Boegbeeld voor de kerk
DE COMPETENTIE VAN DE DOMINEE (II)
Geloof en leven
De institutionele en publieke gestalte van de christelijke godsdienst brokkelt af. We maken een daadwerkelijke teruggang mee. Veel mensen weten niet meer wat het geloof betekent en de kerkelijke vormgeving is niet meer vanzelfsprekend. .
In deze situatie moeten we zeker geen uitverkoop van de eigen identiteit houden. Waar het wel op aankomt, is dat we het geloof inzichtelijk proberen te maken. Maar alstublieft geen versimpeling. Het geloof is niet prozaïsch.
Het geeft juist een ongekende diepgang aan het leven. Als we het geloof proberen uit te leggen, zullen we het nooit volledig duidelijk kunnen maken in alledaagse begrippen. Wie het helemaal in het platte vlak trekt, die gaat voorbij aan het geheimenis van God. Gods Naam valt niet samen met onze menselijke werkelijkheid, noch met ons burgerlijk fatsoen, noch met onze verheven idealen. Inzichtelijk maken wil zeggen dat er inzicht moet komen, zicht op de werkelijkheid van Gods genade, zicht op Zijn beloften en geboden.
Liturgisch bewustzijn
Bij die uitleg hebben we de liturgie nodig. In de liturgie word je meegenomen in een gemeenschappelijk gebeuren, in een ontmoeting. In de liturgie staan we voor Gods aangezicht, zelfs op een directe wijze. De liturgie heeft een groot belevingsgehalte; in het gebed komt het leven open te liggen voor God. Helaas leeft het liturgisch bewustzijn onder ons zo weinig. De liturgie is de tredmolen van de vanzelfsprekendheid. Raakt het ons nog en brengt het ons nog in beweging? De liturgie draagt eeuwenoude tradities met zich mee, dat moet ook, dat is goed. En de taal mag stoer en stevig zijn. Het hooggestemde van de aanbidding en de diepte van de klacht mogen beide doorklinken. Maar zijn de taal en de stijl, de vormgeving en de uitvoering van dien aard dat mensen
van deze tijd daar werkelijk in kunnen opademen? Hier gaapt vaak een ongelooflijke kloof.
In de gereformeerde theologie is de liturgie geen zelfstandig cultisch gebeuren dat losstaat van het leven. Het geloof wordt sowieso dicht bij het leven gehouden. In de vertolking zal duidelijk moeten zijn dat het concrete leven van alle dag in het geding is. In het geloof gaat het om het leven en het heil. Ja, om de verwerkelijking van het heil in het leven. Dat is een uitermate existentieel gebeuren. Het heil ligt niet altijd in het verlengde van onze levensverwachting, maar zet het leven ook wel eens op zijn kop. Het geloof biedt niet alleen steun, maar stoort ook. Maar ook als stoorzender kan het wel dicht bij het leven staan. Dicht bij de vreugden en noden van mensen.
Wat het moderne levensgevoel betreft, zullen we ons moeten bekommeren om de menselijke subjectiviteit. Oog krijgen voor de beleving, niet alleen voor de geloofsbeleving, maar ook voor de bestaansbeleving. Met subjectiviteit bedoel ik niet de 'verenkelde' mens, de zelfgenoegzame mens. We zijn steeds mens in samenhang, in interactie. Dat is reeds gegeven met de mens als beeld Gods. Maar in de sociale samenhang zijn we tegenwoordig zo kwetsbaar. Als ergens de nood van het bestaan om de hoek komt kijken, dan is het wel hier: kunnen we nog samenleven? Kunnen we eigenlijk wel duurzaam met elkaar omgaan? De verbrokkeling, versplintering en onverdraagzaamheid in de kerk is op zichzelf een moderne cultuuruiting.
Ik zal aan de hand van drie thema's ingaan op welke competenties een dominee nodig heeft. De rol van de persoon van de dominee. Vervolgens zal het gaan over de theologische competentie en ten derde over de communicatieve competentie.
De persoonlijkheid
In de kerkelijke praxis speelt de predikant nog steeds een centrale rol. En het is er niet minder op geworden. We hebben een tijd gehad waarin we af wilden van de domineeskerk: de tijd van de democratisering. Het was een tijd waarin iedere autoriteit het moest ontgelden. Dus vooral geen ambtelijk gezag! De dominee werd één onder de velen. Noem mij maar Piet. De gemeente kwam naar voren als subject van handelen en er ontstonden tal van werkgroepen en commissies. Vooral in de Gereformeerde Kerken floreerde deze gedachtegang. Weg met die wat regenteske hervormde deftige dominee.
Ondertussen is de dominee wel gebleven. Misschien zelfs wel centraler dan voorheen. Maar het ambtelijke gezag heeft duidelijk aan kracht ingeboet. Daarvoor in de plaats is de persoonlijke competentie gekomen. Vanwege de voortgaande ontkerkelijking hebben mensen buiten de kerk nauwelijks zicht op wat er in de kerk gebeurt. Daar komen ze ook niet zo gauw. Nou, misschien nog op de breuklijnen van het leven. Wie is dan vaak het aanspreekpunt? De dominee. Stelling: De kerk wordt aanschouwelijk in de dominee.
Laatste toevlucht
De dominee als vertegenwoordiger van de kerk, van het geloof en van God. Een bemiddelaar, iemand die me nog uit kan leggen waar het over gaat en die het ook zelf nog gelooft. En... is het in de hervormde traditie ooit anders geweest? Bij de randkerkelijken heeft de dominee vaak nog enige toegang en als de nood aan de man komt, wordt de dominee gebeld: voor een begrafenis, voor een huwelijk, als laatste toevlucht als alle hulpverlening al afgewerkt is. Een begrafenis: de dominee, maar moet daar ook nog een kerkenraad bij? Een modern huwelijk: een dominee, maar moet daar ook nog een gemeente bij? En we kennen allemaal de onuitroeibare opvatting dat de kerk pas op bezoek geweest is als de dominee geweest is.
De dominee als boegbeeld voor de kerk. Niet vanwege het hoge ambt, maar als persoonlijk deskundige. Persoonlijke competentie, daar gaat het om. Het predikantschap krijgt vorm in de gestalte van de persoon. Tegenwoordig kom je er niet op grond van het ambt: je moet het eerst waarmaken. En je moet het steeds opnieuw waarmaken, ook na een jarenlang dienstverband. Daar zit ook een goede kant aan: predikanten moeten hun talenten ontwikkelen. Juist in de concrete praktijk vanje werkgroei je. Gelukkig maken we als mens een ontwikkeling door. Als het goed is, nemen we toe in inzicht en wijsheid.
Bekwaam en geschikt
Ik maak even een klein theologisch intermezzo. Slechts enkele trefwoorden. De vraag is: kunnen we de persoon en het leuen waarlijk een plaats geven in onze theologie? Onder verwijzing naar de rechtvaardiging uan de goddeloze kom je de volgende gedachte nog al eens tegen: God werkt liever met het onaanzienlijke, gebrekkige, kortom, met de kromme stok. Roeping telt dan, bekwaamheid en geschiktheid nauwelijks. Ook voor mij is de iustificatio theologisch onopgeefbaar. Maar in de gereformeerde traditie spreken we altijd met twee woorden. Naast de toerekening van de gerechtigheid is er ook de inwoning uan het heil. Dat betekent dat de antropologie voluit meedoet. Het geloof vindt zijn bedding in de menselijke geest en in het menselijke leven. Dus ook de menselijke persoon en het menselijke leven doen er toe.
Is het niet zo dat er juist in de brede gereformeerde traditie steeds aandacht geweest is voor de antropologie? Dan moeten we zowel aan de Nadere Reformatie denken als aan de ethische theologie: in hun tijd deskundigen op het gebied van het geestelijke leven. Bij de Nadere Reformatie kwam het voort uit de aandacht voor de applicatio salutis, terwijl de ethischen opkwamen voor het belang van de persoonlijkheid. Voor Gunning, bijvoorbeeld, is de persoonlijkheid wat anders dan het moderne individu. De persoonlijkheid veronderstelt de geestelijke gemeenschap. Het is gebaseerd op de mens als beeld Gods. Volgens Gunning bloeit in het geloof de persoonlijkheid op. Daar zit onmiskenbaar veel te veel negentiende-eeuws optimisme in. Na de verschrikkingen van de twintigste eeuw kunnen wij daar niet zo instaan. Het is nu niet de tijd dat we spreken over de verheffing van het volk, alhoewel, het zou ook wel weer nodig kunnen zijn. Volgens de ethischen maakt het evangelie de hoogste bloei der menselijkheid wakker.
F. G. IMMINK
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juli 2004
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juli 2004
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's