De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De status van het convenant

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De status van het convenant

8 minuten leestijd

Nadat het moderamen op 10 maart de classis Alblasserdam berichtte dat het convenant positief werd bejegend, begon meteen de vraag gesteld te worden: 'Wat is nu toch de status van het convenant, en wat is de status van de brief van het moderamen? ' Eerlijk gezegd, verbaasde het ons niet dat die vragen rezen. Precies net zo waren immers dezelfde vragen gesteld, nadat in mei 2003 de door het moderamen opgestelde 'Verklaring' was gepubliceerd. En, ook daar wil ik u open en eerlijk op wijzen: de vraag naar de status van het convenant werd zo goed als altijd opgeworpen (en meestal ook al meteen door de vraagsteller zelf beantwoord) door mensen die vonden dat het hun niet goed uitkwam, als er positief op het convenant zou worden gereageerd en als er vanwege het moderamen werd gezegd dat er wel degelijk sprake is van een kerkelijke status. Wat houdt het in dat een document 'kerkelijke status' heeft? Eenvoudig gezegd: dat houdt in dat zo'n document staat, binnen de kerk voluit recht van bestaan heeft, voor 'vast en zeker' mag doorgaan.

Kerkelijke beleidsruimte

Op een binnen de kerk belangrijk uitgangspunt wil ik u hier wijzen: elk niveau binnen de kerk heeft een eigen verantwoordelijkheid. Welk orgaan nu draagt in de allereerste plaats de verantwoordelijkheid voor een stuk als het convenant? Dat is de kerkenraad die het aanvaardt als beleidsstuk voor de eigen gemeente. Daarbij kan de tekst aangeleverd zijn door een classicaal moderamen, prima. Daarbij kan een moderamen van de Ned. Herv. Kerk een beoordeling geven of het stuk kerkelijk verantwoord is, d.w.z. past in de kerkelijke beleidsruimte die aan de gemeenten toekomt, ook de beoordeling of het stuk door de kerkordelijke beugel kan, anders gezegd of het stuk binnen de kerkorderegels blijft. Maar de eindverantwoordelijkheid berust altijd .bij de gemeente. Alleen als de gemeente iets in bijv. haar beleidsplan opneemt wat strijdig is met wat kerkelijk en kerkordelijk verantwoord is, pas dan zou ordinantie 4-4-2 ingeroepen kunnen worden door of vanwege een meerdere vergadering, dus bijv. het breed moderamen van een classis of van de synode. Wat nu heeft ons moderamen precies gezegd? Daarvoor verwijs ik u naar onze officiële reacties. Dat is in de eerste plaats onze brief van 10 maart. Ik citeer daaruit: 'Het convenant is voor het moderamen geen reden om te zeggen: op basis van het convenant kunnen de betreffende gemeenten niet mee. Het moderamen wil de keus die deze gemeenten voor het convenant hebben gemaakt positief duiden. De kerk als geheel staat voor de door haar in de kerkorde gemaakte keuzes. Maar zij zal ook aan de gemeenten - waar dat maar enigszins mogelijk is - de ruimte bieden om binnen dat kader eigen keuzes te maken en die te handhaven voor het leven en werken van de gemeente.' Ik verwijs u verder naar de meest recente brief over het convenant, die dr. Plaisier aan een ambtsdrager schreef, een brief van 8 april jl.:

'Naar aanleiding van uw mail deel ik u het volgende mee en wat mij betreft kunt u dit openbaar maken. De vragen over het z.g. convenant bereiken me dezer dagen zeer veel. De vragen over het convenant werden de afgelopen weken door het Comité in de wereld geroepen. Kennelijk met de bedoeling om afbreuk te doen aan het belang van dit document.

Wat ds. Van Weelden hierover in het Reformatorisch Dagblad geschreven heeft, is helder. Met hem kunt u hierover contact opnemen.

Het moderamen heeft enkele weken geleden in een brief aan de classis Alblasserdam - namens en uit naam van de synode - uitvoerig geschreven over dit convenant. Deze briefis in de laatste vergadering van de synode door mij aan de orde gesteld. Ik heb ter synode uitvoerig uit deze brief van het moderamen geciteerd. Vervolgens hebben alle synodeleden deze brief ontvangen als een stuk dat namens de synode was uitgegaan.

Uiteraard geldt wat wij over het convenant schreven niet alleen voorde classis Alblasserdam. Twijfel hierover behoeft u niet te hebben. Met deze verklaring van het moderamen ter synode is de status van het convenant verzekerd.

Ik voeg er nog het volgende aan toe: de z.g. 'Verklaring' van vorig jaar mei die door vele tientallen kerkenraden is ondertekend, blijft de meest begaanbare weg. Er is geen reden om naast of na de 'Verklaring' het Convenant te gaan ondertekenen. Niet omdat de ondertekening van het Convenant geen zin heeft - integendeel - maar vooral om te voorkomen dat we ons als leden van dé kerk gaan verlaten op menselijke verklaringen of regelingen. Ieder die het voortbestaan en de zuiverheid van de kerk denkt vast te kunnen leggen in kerkorderegels en denkt door punten en komma's de kerk te kunnen bewaren voor afglijden, zal uiteindelijk bedrogen en teleurgesteld uitkomen. Alleen Christus houdt Zijn Kerk in stand. Daaraan houd ik me vast, en ik hoop ook u. Het komt erop aan dat wij, in gehoorzaamheid aan de Here van de Kerk, Zijn weg - dat wil zeggen de weg van de trouw aan Zijn Woord - gaan. In dat vertrouwen en met dat geloof gaan wij als hervormden verder in de Protestantse Kerk in Nederland, vertrouwend dat de God van het verbond niet laat varen de werken Zijner handen.'

Tot zover dr. Plaisier. Als conclusie kan ik u heel helder zeggen: het convenant hééft voluit kerkelijke status. Ik vraag u niet mij te gelóven, maar ik vraag wel mij te vertrouwen op mijn woord, als ik u dat namens het moderamen zeg. Elke kerkenraad, ook buiten de Alblasserwaard, is volkomen gerechtigd te besluiten om de convenantstekst te aanvaarden als beleidsstuk voor de eigen gemeente. Daar kan alleen de eigen kerkenraad en nooit een synode-uitspraak verandering in aanbrengen.

Elkaar vasthouden

Maar u hebt recent méér in de pers gelezen. Ik denk daarbij aan de laatste hervormde synodeveradering op 11 maart (de dag dus na de verzending van de brief over het convenant). Op die vergadering zijn de moties-Burggraaf en - De Fijter met brede steun aangenomen. En u hebt zeker ook gelezen hoe deze synode-uitspraken recent aan de orde zijn geweest in een gesprek tussen ons moderamen, het Comité en het hoofdbestuur van de Geref. Bond. Dat was een urenlang durend, diepgaand, van hart tot hart gevoerd gesprek. Ik houd aan dat gesprek zelf goede herinneringen over vanwege de ernst waarmee het gevoerd werd. Maar heel eerlijk: ik was en ben nog altijd diep geraakt doordat

we elkaar toen uiteindelijk net niet konden vinden.

In het diepgaande gesprek bleek dat alle deelnemers aan het gesprek zich grote zorgen maakten over de scheuren die dreigen te ontstaan. En er is ernstig geprobeerd de essentie van de genoemde moties te verboorden in wat hopelijk zou kunnen uitmonden in een gezamenlijke verklaring. In het persbericht daarover is die tekst voor een groot deel geciteerd. Voor een goed begrip wordt hier de gehele tekst aan u doorgegeven, waarop het moderamen hoopte dat de gespreksdeelnemers zich daarop zouden kunnen verenigen. Ik citeer:

'We constateren gezamenlijk dat bezwaarde gemeenten een geding hebben met de weg van vereniging die de kerk is gegaan. We zoeken de eenheid van kerk en gemeenten te bewaren, omdat we ons aan elkaar gegeven weten en in gehoorzaamheid aan het Woord van God met elkaar verbonden zijn.

Constaterend dat het gesprek nog niet ten einde is gekomen, spreken we uit dat we het gesprek willen voortzetten en wijzen we daartoe op de besluiten van de generale synode van 11 maart jl. ten aanzien van de moties-Burggraaf en - De Fijter. Wij roepen kerkenraden, ambtsdragers en leden van de gemeenten op om genoemde besluiten positief tegemoet te treden. We dringen er bij hen op aan het gesprek niet uit de weg te gaan door gescheiden wegen te kiezen, en na 1 mei het gesprek voort te zetten vanuit het zich in leer en leven ten volle gebonden weten aan de gereformeerde belijdenisgeschriften zoals genoemd in art. X-2 HKO en art. I-4 PKO - te weten de catechismus van Heidelberg, de catechismus van Genève en de Nederlandse geloofsbelijdenis met de Dordtse Leerregels. Kerkenraden, ambtsdragers en gemeenteleden zullen niet gedwongen worden te aanvaarden wat het gereformeerde belijden weerspreekt en zullen met anderen in de kerk het gesprek aangaan om, in gehoorzaamheid aan het Woord van God, tot een beter verstaan van het belijden te komen.'

Tot zover de bedoelde tekst. Het laatste wat ik vanavond zou willen doen, is verwijten plaatsen. Ik weet dat de broeders uit het Comité die ik tot mijn blijdschap hier vanavond zie, daaraan evenmin behoefte zullen hebben. Ik zeg tot u allen hier aanwezig, en over uw hoofd heen tot uw collega-ambtsbroeders in de gemeenten waar de vraag, welke kerkelijke weg gegaan moet worden, spanning geeft, - ik zeg

iet de geciteerde tekst na: we mogen ; een gescheiden wegen kiezen, we lebben elkaar vast te houden, en waar : en breuk dreigt moeten we elkaar iroederlijk zeggen: we hébben elkaar, lu het nog niet té laat is, te vinden als : onen van hetzelfde huis. n ootmoedigheid heeft elk van ons de ander uitnemender te achten dan zichzelf. Wij mógen geen gescheidenheid voor onze rekening nemen. Laat ons dat - om Gods wil - dan ook niet doen! Bewaar de eenheid in uw gemeenten! Laat ons ook de eenheid in onze kerk bewaren!

J. van Heijst

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 april 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De status van het convenant

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 april 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's