Globaal bekeken
n het boek van dr. W. H. den Ouden, De ontknoping uan de zilveren koorde, noemde de auteur ook ds. H. G. Ab-
ma bij de beëindiging van de financiële band tussen kerk en staat. Een lezer gaf het stijlbloempje van ds. Abma uit de Handelingen van de Eerste Kamer volledig door met de inleidende opmerking van de briefschrijver:
'Het was de toenmalige minister uan Financiën Ruding die verantwoordelijk was voor het wetsuoorstel "Beëindiging uan de financiële verhouding tussen Staat en Kerk". Op dinsdagmiddag 29 november 1983 vond de behandeling in de Eerste Kamer plaats. Ook ds. H. 6. Abma (S.G.P.) voerde het woord. Hij zei daarbij o.m. - en daaruit blijkt opnieuw zijn speelse wijze uan zeggen - :
"[...]. Een punt blijft of de som uan afkoop eventueel te hoog is uitgevallen of misschien wel te laag. Precies adequaat zou toch al te mooi zijn bij zo'n ingewikkelde materie. Ik zal daarover geen oordeel geven. Misschien zou de som nooit hoog genoeg kunnen zijn. De Staat zou ook het hele bedrag mogen houden, als de overheid tegenover de Kerk de rechte plaats wist te vinden. Dat zou in ieder geval grote winst zijn bij gering verlies. [...]. Ik hoop dat nu de zilveren koordegeslaakt wordt via een gouden handdruk, geen andere knellende banden uan wetgeving aan de kerk worden opgelegd. Zij moet naar haar eigen geaardheid kunnen functioneren in deze wereld".'
n Op weg met de Ander nam mevr. H. C. Schuurman-Hijmissen voor de rubriek 'Gedicht dichterbij' het stokje
over van mevr. A. D. Slob. In het laatste nummer geeft ze aandacht aan de grote Zuid-Afrikaanse dichter Totius (Jacob Daniël du Toit). Ze geeft iets door uit 'Totius: gedichten', een uitgave verzorgd door dr. J. J. Buskes (Amsterdam, 1959).
• Totius (Jacob Daniël du Toit) werd in 1877 in Zuid-Afrika geboren. Hij studeerde theologie. In 1900 kwam hij naar Nederland om die studie te voltooien. Hij promoveerde aan de Vrije
Universiteit uan Amsterdam in 1903. In Zuid- Afrika werd hij predikanten in 1911 professor in de theologie aan de theologische school in Potchefstroom. Een groot deel uan zijn leuen heeft hij gewerkt aan de Afrikaanse bijbeluertaling en de Afrikaanse psalmberijming. Hij stierfin 1953.
Totius is een uan de grote dichters uan Zuid- Afrika. Zijn uerzen zijn diep en de taal is eenvoudig en sober. Het sterkst is Totius in die gedichten waarin hij zijn gemoedsstemmingen uitspreekt. Totius wist van Gods genade. Hij was een bescheiden man. Prof.J. H. Bavinck, die hem persoonlijk gekend heeft, zei eens dat hij in zijn leven nooit iemand ontmoet had die zo bescheiden was als deze grote dichter. Zelf zegt Totius: "Wat de dichter doet is een voornaam stuk der dankbaarheid jegens Hem, die alles schoon heeft gemaakt". Totius heeft in zijn eigen leuen ueel verdriet gekend.
"Op zeer jeugdige leeftijd heeft hij zijn moeder verloren. Haar dood heeft hem diep getroffen en een stempel op zijn leven gezet. De ingekeerdheid van zijn leven en de ingetogenheid van zijn karakter hebben iets, zo niet alles, met dit vroege heengaan van zijn moeder te maken. In 1920 stierf het jongste kind van Totius, een jongetje van één jaar, aan hersenvliesontsteking. Twee maanden later werd zijn oudste dochtertje door de bliksem getroffen. Zij was onmiddellijk dood. Zijn intens doorleefde smart heeft Totius in vele van zijn verzen tot uitdrukking gebracht." (].J. Buskes)'
• Uit zijn gedicht 'Waar is een lot...':
Waar is 'n lot wat soos my lot so hard is? Waar is 'n mens met smart wat soos my smart is? Waar is 'n nag wat soos my nag so swart is? ...
Waar is 'n lot wat soos Sy lot so hard is? Waar is 'n mens met smart wat soos Sy smart is? Waar is 'n nag wat soos Sy nag so swart is?
n Met andere woorden (Kwartaalblad over bijbelvertalingen N.B.G.) was er aandacht voor de Kanttekeningen bij
de Statenvertaling uit de zeventiende eeuw:
'In deze periode was het gereformeerde protestantisme in Nederland dominant, waardoor een andere schriftbeschouwing de overhand kreeg. In de gereformeerde schriftbeschouwing sprak God de mens direct aan in zijn Woord en hij deed dat op zo'n manier dat iedereen dat zou moeten kunnen begrijpen. Gods woord was dus verstaanbaar, alleen moest de tekst voor de leek nog omgezet worden in een taal die hij kon lezen. De enige goede Bijbel voor het brede publiek was in de gereformeerde visie dan ook een zo letterlijk mogelijke vertaling, die zo dicht mogelijk bleef bij de bijbelse grondtekst. Op deze wijze had ieder mens onder leiding van de heilige Geest zelf direct toegang tot de inhoud uan de Bijbel. Daar waar de strekking van een tekstpassage niet geheel duidelijk was, moest de betekenis duidelijk worden door vergelijking van die passage met andere tekstgedeelten uit de Bijbel (het hermeneutisch principe uan het schrift met schrift uergeljjken).
Niettegenstaande dit hermeneutische principe bevatte de Statenvertaling ueel aantekeningen in de marge, die zelfs een essentieel onderdeel uan de bijbeleditie uormden. Allereerst hadden deze kanttekeningen als doel om de lezer die gewend was aan de meer vrije uertalingen, zoals die uan Luther, te helpen om te wennen aan de nieuwe letterlijke uertaling. Maar er was een andere, meer inhoudelijke reden en die had vooral te maken met de belangrijke plaats van de leek binnen de gereformeerde theologie. Schriftstudie werd immers niet alleen doorgeleerden, maar ook door leken gedaan. In de eerste gereformeerde Bijbel die in 1637 op de markt kwam, de zogenaamde Statenvertaling, werd dit uitgangspunt bijzonder duidelijk. De geleerden die aan de vertaling hadden meegewerkt, legden een schat aan informatie neer in de zorgenaamde kanttekeningen. Talrijke kanttekeningen geven in eenvoudige bewoordingen historische, chronologische, geografische, exegetische en soms ook polemische opmerkingen bij de bijbelteksten. Opvallend is bijvoorbeeld dat de lezer van de Statenvertaling soms meerdere vertaalmogelijkheden van een woord in de kantlijn kreeg aangereikt. De kanttekeningen zijn dan ook van groot belang geweest voor de popularisatie van de Bijbel.'
v.d.G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 maart 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 maart 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's