Geweten
Pastoraat [is]
PASTORAAT [18]
Wij horen over geweten telkens weer spreken in ons kerkelijk leven. 'In geweten kan ik dit of dat niet doen.' Of: 'moet ik juist dit of dat doen.' En, zo hoorde ik ook: waar het geweten spreekt, daar zwijgen de argumenten. Het kan je ongelofelijk veel moeite kosten om te doorgronden waarom het geweten van broeders en zusters van hetzelfde huis zo verschillend reageert, met name op ernstige, ingrijpende momenten.
Ik herinner me nog uit mijn jongensjaren dat twee ooms in dezelfde leeftijdsgroep een verschillende beslissing namen. De een had de overtuiging dat hij de overheid moest gehoorzamen, ook in oorlogstijd. Hij vertrok naar Duitsland, om daar te werken, nolens volens. Hij wilde niet, maar tóch. Hij had niets met de bezettende macht, maar meende dat hij onder Gods oordeel niet weg mocht lopen. De ander overlegde bij zichzelf en kwam tot het besluit dat hij niet geroepen was om de vijand te gehoorzamen, maar integendeel dicht bij zijn gezin te blijven. Hij dook onder. Het waren twee serieuze, hard werkende mannen, met een groot verantwoordelijkheidsbesef voor vrouw en kinderen. En toch, zo'n verschillende gewetensbeslissing.
Niet onaantastbaar
Ook nu is er zo'n ernstig moment. Kun je in geweten 'je laten meenemen' de PKN in? Wij zijn gewend om elkaar in gewetensbeslissingen en - bezwaren serieus te nemen. Dat is een groot goed. Toch moeten wij het geweten niet zo verheerlijken dat dat als het ware onaantastbaar wordt. Het geweten is niet, zoals wel eens wordt beweerd, de goddelijke stem in ons hart, waarvoor alles en eenieder stil wordt. Ik las dat in de vorige eeuw nog de stelling is verdedigd dat het geweten, dat typisch menselijke kenmerk, een kern en wortel had, die niet geschapen was en dus goddelijk was. Wie zo tegen het geweten aankijkt, kan zich verschansen in eigen gelijk, en vermijdt ieder contact dat de bedoeling heeft hem of haar tot andere gedachten te brengen.
Het geweten is een zaak van het hart, je innerlijk, een weten, een oordelen over je eigen beslissingen, die nog tot uitvoering moeten komen of reeds uitgevoerd zijn. Wij noemen het ook wel consciëntie.
Op Christus gericht
Conscientia betekent: samen weten. Met God? Ja, want wij zijn in eerste instantie en vooral gehouden aan Zijn geboden. Het is inderdaad een bijzondere ervaring als je vrede hebt over je beslissing vanuit God, vanuit de overtuiging, door Zijn woord in jouw leven gewekt. 'Als God, mijn God maar voor mij is'.
Het is ook weten samen met de ander, aan wie je gegeven en verbonden bent. Ik denk aan het gezinsleven, het kerkelijk leven. Ons geweten wordt gevormd, het groeit, met name ook door de zorg van anderen die ons begeleiden. Eeneder die weet dat wij de opdracht van God hebben om elkaar te leren, te onderwijzen in de beslissingen van het hart, verstaat de hoge verantwoordelijkheid. Want die beslissingen kunnen ijkpunt worden voor ons totale gedrag en grote gevolgen hebben voor generaties.
Het is ook een weten met jezelf. Een mens heeft de ongekend rijke, de unieke mogelijkheid om te overwegen, met zichzelf in gesprek te zijn, bij zichzelf te rade te gaan. Wat is het van groot belang om elkaar ook de ruimte van die overweging te gunnen en niet te verstoren door onze inbreng dwingend op te leggen.
Ons geweten moet worden gereinigd, gelouterd, op Christus en Zijn geboden en beloften worden gericht, en niet verstenen tot een onaantastbare bunker, waarin ik opgesloten zit en waarvan uit ik mijn naaste kan bestoken met mijn munitie.
Wat is het kenmerk van een goed geweten? Dat je weet dat je in Gods gunst mag handelen, en dat je daar vrede uit ervaart. Toch ben ik daar ook voorzichtig mee. Want wij kunnen onszelf veel wijsmaken. Wij zullen bereid moeten zijn tot verantwoording. En de weg van het geweten kan nooit zijn dat wij tegen Gods gebod handelen en denken dat dat wel geoorloofd is, omdat wij de stem van het geweten volgen en daarom dit moeten doen. Ik hoorde eens: voor de duivel geldt geen ethiek. En de woorden van afgrijzen en veroordeling van de ander rolden uit de mond van degene die dit beweerde.
Bekering
Wij worden, zeker in spannende tijden, opgeroepen om ons geweten te oefenen. In zuiverheid, in ongeveinsd geloof, zonder een dubbele bodem, of een schijnrede. Voor God en mensen. Het grote gevaar voor het geweten van eenieder, een christen het meest, is verharding en bitterheid. Dan worden wij als guerrilla's. Die gaan over lijken. Wij weten ervan in onze tijd. Onze Heiland zegt: 'En leert van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart en gij zult rust vinden voor uw zielen'. Als ons hart met een brandijzer toegeschroeid is, als ons principe van steen wordt, als de bitterheid, de giftige wortels van haat en minachting en achterdocht op de akker van ons hart zijn ingedrongen, wat een heilloos, diep triest bestaan is ons dan beschoren. God beware ons daarvoor. Gewetensvol denken en handelen vraagt bekering: verloochening van jezelf, en onvoorwaardelijke gehoorzaamheid, ongeveinsde liefde en een groot vertrouwen. In de drukte van beraad en daad geldt een opdracht: jaagt de vrede na met allen, en de heiliging. (Hebr. 12 : 14 en 15)
J. L. W. Koppenhol, Huizen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juni 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juni 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's