Instemmen met het algemeen geloof
...MET DE KERK VAN ALLE TIJDEN EN PLAATSEN
Belijdenis doen is iets heel persoonlijks. Dat zie je al direct als zij die belijdenis gaan doen, iets van hun achtergrond en levensweg naar voren brengen. Hoe verschillend dikwijls! De één is bij het geloof grootgebracht, de ander is pas op latere leeftijd tot het geloof gekomen. Bij de één is weg tot belijdenis doen zonder grote schokken en afwijkingen, bij een ander is het soms na een weg van zich verzetten of zelfs afdwalen en later weer teruggebracht worden. Sommigen hebben al heel jong het verlangen en de vrijmoedigheid, anderen durven pas op latere of zelfs zeer hoge leeftijd deze stap te zetten. Al die levenswegen zijn persoonlijk, ja uniek. Ieders levensweg heeft te maken met eigen achtergrond, karakter, meegemaakte situaties, en niet het minst met Gods persoonlijke leiding van je leven, anders gezegd: met Zijn voorzienigheid die immers ook persoonlijk zich met je leven bezighoudt.
Maar belijdenis doen is nog in een ander opzicht persoonlijk: het wil gedaan worden vanuit je eigen overtuiging en keuze. Je hart wil erin betrokken zijn! Bij alle zorg die ouders en anderen aan je besteed hebben, wil het belijdenis doen voortkomen uit een eigen geloof, waarin je persoonlijk begeert God te dienen. Bij de doop wordt het al gezegd: God sluit een verbond met je. Maar in een verbond zijn twee partijen betrokken. God belooft je Zijn genade en trouw, maar wil ten antwoord dat je van harte Hem zult liefhebben en dienen. Daarom heeft Christus de Heilige Geest uitgestort: niet alleen om Gods liefde tot ons te brengen, maar ook om in ons liefde tot God te wekken. Belijdenis doen wil uiting zijn van dat persoonlijk verlangen om met God te leven.
Algemeen christelijk geloof
Naast dit persoonlijke heeft belijdenis doen echter ook een algemene kant. Want het geloof dat we belijden is het algemeen christelijk geloof. Dat wil zeggen: het geloof van de gehele christenheid van alle tijden en van alle plaatsen. Alle tijden betekent: alle eeuwen van Pinksteren tot aan de wederkomst. Alle plaatsen betekent: elk land, ras en volk waar dan ook in de wereld. Dus altijd en overal wil er het ene algemeen christelijke geloof zijn. Persoonlijk geloven betekent dus nadrukkelijk niet een geloof dat uit jezelf en uit je eigen gevoel en gedachten is opgekomen: spontaan of creatief. Nee: persoonlijk geloven betekent dat je het algemene christelijke geloof van de gehele christenheid bent binnengegaan en dat dat algemeen geloof ook persoonlijk toegang heeft verkregen in je hart.
Hoe moeten we ons de verhouding voorstellen van het persoonlijke tot het algemene? In ieder geval moeten we goed bedenken dat het algemene vooraf gaat aan het persoonlijke! Zie maar: Christus heeft de eerste beginselen van het algemeen christelijk geloof aan de apostelen geleerd. De Heilige Geest heeft de apostelen verder geleid en hun de volheid van het ene christelijke geloof gegeven. De apostelen hebben door hun prediking dat ene geloof over de volkeren verspreid. Zij hebben de Kerk geleerd om overal en altijd uit dat ene geloof te leven.
Daar mag niet van worden afgeweken. Waarom niet? Omdat in het ene, algemene, christelijke geloof wij op God zien zoals Hij is: als Schepper en Vader, samen met Zijn Zoon zoals Hij mensgeworden onze Heiland is geworden, en samen met de Heilige
Geest die ons hart verlicht en ons leven vernieuwt. Belijdenis doen is dus persoonlijk ja zeggen op dit algemene christelijke geloof van alle tijden en plaatsen. Zo begint dan ook de eerste belijdenisvraag: 'Belijdt u te geloven in God, de Vader, de Almachtige, Schepper des hemels en der aarde, en in Jezus Christus, Zijn eniggeboren Zoon, onze Heere en in de Heilige Geest? ' Hiermee wordt het algemeen christelijk geloof in zijn kern samengevat. En bij het belijdenis doen wordt van je gevraagd daar 'ja' op te zeggen.
Persoonlijk getuigenis?
Soms wordt gezegd: is het niet wat mager dat de belijdeniscatechisanten alleen 'ja' zeggen. Is een persoonlijk getuigenis tegenover de gemeente niet beter? Het is goed om eens te kijken naar de situatie in de Vroege Kerk. We nemen Augustinus als voorbeeld. Als volwassenen werden gedoopt met Pasen, dan werd aan hen de Apostolische geloofsbelijdenis voorgehouden, die ze uit het hoofd moesten leren. Vlak voor hun doop (meestal de zaterdag ervoor) moesten ze deze geloofsbelijdenis opzeggen. Dat werd genoemd: 'de teruggave van de belijdenis'. Bij hun doop werd hun gevraagd: 'Gelooft u in de Vader? Gelooft u in de Zoon? Gelooft u in de Heilige Geest? Gelooft u een heilige Kerk, vergeving
der zonden, opstanding des vleses? ' En het antwoord van de dopeling was: 'ik geloof'.
Hier zien we dus de nadruk liggen op het van harte instemmen met het algemeen christelijk geloof. En het christenleven wil zijn een onophoudelijk zich toe-eigenen van dat algemeen christelijk geloof. Zo zegt Augustinus in een preek bij het opzeggen van de geloofsbelijdenis: 'U hebt immers ontvangen en opgezegd wat u altijd moet bewaren in uw geest en in uw hart, wat u bij uzelf moet herhalen, als u in uw bed ligt, waaraan u moet denken, als u op straat loopt, wat u niet mag vergeten wanneer u eet, waarmee uw geest bezig moet zijn, ook als uw lichaam slaapt'. Dus het 'persoonlijke' van het geloof is dat een christen steeds weer zich toe-eigent en steeds dieper beleeft het algemeen christelijk geloof, waardoor hij God kent zoals die is.
Reformatie
Deze nadruk op het algemeen christelijk geloof zien we de gehele Vroege Kerk door naar voren komen. Hoe is dat in het Nieuwe Testament? Al snel denken we dan aan de kamerling uit het Morenland (Hand. 8). Filippus zegt hem dat hij gedoopt mag worden, als hij gelooft. Ten antwoord spreekt de kamerling niet over zijn belevenissen op zijn weg tot het geloof, maar hij zegt: 'Ik geloof dat Jezus de Zoon van God is'. Daarmee voegt hij zich in het geloof, zoals hij dat op grond van de Bijbel van Filippus had geleerd. En door zijn 'jawoord' betuigt hij zijn persoonlijk hebben ontvangen van het algemeen christelijk geloof.
Naast de Vroege kerk en het Nieuwe Testament is het goed nog te letten op de Reformatie in de zestiende eeuw. Als hervormden zijn wij immers sterk door de Reformatie gestempeld. Iemand zou kunnen denken: is in de Reformatie niet een wijziging en aanpassing van het geloof voltrokken. Tegenover Rome? Met nadruk moeten we dan stellen dat de Reformatie niet een wijziging van het algemeen christelijk geloof was, maar een wegsnoeien van allerlei bijgeloof en misvatting. Juist met de bedoeling om zo het algemene geloof weer helder en stralend te kunnen bleven en bewaren.
We denken aan Calvijn in zijn catechismus. Daar stelt hij de vraag waar we de hoofdsom van de Godskennis vinden. Dan verwijst Calvijn naar de Apostolische Geloofsbelijdenis en zegt daarvan: 'Deze geloofsbelijdenis is van het begin der Kerk af altijd onder alle godvruchtigen aangenomen en is uit de mond van de apostelen ontvangen of uit hun geschriften samengebracht'.
Verenigd in geest en hart
Wat leren we hieruit? Dat bij belijdenis doen het accent niet ligt op mijn persoonlijke beleving van het geloof, maar op mijn persoonlijk mogen overnemen van het ene algemene christelijke geloof van de christenheid van alle tijden en plaatsen. Om zo persoonlijk ook de ene en levende God te kennen en met Hem te leven. Als ik belijdenis doe, sta ik naast voorgeslachten die God dienden, naast gelovigen uit andere landen, naast de reformatoren, naast de Kerkvaders, naast de apostelen, naast Maria en Martha. Waarbij de één dit algemeen geloof veel rijker en dieper heeft beleefd dan de ander. En wij de groten in Gods koninkrijk met dankbaarheid bezien. Maar toch: allen, van alle tijden en plaatsen, zijn in dat ene heilige algemeen christelijke geloof verenigd in geest en hart. * * *
Daar komt bij: dat algemeen christelijke geloof is in staat mijn persoonlijk geloof te verdiepen, te dragen en te beschermen. Want ons persoonlijk gevoel en inzicht is zo beperkt, aan schommelingen onderhevig, eenzijdig, dwaalziek, en vatbaar voor onjuiste inzichten. Terwijl omgekeerd dat ene algemene geloof de rijkdom en overvloed van Gods genade bevat. Dat algemene geloof weet dan ook mijn persoonlijk geloof telkens weer te sterken en te verrijken. Hoe dan? Ik zou willen zeggen: in vier richtingen: in de lengte, de breedte, de diepte en de hoogte.
Lengte
Het algemeen geloof heeft de grootste lengte: het is het geloof door Christus aan het begin gegeven en bestemd tot bij de wederkomst. Theologische modes, meningen, persoonlijke inzichten wisselen en gaan voorbij. Maar het algemeen christelijk geloof blijft tot aan de wederkomst en doorstaat alle tijden, visies en generaties. Het geeft je
geloof daardoor veel kracht en inzicht en tilt je boven de waan van de dag uit.
Breedte
Het algemeen geloof heeft ook de grootste breedte, want alle belangrijke onderwerpen van ons leven komen erin naar voren. Het spreekt van God als Schepper en werpt daardoor licht op het eerste begin en de zin van ons leven. Ook spreekt het van de wederkomst en het oordeel aan het eind. En daartussen staat de komst van Christus en het werk van de Heilige Geest om mij in het heden genade te brengen en de weg van God te leren. Zo neemt het algemeen geloof allerlei eenzijdigheden weg en brengt de omgang met God in grote rijkdom.
Diepte
Het algemeen geloof brengt ons in het kennen van God zelf. Daardoor brengt zij ons bij de diepste diepte van ons leven, het fundament van alle dingen: de levende en eeuwige God. Die met een liefde van eeuwigheid, ontsprongen in Hemzelf, ons opzoekt en roept. Dieper kan een mens niet komen, grotere zekerheid kan hij niet verkrijgen.
Hoogte
Het algemeen geloof heeft als kroon de zaligheid: het kindschap Gods in het heden, de ingang in de hemel bij het sterven, het deel hebben aan de opstanding van het lichaam op Gods Grote dag. Hoger kan niet dan dat je geleid wordt tot voor het aangezicht van God, om in Hem de hoogste vreugde te vinden, te midden van alle zaligen en engelen.
Sterke band
Er is niets rijkers dan persoonlijk steeds meer geworteld te zijn in dit algemeen christelijk geloof. Om niet te blijven steken in allerlei oppervlakkige tegenstellingen en strijdpunten die in de gemeente kunnen leven. Maar om je hart vol te laten zijn van dat ene en zo rijke geloof. Dat geeft juist persoonlijk zoveel kracht, hulp, vrijmoedigheid en standvastigheid. Het leven uit het algemeen christelijk geloof werkt ook samenbindend. Allerlei splijtzwammen die zich in de gemeente voordoen, kunnen niet ongeremd voortwoekeren als de leden van de gemeente groeien en gesterkt worden in het ene heilige algemeen christelijke
geloof. Dat bewerkt zo'n sterke en hemelse band dat mogelijke splijtzwammen tot hun juiste proportie worden teruggebracht. Daarmee wordt ook de polarisatie afgevlakt. Niet door een oppervlakkig alles wel goed vinden, maar door een steeds rijker en dieper leven uit het algemeen christelijk geloof. Belijdenis doen. Een persoonlijke stap. Inderdaad. Maar dan een persoonlijke stap in het algemeen christelijk geloof. Juist wie dat algemene zoekt en vasthoudt, zal persoonlijk rijke vrucht en zegen ontvangen. Wie omgekeerd het persoonlijke maakt tot een nadruk op eigen gevoelens en ervaringen rond het geloof, die zal in zijn geestelijk leven grote kans lopen schraal te blijven en vatbaar voor allerlei 'wind van leer'. Het algemene gaat nu eenmaal voor op het persoonlijke, omdat wat de Heere ons leert, voorgaat op wat wij vanuit onszelf voelen. Zoek daarom van harte steeds meer te leven uit het algemeen christelijk geloof en je zult persoonlijk in je geloof grote kracht en zegen ervaren.
P. E Bouter, Putten
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 april 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 april 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's