Wat heeft de kerk met voetbal?
Oranje kleurt weer de straten
Europa heeft in deze junimaand onze nationale belangstelling. En daarbij denken we niet direct aan de verkiezing uan de 27 parlementariërs die ons land de komende vijfjaar in Straatsburg en Brussel vertegenwoordigen, maar vooral aan de tweeëntwintig voetballers, die de komende weken opnieuw de Oranjekoorts doen oplopen. In Portugal vindt het Europees kampioenschap voetbal plaats - en dat willen we in Nederland weten ook.
ORANJE KLEURT WEER DE STRATEN
Sport is meer dan sport. Sport is vooral commercie geworden. Niet alleen bij de supermarkt is dit te merken. Bij de presentatie van de laatste jaarcijfers van elektronicaconcern Philips werd gerekend op een groei in de verkoop van (breedband/kleuren)televisies, omdat veel mensen hun spaarpot legen om de voetballers goed te kunnen volgen. Ook de publiekskranten hopen met grote sportbijlagen de verkoop een impuls te geven. Sport is als een niet te negeren verschijnsel in onze economie aanwezig.
De topsport bepaalt eveneens het sociale leven van mensen. Bij zoveel voetbal op de buis blijven Nederlanders meer dan anders in eigen land of gaan ze pas na de finale op vakantie. Je moet er maar voor kiezen: de Zwitserse bergen of de Zeeuwse stranden laten voor wat ze zijn, om bijna dagelijks achter de tv te kruipen. Het ritme van de dag wordt bepaald door het fluitje van de scheidsrechter. En het hoeft ons niet te bevreemden als ook deze keer vergaderingen van het openbaar bestuur verschoven worden, opdat niemand de bal hoeft te missen. Het zal stil op straat worden, op bepaalde tijden. Koning voetbal regeert de komende weken. •
Voetbal is ook oorlog. Met deze woorden bracht een legendarische voetbaltrainer onder woorden welke sentimenten in mensen naar boven komen, als de bal anders rolt dan gehoopt werd. Ook in dit opzicht is topsport de afgelopen decennia voor veel lokale bestuurders een zorgenkindje geweest. Voetbalvandalisme kost de Ne- 362 derlandse belastingbetaler elk jaar miljoenen euro's, als veel politie beschikbaar moet zijn, als winkels geplunderd worden of treinstellen vernield. Een gewone wedstrijd van het Rotterdamse Feyenoord betekent regulier voor de politie 2000 uur werk. Dat het gros van de mensen voor de schoonheid van het spel komt, doet aan dit feit niets af. Voetbal is ook oorlog.
Brood en spelen
Wie de verschijnselen rond topsport beziet, kan niet om de grote betekenis ervan heen. Ooit vertelde ik aan jongens uit een Afrikaans dorp, ver van de in cultuur gebrachte wereld, uit Holland afkomstig te zijn, waarop spontaan de namen van Gullit en Koeman genoemd werden. Gastvrijheid direct verzekerd. Niet Balkenende en Beatrix zijn voor het volk de ambassadeurs van Nederland, maar zij die een bal aan de voet kunnen houden. Voetbal is van belang in de relatie tussen volkeren - daar weten we in onze contacten met de Duitsers alles van.
Die enorme betekenis van het voetbal moeten we niet louter negatief duiden. Brood en spelen schieten weliswaar schromelijk tekort als basis in ons leven, als bindmiddel voor een samenleving, maar voor wie leeft te midden van grote armoede, zoekt in het volgen van de sport perspectief. De voormalige topvoetbalier Frank Rijkaard vertelde in 1990 aan Elseviers Weekblad - het vraaggesprek is opgenomen in een bundel met 'de beste Nederlandse interviews van de laatste 100 jaar' - be-grip gekregen te hebben voor de vele aandacht voor het voetbal, al wilde hij het liefst in stilte als gewoon mens zijn weg gaan: 'Vroeger wilde ik nog wel eens zeggen: voetbal is onbelangrijk. De aarde blijft ook zonder die ene wedstrijd draaien. En 1-0 of 0-5, dat kan toch je leven niet veranderen. De laatste jaren denk ik daar veel genuanceerder over. Zoveel arme mensen die hun geluk aan het voetbal ontlenen, dat mag je niet onderschatten. Voor hen is die uitlaatklep wel belangrijk'. Als wij dit signaleren, is het aan óns om alle volken op aarde via zending en ontwikkelingswerk een beter perspectief te bieden, dat verder reikt dan negentig minuten, ja, zelfs verder dan dit leven.
Sport is gezond
Sport is niet alleen commercie, een maatschappelijk bindmiddel, een nationaal visitekaartje, aanleiding tot geweld - sport is ook gezond. Daar mogen we in de kerk heel nuchter oog voor hebben. Waar opgeroepen wordt tot een leven in de vreze des Heeren, tot het bewaren van Gods geboden, doet ons lichaam helemaal mee. Een prediking of catechese die geen aandacht geeft aan ons dagelijks bestaan, laat op z'n minst een deel van de bijbelse werkelijkheid liggen. Het is buiten elke discussie: Paulus richt zich met nadruk op de geestelijke strijd, als hij aan het einde van zijn leven de kroon der rechtvaardigheid noemt, die weggelegd is nu hij de loopbaan ten einde gelopen heeft. Hij heeft gejaagd naar de prijs van Gods roeping, in Christus hem geschonken. Het gaat om de oefening tot godzaligheid, die de belofte van het tegenwoordige en het toekomende leven heeft. In dat verband noemt hij de lichamelijke oefening, die tot weinig nut is. Die verhouding moeten we blijven zien, en tegelijk beseffen dat God ons een lichaam gegeven heeft en sport juist in een zitcultuur, een genotscultuur ons leert verantwoord met ons lichaam om te gaan.
Het is daarbij een interessant gegeven dat de georganiseerde sportbeoefening haar wortels vindt in de christelijke jeugdbeweging. In de negentiende eeuw ontstonden in de Verenigde Staten in het kader van christelijk jeugdwerk basketbal- en volleybalclubs, die zich richtten op de vorming van jongeren, ook van ontspoorde jongeren. Op het sportveld leer je immers wat sportiviteit is, wat discipline is, waarom er regels zijn, hoe nodig samenwerking is. Gezamenlijk sporten kan daarom een karaktervormende werking hebben, die in onze individualistische tijd niet onderschat moet worden.
In een vraaggesprek voor Vrij Nederland noemde de 'voetbalfilosoof' Johan Cruijff het voetbalveld ooit een spiegel voor de samenleving, waarbij hij een ontstellend gebrek aan respect in de maatschappij constateerde en regels voortdurend overtreden werden. 'Voetbal is de voorbode van wat er zich in de samenleving gaat afspelen. Zo veel menselijke elementen zijn in die sport verenigd. We hebben het kunnen zien: eerst kwam de nivellering in het voetbal; wat later hebben we die tendens gemerkt in het dagelijks leven. En wat krijgen we nu? Dat toeschouwers toch weer liever de zelfstandig opererende speler willen zien: individualisatie, dus decentralisatie'. Ook die functie heeft de sportbeoefening blijkbaar, ons te tonen wat er leeft in het culturele klimaat.
Kerk en sport
Wat zegt ons dit alles, binnen de christelijke gemeente? Heeft de kerk zich bezig te houden met het voetbalveld, en alles wat daaromheen plaatsheeft? Dat is een spannende vraag. Wie de sport en het hele circus eromheen terzijde laat liggen, negeert de plaats waar vele kerkleden - met name in deze weken - verblijven, letterlijk of in gedachten, jonger en soms ook ouder. Het Evangelie moet ingang vinden in harten van mensen, daar waar zij zich bevinden. Dat betekent dat we in deze maand de kleur oranje niet kunnen negeren. De kerk heeft ook een boodschap over sport - en zal meer
moeten doen dan over de verdwazing en de uitwassen de vinger opsteken. In 1993 beseften de Samen op Wegkerken dit ook, toen ze samen met de Nederlandse Christelijke Sport Unie (NCSU) het project Kerk & Sport begonnen. Twee jaar geleden kwam de missie ten einde, en bleken de doelstelling niet te halen.
Wat men wilde? De afstand tussen kerk en sport moest kleiner worden. Hiertoe zou de kerk bijdragen aan de ethische bezinning in de sportwereld en de sportwereld zou de kerk speelser kunnen maken. De synode boog zich in 1997 zelfs over het rapport Hink, stap, sprong - maar inmiddels is duidelijk dat de doelstelling te vaag was. Misschien moeten we maar gewoon zeggen dat de roeping van de kerk zich niet verdraagt met het klimaat waarin op hoog niveau sport wordt beoefend.
Bekeerd van de idolen
Ook in onze tijd mag vanuit het Woord licht vallen op het leven, ook het sportleven, ook onze vrijetijdsbesteding. De Bijbel blijft daarbij niet hangen in de feiten, maar zoekt naar de wortel, de bodem, de achtergrond. Dan is de heiliging van de zondag - een gebod van God - nog niet eens het eerste waarover we spreken. Om van de heiliging van Zijn naam - ook een gebod - maar niet te spreken. Maar beide geboden, hoewel in de praktijk veelal overtreden op het sportveld, kunnen ook zonder sportbeoefening genegeerd worden. De roeping van de kerk is Christus te verkondigen, Hem te eren, Hem centraal te stellen als Hoofd van Zijn gemeente en als Redder van de wereld. Waar de gemeenteleden in Thessaloniki navolgers van de Heere geworden zijn en het Woord aangenomen hebben, zijn zij tegelijk 'tot God bekeerd van de afgoden, de idolen, om de levende en waarachtige God te dienen'. We moeten kiezen, heel eenvoudig.
Het gaat altijd weer om het hart, om de gezindheid van het leven. Is onze wandel in de hemelen, dan is die niet tegelijkertijd in Portugal. Want onze God is in de hemel, zegt de dichter van Psalm 115, voor hij over de afgoden spreekt. In Zijn licht bezien, zijn alle afgoden nietig. Laten we het maar zo scherp stellen, want anders is het niet. Dan kan het niet dat gemeenteleden de kerkdienst inwisselen voor een wedstrijd. Die radicale houding is niet sport-vijandig, want beweging is goed en competitie is leuk. Maar juist als Nederland massaal laat zien waar haar hart ligt, krijgt de kerk de kans te tonen Wie zij dient. 'Eén is onze Meester'.
P. J. Vergunst
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juni 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juni 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's