De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Motieven voor het zingen van psalmen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Motieven voor het zingen van psalmen

INGEZONDEN

4 minuten leestijd

Tien motieven voert ds. J. Harteman in de Waarheidsvriend van 12 februari aan voor het zingen van psalmen in de eredienst. Behartigenswaardige zaken stelt hij aan de orde. Er is over psalmen, gezangen en andere vrije liederen al zoveel geschreven dat ik mij niet vermeen daarover iets te schrijven. Toch wil ik bij de eerste twee motieven een kanttekening plaatsen om een kleine nuance in de stellingname aan te brengen. In het eerste motief wordt gesteld: 'Door het zingen van de psalmen wordt het Woord van God op directe wijze vertolkt, terwijl gezangen () een reflectie geven op het Woord van God. () Ik weet net zo goed als u dat de berijming van 1773 ook mensenwerk is. We kunnen er zeker aanmerkingen op maken en gebreken in vinden.'

Hierover wil ik het volgende opmerken. Dat het zingen van de psalmen een directe vertolking van het Woord is, is slechts ten dele waar. In de eerste plaats zijn de meeste berijmingen gebaseerd op een vertaling (Ida Gerhardt en Marie van der Zeyde gebruikten de grondtekst). Alleen het zingen van onberijmde psalmen zou recht doen aan het genoemde motief.

Verder moeten omwille van het rijmschema en de verstaanbaarheid allerlei concessies worden gedaan. Dat geldt voor elke berijming, maar 1773 is wat dat betreft extra belast. Het wijdlopig spraakgebruik van de pruikentijd heeft heel wat (menselijke) tekst toegevoegd aan de psalmen.

In het verleden heb ik, na een gesprek hierover, bij wijze van proef verschillende psalmen berijmd met als uitgangspunt de Statenvertaling. Ik gebruikte verder zo weinig mogelijk toevoegingen. Het leverde me wat betreft de compactheid verrassende resultaten op.

Ik wil u ter illustratie een drietal voorbeelden geven.

Psalm 134 heeft in de berijming van 1773 drie coupletten. Ik beperkte me tot twee. De vergelijking met de onberijmde psalm en de berijmde van 1773 kunt u zelf maken.

1. Ziet, looft, gij knechten van de HEER, in 't huis des HEEREN geeft gij eer. Gij wachters op Zijn lof bedacht staat op uw post van nacht tot nacht.

2. Uw handen tempelwaarts gericht, de HEER uw lofzang toegedicht. Hij is de Schepper van weleer. Uit Sion daalt Zijn zegen neer.

Het is duidelijk, onder meer een bekende regel als 'en knielt eerbiedig voor Hem neer' moest sneuvelen. In de onberijmde tekst is daarvan geen sprake. Als tweede voorbeeld geef ik u het bekende psalmvers 'Opent uwen mond' (81:12). In de Statenvertaling staat: 'doe uw mond wijd open en Ik zal hem vervullen' (vers 11b). De berijmer Voet maakte van deze tien woorden een compleet couplet van zes regels. Ik heb de tien woorden vrijwel letterlijk overgenomen en ben met vers 12 verder gegaan.

Open wijd uw mond vol zal Ik hem maken. Maar mijn volk bestond in zijn dwaze waan zonder Mij te gaan; 't hoorde niet Mijn sprake.

Het derde voorbeeld is uit de enige psalm die vanaf de kansel wel eens gekritiseerd wordt: het laatste vers van Psalm 33. Met name om de slotregel, waar staat 'weer steeds alle smart'. Ook het voorstel dit te wijzigen in 'heilig alle smart' vindt geen grond in de onberijmde tekst. Het staat er eenvoudig niet. Sterker, wie de moeite neemt de laatste twee verzen van de onberijmde psalm te vergelijken met het laatste couplet, zal ontdekken dat dit wel een zeer vrije weergave is. Het zou ook zo kunnen, en dan is dit de berijming van het zesde of laatste couplet van de berijmde Psalm 33 in plaats van het elfde!

Hij zal hen van dood bevrijden: hun levens van de hongersnood. De HEER, Hem blijft ons hart verbeiden, Hij is tot Hulp en Schild in nood. Ook verblijdt 't zich HEERE in Uw Naam en ere, in Uw heiligheid. Doe Uw goedheid open, HEER op Wie wij hopen tot in eeuwigheid.

De tweede kanttekening betreft het tweede motief. 'Door rechtstreeks uit de Schrift te zingen kan er geen ongeoorloofde verschuiving in de spiritualiteit plaatsvinden, terwijl het zingen van vrije liederen een verkeerde invloed op deze spiritualiteit kan hebben. Met andere woorden: ook het zingen van liederen staat niet los van de zuivere leer.'

Mijn opmerking hierbij is, akkoord; maar hoe gaan we dan om met het aanhalen van deze liederen? Tal van voorgangers citeren regelmatig gezangen, liederen en gedichten van Groenewegen tot Nel Benschop en van Van Lodenstein tot Jan Wit. Mijn vraag aan ds. Harteman hierover is: Wat is het verschil tussen het zingen en citeren van vrije liederen in de eredienst met betrekking tot de 'zuivere leer'.

HANS MOUTHAAN, BLESKENSGRAAF

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 maart 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Motieven voor het zingen van psalmen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 maart 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's