Schuld belijden en lijden verdragen
Nieuwe deeltjes in reeks Geref. Belijden
NIEUWE DEELTJES IN REEKS GEREF. BELIJDEN
In de serie handzame boeken voor kringen en zelfstudie 'Gereformeerd Belijden' verschenen bij uitg. Kok, in samenwerking met het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond, onlangs de deeltjes 5 en 6. In deeltje 5 verwoordt ds. J. Beider uit Dordrecht 'gedachten over zonde en genade' onder de titel Onzin bij uitstek. Het zesde deeltje is geschreven door ds. P. J. den Admirant uit Harderwijk en gaat over 'Gods aanwezigheid in het lijden'. Dit boekje draagt de titel Beter dan dit Ieuen. De volgorde van verschijnen is niet willekeurig. Met name het tweede boekje, over het lijden, heeft nog meer diepgang als men het eerste, over de zonde, ter harte heeft genomen.
Onzin bij uitstek
Met instemming citeert ds. Beider de Calvijnkenner Benoit, die schreef dat de reformator 'de Institutie geschreven heeft met de pastorale intentie om het gekwelde gemoed van de mens in nood en verscheurdheid van zijn bestaan te brengen tot de innerlijke zekerheid van het hei'1. Het gaat Calvijn erom dat wij het geheim van genade leren kennen in ons leven; daartoe verleent de zondekennis 'hulpdiensten'. Zij is er om de genade te onderstre- 380 pen.' Met diezelfde pastorale en, in de goede zin van het woord, bevindelijke instelling is dit boekje over een
teer onderwerp geschreven. De lezer krijgt geen theologische verhandeling te horen, maar een spiegel te zien, waarin ik mijzelf herken als zondaar voor God.
In het eerste hoofdstuk wordt geconstateerd dat in deze tijd spreken en nadenken over zonde en schuld niet populair is binnen en buiten de kerk. Schuld verbloemen, schuld van ons afschuiven of ons verontschuldigen gaat ons mensen beter af dan eerlijk belijden voor God en de mensen dat wij ons doel missen. Onder de titel 'Wat zegt God ervan? ' gaat in hoofdstuk 2 de Schrift open en in de daaropvolgende hoofdstukken wordt op heldere wijze ingegaan op grote vragen die al eeuwen bestaan rond de reddeloosheid van de gevallen mens.
Waar komt het kwaad vandaan? Heeft de mens een vrije wil? Wat houdt de erfzonde in? Is er onvergeeflijk kwaad? In een warm pleidooi neemt de auteur het op voor de pastorale en evenwichtige benadering van de Schriftgegevens door onze gereformeerde belijdenisgeschriften. De kreet 'Liever de Heer dan de leer' is een valse tegenstelling. In de rechte leer ontmoet ik de Heere juist in Zijn heerlijkheid. Wie de zonde afdoet als achterhaald, heeft geen notie van de liefde Gods in Zijn Zoon en van de triomf der genade. En dat is en blijft eeuwig Gods laatste en grootste woord.
Zondekennis
Het boekje wint aan actualiteit, omdat ds. Beider er niet voor terugschrikt ook met hedendaagse theologen in gesprek te gaan. Met name het verwijt wordt besproken dat de leer van de zonde in het calvinisme scheef gegroeid zou zijn, zodat mensen er depressief van zouden worden en lijdelijk, in hun onvermogen tot het goede, God de schuld kunnen geven van hun onbekeerlijkheid. Naar twee kanten is het boekje van ds. Beider helder en evenwichtig. Aleid Schilder, die in haar boekje Hulpeloos, maar schuldig de leer van haar grootvader prof. K. Schilder aanwees als de oorzaak dat veel orthodoxe christenen in de psychiatrie terecht zouden komen, wordt helder van repliek gediend. Haar verwijt is ten onrechte en zij heeft haar grootvader, noch Calvijn, in hun diepste bedoelingen begrepen. Aan de andere kant gaat de auteur zeer bewogen in op hen die uit vrees dat een mens 'met een ingebeelde hemel naar de hel zou gaan', veel te ver gaan in hun uiteenzettingen met betrekking tot het kennen van zijn zonden en ellenden. Als zondekennis een voorwaarde en verdienste wordt, kom je heel dicht bij het fatalisme terecht, dat ook in de islam tot afschuwelijke dingen leidt. De Schrift spreekt altijd met twee woorden: Zonde en genade. Schuld en vergeving. Wet en Evangelie.
Ik heb wel één (kleinj punt van kritiek. De titel Onzin bij uitstek vind ik, op zijn zachtst gezegd, verwarrend. Ik dacht aanvankelijk: Als zonde onzin is, waarom moet je er dan over schrijven en ik erover lezen? Via een noot op blz. 32 vond ik waar de titel vandaan komt, namelijk uit de Nieuwe Catechismus van de bisschoppen van Nederland. Daarin staat de regel: 'Zonde is zinloos, non-sens, on-zin bij uitstek.'
Ik denk dat de bisschoppen met onzin toch iets anders bedoelen dan onzin (zonder streepje). Onzin is flauwe kul. Ds. Beider bedoelt in zijn boekje ons te zeggen: het is zinnig oprecht je schuld te belijden. En daar ben ik het van harte mee eens.
Gesprek van hart tot hart
Onder de titel Beter dan dit leven schrijft ds. P. J. den Admirant in deeltje 6 over 'Gods aanwezigheid in het
lijden.' Bijna aan het eind van het boekje licht hij onbedoeld de keuze voor deze titel toe: 'Als we beseffen dat God niet verplicht is inzicht te geven in het waarom van ons lijden, kunnen we - uiteraard na veel strijd - ertoe komen onze vragen los te laten. Het loslaten van een krampachtig zoeken naar een antwoord op onze 'waaroms', schept ruimte om ons op iets anders te concentreren: op de tekenen van Gods aanwezigheid. Het maakt dat we ertoe gebracht worden een andere honger bij onszelf op te merken, een honger naar God Zelf. Die honger is een diep verlangen naar de ontmoeting met Hem, waarbij Hij Zijn liefdevolle armen om ons heen slaat. Het is de ervaring die David in Psalm 63 : 4 onder woorden brengt: Uw goedertierenheid is beter dan het leven'.
Uit dit citaat kunt u al direct opmerken dat ook dit boekje geen theologische verhandeling is, maar een gesprek van hart tot hart. Heel pastoraal en met veel begrip voor de mens die door lijden heen gaat, is dit boekje geschreven. Bij ieder hoofdstuk staat een woord uit de Schrift en bij de eerste negen hoofdstukken staat ook een getuigenis uit de praktijk van het lijden. De eerste negen hoofdstukken volgen de hoofdlijn van het bijbelboek Job. Het zijn geen meditaties, maar toch wordt op meditatieve wijze zo, vanuit Gods Woord, gesproken over het lijden. De schrijver stelt in het voorwoord: 'In dit boekje willen wij naar het onderwijs van de Schrift luisteren met het oog op levensvragen, waarmee velen worstelen'.
Verbijstering
Een aangrijpend voorbeeld, bijna aan het begin van het boek, geeft aan wat ds. Den Admirant met dit boekje wil. 'Haar man was overleden. Ze was nog jong. Ze had twee kinderen te verzorgen. Ze kon er niet bij dat juist aan haar leven zo vreselijk werd geschud. Ze begreep van Gods doen en laten werkelijk niets. Maanden heeft ze geleefd in opstand. Waarom doet God dit? Waarom moet mij dit overkomen? Toen zij zelf lichamelijke klachten kreeg, brandde de vraag opnieuw in haar hart: waarom moet ik ook dit nog meemaken? Wat de mensen ook tegen haar zeiden, hoe haar predikant ook met haar bad en haar op Gods goedheid wees, het waarom van haar lijden was voor haar een grote vraag, die onbeantwoord bleef. Een totale verbijstering had zich van haar meester gemaakt. Het was een put waar niemand haar uit kon halen.' De grote lijn van het boekje is: Geen mens haalt iemand uit de put die het lijden is. Dat doet alleen God! Die daar wel mensen bij inschakelt, maar Die dat vooral doet door Zijn troostrijke Geest.
Eerlijk wordt in dit boekje aan de orde gesteld, dat wie verbijsterd is bij een grote klap die je in je leven oploopt, eerlijker is dan de mens die alles maar over zich laat heen komen. Verzuchtingen als: 'werd ik maar begrepen? ', 'waarom zegje dat? je doet mij pijn!', 'is opstandigheid zonde? ', worden eerlijk aan de orde gesteld en niet als ongeloof weggeschoven. Ieder die zich door rouw, een handicap, ziekte of andere tegenheden gekweld voelt, wordt door dit boekje getroost in het gevoel: zo heeft ook Job geworsteld met God. Als Jakob bij de Jabbok. De laatste vier - zeer bemoedigende - hoofdstukken hebben als uitgangspunt: Romeinen 8 : 17-27. Prachtige dingen worden daarin gezegd over Gods beloften, die troost geven, juist in lijden en pijn. Die hoofdstukken dragen als opschrift: 'Nu en straks, niet te vergelijken!, ' 'Het lijden en verlangen van de schepping', 'Ook wij zuchten' en 'De Geest bidt voor ons'.
De Grote Lijder
Eén ding vind ik jammer in dit uitstekende boekje. De overgang van Job naar Romeinen 8 zou minder abrupt en geloofsmatig meer verantwoord zijn, als er een hoofdstuk tussen had gestaan over die ene Grote Lijder Jezus Christus. In Hem heeft God immers het lijden op Zich genomen. Dat was
heel goed mogelijk door Jobs belijdenis verder uit te werken: 'Ik weet dat mijn Losser leeft!' Ds. Den Admirant noemt het wel - namelijk in punt 8 op pag. 77 - maar de troost van de Geest is toch dat er Eén is, die met ons meelijdt. En dat is veel meer dan medelijden hebben!
Ik hoop dat beide boekjes door heel veel mensen met zegen gelezen worden.
H. Harkema, Onstwedde
N.a.v. Ds. J. Beider Onzin bij uitstek. Gedachten over zonde en genade. Uitg. Kok, Kampen i.s.m. Geref. Bond; 128
blz.; € 10, 50. Ds. P. J. den Admirant
Beter dan dit leven. Gods aanwezigheid in het lijden. Uitg. Kok, Kampen i.s.m. Geref. Bond; 108 blz.; € 10, 50.
H. HARKEMA
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 juni 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 juni 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's