Hoorders serieus nemen
DE CATECHISMUSPREEK [3]
Vertalen en vertolken
Als we zeggen dat in de catechismuspreek de communicatie belangrijk is, betreden we daarmee wel een veld met problemen en wordt het spannend. Dit heeft alles met de hermeneutiek te maken, de vraag naar de vertolking van de leer van de kerk voor de mens van vandaag.
De Heidelbergse Catechismus is, hoe men het wendt of keert, een geschrift uit 1563: bijna 450 jaar oud. Een geschrift uit een totaal andere tijd. De tijd die tussen de HC en ons ligt, is die tussen premodern en postmodern, zou men kunnen zeggen. Menigeen vraagt zich dan ook af of de HC voor onze.tijd nog wel een geschikt leerboek is. In 1563 vormden de vragen van de catechismus de neerslag van de vragen van de gemeenteleden. Over die vragen had men het ook buiten de Ieerdienst. In het gewone leven. Met deze vragen in het hoofd luisterde men naar de Schrift. De vraag over de alomtegenwoordigheid van Christus bijvoorbeeld of die over de eedzwering werden besproken als wat wij zouden noemen 'hot items' in de ontmoeting met ouders of buren die luthers of dopers waren. De antwoorden van de catechismus gaven richting aan het leven van iedere dag. Het ging in de catechismus over actuele kwesties waarmee men dagelijks te maken had. In onze tijd zijn er zoveel andere vragen die ons bezighouden. Ook vragen die in de catechismus niet of niet direct aan de orde komen. Als we in de catechismuspreek de analytische methode zouden volgen, de catechismus uitleggen, en het uitgelegde zonder meer zouden plakken op onze tijd, dan zouden de vragen waar wij vandaag mee zitten en waarop we bijbelse antwoorden zoeken, dichtgeplakt worden. Maar dan ondergraven we wel de relevantie van de catechismuspreek.
Ik denk bijvoorbeeld aan onderwerpen als de plaats van de kerk in de samenleving, de missionaire roeping van de kerk, de verhouding kerk en Israël, de verhouding christelijk geloof en andere godsdiensten, met name de islam, discriminatie en antisemitisme, nationalisme, de houding tegenover allochtonen, de plaats en de betekenis van de charismata, de ethische beslissingen, zoals inzake de homozegen, de notie van het koninkrijk van God, de media, de muziek, enz. Vragen waar we elke dag mee te maken hebben.
Beginsituatie
De prediking zal toch, wil ze echte didachè zijn, dienen aan te sluiten bij de beginsituatie van de hoorders. Ik citeer dr. F. G. Immink, die van de preek zegt: 'Het verstaansproces, de receptie van het gezegde en de verwerkelijking in het leven van de hoorders zijn (eveneens) belangrijke componenten van de prediking. Vanuit dat oogpunt gezien is het contact met de hoorders doorslaggevend voor de toespraak. (...) Op welke wijze vindt de interactie plaats? Hoe wordt de situatie van de hoorders verdisconteerd? Hoe wordt de preek verstaan? Hoe verwerken de hoorders de boodschap in hun eigen leven? ', aldus Immink.
Reacties van kerkgangers
Op dit punt is het leerzaam om eens te luisteren naar de reacties van de hoorders naar onze catechismuspreken, zoals zij die verwoord hebben in e-mails en brieven naar aanleiding van mijn oproep in de Waarheidsvriend. Ik citeer:
'Wij, mijn vrouw en ik, zijn samen bijna 140 jaar oud en hebben vanaf onze kindse jaren verkeerd onder de catechismusprediking. Na talloze malen, steeds wanneer er een andere predikant een beroep aannam, werd opnieuw bij zondag 1 begonnen, om soms, na de hele catechismus te hebben behandeld, weer opnieuw bij zondag 1 te beginnen. Nadat wij een aantal keren deze geheel hadden beluisterd, lijkt het niet vreemd dat ten slotte een verzadiging ontstaat, temeer omdat:
1. De vragen die in de cat. worden gesteld, heel vaak niet onze vragen zijn. Heel vaak zijn deze door de tijd achterhaald of in het geheel niet meer actueel.
2. De taal waarin de cat. is opgesteld niet erg meer aansluit bij het huidige taalgebruik. 3. De manier waarop uit de cat. wordt gepreekt, volgens ons niet aanspreekt, omdat in veel gevallen een zondagsafdeling bijna per woord wordt behandeld en vragen worden geponeerd door de predikant die ook meestal niet onze eigen vragen zijn. 4. De uitleg al zo vaak door ons is gehoord, dat we tevoren reeds weten wat daarover zal worden gezegd.'
Een ander zegt: 'De catechismus is ontstaan in een bepaalde context. Een predikant moet zich dat realiseren. De uitdrukking dat een onderdeel van de rooms-katholieke liturgie getypeerd moet worden als 'een vervloekte afgoderij' vergt veel toelichting in een cultuur die zich kenmerkt door (ook religieuze) verdraagzaamheid.'
Weer een ander: 'De predikanten moeten ervoor waken dat vooral de wat ouderen in de gemeente, die hem (catechismus) al vele malen hebben horen verkondigen, er ook nog nieuwe dingen in horen. Volgens mij is dat altijd mogelijk. Alle zondagen lenen zich wel voor iets wat afgelopen week gebeurd is om de relatie daarnaar te leggen. En dat is nu wat ik zo mis in de catechismuspreek, dat het niet gewoon vertaald wordt naar het leven van elke dag.'
Ander voorbeeld: 'We klagen wel over de jeugd en hun kerkgang. Maar laten we hier opletten dat de cat. ook voor hen verstaanbaar is, niet om naar hun mond te praten, maar om hun hart warm te maken.'
Ander: 'Het is geweldig als mensen merken in de kerk, deze predikant weet waar het over gaat. Laa^ de predikanten maar eens kijken op de tv wat een smerige dingen er zijn. En laat ze hun ogen er niet voor sluiten.' Ander: 'Ik denk dat de weerstand die er (wel) tegen de catechismusprediking is, juist voortkomt uit het feit dat er vaak heel dogmatisch 'gepreekt' wordt, waarbij de vraag en het antwoord van de HC bijna letterlijk wordt gevolgd.'
Ander: 'Als we de belijdenisgeschriften niet op gelijke hoogte zetten met het Woord en het voor waardevolle geschriften houden, mogen er dan ook gelet op de tijd die verstreken is sinds het schrijven van de catechismus kritische vragen worden gesteld. B.v. het werk van de Heilige Geest wordt in slechts één enkele zondag behandeld.' Tot zover een greep uit de reacties.
Kloof en brug
Het is duidelijk dat het hier niet alleen om de taal van de HC gaat, maar dat het in de taalhandelingen van de catechismus om de inhoud gaat. Wat betekent dit? Allereerst zeg ik: het onbehagen over het functioneren van de catechismuspreek heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat in de catechismus en het postmoderne levensgevoel twee werelden op elkaar botsen. Namelijk het geloven op gezag en het geloven op grond van rationaliteit of ervaring. Ik zeg dit nu even in één zin, maar dat heeft natuurlijk verstrekkende gevolgen. Niet alleen voor de catechismuspreek, maar voor de preek in het algemeen. Maar dit gezegd hebbend, wil ik er een vurig pleidooi voor voeren om de beginsituatie van de hoorders volstrekt serieus te nemen. Dat is trouwens geheel in lijn met wat de HC zelfdeedini5Ó3. Hiervan uitgaande moeten we niet de tekst van de HC zonder meer overhevelen naar onze tijd.
Vertaalslag
Het gaat er veel meer om de kern, de intentie van een bepaalde zondagsafdeling als een bijbels thema boven water te krijgen, om te zien hoe de HC als reformatorisch geschrift dit thema in de concrete situatie van zijn tijd heeft verstaan.
Dan: deze kern, deze intentie, dit verstaan van een thema, moet geïntegreerd worden met de situatie waarin wij ons vandaag bevinden. Hiervoor is een vertaalslag nodig, daar de situatie, zo u wilt, de fronten waarvoor we ons geloof vandaag belijden anders zijn dan in 1563. Daar zeg ik nog bij dat de situatie waarin wij ons bevinden ook een prioriteitstelling tot stand brengt in de vragen en antwoorden van de HC. Daarbij lijkt het me nodig om bij de vertaalslag te differentiëren. Er zijn in de HC kernen die op zichzelf genomen niet aan een bepaalde tijd of situatie gebonden zijn. Het getroost zijn,
het door het geloof gerechtvaardigd worden, het bidden enz.
Alleen de vertolking van die kernen in de HC kent wel een tijdbetrokken en soms ook aan tijd gebonden element. Zoals de woorden die we daarvoor gebruiken, de aspecten die eraan zitten. Dat betreft ook bijvoorbeeld de breedvoerigheid in de uiteenzetting van de sacramenten en de marginale aandacht voor de opstanding van Christus. Bepaalde onderdelen van de catechismus wogen toen zwaar - daar waren toen redenen voor - , nu minder zwaar. Zo is het ook andersom. In veel gevallen is het heel goed mogelijk om onze eigen existentiële thema's vandaag te verbinden met de thema's van de HC. Zo kan bij de kerk de missionaire roeping worden besproken. Bij de kerkdienst het diaconale, bij de geboden discriminatie, antisemitisme enz. Tot de vertaalslag hoort ook dat we beseffen dat we, wanneer we de woorden louter herhalen, niet meer hetzelfde zeggen als in 1563, daar de context veranderd is. Als de context veranderd is, zeg je niet meer hetzelfde, als je hetzelfde zegt. We zeggen bepaalde dingen nu gewoon anders dan in de HC. Wie daar geen rekening mee houdt, werkt vervreemding ten aanzien van de HC in de hand.
Woekeren met talenten
Ik zou willen stellen dat het slaafs volgen van de HC haaks staat op de bedoeling van de HC. De HC wil geen letterknechten van Ursinus maken, maar leerlingen van de Schrift. De HC heeft nooit bedoeld een sjabloon voor kerk en geloof voor alle tijden te zijn. Dan begraven we het talent van de HC, in plaats van ermee te woekeren. Anderzijds moeten we bereid zijn in de leer te gaan bij de HC. De HC reikt ons zoveel dingen aan die wij tot onze eigen schade zouden kwijtraken. We moeten bereid zijn ons door de catechismus te laten storen. Welnu, als Dingemans dan over communicatie spreekt, dan zullen we die op deze manier moeten proberen te realiseren. De HC wil niets liever dan op deze manier communicatieve prediking zijn. Als een gids, die wegwijzend met ons meereist.
W. Verboom, Waddinxveen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 april 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 april 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's