De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Dezelfde God

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dezelfde God

AMBTSDRAGERSPREEK BERAAD GROTE STEDEN

10 minuten leestijd

Wij geloven en belijden vandaag niet voor het eerst. Dit ter bemoediging. Dit noopt ook tot bescheidenheid. Theologie, prediking en geloof van de voorgeslachten zijn wezenlijk bepalend voor vandaag. Zoals in het Oude Testament de 'overdracht' van vader op zoon van wezenlijk belang was. Evenzo is dat in het Nieuwe Testament de 'traditie' (het overgeven) - Vgl. Paulus (1 Kor. 11: 23 "Want ik heb van de Heere ontvangen, hetgeen ik ook u overgegeven heb.")

In 2 Koningen 2 vindt ook een wisseling van de wacht plaats. Elia, drager van het Woord Gods, draagt zijn taak en taal over aan Elisa. Het leven van Elia zal eindigen in de sfeer van het wonder, omdat zijn leven gedragen werd door Gods wonderen. Elia zal 'heengaan', maar niet sterven. Enerzijds terugwijzing naar Henoch, die wandelde met God. Anderzijds heenwijzing naar Christus, die na Zijn opstanding ten hemel voer. Elia, de grootste profeet in het Oude Testament. Dé drager van Gods 'traditie'. (Vgl. Mozes én Elia op de berg der verheerlijking.)

Elia's bediening en 'heengaan' zijn beide in 'heerlijkheid'. Deze wonderlijke heerlijkheid des Heeren, in Oude Testament én Nieuwe Testament, is kenmerkend voor bijbelse theologie, prediking en geloofsgetuigenis. Deze verbindt ons met de voorgeslachten én de geslachten die ons zijn voorgegaan in de hemelse heerlijkheid, én deze verbindt ons vooral met de Gód van deze voorgeslachten. Dat is de doorgaande lijn. Liggen ons ambtelijk werk, onze prediking en ons geloof in déze lijn? !

Geestelijke nalatenschap

Elisa zal de opvolger zijn van Elia (vgl. 1 Kon. 19 : 16 "en Elisa zult gij tot profeet zalven in uw plaats"). Elisa zal de traditie voortzetten. Hij wil zijn meester Elia dan ook volgen tot het einde. Maar het lijkt erop dat Elia daar bezwaar tegen heeft (vs 2, 4, 6 "Blijf toch hier..."). Het kan zijn dat Elia de eenzaamheid zocht, maar meer waarschijnlijk is dat Elia zijn opvolger Elisa wil beproeven. Elisa laat zich echter niet wegsturen. Ook hij weet wat er staat te gebeuren.

Zo komen ze voor de Jordaan te staan. Elia neemt zijn profetenmantel en slaat daarmee op het water en ze kunnen er droogvoets door. Wat de herdersstaf was voor de herder, was de profetenmantel voor de profeet en dat is het Woord voor de ambtsdrager: dat richt wonderen uit! Mag ik in deze Jordaan een beeld zien van de doods- Jordaan? Is door dit wonder de doodsgrens al gepasseerd? Stilzwijgend zijn beide mannen door de Jordaan gegaan.

Dan is Elia bereid tot een laatste wilsbeschikking. Kenmerkend voor hen die heengaan in vrede naar Gods Woord. Eer Elia weggenomen wordt, is hij bereid nog iets voor Elisa te doen: "Begeer wat ik u doen zal, eer ik van u weggenomen wordt". Dan zegt Elisa: "Dat toch twee delen van uw geest op mij zijn!" Het gaat Elisa kennelijk niet om de wonderen, maar om de géést achter die wonderen. Het gaat hem niet om de buitenkant, maar om de binnenkant van de godzaligheid en de godsvrucht van Elia. En Elisa vraagt dit, omdat hij nu profeet moet worden in Elia's plaats. Bovendien moet hij zorgdragen voor de 'zonen der profeten' (profetenschool). Als ambtsdragers behoren wij het voorbeeld van godvruchtige voorgangers voor ogen te stellen om te arbeiden in hun geest (Matthew Henry). Daarom begeert Elisa 'twee delen van de geest' van Elia:

Op 24 april jl. had in Vreeswijk-Nieuwegein de jaarlijkse ontmoetingsdag voor ambtsdragers in de (middel)grote steden plaats. Wat daar gezegd werd, hopen we de komende tijd in ons blad te plaatsen. Als eerste drukken we deze week de ambtsdragerspreek af die dr. C. A. van der Sluijs hield naar aanleiding van 2 Koningen 2 : 8-14, het gedeelte waarin Elisa een wettig recht op de geestelijke nalatenschap van Elia ontvangt - een actueel woord, ook bij de overgang van de Nederlandse Hervormde Kerk naar de Protestantse Kerk.

Red. oe Waarheidsvriend

"Dat toch twee delen van uw geest op mij zijn". Dit gaat terug op Deut. 21: 17; daar moest een vader, bij het maken van zijn testament, de eerstgeborene een dubbel erfdeel toekennen. Hij zou dé erfgenaam zijn!

Nu vraagt Elisa uit de geestelijke nalatenschap van Elia zóveel als een eerstgeborene krijgt uit de nalatenschap van zijn overleden vader. Hij noemt hem ook straks 'mijn vader'. Elisa vraagt hiermee een wettig recht op de geestelijke nalatenschap van Elia. Dan zegt Elia: "Gij hebt een harde zaak begeerd...". Over geestesgaven (charismata) heeft Elia niet te beschikken, maar God alleen. Elia zegt met zoveel woorden: dat u een wettig recht op mijn geestelijke nalatenschap krijgt, dat spreekt maar niet vanzelf en dat gaat ook niet vanzelf. Dan moet God wat u betreft óók een wonder doen! Welk wonder dan? Dit: "indien gij mij zult zien, als ik van bij u weggenomen wordt, het zal u geschieden; doch zo niet, het zal niet geschieden". Het hangt er maar vanaf of Elisa ooggetuige zal zijn van Elia's wonderlijk heengaan in heerlijkheid! Het hing er maar vanaf of de Heere Elisa daarbij zou betrekken. Of Elisa op een wettige wijze zou staan in de geestelijke traditie van Elia, hing af van zijn 'zien'. Merkwaardig is in dezen de parallel met het Nieuwe Testament met het oog op Opstanding, Hemelvaart en Pinksteren. Ook daar gaat het om de legitimering tot overdracht van het heil. Ook daar hangt de geestelijke betrokkenheid bij het heil af van het 'zien'. Vgl. 1 Kor. 15 : 5 - 8 "van Cefas gezien, daarna van de twaalf. Daarna is Hij gezien van Jakobus, daarna van al de apostelen. En ten laatste van allen is Hij ook van mij, als van een ontijdig geborene, gezien".

En dan bij de Hemelvaart (Hand. 1: 9) "En als Hij dit gezegd had, werd Hij opgenomen, daar zij het zagen". En bij dit 'zien' konden zij er zeker van zijn dat ze binnenkort de Geest van Christus zouden ontvangen." En dan komt dit 'zien' weer terug in Hand. 2 : 3 "En van hen werden gezien verdeelde tongen als van vuur".

Elisa, als je mij zult 'zien' heengaan - als je daarvan getuige mag zijn - zul je twee delen van mijn geest ontvangen, als God je zó betrekt bij mijn wonderlijk heengaan in heerlijkheid, dan zul je met innerlijke betrokkenheid mijn 282

geloofsgetuigenis mogen verder dragen.

Als wij ambtelijk het geloofsgetuigenis van het voorgeslacht verder dragen en uitdragen, dan gaat het om deze wonderlijke innerlijke betrokkenheid! Dangaat het om een bevindelijk (beproefd!) verstaan van de geestelijke nalatenschap. Dan zien we waar het toen om ging en dan zien we waar het nü om gaat.

Geestelijke aansluiting

Terwijl ze nog lopen te praten, komen er "een vurige wagen en vurige paarden, die tussen hen beiden scheiding maakten. Alzo voer Elia met een onweder ten hemel (vs. nj". Profetie in het Oude Testament van de hemelvaart van Christus. "En Elisa zag het, en hij riep: Mijn Vader, mijn vader, wagen Israëls en zijn ruiteren!" Aan de gestelde voorwaarde is voldaan. Elisa wordt door de God van Elia verwaardigd Gods heerlijkheid te zien. Daarmee zal Elisa zijn wens verkrijgen: een wettig recht op de geestelijke nalatenschap van Elia. Zoals de discipelen de Pinkstergeest konden ontvangen, nadat ze Christus zagen ten hemel varen.

Ook wij delen slechts in die Geest, als we innerlijk getuige zijn geweest van Jezus' heerlijkheid, getuige Hebr. 2 : 9 "wij zien Jezus met eer en heerlijkheid gekroond". En ook wij staan alleen in de geestelijke traditie van een godzalig en godvrezend voorgeslacht, als we met geestelijke ogen getuige zijn van hun heengaan in de heerlijkheid des Heeren. Elisa's eerste reactie is nameloze smart om wat hij thans in Elia verliest. Hij rukt zich het gewaad van het lichaam, en scheurt het in twee stukken. Nu hij 'de twee delen van de geest' van Elia gaat ontvangen, gaat zijn eigen leven in twee stukken. Het nieuwe leven zet zich voort door de verscheurdheid heen. We krijgen recht op het geestelijk erfdeel van een godvruchtig en godzalig voorgeslacht door het hartverscheurend heimwee heen: "Mijn vader, mijn vader.' Wagen Israëls en zijn ruiteren!" O God, die droeg ons voorgeslacht, in tegenspoed en kruis... Zult Gij ook onze God niet wezen? !

Elisa neemt nu "Elia's mantel, die van hem afgevallen was". Thans mag hij er zich mee kleden, als onderpand van zijn geestelijke erfenis. Elisa neemt de draad op waar Elia hem liet vallen. "En

Elisa keerde weer en stond aan de oever van de Jordaan." Aan dezelfde Jordaanoever waar hij met Elia droogvoets doorheen was getrokken. Er zal voor Elisa weer een wonder nodig zijn om erdoorheen te komen. Ook wij geloven vandaag niet voor het eerst. Maar het voorgeslacht van de Nederlandse Hervormde Kerk valt wel weg. Als dan de geestelijke aansluiting maar niet wegvalt. Als we dan maar zien waar het om gaat!

Wonderen

Elisa staat er nu alleen voor, ook alleen voor de Jordaan. En toch niet helemaal alleen. Hij heeft 'iets', de mantel. Nu zal blijken dat de geestelijke erfenis hem inderdaad ten deel is gevallen. Staan wij er vandaag niet alleen voor, dan hebben we 'iets'. Elisa heeft niet alleen 'iets' (de mantel), hij heeft ook 'iemand', namelijk de God van Elia. En Elisa slaat het water van de Jordaan met die mantel van Elia en roept: "Waar is de Heere, de God van Elia? Ja, Dezelve? " Terwijl hij zich van Elia afwendt, wendt hij zich tot de Gód van Elia.

Terwijl wij ons met een hartverscheurend heimwee afwenden van het voorgeslacht in de Nederlandse Hervormde Kerk, wenden we ons tot de Gód van dat voorgeslacht in de Protestantse Kerk in Nederland. Eigenlijk is Elisa's vraag een bezwerend vragende belijdenis! En ook onze belijdenis werkt niet automatisch. Zij dient een bezwerend vragende belijdenis te zijn. Zo krijgen we ook antwoord als onze belijdenis bezwerend vragend functioneert. Het ging en het gaat immers om de religie van het belijden!

Bezwerend vragend en belijdend, belijdend en bezwerend vragend staat Elisa bij het water van de Jordaan en slaat het water van de Jordaan. Precies hetzelfde wat Elia tevoren met die mantel deed. Laten we zo als ambtsdragers belijdend en bezwerend vragend bezig zijn voor Gods aangezicht, als we staan voor het water van de Jordaan, waar we zo maar niet doorheen komen in de postmoderne cultuur van de stad en in de aanvechtbare structuur van de Protestantse Kerk in Nederland.

Als wij belijden en geloven in de geest van ons voorgeslacht, mogen we wonderen verwachten. Waar is de Heere, de God van Augustinus, van Luther, van Calvijn, de God van de Kerk der vaderen en de God van de Kerk der eeuwen? !

Geheim van de Naam

Dan geschiedt het wonder: het water "werd herwaarts en derwaarts verdeeld, en Elisa ging erdoor". Elisa staat blijkbaar in dezelfde relatie tot de Heere als Elia! Daarvan getuigt dit wonder. Het Woord gaat blijkbaar voort in het wonder van het zien van Gods heerlijkheid. Deze wonderlijke aansluiting bij de geestelijke erfenis van ons voorgeslacht is van beslissende betekenis. Klikt het, of klikt het niet? ! Daar gaat het om. En daarin om diezelfde God! Want Elisa deed wat Elia deed, toen hij sloeg op het water van de Jordaan, zoals Elia weer deed wat Mozes deed, toen deze het water van de Rode Zee kliefde (Ex.14.: 16). Ziet u de doorgaande en voortgaande traditie van het Woord Gods? !

De Heere is voor ons Dezelfde - het geheim van de Naam - maar altijd via het wonder!

Zonder dit wonder van de genade missen we in ons ambtelijk bezig zijn de geestelijke aansluiting op de geestelijke nalatenschap van ons voorgeslacht. En hoe zullen we dit dan overdragen op ons nageslacht? !

De Heere geve ons een hartelijk bezwerend belijdende vraag naar de wonderen van de Allerhoogste, naar de Heere, de Ik zal zijn, die Ik zijn zal, ja Dezelve! God van de Nederlandse Hervormde Kerk, u bent toch Dezelfde in de Protestantse Kerk in Nederland. God van onze vaderen, U bent toch Dezelfde in het postmoderne leefklimaat in onze stad en in ons ontkerstende land? !

Dan zult u in uw ambtelijk werk, werkelijk en kerkelijk, wonderen zien gebeuren, de wonderen van de Allerhoogste.

C. A. VAN DER SLUIJS, ROTTERDAM

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 mei 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Dezelfde God

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 mei 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's