van de aarde
'En indien iemand gezondigd heeft, wij hebben een Voorspraak bij de Vader, Jezus Christus, de Rechtvaardige.' [1 Joh. 2 : 1b]
Wie maakt zich er druk om dat hij gezondigd heeft? Daar mogen wij ons allemaal wel druk om maken. Want 'we hebben allen gezondigd en derven de heerlijkheid Gods.' Het is zelfmisleiding als wij denken dat wij geen zonden hebben.
Beleef je het echt: ik heb gezondigd, dan zit je ermee. Je beseft dat het toch vreselijk is wat een mens doet als hij zondigt: God onteren, Zijn goede wet overtreden, eeuwige schuld maken en de wereld naar de verdoemenis helpen. Zijn wij echt zondaar, dan hebben wij in plaats van grote woorden een klein hart gekregen. Een hart, dat gebroken en verslagen is.
Wat richt de zonde toch een ellende aan! Daar zou heel veel over te zeggen
zijn. Vanuit de tekst wordt er dit over gezegd: wij kunnen God niet meer onder ogen komen. Nog preciezer: wij kunnen de Vader niet meer onder ogen komen. God de Vader die binnen de goddelijke drie-eenheid het Hoofd is, en altijd het tegenover tot de mens bewaart. Ook als Zoon en Heilige Geest in de weer komen om te bemiddelen tussen God en mens. Dat is een ontstellend iets: wij kunnen de Vader niet meer onder ogen komen, die onze Maker is, en van en voor Wie we ons leven hebben. Wie door de Heilige Geest over Zijn zonde wordt onderwezen, komt daar ook vooral mee te zitten.
Maar het evangelie klinkt in onze tekst: Indien iemand gezondigd heeft, wij hebben een Voorspraak bij de Vader, Jezus Christus, de Rechtvaardige. Hier wordt gezegd dat de Zoon bij de Vader is. Maar er wordt tegelijkertijd zoveel méér gezegd. De Zoon wordt bij Zijn Namen genoemd. Jezus - dat is Zaligmaker, omdat Hij Zijn volk zal zalig maken van hun zonden. Christus - dat is Gezalfde, omdat Hij door de Vader gezalfd is om alle ambten te bekleden waarmee hij onder de mensen zou kunnen dienen, opdat de mensen God zouden behagen en volgen: profeet, priester en koning. Wanneer kreeg de Zoon die namen? Toen Hij in de wereld kwam. Toen Hij mens werd. Toen Hij in de wieg gelegd werd om de weg naar kruis en graf te gaan.
De Zoon wordt een Voorspraak genoemd. Dat wil zeggen: Hier is iemand die onze wettelijk vertegenwoordiger wil zijn, onze advocaat, onze strafpleiter. Hij neemt het niet op voor de zonde, maar wel voor zondaren. Hij vraagt God om ons onze zonden niet toe te rekenen. Om onze schulden niet in Zijn boek te laten staan.
Hoe kan Hij dat? Omdat de zonde der wereld Hem toegerekend zijn, toen Hij in het vlees was. Omdat Hij de straf gedragen heeft, die mijn zonden verdiend hebben. Hij kan het ook omdat Hij rechtvaardig is. Hij wel, terwijl er verder niemand is die rechtvaardig is, ook niet één. Hij heeft nooit andere zonden op Zijn naam gehad dan zonden van anderen. Hij staat recht voor God. Hij is rechtvaardig voor God. En zo kan Hij bij God voor ons voorspreken.
Wij hebben een Voorspraak bij de Vader. Dat mogen wij zeggen sinds de hemelvaart van de Heere Jezus. Hij is
van de aarde naar de hemel teruggekeerd. Hij is tot de Vader gekomen. En Hij is nog steeds bij de Vader. Zoals Hij tot heil van zondaren op de aarde was, is Hij tot heil van zondaren in de hemel. Wij weten de Zoon bij de Vader thuis, en wij mogen vertrouwen dat Hij daar een goed Woord voor ons doet. Hij bidt voor ons. Hij pleit voor ons.
Een Amerikaanse soldaat schreef in 1865 woorden van vertrouwen aan zijn generaal: 'Ik wist dat, waar ik ook was, u aan me dacht, en als ik in de knoei zou raken, zou u komen - als u het leven tenminste had.' De gelovige mag in Christus steeds eenzelfde vertrouwen hebben. 'Ik weet dat U waar ik ook ben aan me denkt, en als ik in de knoei raak, dan komt U.' - En dan ver-der niet de voorwaarde als u tenminste het leven hebt - 'alzo Hij altijd leeft om voor degenen die tot God gaan te bidden.'
Ik kom met mijn zonden voor God. Enootmoedig erken ik: 'Zo Gij in 't recht wilt treden en mijn ongerechtigheden gade wilt slaan, dan kan ik niet bestaan.' Daar is het echter niet uit. Het gaat verder: 'Maar neen... er is een Voorspraak bij de Vader, Jezus Christus de Rechtvaardige.' Dan hoeft God met mij niet om Zijn recht heen. Hij mag mijn ongerechtigheden gadeslaan. Want de Voorspreker treedt tussen. Hij zegt tot de Vader: 'Verlos Hem, dat Hij in het verderf niet nederdale, Ik heb verzoening gevonden.' Daar word ik bevrijd van mijn schuld.
Daar wordt mijn geweten ontlast. Daar wordt de vrede met God geboren.
Wij hebben. Wie zijn wij? De gehele wereld zou het kunnen zijn, als ze maar van haar zonde overtuigd raakte, en als ze maar om God verlegen werd (vs.2). Laten wij maar bidden dat de Heilige Geest tot veel mensen zal komen om het overtuigende werk in de wereld te doen, zodat mensen aan hun zonden geloven.
Wij hebben. Dat mogen wij zeggen, als we met onze zonden zitten. En als wij graag zouden hebben dat ze niet langer tussen God en ons in blijven staan, en als wij het onderschrijven: ik kan zelf geen vrede met God maken. Wij hebben. Dat is het geloofswoord dat we elkaar toe mogen laten klinken vanuit Hemelvaart. Al die keren dat we het er weer slecht afgebracht hebben. Al die dagen dat we weer gedaan hebben wat we niet wilden, en wel gedaan hebben, wat we niet wilden. Wij hebben een Voorspraak bij de Vader. Hebben wij de Voorspraak, dan neemt Hij het Woord als wij met een mond vol tanden voor God staan. Dan neemt Hij het initiatief als wij zijn uitgedaan. En de Vader laat het horen: Vrijgesproken. U hebt vergeving ontvangen. En wij gaan heen. En het zingt in ons: 'De schuld Uws volks hebt G' uit Uw boek gedaan, ook ziet Gij geen van hunne zonden aan; Gij vindt in gunst en niet in wraak Uw lust, de hitte van Uw gramschap is geblust.'
A. de Lange, Bruchem en Kerkwijk/Delwijnen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 mei 2004
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 mei 2004
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's