De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de pers

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de pers

8 minuten leestijd

Gebedsgenezing

Op 3it moment krijgt het thema 'gebedsgenezing' nogal wat aandacht in de kerkelijke wereld, maar ook daarbuiten. Onlangs zond de VARA een televisieprogramma uit, verzorgd door Michiel van Erp, over de wonderbare genezingspraktijken van de bekende Nigeriaanse voorganger T. B. Joshua. Dat programma maakte diepe indruk op me, maar dan niet zozeer in positieve zin. Het verbaasde me dan ook zeer even later te lezen dat prof. dr. Willem Ouweneel geheel in de ban is geraakt van de genezingspraktijken van Joshua en hem één van de grote mannen Gods noemt die in het centrum staan van de opwekking die God in onze dagen geeft. Ik las dat in artikelen van prof. dr. J. W. Maris in De Wekker (16 en 23 januari 2004). Ouweneel geeft in zijn onlangs verschenen boek 'Geneest de zieken' deze waarschuwing af: 'Laten we geen tegenstanders zijn van de werktuigen door wie God zich vandaag openbaart'. Joshua gaat zijn activiteiten in Europa uitbreiden: in Nieuwegein wordt er zelfs een gemeente gesticht die onderdeel wordt van Joshua's 'Synagogue Church of All Nations'.

In genoemd VARA-programma werd meegereisd met een groep Nederlanders die naar Nigeria gingen om genezing te vinden. Genezing dan in de meest brede zin van het woord: huwe- \ lijksproblemen, problemen van seksuele aard, etc. Ik kan begrijpen dat mensen in de war raken van wat ze zien en lezen van deze T. B. Joshua, net zoals dat al eerder het geval was door het optreden van de gebedsgenezer Jan Zijlstra.

Prof. Maris geeft een nuchter bijbels oordeel over de praktijken van Joshua. Ik geef twee tamelijk uitvoerige citaten uit het tweede artikel dat ik las. 'Een vraag van belang is of een gave van genezing bijbels gezien het centrum kan vormen in de kerk van Christus. De charismata zijn in Romeinen 12 en 1 Korintiërs 12 bedoeld voor de opbouw van de gemeente, niet om van die gemeente een centrum te maken waarin alles om dat ene charisma draait. De Korintiërs die de neiging hadden vooral de tongentaai boven alles te zetten, krijgen te horen, dat het centrum is: Jezus Christus en Dien gekruisigd. Daar ligt de dwaasheid der prediking! En dat centrum is niet naar de mens!

Wat doet iemand die de wereld rondreist met de boodschap dat hij of zij een grote gave . heeft ontvangen? Onveranderlijk maakt die van zichzelf en van zijn/haar organisatie iets groots. De grote offergaven waartoe wordt opgeroepen door Jan Zijlstra of door T. B. Joshua o/door Benny Hinn etc., zijn bestemd voor hun grote bouwwerken. Want zij hebben die grote zegen in de wereld te verspreiden. Mensen worden eerder uit hun kerk losgeweekt dan dat het lichaam van Christus wordt opgebouwd. Als Jakobus 5 spreekt over de voorbede voor zieken en het erbij roepen van de oudsten dan gaat het om iets binnen de gemeente! Het gaat de Koning van de kerk immers altijd om de opbouw van zijn lichaam!

De charismata van de Heilige Geest maken toch niet iets groots van een mens? Gelukkig zijn er in de gemeente heel wat voorbeelden uan genezingen op het gelovige gebed. In menige gemeente zijn er aanleidingen geweest tot indringende voorbede, zijn er ook bidstonden gehouden voor genezing waar de Here vrijmoedigheid gaf voor dat gebed. En wat zijn er juist in zulke tijden geen bemoedigingen geweest tot opbouw van de gemeente, en samenbinding in de gemeenschap der heiligen. Hoe heeft de genezing die God gaf op de gebeden niet vaak een teken gevormd voor ongelovigen binnen o/rond de gemeente die er getuige van waren. Hoe essentieel is het dan steeds, dat iemand niet bij een wonder blijft hangen, maar bij het evangelie van vergeving en genade terechtkomt. Daar ligt immers het middelpunt van het gemeente-zijn. Stel je voor dat de kerk via affiches reclame zou maken met de wonderen van ontferming en genade die we via de gave van die en die broeder hebben ontvangen... Zou de gemeente die zo handelt niet meteen haar schat en haar bestaan/ hebben verspeeld?

De kerk van Joshua stelt zichzelfgjelijk met de pro/eten uit de Heilige Schrift. Op de gedrukte liturgie in de kerk in Lagos werd het opschrift gevonden "The Synagogue Church of All Nations - Mouthpiece of God (Jer. 1, 9)". God zei daar tot Jeremia: "Ik geef mijn woorden in uw mond". De

pro/eten door wie God sprak tot zijn volk, waren echter iets anders dan wie nu geroepen zijn om "dienaar van het goddelijke Woord" te zijn! Als er dan nog op volgt: "Ministering God's Power by ProphetT. B. Joshua" - die Gods Kracht uitdeelt door de profeet T. B. Joshua - met daarbij afgedrukt een foto van de grote man, dan is het eigenlijke centrum van de gemeente van Christus al buiten beeld.'

De mens Joshua krijgt een geweldige uitvergroting. Toen hij 38 jaar werd, gaf het blad van zijn kerk, The Synagogue Voice (TSV), een levensbeschrijving van hem. Hij werd geboren in 1963.

'Daarover wordt gezegd: "Zoals de grote profeten uit vroegere tijd was zijn geboorte een mysterie en door hemelse tekenen en profetieën aangekondigd". Dat sloeg op een voorspelling van zijn heidense (!) grootvader. Dezejager en boer, met een waarzeggende geest, had aangekondigd: "Deze komende jonge man zal zeer machtig en beroemd worden en een grote schare aanhangers hebben. Op de bepaalde tijd zal hij de vereniging van alle rassen van de mensheid bewerken, welke huidskleur ze hebben of tot welk geloof ze ook behoren". TSV bericht verder, dat hij in de moederschoot totaal bewegingsloos en in vrede bletf zitten, en dat de hele zwangerschap vijftien (!) maanden heeft geduurd. Joshua heeft zelf tegenover journalisten te kennen gegeven, "dat hij de Geest en de Kracht vana/ de dag van zijn geboorte heeft gehad". Bijbels gezien kan iemand echter geen geestesgave ontvangen voordat hij door wedergeboorte een nieuwe mens geworden is, en gelooj heeft ontvangen. Of wil Joshua zich gelijk stellen met Johannes de Doper en de Here Jezus Christus?

Als kind werd al gezien, dat een "ongewone aura van macht" hem omringde. Merkwaardig occult spraakgebruik! Als kind had hij al de gave van pro/etie en dromen. Men noemde hem al "de kleine profeet". Hij wordt vervolgens vergeleken met de apostelen, die door hun speciale band met Jezus en de Heilige Geest over macht beschikten... Na zijn doop sprak, aldus de TSV, de "gezalfde man Gods" metpen in tongen. Er wordt vervolgens gezegd, dat de pro/eet zichzelf heeft erkend, met zijn herkomst en met de zending van zijn leven. Men wrijft de ogen uit als er dan vermeld wordt: "Jesus believes in His product". Jezus gelooft dus in Joshua! Ik geef hier het commentaar weer van een Duitse predikant, Hans Scheib, die gevraagd was op zendingsreis naar Afrika ook te onderzoeken wat in de kerk van Joshua feitelijk gebeurde. Hij tekent hierbij aan: "der klare Tatbestand der Blasphemie". Onverbloemde godslastering dus. Je kunt dat onmogelijk anders noemen. Het veel langere bericht over Joshua's leven zegt verder nog: "Profeet T. B. Joshua zal voor een zeer lange tijd bij ons zijn". Kennelijk een profetie waar geen Deo Volente bij hoeft...

De pro/etische gave van Joshua blijkt onder meer wanneer hij tijdens zijn openbare genezingsbijeenkomst allerlei mensen aanspreekt met de aanduiding van hun zonden. Hij gaat gedetailleerd in op verscheidene zonden van echtbreuk en seksualiteit. Hij doet voorspellingen en beloften, die bijbels gezien eigenlijk alleen maar thuisgebracht kunnen worden via verwijzing naar een waarzeggende geest, waar de HERE onder meer in Deuteronomium 18 zo streng van gezegd heeft dat dat voor Gods volk verboden terrein is. Zie ookLeviticus ïg : 26, 31, • 20 : 27.'

Hoe heel anders handelde Christus zelf. Sommigen van hen die Hij genas, verbood hij iets te zeggen van wat hun overkomen was. En als de schare al te opdringerig werd en Hem dreigde te kronen met een aardse kroon, trok Hij Zich terug. Als later ook apostelen zieken de handen oplegden, zie je nooit dat ze vervolgens met zichzelf en hun daden reclame maakten. De genezingen waren vooral dienstbaar aan de evangelieverkondiging. Later waren ze onderdeel van de gaven die de Heilige Geest gaf om de gemeente van Christus te bouwen.

Daarom, wat ik zag in de VARA-uitzending was op sommige momenten mensonterend en beslist niet Godverheerlijkend. prof. Maris citeert nog een predikant die een zondag in Lagos (Nigeria) was: 'Genezing wordt voortdurend aangeboden, maar over voor eeuwig behouden zijn hoor ik absoluut niets'. Schreeuwend met de microfoon vlak bij de mond, hoorde ik Joshua gedurig roepen: Holy Ghost Fire: vuur van de Heilige Geest. Prof. Maris: 'Dat is de kracht die volgens Joshua werkzaam is. De weerzinwekkende taferelen die veelal optreden, braken en anderszins de ruimte bevuilen, dienen dan om de giftige stoffen en het bloed waarin de ziekte, de zonde of de onreine geest opgesloten zit, te verwijderen'.

Ten slotte, wie misschien Ouweneels 'Geneest de zieken' intussen gelezen heeft, doer er goed aan voor het nodige evenwicht ook kennis te nemen van het boek van Ruud van der Ven, Dossier T. B. Joshua. Genezing in breder perspectief (uitg. Buijten & Schipperheijn, Amsterdam 2003). Onderzoekt de geesten of ze uit God zijn, zeggen we maar weer eens de oude wijze apostel Johannes na (1 Joh. 4:1-6).

J. Maasland

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 februari 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Uit de pers

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 februari 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's