De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Kenmerken van de kerk

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kenmerken van de kerk

8 minuten leestijd

Uit: Institutie uan Johannes Calvijn, Boek IV, h/dst. 1, paragraaf g-12

9. Hieruit ontstaat en rijst duidelijk voor onze ogen op de gedaante der kerk. Want op geen enkele wijze moeten we er aan twijfelen, dat overal, waar we zien, dat Gods Woord zuiver gepredikt en aangehoord wordt, en de sacramenten naar Christus' instelling bediend worden, een kerk van God is; aangezien zijn belofte niet kan bedriegen: 'Waar twee of drie vergaderd zijn in mijn naam, daar ben Ik in het midden van hen' (Matth. 18 : 20). Maar opdat we de hoofdsom van deze zaak duidelijk mogen begrijpen, moeten we als het ware langs deze trappen voortgaan: dat de algemene kerk is een uit allerlei volkeren verzamelde menigte, die verspreid en verstrooid door plaatselijke afstand, toch tot één waarheid der Goddelijke leer saamstemt, en door de band van dezelfde godsdienst verbonden is. Dat onder deze algemene kerk de kerken afzonderlijk, die over de steden en dorpen naar de eis der menselijke noodzakelijkheid verdeeld zijn, zo vervat zijn, dat ieder van haar met recht de naam en het gezag der kerk bezit; en dat de mensen afzonderlijk, die door de belijdenis der vroomheid tot zulke kerken gerekend worden, ook al zijn ze inderdaad vreemd aan de kerk, toch in zekere zin tot haar behoren, totdat ze door een openbaar oordeel eruit geworpen worden. Trouwens met het beoordelen van particuliere personen staat het een weinig anders dan met het beoordelen van kerken. Want het kan voorkomen, dat wij hen, die we in 't geheel de gemeenschap met de vromen niet waardig keuren, toch als broeders moeten behandelen; en als gelovigen beschouwen, wegens de gemeenschappelijke eenstemmigheid der kerk, waardoor zij gedragen en geduld worden in het lichaam van Christus. Wij aanvaarden met ons oordeel wel niet, dat zulken leden der kerk zijn, maar wij laten hun de plaats, die zij onder Gods volk innemen, totdat die hun naar wet en recht ontnomen wordt. Maar over de menigte zelf moet men anders oordelen: want als zij de dienst des Woords heeft en in ere houdt, en ook de bediening der sacramenten, verdient zij zonder twijfel voor een kerk gerekend en gehouden te worden, aangezien het zeker is, dat zij niet zonder vrucht is. Zo houden wij vast aan de eenheid van de algemene kerk, welke duivelse geesten altijd gepoogd hebben te verscheuren, en wij beroven aan de andere kant de wettige vergaderingen, die verspreid zijn naar gelegenheid der plaatsen, niet van hun gezag.

10. Als tekenen, waardoor de kerk kan worden gekend, hebben wij de prediking van het Woord en de onderhouding der sacramenten gesteld. Want deze twee kunnen nergens zijn, zonder dat ze vrucht dragen en door Gods zegen voorspoedig gemaakt worden. Ik zeg niet, dat overal, waar het Woord gepredikt wordt, terstond vrucht ontstaat, maar ik zeg, dat het nergens ontvangen wordt en een vaste zetel heeft, tenzij om zijn krachtige werkiqg te tonen. Hoe het ook zij, waar de pre-diking van het evangelie met eerbied wordt gehoord en de sacramenten niet veronachtzaamd worden, daar vertoont zich voor die tijd een geenszins bedriegelijke noch twijfelachtige gedaante der kerk; welker gezag te verachten, vermaningen te verwerpen, raadslagen te weerstreven of kastijdingen te bespotten aan niemand ongestraft vrij staat; veel minder van haar af te wijken en haar eenheid te verbreken. Want de Here hecht aan de gemeenschap zijner kerk zo grote waarde, dat Hij hem voor een overloper en veriater van de godsdienst houdt, die zich van elke Christelijke vergadering, welke de ware bediening des Woords en der sacramenten onderhoudt, hardnekkig vervreemdt. Hij prijst haar gezag zozeer aan, dat Hij, wanneer dat geschonden wordt, het er voor houdt, dat zijn eigen gezag verminderd is. Immers het is van niet geringe betekenis, dat de kerk genoemd wordt de pilaar en vastigheid der waarheid, en het huis Gods (1 Tim. 3 : 15). Met deze woorden geeft Paulus te kennen, dat de kerk, opdat de waarheid Gods niet verloren ga op de wereld, haar getrouwe bewaakster is, omdat God door de dienst en de werkzaamheid der kerk de zuivere prediking van zijn Woord heeft willen bewaren en zich ons een huisvader heeft willen betonen, doordat Hij ons met geestelijke spijzen voedt en zorgt voor alles wat nuttig is tot onze zaligheid. Het is ook geen gewone lof, dat van haar gezegd wordt, dat ze door Christus verkoren en afgezonderd is tot Bruid, om te zijn zonder vlak of rimpel, zijn lichaam en vervulling (Ef. 1: 23; 5 : 27). Daaruit volgt, dat uit de kerk weggaan betekent verloochening van God en Christus; daarom moeten wij ons des te meer hoeden voor zulk een misdadige scheiding; want doordat we, voorzover wij

Gods waarheid, zijn wij waardig, dat Hij met het ganse geweld zijns toorns bliksemt om ons te verpletteren. En er kan geen vreselijker misdaad bedacht worden, dan met heiligschennende trouweloosheid het huwelijk te schenden, dat de eniggeboren Zoon Gods zich verwaardigd heeft met ons aan te gaan.

ii. Laat ons daarom die merktekenen naarstig in ons harten ingedrukt houden, en naar des Heren oordeel waard schatten. Want er is niets, waarop de Satan het meer toelegt, dan op de wegneming en vernietiging van een van deze beide merktekenen of van beide; nu eens, opdat hij door de vernietiging en vernieling van die beide merktekenen de waarachtige en echte onderscheiding der kerk zou wegnemen; dan weer, opdat hij door ze in verachting te brengen ons door onmiskenbare afval van de kerk zou afrukken. Door zijn list is het geschied, dat de zuivere prediking van het Woord ettelijke eeuwen lang verdwenen is geweest, en nu legt hij er zich met dezelfde boosheid op toe om de dienst des Woords aan het wankelen te brengen; en toch heeft Christus die dienst zo in de kerk verordend, dat wanneer hij weggenomen is, ook haar opbouwing te niet gaat. En hoe gevaarlijk, ja hoe dodelijk is de verzoede geest komt om af te wijken van die vergadering, waarin de tekenen en de kenmerken gezien worden, waarmee, naar des Heren oordeel de kerk voldoende aangeduid is! Wij zien, hoe grote behoedzaamheid aan beide zijden in acht genomen moet worden. Want opdat wij door de naam kerk niet bedrogen worden, moeten wij met die beproeving, als op een toetssteen elke vergadering onderzoeken, die de naam van kerk voert. Indien ze in het Woord en de sacramenten de orde houdt, die door de Here is bevolen, dan zal ze ons niet bedriegen: laat ons gerust haar de eer toekennen, die aan kerken verschuldigd is; maar indien ze zich aan de andere kant zonder Woord en sacramenten aanbiedt, moeten wij ons voor dergelijke begoocheling even zorgvuldig wachten, als we in het andere geval lichtvaardigheid en hovaardij moeten vermijden.

12. Wat wij zeggen, dat de zuivere bediening des Woords en het zuivere gebruik in de bediening der sacramenten een pand en kenteken is, dat wij die gemeenschap, waarin beide aanwezig zijn, veilig als een ware kerk kunnen aanvaarden, daarvan gaat de betekenis zo ver, dat die kerk nooit verworpen mag worden, zolang ze daarbij blijft, ook al is ze overigens vol van fouten. Ja zelfs zal er in de bediening van de kunnen insluipen, zonder dat die ons van haar gemeenschap behoort te vervreemden. Want de hoofdstukken der ware leer zijn niet alle van één gestalte. Sommige zijn zo noodzakelijk om te weten, dat ze bij allen ontwijfelbaar vast moeten staan, als leerstukken, die de godsdienst eigen zijn. Als daar zijn, dat er één God is, dat Christus God is en de Zoon Gods, dat onze zaligheid gelegen is in Gods barmhartigheid en dergelijke. Er zijn andere, waarover tussen de kerken geschil is, maar die toch de eenheid des geloofs niet verscheuren. Want welke kerken zouden om dit ene uit elkaar gaan, wanneer de ene, niet uit lust tot twisting, niet uit hardnekkigheid om staande te houden, meent, dat de zielen, wanneer ze uit de lichamen verhuizen, naar de hemel opvaren, en de andere niet zekers durft zeggen aangaande de plaats, maar toch voor zeker houdt, dat de zielen de Here loven? De apostel zegt (Fil. 3 : 15): 'Zovelen als wij volmaakt zijn, laat ons hetzelfde gevoelen; indien gij iets anderszins gevoelt, ook dat zal u God openbaren'. Geeft hij niet voldoende te kennen, dat verschil van mening over zulke niet zo noodzakelijke zaken, geen oorzaak van scheiding behoort te zijn onder Christenen? Het is in de eerste plaats wel zaak, dat wij in alles eensgezind zijn; maar aanenige nevel van onwetendheid omhuld is, moeten wij of geen kerk overlaten, of het misverstand vergeven in die zaken, in welke men, zonder de hoofdsom der religie te schenden en zonder verlies der zaligheid, onwetend mag zijn. Maar mijn bedoeling is hierbij niet zelfs maar de allergeringste dwalingen in bescherming te nemen, alsof ik meende, dat die vriendelijk en oogluikend mogen begunstigd worden; maar ik bedoel, dat we niet lichtvaardig, om het een of ander klein verschil, de kerk moeten verlaten, wanneer slechts in haar die gezonde leer ongeschonden gehouden wordt, waarop de Godzaligheid onaangetast berust, en wanneer het door de Here ingesteld gebruik der sacramenten bewaard wordt. Wanneer wij intussen ons best doen te verbeteren, wat ons mishaagt, dan handelen we daarin naar onze plicht. Hierop heeft betrekking wat Paulus zegt (1 Cor. 14 : 30): 'Indien een ander, die er zit, iets geopenbaard is, dat de eerste zwijge'. Daaruit blijkt, dat het bevorderen van de algemene stichting aan ieder lid der kerk opgedragen is, naar de mate zijner gave, mits betamelijk en ordelijk, dat is, dat wij niet of de gemeenschap der kerk verlaten, of wanneer we in haar blijven, de vrede en de welgeregelde tucht verstoren.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 30 december 2003

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Kenmerken van de kerk

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 30 december 2003

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's