Vergeving vanaf het kruis
I Voor de overtreders gebeden
Voor de overtreders gebeden
Het was gebruikelijk dat er vanaf een kruis nog wel eens gescholden werd. Een martelaar die een scheldwoord slingerde in het gezicht van een beul die hem kruisigde. Van de Gekruisigde op Golgotha lezen we dat niet. Integendeel. Het eerste woord dat van het kruis klinkt, is een woord van vergeving. Jezus doet voorbede voor hen die Hem aan het kruis nagelen. 'Vader, vergeef het hun; want ze weten niet wat ze doen'. Vervulling van het profetische woord dat Jesaja ooit uitsprak over de komende Messias dat Hij zou bidden voor de overtreders (Jes. 53 : 12).
Dat eerste kruiswoord van Jezus blijft altijd een wonderlijk woord. Hij vraagt niet om verlichting in deze zware weg die Hij moet gaan. Hij bidt niet om vergelding van Zijn kruisigers. Hij klaagt hen niet aan bij Zijn Vader, maar Hij doet voorbede voor hen. Ongebruikelijk, maar het tekent de weg van de Middelaar. Petrus zou later schrijven: 'Die, als Hij gescholden werd, nietwederschold; en als Hij leed niet dreigde' (1 Petr. 2 : 23).
De weg van Jezus hier op aarde is een weg van gebed geweest. Hoe vaak heeft Hij Zich niet teruggetrokken om te bidden. Ook in Zijn onderwijs heeft Hij gewezen op de noodzaak van het gebed. Zijn leerlingen heeft Hij geleerd hoe ze bidden moeten. Het Onze Vader, dat ook wij bidden, is lesstof die wij nog steeds repeteren. Het hoort bij het vakkenpakket van ieder die leerling is op de school van Jezus. Ook de voorbede nam een grote plaats in in het gebedsleven van Jezus. Het Hogepriesterlijke gebed (Joh. 17) is er een indrukwekkend voorbeeld van. Aan het kruis blijft Hij Voorbidder. Hij trekt de aandacht niet naar Zichzelf toe, maar heeft oog voor mensen om Hem heen. Mensen in nood. In grote geestelijke nood.
Aangrijpende voorbede
Voor wie bidt Jezus? Voor wie vraagt Hij vergeving? Je zou kurinen denken aan de Romeinse soldaten, die het bevel van hun superieuren uitvoeren. Het zou kunnen zijn voor de Joodse leidslieden, die uiteindelijk hebben besloten tot Jezus' dood. Er zou ook nog gedacht kunnen worden aan het volk dat, opgehitst door de geestelijke elite, geroepen heeft: 'Kruisig Hem!' Hoe het ook zij, wij zouden heel wat mensen kunnen aanwijzen. Laten wij dat maar niet doen. Laten wij ons maar scharen in de rij van hen die delen in Zijn voorbede. Hij bidt immers voor ieder die medeverantwoordelijk is voor Zijn kruisgang. En wie is dat niet? Allen zijn wij schuldig aan de weg die Jezus moet gaan. Niemand uitgezonderd!
Is het nu geen onbegrepen geheim dat Jezus uitgerekend voor ons, die medeverantwoordelijk zijn voor Zijn dood, bidt om vergeving. Geen gebed om vergelding vanwege onze schuld, maar om uitdelging van die schuld. In het Onze Vader heeft Jezus ons geleerd om te vragen om vergeving van onze schuld, maar hier doet Hij het voor ons. Als een echte Priester treedt Hij tussen beiden en bidt om opschorting van het oordeel dat we terecht verdiend hebben. Dat is toch vergeving! Dat God het terechte oordeel opschort en ons de schuld niet toerekent. Deze Priesterlijke voorbede vervult Jezus hier aan het kruis. Op het dieptepunt van Zijn lijden heeft Hij geen Zelfbeklag, maar voert een pleidooi voor ons, beklagenswaardige zondaren.
Schuldige onwetendheid
Er is altijd misverstand over het feit dat Jezus bidt om vergeving voor mensen die niet weten wat ze doen. Het klinkt als een verontschuldiging. Je zou kunnen denken dat Jezus verzachtende omstandigheden aanvoert om de zonde wat te bagatelliseren. Maar niets is minder waar! Jezus bedoelt het niet als verlichting van onze schuld, maar juist als verzwaring daarvan. We zijn zo verblind dat we niet weten dat we de Heere der heerlijkheid kruisigen. Je kunt in het gewone leven iemand door een bepaalde opmerking kwetsen, terwijl je dat zelf helemaal niet beseft. Dat maakt het alleen maar erger. Dan kun je jezelf niet verontschuldigen door te zeggen datje dat niet in de gaten had. Nee, het is goed om te weten dat, zonder datje dat zelf doorhad, je iemand behoorlijk beledigd hebt. Zo staan we in het krijt bij God. Onwetend, in verblindheid, zoveel op onze hals gehaald. Des doods schuldig. De hoogste Majesteit op het hart getrapt door ons te laken gedrag. En dan toch vergeving! Dan toch dat gebed van Jezus vanaf het kruis. Nee, dat is niet een soort géneraal pardon, een soort algehele amnestie. Het vraagt wel om belijdenis van onze schuld. Bij het kruis kunnen we niet onszelf blijven. Wie de ernst van zijn zonde niet ziet, kan ook niet delen in de vergeving. Wie zijn verblindheid en dwaze onwetendheid niet belijdt, kan ook de vreugde van de vergeving niet ervaren. Juist daar waar beleden wordt wat we de Heere hebben aangedaan in onze blinde onwetendheid, mag ervaren worden dat de Gekruisigde in het uur van Zijn sterven bad voor hen die niet weten wat ze doen.
Gebeden en geleden om vergeving
Zo mag de toevlucht tot de Gekruisigde genomen worden. Zeker weten dat Zijn gebed kracht en uitwerking heeft.
Jezus roept Zijn Vader aan. Zal deze Vader niet horen naar het gebed van Zijn Zoon? Zal deze Zoon tevergeefs een beroep doen op de liefde van Zijn Vader? Als een aardse vader al luistert naar een klemmend beroep dat een kind op hem doet, laat staan als deze Vader het borgtochtelijk gebed van Zijn Zoon verneemt. Door dit gebed blijkt er vergeving te zijn voor die ene moordenaar die een beroep doet op de ontferming van de middelste Kruiseling. Hij heeft ook niet geweten hoe erg het was dat hij aanvankelijk meedeed in het koor van spotters om hem heen. En toch... deze crimineel mocht ingaan in de heerlijkheid van het Paradijs, omdat op die kruisheuvel Golgotha een gebed om vergeving was gebeden voor hen die niet weten wat ze doen.
Het is op vallend dat Petrus in een toespraak die hij houdt nadat hij, samen met Johannes, een kreupele had genezen in de buurt van de tempel, onomwonden zegt dat het volk in onwetendheid de Vorst des levens gedood heeft (Hand. 3 : 15, 17). Maar in datzelfde verband klinkt dan de oproep van Petrus: 'Betert u dan, en bekeert u, opdat uw zonden mogen uitgewist worden' (Hand. 3 : 19). Waar deze 'onwetendheid' beleden mag worden als schuld en er wederkeer is tot God, is er ook sprake van vergeving. Het gebed van Jezus aan het kruis is er de grond en de reden voor.
Nu is die vergeving er niet alleen omdat Jezus gebeden heeft, maar ook omdat Hij geleden heeft. Zijn gebed gaat gepaard met Zijn offer. Hij doet niet alleen Priesterlijk voorbede, maar gaat als grote Hogepriester ook het offer van Zijn leven geven. En vanwege dat offer is er vergeving. Hij draagt de toorn vanwege al die zonden van onwetendheid. Hij voldoet in het uur van sterven aan het recht van Zijn Vader. Op grond van dat offer kan er sprake zijn van vergeving. Ze worden ons niet toegerekend, maar zijn toegerekend aan de Zoon des Vaders. Zo kunnen wij voor God bestaan. Anders niet. God wil ons aanzien, met al die zonden van onwetendheid die ons aanklagen, in Zijn Zoon die voor ons heeft genoeg gedaan. Gebeden én geleden!
Zijn vergeven en ons vergeven
Dit gebed draagt ook vrucht. Wie uit de vergeving leeft, wordt ook zelf verge-vingsgezind. Wie denkt dan niet aan Stefanus? Toen de stenen op hem afkwamen, heeft hij niet gescholden, maar gebeden net als zijn Meester. Indrukwekkend hoe hij daar bidt: 'Heere, reken het hun niet toe.' Dat had hij geleerd van zijn Meester. Geen verwijt, maar een gebed. Geen gevoelens van haat, maar van liefde. Had Jezus het Zelf niet gezegd om te zegenen die je vervolgen en te bidden voor hen die je geweld aandoen. Stefanus brengt het in praktijk.
En niet alleen Stefanus, maar ook de apostel Paulus. Aan het eind van zijn tweede brief aan Timotheüs maakt hij gewag van mensen die hem in de dienst verlaten hebben. Dat moet heel wat voor Paulus geweest zijn. En toch zegt hij dan in één adem: 'Het worde hun niet toegerekend' (2 Tim. 4 : 16). Dat is de vrucht van voorbede van Jezus aan het kruis. Zo kan Paulus ook tegen de gemeente van Korinthe zeggen: 'Wij worden gescholden, en wij zegenen; wij worden vervolgd en wij verdragen' (1 Kor. 4 : 12).
Wellicht dat we de neiging hebben om te protesteren. In onze tijd waar we moeten opkomen voor onszelf, waar we juist door assertiviteitstrainingen weer-baar gemaakt worden, is zo'n levenshouding van Stefanus en Paulus te soft. Zo hoeft het toch niet! Toch is de vrucht van de navolging van Christus te zien in een leven van zelfverloochening en vergevingsgezindheid. Dat mag de uitwerking zijn van dat eerste kruiswoord van Jezus. Als de grote Hogepriester wil Hij ons priesterlijke bewogenheid leren.
Passie voor hen die in onwetendheid zover van Jezus afstaan. Laten we hen die verhard kunnen zijn in ongeloof niet hard en meedogenloos tegemoet treden, maar in missionaire bewogenheid in aanraking brengen met de vergevende liefde van de Vader. Laten we hen die ons in onwetendheid kwaad hebben aangedaan verdragen in de geest van vergevingsgezindheid. Dat kan alleen wanneer we oog en hart hebben voor deze voorbiddende Hogepriester. Hij heeft voor de overtreders gebeden, opdat er in deze harde en meedogenloze wereld mensen zullen zijn met een Stefanus-natuur. Zij die met de ogen van de Meester om zich heen kijken en met het hart van de Meester kunnen vergeven. Laat zo het Borgwerk van Christus vrucht mogen dragen in ons leven.
R. W. van Mourik, Huizen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 april 2004
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 april 2004
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's