De Opstanding geboodschapt
Engel bevestigt bijbelse gegevens
Voor ons moderne mensen is het maar moeilijk te begrijpen dat er engelen zijn. We kunnen er niet zo veel mee in onze verzakelijkte, nuchtere werkelijkheid van alledag. Zoals die mevrouw, die in een tv-programma zei: 'Ik wil niet in engelen geloven, want dan moet ik na gaan denken over de hele bovennatuurlijke wereld en daar heb ik absoluut geen zin in'. Vandaag de dag zijn verreweg de meeste mensen overtuigd van een 'iets' tussen hemel en aarde. Maar wat dit dan precies is, daar wagen ze zich maar liever niet aan. Het is veiliger om te blijven bij watje kunt zien, horen en voelen. Toch blijft het voor ons moderne mensen een feit dat er 'iets' moet zijn. Een voor ons onzichtbare geestelijke wereld.
De Bijbel laat ons weten dat als engelen zich laten zien, je dit doet denken aan de andere wereld: de hemel. In Hebreeën i, 14 staat: 'Wat zijn engelen anders dan geesten die God dienen en die worden uitgestuurd om hen te helpen voor wie het heil is weggelegd'. Engelen zijn geesten, zegt deze tekst. Ze zijn in de onzichtbare wereld actief. Een wereld die wij met onze ogen niet kunnen waarnemen. Engelen hebben geen lichaam van vlees en bloed, zoals wij. Wanneer engelen op aarde voor ons zichtbaar worden, hebben zij een gestalte, die wisselt naar gelang de dienst die zij te verrichten hebben. Zij laten zich op aarde zien, maar het zijn en blijven geesten die voor Gods troon zijn, dag en nacht.
Boodschappers van God
Wat doen engelen? Allereerst dienen zij God. Het zijn boodschappers van God in het hemels heiligdom. Het zijn geesten die voor Gods troon zijn, zegt het laatste bijbelboek. Zij worden geregeld uitgezonden, met name rond de heilsfeiten. Ook rond Pasen komen engelen in actie om Gods heilshandelen te markeren en te proclameren. In de hof van Arimathea wordt in de evangeliebeschrijvingen met name het accent gelegd op het lege graf. Op
zichzelf bewijst dat nog niet de werkelijkheid van de opstanding zelf. Als we niet meer wisten dan dat het graf leeg was, dan zou onmiddellijk er tegenover kunnen worden gezet dat het dode lichaam van de Heere Jezus ergens anders was heengebracht. In dat lege graf lagen ook de grafdoeken als illustratie van de opstanding. De grafdoeken willen zeggen: Hij is hier niet, Hij is hier wel geweest. Het is de evangelist Johannes die dit gedetailleerd beschrijft (hoofdstuk 20, vers 7).
Het is de evangelist Lukas, die dan vervolgens melding maakt van twee mannen in blinkende kleding (Luk. 24 : 3). Opnieuw een hemelse illustratie: Hij is hier niet, maar is hier wel geweest. Kijk, zegt Mattheüs, daar zit de engel van Pasen op de weggerolde steen (Mat. 28 : 2). Ze nemen de wacht over. De Romeinse nachtwacht bij het graf laat het vanwege grote schrik voor wat het is. Ze staat te kijk in al haar armzaligheid. Als de hemel zich voor hen aandient, worden ze als doden. Vervolgens betekent Pasen voor hen maar één ding: wegwezen. De paniek slaat toe. Wegvluchten uit doodsangst. Niet alleen vanwege het feit hoe engelen eruitzien. Het heeft ook te maken met het feit dat engelen niet van de aarde zijn, niet van onze zondige, vijandige wereld vol haat en duisternis zijn. De grote steen, die Jozef van Arimathea voor de ingang van het graf had gewenteld, die door de overpriesters en de Farizeeën verzegeld was, waarbij het verzoek van de Romeinse nachtwacht was geplaatst, wordt weggerold.
De hemelse gastpredikant installeert zich en neemt als een overwinnaar plaats op de steen. Een steen als kansel. Duidelijker kan het niet. Op de weggerolde grafsteen, in de tuin van de dood, klinken woorden van leven! Hoe de engel eruitziet? Het is een apocalyptische verschijning die buiten de gewone proporties valt. Zijn uiterlijk is als een bliksem, hel flitsend. Mattheüs gebruikt een beeld ontleend aan de joodse apocalyptiek. Zijn kleding is wit als de sneeuw. In Daniël 7, 9 is wit de kleur van de lichtglans van een hemels wezen. Bliksem doet denken aan onheilspellend onweer. Bliksem doet denken aan vuur. Het vurige wezen van de engelen als afstraling van Gods heerlijkheid. Omdat hij bij God vandaan komt. Zo wordt de verhevenheid van de wereld boven ons zintuiglijk waarneembaar weergegeven (Openb. 1:14).
Reinheid en overwinning
Dit doet denken aan die andere engel, die met zijn vlammende zwaard bij de ingang en tegelijk uitgang van het paradijs stond. Binnen in het paradijs was het leven. Het leven met God. Buiten het paradijs de dood. Niemand mocht meer naar binnen. Het paradijs werd hermetisch afgegrendeld.
Engelen waren de wachters. Hier in de graftuin van Arimathea worden de rollen omgedraaid. Hier mogen mensen door hemelse wachters horen én zien dat de dood is overwonnen. Met hun hemelse kledij in de hof van Arimathea. Hier blinkt het stralende wit van het leven! Als er één kleur bij de hemel past, dan is het wit. Wit van de reinheid. Zuiverheid. Kleur van de overwinning.
In de graftuin is een ogenblik de hemel op aarde. Paasfeest in de graftuin. Nu alles is volbracht. Nu de schuld op Golgotha voor al onze zonden is betaald, wordt alles anders. Alles nieuw. Daarom reikt de hemelbode de fakkel van het paasgeloof aan. Als boodschapper van de Opstanding. Alstublieft! 'Vreest niet want ik weet dat u zoekt Jezus, Die gekruisigd was. Hij is hier niet, want Hij is opgestaan' (Mat. 29 : 5, 6). Komt verwondert u hier mensen: Christus, onze Heere en Heiland, verrees!
Twee kerkgangers
Zijn we niet dankbaar dat God Zijn engel zond om het heerlijke nieuws van de Opstanding wereldkundig te maken? Dat de hemelse hofhouding voor die wonderlijke openluchtdienst zorgde, daar in de hof van Arimathea? De twee kerkgangers, twee Maria's, waren eigenlijk gekomen voor een rouwdienst. Maar de hemelse predikant van deze zondagmorgen heeft een andere boodschap.
Jezus is opgestaan! Het zijn slechts drie woorden. Ze volgen op de andere drie woorden: Het is volbracht! Nee, er luiden geen klokken op deze zondagmorgen. God, de Vader heeft Zijn eigen manier om mensen tot paasvreugde te brengen. Aarde en hemel komen daarvoor in beweging. De engel komt en gaat zitten én blijft zitten. Als een portier zit de hemelbode op zijn plaats en klaar om de mensen die komen door te laten. Om getuigen te zijn van het paaswonder. Kom en ziet: de Heer is waarlijk opgestaan!
Laat duidelijk zijn dat met Hebreeën 1, 14 ook bedoeld wordt aan te geven dat engelen ook nu nog worden uitgezonden. De werkwoordsvorm geeft de tegenwoordige tijd aan. Het gebeurt dus nog altijd. Tot onze troost zij gemeld dat God niet met zijn activiteiten is gestopt. God zendt ook nu Zijn engelen om Zijn heil door te geven: Zeg nu allen dat Hij leeft! De heilsfeiten - en met name Pasen - leren ons de aanwezigheid van vele engelen die nog altijd in dienst van God hun werk in de hemel en op de aarde verrichten. Dat is een troostvolle werkelijkheid.
Dienaren
Naast boodschapper zijn van God hebben engelen ook de taak om te dienen. Het is een tweeërlei taak: om God te dienen en om mensen te dienen. Met dit verschil: in Hebreeën 1:14 betekent het eerste werkwoord voor dienen: het dienen van God. Hier zit het woord 'liturgie' in. Op de hemelse liturgie staan twee woorden: God loven en prijzen. Hem in vreugde en dankbaarheid de heerlijkheid geven die Hem toekomt omdat onze Schepper het waard is de lof, de aanbidding en de dankzegging te ontvangen.
In het tweede werkwoord voor dienen, het dienen van mensen, zit het woord 'diakonia'. Dienstbaar zijn voor mensen. Hemelse diakenen die zich beschikbaar stellen voor mensen op aarde. Zegt Psalm 91 in vers 11: 'Want Hij zal Zijn engelen van u bevelen, dat zij u bewaren in al uw wegen'. God zendt ook nu Zijn engelen om Zijn kinderen te bewaren en te beschermen in de grootste gevaren.
Beschermers
In de Bijbel komen we engelen tegen om ons te beschermen. We worden niet vrijgesteld van rampen, maar we worden wel bewaard. We blijven volkomen ongedeerd. Vanuit Psalm 91 mogen zeggen: beschermengelen bestaan. Petrus ondervindt het in de gevangenis als God Zijn engel stuurt om hem te bevrijden (Hand. 12). God zendt Zijn engelen, omdat Hij op aarde Zijn kinderen heeft. God zal daar helpen waar geen helper is. Vast en zeker. God stuurt dus nog altijd zijn engelen. Wereldwijd. Wat leren we hiervan? Allereerst dit. Krijgt de duivel, dé tegenstander van God die rondgaat als. een roofdier om prooi te verslinden, niet meer dan eens onze aandacht? Natuurlijk moet hij worden ontmaskerd en moeten zijn duistere daden aan het licht komen, maar hoeveel aandacht krijgen de engelen die worden uitgezonden en die strijden tegen het immense kwaad in deze wereld? Vallen ze niet vaak in de schaduw bij de aandacht die de duivel krijgt?
Verder leren we uit deze bijbelse gegevens dat een engel van God niet zichzelf centraal stelt, maar dienstbaar is aan Zijn Zender in de hemel. Een engel zegt nooit iets wat tegen de Bijbel ingaat, maar bevestigt de bijbelse gegevens. Dit blijkt ook op Pasen in graftuin. Resoluut klinkt het: Hij is hier niet, want Hij is opgestaan, zoals Hij heeft gezegd. Resoluut klinkt het op Pasen vandaag tot in alle uithoeken van de wereld: Ik ben de Opstanding en het Leven. Gode zij dank, de dood is verslonden tot overwinning. Paasappèl en paasboodschap worden oris ' door de hemel verkondigd om door te geven aan de aarde: Zeg nu allen dat Hij leeft!
F. J. K. van Santen, Noordhorn
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 april 2004
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 april 2004
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's