De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de pers

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de pers

10 minuten leestijd

Prof. dr. J(an) A. B. Jongeneel

Twee weken geleden nam prof. Jongeneel afscheid als hoogleraar missiologie (zendingswetenschappen) van de Universiteit Utrecht Koos van Noppen had een gesprek met hem voor de EOradio en schreef gebaseerd op dit gesprek, voor het Centraal Weekblad (21 november 2003) een artikel over dit afscheid. Jongeneel hield nooit van vage reacties of onduidelijke stellingname. Boven zijn artikel schrijft Van Noppen dan ook: Jan Jongeneel neemt niet graag een blad uoor de mond. In zijn publicaties 'deinst hij niet terug voor duidelijke positiebepalingen, ook al wordt hem dat in het Nederlandse universitaire wereldje niet altijd in dank afgenomen', aldus Van Noppen. Jongeneel: 'We spreken in de missiologie niet over een algemeen vaag godsbesef. Centraal is of ons hart vol is van datgene waarvoor Jezus Christus, Paulus en de apostelen en evangelisten hebben gestaan. Dat zal vertaald moeten worden naar de missiologie'. Met deze positiebepaling staat Jongeneel wel zo ongeveer alleen in het Westen, maar internationaal, met name in de VS, voelt hij zich veel minder geïsoleerd. Het christendom heeft een missionaire intentie, aldus Jongeneel. En als we die intentie niet vasthouden, dan zagen we de tak door waar we als christenen op zitten. Prof. Jongeneel verdient daarom ons respect voor de wijze waarop hij jarenlang als missioloog zijn werk heeft gedaan. Ik citeer het laatste gedeelte van het artikel. Dat gaat over de integratie van de islam in onze samenleving. Van Noppen haakt in op Jongeneels stelling dat die integratie het meest onderschatte probleem is van de Nederlandse samenleving.

"'Vooraf dit: ik maak onderscheid tussen moslims en de islam. Het dubbele liefdegebod van Jezus laat geen uitzondering toe. tuord opgeroepen moslims lief te hebben als mezelf. Punt uit. Maar de islam is een ander chapiter. Net als het christendom is het een missionaire godsdienst. Alleen: we zien m menteel een uersterkt missionair bewustzijn aan de kant uan de islam en een verzwakt missionaire bewustzijn aan de kant uan het christendom. Daarbij gaan er mijns inziens wetenschappelijk en spiritueel dingen mis

Uw vertrek valt nagenoeg samen met de aankondiging dat in Rotterdam een mega-moskee wordt gebouwd. Onlangs was u nog in het nieuws met een verbod op de bouw van moskeeën... "Dat is al te kras gesteld. Ik vergelijk de godsdienstvrijheid in West-Europa met de godsdienstonvrijheid in andere delen van wereld, met name in het Midden-Oosten. Voor het christendom is er in het hartland van de islam, Saudi-Arabië, geen enkele ruimte om zich te ontplooien. Er kan een pitale moskee worden neergezet in Rotterdam, maar in Saudi-Arabië mag nog niet het meest piepkleine kerkje worden neergezet, terwijl daar toch minstens 600.000 christenen wonen. Ze mogen geen erediensten ho den, mogen zelfs geen Bijbel in huis hebben. De balans is zoek.

Waar het mij om gaat, is dat de politici in West-Europa geen werkelijk punt maken uan de godsdienstvrijheid in de wereld. Ze tack len het probleem uan de islam alleen in de context uan Europa (of Nederland), zonder het wereldwijtle perspectief erbij te betrekken. Zolang deze punten niet op de agenda komen, spelen politici kiekeboe voor de werk lijke problemen die uan decennium tot decennium steeds groter zullen worden. De islam heeft uoet aan de grond gekregen in nagenoeg alle Europese landen en zal daar nooit meer weggaan. Maar of het christendom ooit meer ruimte zal krijgen in islamitische landen is zeer de uraag. Het is onbegrijpelijk dat iemand als Bush niet openlijk ouer dit probleem durft te spreken en dat hij Saudi-Arabië op alle mogelijke manieren hand boven het hoofd houdt. Alleen maar om de olie. Het is een kortetermijnpolitiek die ons op de langere termijn zeer zal opbreken."

"Ik verzet me op geen enkele wijze tegen ke moskeebouw dan ook. Maar ik stel de uraag: jullie krijgen hier de ruimte uoor moskeebouw, welke ruimte geuen jullie christenen elders? Willen jullie je inspannen voor meer godsdienstvrijheid van christen in Saudi-Arabië? Niet om daar in de eerste plaats moslims te gaan bekeren, maar om de lof van God uit te zingen." Dat is in de islamstaten toch ondenk- k baar? Wilt u de achilleshiel van de islam blootleggen?

"Het gaat me om het recht om de eigen godsdienst urij te beleven. Als Saudi-Arabië door de - hele wereld onder druk wordt gezet, zou er heus wel wat kunnen gebeuren. We geven gauw toe dat er in de islamitische wereld niets kan veranderen. Wanneer Mohammed zeifin de laatste periode van zijn leven aan ." christenen de ruimte heeft gegeven om - nota bene in zijn eigen huis - te bidden waarom zou dat niet kunnen? Waarom wordt daar geen dialoog over gevoerd? Het isoleren deze kwestie is struisvogelpolitiek."'

En daarmee heeft prof. Jongeneel opnieuw geen blad voor dé mond genomen. de

Jan Pieterszoon Sweelinck

In De Reformatie (22 november 2003) kaschrijft dr. J. Smelik (musicoloog/hymnoloog en als postdoc-onderzoeker verbonden aan de Theologische Universiteit (Broederweg) in Kampen) een boeiend artikel uover Sweelinck. Vorig jaar verscheen de cd-box The complete keyboard works van Jan Pieterszoon Sweelinck: in totaal 12 uur muziek, met een uitgebreid boekwerk (216 pagina's) waarin einformatie over de componist, de klavierwerken, de bronnen, de instrumenten en de uitvoerenden. Dit jaar werd de cd-box bekroond met de 'Edison Classical Awards 2003', aldus dr. e-Smelik. Hij geeft in zijn artikel wat biografische informatie:

'Jan Pieterszoon Sweelinck werd in de lente van het jaar 1562 te Deventer geboren. Ee'n of twee jaar daarna verhuisden zijn ouders, Pieter Swybertszoon en Elsken Jansdochte Sweling, naar Amsterdam. Vader Pieter werd daar organist uan de Oude Kerk. Hij zal ook de eerste muziekleraar uan Jan Pie- de terszoon geweest zijn.

Toen Pieter Swybertszoon in 1573 overleed bleef zijn gezin in armoedige omstandigheden achter. De pastoor uan de Oude Kerk, een zekere Jacob Buyck, nam echter de elfja- welrige Sweelinck onder zijn hoede. Buyck, die als een fervent aanhanger en verdediger de roomse religie bekend stond, zorgde voor Sweelincks algemene ontwikkeling. De muzikale opleiding werd ter hand genomen en door een zekere Jan Willemszoon uit Haarlem.

Sweelinck werd al op vijftienjarige leeftijd organist van de Oude Kerk. Dit betekent dat hij nog in rooms-katholieke kerkdiensten gespeeld heeft. Wantpas 25 of 26 mei 1578 ging Amsterdam over in gereformeerde han den. Een paar dagen later werd in de Oude Kerk de eerste calvinistische kerkdienst gehouden. Nadatzijn moeder in 1585 overle- te den was, nam Sweelinck de verzorging van zijn jongere broertje en zusje op zich. In 1590 trouwde Sweelinck met Claesgen Puyner, dochter van een welgesteld koopman uit Medemblik. Et werden zes kinderen geboren, waarvan Dirck (1591-1652) het meest bekend is geworden: hij zou zijn vader als or- van ganist van de Oude Kerk opvolgen toen deze op 16 oktober 1621 overleden was.'

Zijn leven lang bleef hij organist van de Oude Kerk in Amsterdam. Al tijdens zijn leven was hij een internationaal gevierd componist, organist en klavecinist en werd niet zonder reden de 'Orpheus van Amsterdam' genoemd. Interessant is wat Smelik schrijft over wat zoal van een organist in die dagen verwacht werd.

'Beschikken we niet meer ouer de orgels die Sweelinck in de Oude Kerk bespeelde, we weten wel iets meer ouer de taken die hij als organist had. Zoals veel organisten in de tijd na de Reformatie, "had Sweelinck tot taak om uoor en na de gereformeerde kerkdiensten het orgel te bespelen. Zoals waarschijnlijk wel bekend is, werd het orgel tijdens de kerkdiensten niet gebruikt. Daarnaast waren er door de week regelmatig orgelbespelingen. Dit had onder meer te maken met het/èit dat de kerken destijds door de week open waren. Het waren openbare ontmoetingsruimten met een duidelijke sociale junctie. Ook had de kerk een economische jimctie: er werd volop handel gedreuen. De orgels in deze kerken waren het eigendom uan het stadsbestuur en r de organist was in dienst uan de wereldlijke overheid. Op bevel van de stadsbestuurders gaven organisten op gezette tijden orgelbespelingen. Tijdens die orgelbespelingen kon er in de ogen van de kerkenraden nog wei-, eens het een en ander misgaan. Er zijn in ieder geval nogal wat klachten bekend over organisten die allerlei wulpse en andere wereldse muziek op hun instrument ten gehore brachten. Als kerkenraad kun je dan maar van één ding doen: je richten tot het stadsbestuur in de hoop dat die de organist tot de orde zou roepen.

De orgelbespelingen werden ook - al dan niet op instigatie uan de kerkelijke ouerheid - gebruikt voor meer educatieve doeleinden. Z werden ze gebruikt om de kerkbezoekers vertrouwd te maken met de psalmmelodieën die tijdens de kerkdiensten gezongen werden. - Vaak kregen organisten de opdracht om - vooral rondom de kerkdiensten - variaties spelen over psalmen. De variatiewerken uan Sweelinck, die we hierbouen al euen noemden, zullen uoor een deel uast en zeker in de Oude Kerk geklonken hebben. Het betreft dan vooral de variatiereeksen over geeste liederen. Sweelinck componeerde niet alle variaties over kerkliederen uit de lutherse 1

traditie, maar ook over diverse Geneefse psalmen, o.a. de psalmen 23, 36, 6g, 116 en 140. Als ambtenaar in dienst van het stadsbestuur mocht de stadsorganist ook uaak opdrauen uoor het geven uan een concert wanneer de stadsbestuurders hoge gasten hadden. Daarbij speelden prestige en pronken met een kundig musicus die je als stad bezat, ook een grote rol.'

Vanuit welke geloofsovertuiging deed Sweelinck zijn werk? Was hij calvinistisch of meer luthers of zelfs roomskatholiek?

'Dat Sweelinck organist uan de Oude Kerk te Amsterdam was, waar elke zondag en ook door de week calvinistische erediensten we den gehouden, geeft al evenmin uitsluitsel ouer de geloojsovertuiging uan de componist. Want in diuerse kerken hebben roomskatholieke organisten gefunctioneerd en he ben zij uoor en na de kerkdiensten gespeeld. Men heeft ten slotte ook wel gewezen op he feit dat Sweelinck zijn kinderen in de gereformeerde kerk liet dopen. Daaruit zou zijn calvinistische ouertuiging blijken. Het is echter goed te bedenken dat de calvinistische kerken in de Nederlanden destijds een ruim doopbeleid voerden: elke Nederlander had het recht in de calvinistische kerk gedoopt te worden. Het was daarbij zeljs niet noodzakelijk dat de ouders lidmaten uan de kerk r-waren. Zolang hun levenswandel en opvat tingen niet extreem cf overduidelijk antigodsdienstig waren, konden zij in de kerk terecht om hun kinderen te laten dopen. b- Het is dus moeilijk Sweelinck een uitgesproken "gereformeerd" componist te noemen t Zijn banden met het calvinisme en met voo aanstaande calvinisten kunnen inderdaad zeer eenvoudig en ueeluuldig aangetoond worden. We hebben te maken met een componist die zich in kringen van de gegoede burgerij bewoog. De kans datje dan ueel gereformeerden tegen het lijf liep, was uitermate groot. Maar Sweelinck had ook belangrijke contacten met rooms-katholieken en onder zijn (orgel) leerlingen waren veel - lutheranen uit Duitsland.'

Hoe het ook zij, Smeliks conclusie is dat we in plaats van speculeren over Sweelincks geloofsovertuiging er beter . aan doen onze tijd te besteden aan het r-beluisteren van de cd-box met het volledige klavierwerk van Sweelinck. Een tip die we te midden van de geschenkendagen van de laatste maand van het jaar aan de liefhebbers graag willen doorgeven.

J. MAASLAND

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 december 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Uit de pers

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 december 2003

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's