De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

In het Oude Testament beloofd

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In het Oude Testament beloofd

De Geest en het welbehagen van God

9 minuten leestijd

Op vele plaatsen in het Oude Testament wordt de komst van de Messias, Christus, aangekondigd. De aankondigingen van de komst van de Heilige Geest zijn minder in getal, maar niet minder duidelijk. Een belangrijke plaats is Jesaja 6i: i: 'De Geest van de Heere Heere is op Mij, omdat de Heere Mij gezalfd heeft'.

Wanneer er sprake is in het Oude Testament van de belofte van de Geest, dan betekent dat niet dat er in oudtestamentische tijden geen werkingen van de Geest zijn geweest. Integendeel; de Heilige Geest heeft zelfs gerust op individuele kinderen van God en met name op de profeten. Maar nog niet is er sprake van een wonen van de Geest in het volk van God; zoals dat het voorrecht is van de christelijke gemeente na de uitstorting van de Geest met Pinksteren.

De tekst in Jesaja 61 belooft de Geest aan de Messias in een mate die de profetische Geest overtreft. Christus zal ook méér zijn dan Profeet alleen. Hij is ook Priester en Koning. Volgens Jesaja zal de Geest, Die op de Messias rust, zijn de Geest van ootmoed, heling, vrijheid, gerechtigheid en blijdschap, '...omdat de Heere Mij gezalfd heeft, om een blijde boodschap te brengen aan de zachtmoedigen; Hij heeft Mij gezonden om te verbinden de gebrokenen van hart, om de gevangenen vrijheid uit te roepen, en de gebondenen opening van de gevangenis; om uit te roepen het jaar van het welbehagen des Heeren, en de dag der wraak van onze God; om alle treurigen te troosten; om de treurigen van Sion te beschikken dat hun gegeven wordt sieraad voor as, vreugdeolie voor treurigheid, het gewaad des lofs voor een benauwde geest; opdat zij genoemd worden eikenbomen der gerechtigheid, een planting des Heeren, opdat Hij verheerlijkt wordt.'

De Heilige Geest zal dus de Messias bekwaam maken tot Zijn ambtswerk. Een ambtswerk dat het werk van Israëls koningen, priesters en profeten zal overtreffen in heerlijkheid en kracht. Vandaar dat de bediening van de Geest ook zoveel heerlijker en krachtiger zal zijn dan ze in de tijd van • het Oude Verbond is geweest.

Aan Christus gegeven

De Heere Christus heeft de passage over de Heilige Geest uit Jesaja 61 één keer uitdrukkelijk naar voren gehaald. Het is op het moment dat Hij als volwassen man, gerechtigd is de Schriften te lezen in de dienst in de synagoge. Nog wel in Zijn woonplaats Nazareth. En het eerste wat Hij zegt na de lezing is: 'Heden is deze Schrift in uw oren vervuld' (Lukas 4 : 21). Hieruit blijkt onder andere dat de Heiland Zich volkomen bewust is van Zijn zending en ambt.

Waar en wanneer is Hij in dit ambt gezet? Er kan geen ander moment genoemd worden dan dat van Zijn Doop in de Jordaan door Johannes de Doper (Lukas 3 : 21-22). In dat gebeuren komt een aantal dingen bij elkaar. Allereerst is daar de Doop. Door Johannes de Doper toegepast op het volk Gods, dat hij tot bekering roept om in te kunnen gaan in het nabij gekomen Koninkrijk van God. Waarom moet ook Christus worden gedoopt; Hij de zondeloze; bovendien de Koning Zelf? Het is omdat Hij het Hoofd is van het Verbond met Gods volk. Aan Hem moet ook voltrokken worden, wat aan het volk voltrokken wordt. Vervolgens is er de stem uit de hemel: 'Gij zijt Mijn geliefde Zoon, in U heb Ik Mijn welbehagen.' En als teken van het Goddelijke welbehagen, teken van het aantreden van de grote Ambtsvervuiler, daalt op de gedoopte Christus de Heilige Geest neer 'in lichamelijke gedaante, gelijk een duif'.

Christus is als Zoon van God verbonden met de Vader en ook met de Heilige Geest. Maar als mens geworden Zoon ontvangt Hij ook de Heilige Geest als gave nodig voor het vervullen van Zijn drievoudig ambt. Het behoeft verder geen bewijs dat deze Doop van de Heere Jezus de grondslag vormt voor het latere Pinksterfeest en de uitstorting van de Heilige Geest op Christus' kerk. De Heere Christus heeft de Heilige Geest immers ontvangen als Hoofd van Zijn Gemeente, die Hij tot Zich roepen zal. Christus is het Hoofd van het Verbond. Het is opmerkelijk dat deze Doop en dit neerdalen van de Heilige Geest gepaard gaat met een uit de hemel komende verklaring van de liefde en het welbehagen Gods. Wordt daarin niet uitgedrukt dat de liefde en het welbehagen van God in de allereerste plaats geldt de Zoon van God. De mens geworden Zoon. In Verkiezing en Verbond vervult Christus de eerste en de voornaamste plaats. Vandaar dat het voor Calvijn zo'n geliefd thema was: Christus de spiegel van de Verkiezing. En vandaar dat de Calvinistische dogmatiek vaak de structuur kreeg van het Verbond.

Voor het zicht op het werk en de Persoon van de Heilige Geest én voor het zicht op de Kerk heeft het bovenstaande grote gevolgen. Zowel Jesaja 61 als Lukas 4 leert ons dat de Heilige Geest in eerste plaats gegeven is aan de mens geworden Zoon van God. Mensen ontvangen de Heilige Geest alleen door bemiddeling van Christus. Hij is Middelaar zowel in de verzoening met God als ook in het schenken van de Heilige Geest. In de Pinksterbelofte koppelt ook Petrus de vergeving van zonden en het ontvangen van de Heilige Geest aan elkaar. Mensen ontvangen nooit de Heilige Geest zonder tot Christus te komen en bij Christus te blijven. Er is geen andere Heilige Geest dan die van de Vader en de Zoon, die gegeven wordt door bemiddeling van de Zoon.

Ook voor het zicht op de kerk heeft de Doop van Christus en Zijn ontvangen van de Heilige Geest grote gevolgen. In de Verkiezing vanuit het welbehagen van God staat de (mens geworden) Zoon bovenaan. Hém in de eerste plaats heeft de Vader lief en Hém verkiest Hij om Hoofd van het Verbond en van de gemeente te zijn. De liefde en het welbehagen van God zijn alleen te kennen door het geloof in Christus. En de gaven van de Heilige Geest zijn alleen te ontvangen en te beoefenen in de gemeenschap van de kerk van Christus.

En aan de kerk gegeven

De opgestane en opgevaren Heiland is het Die de Heilige Geest uitdeelt en uitstort. 'Hij... heeft dit uitgestort wat gij nu ziet en hoort' (Handelingen 2 : 33). Het is door die bediening van de Heilige Geest dat Christus Zijn ambt uitoefent van Profeet, Priester en Koning. Profetische leiding geeft Christus aan Zijn kerk door Geest-vervulde bediening van het Woord. Priesterlijke bediening oefent Christus uit, wanneer de Heilige Geest de kerk heiligt om haar eenmaal als bruid voor Christus te stellen. En Koninklijk bedenkt Christus Zijn Kerk, wanneer Hij haar middels alle werkingen, vruchten en gaven doet delen in Zijn volheid. In de kerk wordt vaak een beroep gedaan op de vrijmacht van de Geest. Met een beroep op Johannes 3. De wind waait immers waarheen hij wil. Gemakkelijk wordt dan vergeten dat het ongrijpbare van de wind door Christus niet in verband wordt gebracht met een zogenaamde ongrijpbaarheid van de Heilige Geest, maar met het ongrijpbaar zijn (voor de wéreld!) van hen die uit de Geest geboren zijn. Het beroep op de vrijmacht van de Geest mag zeker nooit gedaan worden om zogenaamd nieuwe wegen van de Geest (die Hij zou gaan in en met de kerk) aan kritiek van het Woord te onttrekken. Het welbehagen en de vrijmacht van God breken geen baan in onbekende wegen van de Geest. Het welbehagen en de vrijmacht van God hebben zich gericht op Jezus Christus, de Zoon van God. En dat welbehagen en die vrijmacht heeft God geopenbaard in het Woord en laten zich ook kennen door het Woord. Voor de prediking in en het leiden van de kerk beroepen we ons dus niet op de zogenaamde vrijmacht van de Geest. Dat leidt tot geestdrijverij. Maar we hebben ons te beroepen op het Woord.

Geweten

Het is uiterst pijnlijk dat in de afgelopen tijd tot op de dag van vandaag er over de kerk intense en diepe verschillen van mening zich onder ons openbaarden.

Zij die 'heen gingen', beroepen zich vaak op het 'geweten'. Dat lijkt op een zich beroepen op de Heilige Geest. Men zal moeten bedenken dat er altijd een verbinding is van de Geest met Christus en het Woord. Zelfs al dreigt het gevaar dat men elkaar met teksten of bijbelgedeelten om de oren gaat slaan; dan nóg kan men niet afzien van een hanteren van het Woord met een beroep op het geweten of de vrijmacht van de Geest.

Zij die 'bleven', beroepen zich vaak op het 'Verbond'. Ook dat is een zich beroepen op de Geest, Die inderdaad de grote gave van het Verbond is en werkt in de weg van het Verbond. Maar ook hier geldt: Er blijft die nauwe verbinding tussen Christus en de Geest, tussen het Woord Gods en de Geest. Ook wie zich beroept op het Verbond, is niet ontslagen van de roeping om het Woord te hanteren.

Zij die 'heengingen', scheidden zich in vroeger jaren af van de Hervormde Kerk en doen dat nu van de Protestantse Kerk in een volgens hun geweten geboden gehoorzaamheid aan het Woord van Christus; om zich rechtstreeks en onverbloemd onder het ge-zag te stellen van de Koning der kerk. Zij die 'bleven' in de Hervormde Kerk en thans 'blijven' in de Verenigde Kerk, zijn gehouden om eveneens het gezag van Christus, als Hoofd van de kerk, en van Zijn Woord te erkennen. Voor de doorwerking van het Woord is onze enige hoop op het Verbond van God. De kerk kan wankelen; het Ver-bond niet. Het Woord is niet gebonden. De Heilige Geest is onuitputtelijk in kracht. In de gebroken kerkelijke situatie krijgt de in Jesaja beloofde Geest veel werk te verrichten. Kom, Geest van ootmoed, heling, vrijheid, gerechtigheid en blijdschap.

J. J. Verhaar, Houten

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 mei 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

In het Oude Testament beloofd

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 mei 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's