Correspondentieadres: L. van der Waal
Correspondentieadres: L. van der Waal Lagendijk 60 2981 EM Ridderkerk
Aan de leden van de Synode van de Nederlandse Hervormde Kerk
Ridderkerk, 18 november 2003
Geacht Synodelid,
Wij, ondergetekenden, die zich nauw bij de Nederlandse Hervormde Kerk betrokken weten en deze kerk in verschillende functies hebben gediend of nog dienen, richten ons met het oog op het te nemen besluit op 12 december tot u met de volgende overwegingen en oproep.
Nu het vrijwel vaststaat dat de beoogde fusie van de kerken onvermijdelijk tot scheuren zal leiden, dringt zich de vraag op of het wel verantwoord is deze fusie op dit moment door te zetten. We beseffen dat deze vraag meerderen voor een ingrijpende heroverweging plaatst, maar gezien het gewicht van de zaak zijn wij ervan overtuigd dat dit dilemma niet uit de weg kan worden gegaan. We treden hierbij niet in theologische overwegingen. Het gaat er in deze brief uitsluitend om het beoogde positieve effect van de kerkelijke vereniging af te wegen tegen de negatieve resultaten die er het gevolg van zullen zijn. Op grond hiervan menen wij dat er ook voor synodeleden die in beginsel positief, althans niet afwijzend, staan tegenover deze vereniging van de kerken, toch zwaarwegende redenen kunnen zijn om tegen het voorstel tot fusie te stemmen.
We denken aan de volgende vier aspecten.
1. Fusie leidt tot scheuren
Hoewel door de leiding van de kerk aan een aantal bezwaren is tegemoetgekomen, staat vast dat niet alle bezwaarden met een fusie zullen meegaan. Als gevolg hiervan zullen in tientallen gemeenten scheuren ontstaan en zullen duizenden meelevende gemeenteleden zich niet voegen bij de verenigde kerk. De geschiedenis leert dat in gevallen van kerkscheuring de breuken dwars door gemeenten, organisaties en gezinnen heen lopen. Dat zal nu niet anders zijn. De omvang van het leed dat dit met zich meebrengt, is niet te peilen en de wonden die hiermee worden geslagen, zullen in de kerk blijvend voelbaar zijn. Daar komt bij dat gebleken is dat twisten rond kerkscheuringen er niet zelden toe leiden dat mensen helemaal breken met de kerk.
Dit legt een zware verantwoordelijkheid bij degenen die niet meegaan, maar niet minder bij de synode, die kan verhinderen dat deze situatie zich gaat voordoen.
2. Onvoldoende basis voor fusiebesluit
Het voorgaande argument klemt temeer, daar het draagvlak voor een zo ingrijpende beslissing als een fusie van kerken onvoldoende is. Zelfs wanneer deze met de daarvoor vereiste meerderheid van 2/3 wordt genomen. Zoals algemeen bekend vormt de samenstelling van de synode immers geen getrouwe afspiegeling van het grondvlak van de kerk, vanwege de grote verschillen tussen de classes onderling wat betreft het aantal (meelevende) leden. Ondanks de schijn van het tegendeel rust daarom een besluit bij gekwalificeerde meerderheid niet op een zelfde reële meerderheid van de kerk in haar geheel.
Vanzelfsprekend is deze situatie u als synodeleden niet aan te rekenen, maar van u mag toch wel gevraagd worden u hiervan naar recht en billijkheid rekenschap te geven en u van de ernst van nieuwe breuken te vergewissen, wanneer een fusie op deze basis tot stand komt.
3. Verlies kerkelijke betrokkenheid
Voorts mag niet worden vergeten dat het verzet tegen de fusie in brede kring leeft en zeker niet alleen ter rechterzijde. Dat zal als resultaat van de recent gehouden consideraties op het fusiebesluit opnieuw duidelijk aan het licht komen. Dit legt een zware hypotheek op de onderlinge verhoudingen binnen de verenigde kerk. Met de eigen gemeente zal men wel blijven meeleven, maar er zal weinig tot geen betrokkenheid zijn op het bovenplaatselijke kerkenwerk.
4. Juridische en financiële nasleep
Ten slotte kan verwacht worden dat de PKN met de achterblijvende gemeenten met betrekkingtot de kerkelijke goederen in onverkwikkelijke juridische conflicten en jarenlange procedures verwikkeld zal raken. Deze zullen het imago van de kerk en het getuigenis naar buiten ernstig schaden. Procedures die bovendien buitengewoon kostbaar zullen zijn, juist in een tijd waarin de kerk moet bezuinigen en de overheid snoeit in subsidies aan kerkelijke organisaties.
Waarom niet een alternatieve weg gekozen?
In de afgelopen jaren zijn diverse alternatieven ter sprake geweest die langs wegen van groei een geleidelijke toenadering beoogden. Te denken is aan het stimuleren van federatieve of andere vormen van samenwerking op het grondvlak, waarvan er momenteel al enkele honderden bestaan. Waarom zou deze ontwikkeling niet bevorderd kunnen worden en de daarvoor benodigde kerkelijke structuren gecreëerd? Dan zou er geen sprake van dwang zijn, maar, overal waar dat kan, in vrijwilligheid worden samengegaan. In 1994 is besloten dat samenvoegingvan de arbeidsorganisaties en die van de kerken twee afzonderlijke trajecten zijn, ieder met een eigen tijdpad. Er hoeft dus geen gelijktijdigheid te bestaan tussen het tot stand brengen van de ene arbeidsorganisatie en de vereniging van de kerken. We zijn ons ervan bewust dat een pleidooi voor een andere vorm van samengaan dan fusie door velen gezien wordt als een gepasseerd station. Maar waarom zou deze weg niet alsnog bewandeld kunnen worden, wanneer daarmee zoveel kerkelijk onheil kan worden voorkomen?
Oproep
Het voorgaande brengt ons tot de conclusie dat een zo ingrijpend besluit als een fusie, waarvan geen weg terug is, in dit stadium niet verantwoord is:
- De kerk bevindt zich in een wereld waarin de geestelijke nood en de maatschappelijke verschijnselen van secularisatie en relativisme immens zijn en meerdere gemeenten worstelen om te overleven. In zo'n wereld kan toch niemand voor nieuwe kerkelijke verscheurdheid verantwoordelijkheid dragen? - Een besluit dat tot breuken en publieke kerkelijke conflicten leidt, brengt schade toe aan het getuigenis van de kerk in de samenleving. - Een maatregel die door talloos velen beleefd wordt als dwang van bovenaf, zal de interne verdeeldheid binnen de verenigde kerk aanscherpen en de liefde voor de kerk bekoelen. Een besluit dat daartoe leidt, is niet in overeenstemming met de gestalte die de kerk als geloofsgemeenschap dient aan te nemen tegenover haar leden en in haar presentatie naar buiten.
Wij beseffen het gewicht van het halt houden op een weg die al zover is afgelegd, maar een feitelijke analyse en afweging van de effecten van een fusie tegenover het beoogde doel brengen ons tot de conclusie dat de prijs die voor vereniging van de kerken op dit moment betaald moet worden, te hoog is. Wij roepen u daarom met klem op uw positie op basis van het voorgaande te (heroverwegen en op 12 december het huidige voorstel tot fusie niet te aanvaarden.
De initiatiefnemers,
DRS. G. PLAISIER RA, RIDDERKERK IR. L. VAN DER WAAL, RIDDERKERK IR. P. VAN WOERDEN, REEUWIJK
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 november 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 november 2003
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's