Globaal bekeken
A maranthus' kopt een bijdrage in de rubriek van H. F(lorijn) in De Wachter Sions: Op 8 mei II. was het 25 jaar geleden dat ds. Hans Visser diaconaal predikant werd in de Rotterdamse Pauluskerk. Heel Nederland kent hem intussen. Bij zijn jubileum kreeg hij een boekje aangeboden met de titel De Onbenoembare 'over het geloof van dominee Visser'. Veertien meer of minder bekende Rotterdammers leverden een bijdrage, onder wie de hervormde predikant van Rotterdam-Delfshaven, ds. P. L. de Jong. Hier volgt een fragment uitzijn bijdrage:
A maranthus' kopt een bijdrage in de rubriek van H. F(lorijn) in De Wachter Sions:
'Er is veel verwarring op kerkelijk gebied in Nederland. Merkwaardig daarbij is dat men argumenten hoort herhalen, die lange tijd geleden ook al naar voren werden gebracht. Zo kom je tegenwoordig opvattingen tegen, die veel lijken op die uan ds. Ledeboer uit circa 1840. Anderen u/ijzen op gelijkenis met opstellingen uan de dolerenden uan zo'n ruim honderd jaar geleden, of met die uan de Nederlandse Hervormde Kerk uit die tijd. Zou het dan toch waar zijn wat een historicus ooit schreef, dat wie niets uan de geschiedenis heeft geleerd, gedoemd is om die over te doen?
Een uan degenen uit het uerleden, die ook ouer de kerk heeft nagedacht, is Maarten Luther geweest. Een paar van zijn uitspraken daarover worden hier weergegeven.
De eerste uitspraak uan Luther met betrekking tot de kerk berust op een uergeljjking met de Amaranthus. De amaranthus, aldus Luther, groeit op in de maand augustus en is meer een stengel dan een bloem. De plant laat zich gemakkelijk afbreken, maar groeit toch urolijk uerder. Wanneer alle bloemen zijn verdord, maar opnieuw met water besprengd en uochtig gemaakt worden, dan worden ze weer zo fraai en groen dat men er in de winter een krans van kan vlechten. "Ik weet niet", aldus Luther, "of de kerk ergens meer op lijkt dan op de amaranthus."
Een andere opmerking uan Luther luidt: "De kerk opbouwen betekent niet dat er nieuwe ceremoniën ingevoerd moeten worden, zoals sommige slimmeriken onder onsgelouen, maar het houdt in dat de gewetens urij en uast gemaakt worden door het geloof, zodat ze zonder urees en twijfel zijn".
"De kerk behoort niemand toe dan Christus alleen." "Drie dingen behoren de Kerke Gods toe en zijn haar eigen: ten eerste getrouw onderwijzen, ten tweede met ijver bidden en ten derde met ernst verdragen." "Wij bidden in de kerk met de kerk uoor de kerk." "Waar het Woord van God blijft, daar blijft ook de kerk." "Waar de Heilige Geest niet predikt, daar is geen kerk."
O p 8 mei II. was het 25 jaar geleden dat ds. Hans Visser diaconaal predikant werd in de Rotterdamse Pauluskerk. Heel Nederland kent hem intussen. Bij zijn jubileum kreeg hij een boekje aangeboden met de titel De Onbenoembare 'over het geloof van dominee Visser'. Veertien meer of minder bekende Rotterdammers leverden een bijdrage, onder wie de hervormde predikant van Rotterdam-Delfshaven, ds. P. L. de Jong. Hier volgt een fragment uitzijn bijdrage:
'Na een forumbespreking, waarin zelden ueel . opwindends gebeurt, komt hij zelf aan het woord. Hij houdt dan graag vast aan de door hem ingenomen stellingen, maar dient de soep lang niet meer zo heet op. In tweede instantie toont hij zich veel bijbelser en orthodoxer dan tijdens zijn voorzet.
In deze sessies heb ook ik een aantal keren het voorrecht gehad te mogen figureren als uerdediger uan de heruormde orthodoxie. De Oude of Pelgrimuaderskerkgeldt namelijk nog steeds als een Bondskerk. Dat houden we er ook graag in, op identiteit moet je zuinig zijn. "Wil jij ook wat zeggen? Vanuit jouw achtergrond? At Polhuis zal Barth er nog eens bij halen en Taco de vrijzinnigheid."
Zo ongeveer gaat dat. Ik doe dan maar meteen de Heidelberger Catechismus open. Want als je ergens de heruormde en bijbelse orthodoxie tegen komt, dan wel daar.
Godsbeeld
Voor Visser is die orthodoxie zeker geen onbekende geestelijke prouincie. Zelf groeide hij min of meer in dit klimaat op. In elk geual orthodox met ueel bijbel en ueel kerk. Een uan de eerste boeken die hij verslond was De Christenreis uan John Bunyan. Nu zat Bunyan indertijd minstens 12 jaar vanwege zijn ouertuiging uast in een Engelse staatsgevangenis, alleen al daarom moet hij een uriend uan Visser zijn. In elk geual is Visser heel uertrouwd met orthodox geloof, spiritualiteit en engagement. In zijn boek 'In de geest van Simson' schrijft hij daarover ook nergens smalend.
Maar tijdens zijn studentenjaren en daarna uoltrokken zich bij hem grote theologische ueranderingen. Die hadden allemaal te maken met het feit dat Visser ontdekte dat de wereld de eigenlijke agenda van de kerk behoort te/ijn. Maar die wereld is dusdanig verbijsterend dat je met het woord "god" al gauw totaal uastloopt. Zo verging het Visser in Indonesië. En daarna in de inmiddels 25 jaar in de Pauluskerkgeconfronteerd met de pijn en de shit uan zoveel gemarginaliseerde mensen. Waar is God en wie is God in deze scene van het bestaan? Toch kan Visser zelf- zo blijkt elke keer weer - eigenlijk geen moment zonder God. Zijn worsteling is dan ook niet gering.
Want wil je uit pure woede over de impact uan het kwaad niets meer te maken hebben met de God die de orthodoxie belijdt als Allerhoogst en eeuwig goed, als enige troost in leven en sterven (Heidelbergse Catechismus, vraag en antwoord 1), als de God die zich openbaart als Vader, Zoon en heilige Geest (HC 25) en die je uerzekert, dat alle dingen niet bij geual, maar uit zijn uaderlijke handje toekomen (HC 27), om maar meteen een paar harde basale orthodoxe geloofsuitspraken te noemen, dan heb je best een punt.
Maar je hebt ook een groot probleem als je dominee Hans Visser bent. Want hij is anders dan velen die zich om bovengenoemde redenen afwenden van de orthodoxie en in plaats daaruan graag een soft en vriendelijk godsbeeld zonder enige ruggengraat omhelzen, het liefst wat
abstract en afstandelijk en onpersoonlijk. Of die, religieus u/ollig, alles open laten, inclusief de vraag wat er door ons mensen gedaan zou moeten worden.
Zo niet ds. Visser. Voor hem geen surrogaat. Het is alles of niets. (...)
Ten slotte een zin uan Augustinus over de hoop:
"Hoop heeft twee dochters: woede en moed. Woede ouer de situatie zoals die is en moed om er iets aan te veranderen". (...)
v.D.G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juni 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juni 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's