De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

3 minuten leestijd

Stadskerkenraden waren vroeger groot. In een oude jaargang van het kerkblad van de hervormde gemeente te Gouda trof ik onder het kopje 'Stadskerkenraad' het volgende.

Dr.J. H. Gunning vertelde eens van zijn Goudse tijd. Hij had daar een schrik gekregen, die hem heel zijn leuen is bijgebleven: "In Gouda leerde ik voor 't eerst een stadskerkeraad kennen en sedert die tijd heb ik er zulk een levende, allesbeheersende schrik voor gekregen, dat zelfs nu nog, als ik eens een heel zware en benauu/de droom heb, ik mij verbeeld, dat ik tot voorzitter van de Amsterdamse kerkeraad werd benoemd! Dan word ik onfeilbaar met een angstkreet wakker, zodat mijn vrouw me vraagt: '"Wat heb je, kwam je onder een auto? "' '"Neen vrouw'", stamel ik dan, '"veel erger dan dat! Ik moest anderhalf honderd vrome mannen presideren!'"

Dezer dagen verscheen het tweede deel van Boek der Mirakelen (uitgave Voltaire, 's-Hertogen-

bosch), waarin de 746 'religieuze en volkse wonderverhalen' zijn gebundeld die de middeleeuwse monnik Caessarius van Heisterbach (1180-1240) te boek stelde; visioenen, vaak met Maria als centrale figuur, en mirakelen. Hier volgt er één:

'In het bisdom Keulen in de keizerstad Duisburg voorzag een vrouw in haar levensonderhoud door bier te brouwen en te verkopen. Toen op een dag de stad in brand stond en het vuur haar woning naderde, verwachtte ze niets meer van menselijke hulp maar nam ze haar toevlucht tot de hulp van God. Want ze zette alle maatbekers waarmee ze altijd voor de kopers het bier mat, bjj de poort van haar huis als afweermiddel tegen de vlammen en bad in de grote eenvoud van haar hart: "Rechtvaardige en goedertieren Heer God, als ik ooit ook maar iemand met deze maatbekers bedrogen heb, mag dit huis wat mij betreft in vlammen opgaan. Maar als ik gedaan heb wat juist is in Uw ogen, smeek ik Uw gerechtigheid in dit uur genadig op mij neer te zien in mijn nood en U te verwaardigen mij en mijn huisraad te sparen". Verbazingwekkend was het geloof van die vrouw, verbazingwekkend de nederigheid van God. Hij die zei: "Met de maat waarmee jullie meten, zal men ook uoor jullie meten" (Matth. 7:2), hield de vlammen die alles in het rond verzwolgen, weg van haar huis. Het was alsof het vuur door het gebed van die gelopige weduwe opgesloten was. Allen stonden verbaasd dat het razende vuur wel likte aan het brandende materiaal maar het niet verbrandde.'

v.d.G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 mei 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 mei 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's