Zicht op het heilige kruis
DE ZIEKE LUTHER (II)
Een voorbeeldige zieke
Leerzaam voor ons vandaag is vooral de wijze waarop Luther omging met zijn kwalen. Aan de zieke keurvorst Frederik, hertog van Saksen, draagt hij 'veertien vertroostingen op voor vermoeiden en belasten.' Daarin bemoedigt hij hem en alle lijders de tijden door op de volgende manier. 'Als wij zien wat wij verdiend hebben, worden alle kruisen licht.' En ook 'wordt het kleine kwaad licht als men het met de grootste nood vergelijkt.'
Hoe veel kwaad dat ons kon treffen, bleef uit, doordat Gods rechterhand het heeft tegengehouden? 'Die hand beschermt ons (die in Hem geloven tot zaligheid) zo krachtig, dat satan en alle boze machten grommen, omdat ze gestuit worden.' Moeten wij de Heere dan niet hartelijk liefhebben? Laten wij, aldus Luther, in zieke dagen ook eens letten op hen die buiten God leven. 'Zij zijn er veel erger aan toe dan wij. Want in hun nood staan zij buiten de (..) gemeenschap waarin wij leven. Dan is het kwaad dat wij lijden toch niets in vergelijking met het hunne, omdat zij nog in hun zonden zijn, onder de toorn van God en onder de macht van de duivel en dus zondeslaven zijn.'
Aan de andere kant staan 'onze vrienden, die ons met hun lijden in ons lijden troosten.' Luther wijst hier op de heiligen door wier voorbeeld wij getroost en vermaand worden. Denk eens aan Johannes, zegt hij. 'Wat is ons lijden, vergeleken bij de dood van deze man! (..) Besef toch dat wat wij lijden in 't geheel niets wordt, als wij ons verdiepen in de pijniging, de gevangenis, het zwaard, het vuur, de wrede dieren en ontelbare martelingen, waaraan de heiligen ten prooi
werden.' Ook vandaag zijn er in de kerk, zo gaat Luther verder, 'die veel heviger en zwaarder lijden aan lichaam en ziel dan wij.' Daarbij komt ook nog dat 'een ieder beproefd wordt met mate en niet boven vermogen, zoals in Psalm 8o: 6 geschreven staat: Gij spijzigt ons met tranenbrood en geeft ons tranen met mate te drinken.' Uiteindelijk 'is onze smart het begin van de smarteloosheid, zoals onze dood het begin van het leven is.' Ja, 'dit valt aan alle mensen te beurt, die in de Heere Christus geloven. De ongelovigen daarentegen ontvangen deze genade niet.'
Oog en hart naar boven
Er is nog iets waar Luther ons op
wijst. Misschien zijn wij vele jaren van ziekte gevrijwaard gebleven. 'Als wij zovele goede uren beleven, moeten wij dan ook niet een paar kwade willen dulden? (..) Ziet eens met hoe veel goede dingen God ons overlaadt.' Heb in de kwade dagen vooral oog voor de zegeningen uit de goede dagen. En dat zegt iemand die recht van spreken heeft!
Wij hebben bij alles dat wij moeten doormaken maar te zien op Christus, 'toen Hij aan het heilige kruis hing'. Dat wij er toch op zullen letten, 'hoe Hij Zich inspande om de dood te doden en verachtelijk te maken.' Hij 'heeft de dood en de pijn op Zich genomen. Hoe gaarne heeft Hij de zieken deze kelk voorgedronken, opdat ook wij er niet voor zouden terugschrikken deze drank te drinken.' Wij kunnen het kruis net zo min ontberen als voedsel en drank. Het heeft een heiligend doel. Zonder kruis weet niemand wat geloof is en hoe krachtig het is. Het kruis verklaart ons de Schrift. Het versterkt het geloof. Het leert ons oprecht en ernstig te bidden. Het bedwingt het vlees en maakt Gods Woord zoet voor ons. Naar het voorbeeld van Christus en in Zijn kracht draagt een gelovige zijn lijden. Al zou het lijden van alle mensen op aarde op een hoop gebracht worden, dan zou het volgens Luther nog niets voorstellen in vergelijk met het lijden van Christus. Hij heeft immers ter wille van onze zaligheid onschuldig geleden.
Psalm 31
Met hoeveel geduld en innerlijke vrede heeft Luther zijn ongemakken gedragen. Het heeft hem steeds bijzonder getroost te weten dat zijn tijden in Gods hand zijn, naar het woord van Psalm 31. Hij wist dat die hand vol is van bewaring, goedertierenheid en verzoening. Hij heeft in die machtige hand geschuild.
Het was deze psalm ook die de Heere Jezus voor ogen stond, toen Hij worstelde in de hof van Gethsemané. Naast deze diepe levensernst had Luther ook de gave om door zijn humor zijn ziekten te relativeren. Daardoor was het geen zware opgave hem in tijden van lijden en zwakte te bezoe-ken. Zo schrijft hij gedurende een van zijn reizen aan zijn geliefde Kathe over zijn open been en dat Justus Jonas, een van de trouwe metgezellen, zijn been eveneens heeft open gestoten. 'Zie zo groot is nu de afgunst onder de mensen, dat Jonas mij blijkbaar niet gunt dat ik alleen een open been heb.'
Het ziekbed een preekstoel
Zijn ziekbed werd menigmaal een preekstoel van Gods genade en liefde. Hoe kon hij toch steeds zo goedsmoeds zijn? Het geheim lag in zijn geloof. In zijn omgang met de Bijbel en zijn gebedsleven. Luther noemde het laatste zelfs het voornaamste geneesmiddel in zulke omstandigheden. Die Schrift ging voor hem open, doordat hij evenals Mozes met de staf van het gebed op deze rots sloeg. In dat Woord was het Luther om Christus te doen. Hem te zien, Hem te vinden en met Hem te leven, betekent troost, licht en leven. Von Staupitz, zijn kloostervader, had hem al geleerd bij aanvechtingen, ziekte en zwakte op de wonden van Christus te zien. Geen andere troost blijft ons dan die Hij ons bereid heeft.
Toen hij in 1527 doodziek op bed lag, bad hij: 'Heere, mijn allerliefste God, ach Gij weet hoe graag ik mijn bloed vergoten zou hebben ter wille van Uw Woord, maar ik ben het wellicht niet waard. Uw wil geschiede! Als het Uw wil is, dan zal ik graag sterven, als Uw heilige Naam maar geloofd en geprezen wordt, hetzij door mijn leven, hetzij door mijn sterven. Maar als het mogelijk is, mijn lieve God, zou ik graag nog in leven blijven ter wille van uw godzaligen en uitverkorenen. (..) Mijn allerliefste Heere Jezus Christus, Gij hebt mij genadig de kennis van Uw heilige Naam geschonken. Gij weet dat ik geloof in U, die met de Vader en de Heilige Geest de enige ware God zijt, en het is mij tot troost, dat Gij onze Middelaar en Heiland zijt, die Zijn kostbaar bloed voor ons zondaren vergoten heeft. Sta mij bij in dit uur en troost mij door Uw Heilige Geest. Amen!'
J. BELDER, DORDRECHT
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juli 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juli 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's