal geneigd zijn om te denken: welke toekomst? De kerk, dat wil zeggen de Nederlandse Hervormde Kerk houdt, als de plannen doorgaan, binnen afzienbare tijd toch op te bestaan? Kunnen we het dan beter niet laten bij: 'de toekomst van de evangelisatie'?

Ik denk van niet. Want hoewel de huidige naam van onze kerk verdwijnt en hoewel er een geheel gewijzigde kerkorde komt, de kerk blijft. Het is niet de bedoeling dat de Nederlandse Hervormde Kerk ophoudt te bestaan. In de nieuwe kerkorde is opgenomen dat deze 'geruisloos', van rechtswege overgaat in de SoW-kerk, waarin tevens opgaan de Gereformeerde Kerken in Nederland en de Evangelisch- Lutherse Kerk in Nederland (art. II concept kerkorde).

Natuurlijk kan hier anders tegenaan gekeken worden. Allerlei verschillende en fundamentele bezwaren kunnen worden aangevoerd tegen de wijze waarop de drie kerkverbanden verenigen. Het is hier niet mijn taak deze aan de orde te stellen. Ik vermoed dat u allen deze wel kent en er zorgen en verdriet om hebt. Ook bent u op de hoogte van het standpunt dat de Gereformeerde Bond heeft ingenomen. Dat komt erop neer dat er overwegende bezwaren bestaan tegen de manier waarop de kerkvereniging plaatsvindt, maar dat we ons als het erop aan komt, niet kunnen onttrekken aan die vereniging. Het vorenstaande is het uitgangspunt van mijn bijdrage, gegrond op de notie dat er dus wel toekomst is voor onze kerk.

Hervormde kenmerken

Vanzelfsprekend had de opzet van de vereniging zo kunnen zijn dat de huidige kerkorde ongeveer in stand werd gelaten en dat de gereformeerden en luthersen als het ware zouden opgaan in de Hervormde Kerk, waarbij alleen waar het echt nodig was de kerkorde zou worden aangepast. Deze opzet heeft het echter nooit gehaald. Het werd noodzakelijk geacht om de drie kerkverbanden te verenigen onder een geheel vernieuwde kerkorde.

Dat neemt niet weg dat gekozen is voor het hervormde systeem van de kerkorde. Dat betekent dat er een 'grondwet' komt met negentien grondleggende artikelen en daarnaast en daarvan afgeleid een veertiental uitvoeringsregelingen (net als nu aangeduid als 'ordinanties'), alsmede op de ordinanties gebaseerde generale regelingen. Voor in het bijzonder de gereformeerde is dit een hele omslag in kerkjuridisch denken. De gereformeerde kerken maken meer deel uit van een verband van zelfstandige (plaatselijke) kerken met een kerkorde die slechts het noodzakelijke inhoudt voor het samen functioneren.

Dat laatste brengt mij op een andere, niet minder gewichtige hervormde kerkjuridische eigenschap. Ik bedoel de visie op het kerkzijn zoals dat is neergelegd in de hervormde kerkorde. Ondanks alle verschillen zijn we één kerk, waartoe alle gemeenten behoren. Die gemeenten zijn wel zelfstandig, maar niet autonoom. Ze zijn als het ware de bouwstenen die de kerk vormen. Ze kunnen niet los daarvan functioneren en dus ook niet hun eigen weg gaan. Bij de gereformeerden ligt dat anders. Daar is de landelijke kerk als gezegd een verband van zelfstandige en autonome gemeenten (kerken), die in principe alleen bij het verband behoren zolang zij dat willen. Ik ga hierop niet verder in; belangstellenden verwijs ik naar het rapport 'Om de eenheid en heelheid van de kerk' dat de synode in 2001 heeft vastgesteld. Binnen de Gereformeerde Kerken is op dit punt veel verzet tegen Samen op Weg.

Ten slotte noem ik nog de met het bovenstaande samenhangende verschillen met betrekking tot toezicht en geschillenbeslechting. De typisch hervormde juridische figuur, te weten de onafhankelijke rechtspraak, blijft bestaan. In geschillen over de toepassing en uitlegging van kerkordelijke bepalingen heeft niet de ambtelijke vergadering het laatste woord, zoals nu nog bij de Gereformeerde Kerken, maar speciale rechtsprekende colleges. Kerkelijk beleid en 'rechtspraak' over beslissingen worden zo uit elkaar gehaald. Ook hieraan zullen de gereformeerden moeten wennen, evenals aan de omstandigheid dat de plaatselijke kerken straks aan bovenplaatselijk toezicht onderworpen zijn.

Geografische eenheid

Maar ook vanuit de hervormde optiek zal er veel veranderen. Ik laat de bezwaren tegen het kerkordeartikel over de belijdenis en andere bezwaren nu rusten en vestig uw aandacht op een ander groot verschil tussen de huidige hervormde situatie en die in de verenigde kerk. Een verschil dat ook uw positie raakt. De huidige kerkorde gaat uit van de geografische eenheid van de plaatselijke gemeente. Elke gemeente heeft vaste grenzen, binnen die grenzen is maar één gemeente en de leden van de kerk die binnen die grenzen wonen, behoren tot die gemet ite. U proeft hier de oude hervormde gedachte van de eenheid van de kerk, zoals ik die zo-even in alle beknoptheid schetste.

Ik lees in het boek van dr. P. van den Heuvel over de hervormde kerkorde (maar zou ook kunnen citeren uit oudere werken, bijvoorbeeld het boek over hervormd kerkrecht van prof. Haitjema uit 1951): 'Men kiest zich niet zelf de medegelovigen uit naar eigen voorkeur: als leden van de kerk in één dorp of wijk van de stad zijn we geroepen samen gemeente te zijn.' Nu kunnen we niet ontkennen dat er verschillen zijn. Grote verschillen, soms heel wezenlijke. Uzelf kunt daarover als geen ander meepraten. Daarom zijn er vanaf het begin van de huidige kerkorde mogelijkheden geschapen om, met handhaving van het principe van de ene geografische gemeente, op een zodanige wijze rekening te houden met de in de praktijk gebleken verschillen dat ze niet tot breuken leidden. Deze ontwikkeling heeft ertoe geleid dat het geografische uitgangspunt in hoofdzaak door een drietal regelingen is doorbroken:

- de regeling inzake de buitengewone wijkgemeenten; - de regeling inzake de deelgemeenten; - de regeling om lid te worden van een andere gemeente (ook wel aangeduid als perforatie).

Ook wordt rekening gehouden met verschillen door de regeling inzake de kerkenraadscommissies. Daarbij wordt de eenheid van de geografische gemeente echter geen geweld aangedaan.

Evangelisaties

U ziet dat ik niet de hervormde evangelisaties noem. In mijn jeugdjaren • was mijn vader voorganger van de Ned. Hervormde Evangelisatie op Gereformeerde Grondslag te Wieringerwaard. Wij waren hervormd en dus lid van de plaatselijke (vrijzinnige) hervormde gemeente. Toch gingen wij niet naar de kerk van die gemeente, maar naar de 'kerk' in de vorm van het gebouw van de evangelisatie. Geen doorbreking dus van het geografische uitgangspunt. In feite was sprake van een soort binnenkerkelijke scheiding, want noch onze samenkomsten noch onze wijze van gemeente-zijn was in de kerkorde te vinden. Toch binnenkerkelijk, want men probeerde zoveel mogelijk kerkelijk te denken, bijvoorbeeld door met de plaatselijke hervormde gemeente te regelen dat er in de kerk Heilig Avondmaal gehouden kon worden in aanwezigheid van een ambtsdrager van de hervormde gemeente.

Maar het was en is een moeizame plaats, als kleine minderheid, aan de rand van de kerk, zonder enige kerkordelijke voorziening.

Ik ga nu niet verder in op de precieze inhoud van de verschillende regelingen die langzamerhand het geografi-

Tijdens de ontmoetingsdag voor hervormd-gereformeerde evangelisatiebesturen en kerkenraadscommissies werd nagedacht over de identiteit van deze minderheidsgroepen. Na de inleidingen van ds. J. L. W. Koppenhol en mr. E. Wolswinkel plaatsen we in twee afleveringen tot slot de bijdrage van mr. D. G. van Vliet, die handelde over 'De toekomst van de evangelisatie en de toekomst van de kerk'.

RED. DE WAARHEIDSVRIEND

sche uitgangspunt hebben uitgehold. Wel merk ik op dat de per/oratieregeling een belangrijke doorbraak heeft betekend. Hoe langer hoe minder zul-len onze jonge mensen het idee hebben dat ze nu eenmaal behoren bij de gemeente waar ze wonen en dat ze het in principe moeten redden met de mensen die van die gemeente deel uitmaken. Steeds meer zullen ze zich gaan voegen bij de gemeente waar ze zich geheel thuis voelen en ontstaat er kruisverkeer, ook tussen hervormd-gereformeerde gemeenten.

D. G. VAN VLIET, WILNIS

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 november 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De evangelisatie en de kerk

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 november 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's