De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Hoorders worden deelnemers

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Hoorders worden deelnemers

Gesprekken over de prediking [slot]

8 minuten leestijd

Horen van preken is iets heel aparts. Om de zaak maar meteen op scherp te zetten, het is zo apart, omdat horen een van de kardinale karakteristieken is van de mens uit in de relatie tot de Heere. Wat wil dat zeggen? Heel kort: God is de soevereine. Dat is niet het enige wat van de Heere gezegd kan worden, maar wel wat nu 'even' het accent krijgt. Zijn soevereiniteit wordt van de mens uit beantwoord in gehoorzaamheid. Om in gehoorzaamheid te kunnen beantwoorden aan de Soevereine, is het nodig dat een mens kan, leert, de kunst verstaat om te horen. Horen behoort in dit licht tot de kern van leven in relatie tot de Heere God.

Ds. L. Kievit

Er spelen in dat horen zoveel aspecten een rol. Daar kun je je voortdurend over verbazen. Een van de momenten waarop ik me dat bewust werd, speelde alweer jaren geleden. Het was naar aanleiding van het verschijnen van een bundeltje preken van mijn leermeester ds. L. Kievit (1918-1990). Ik zeg leermeester, maar u moet dat zo verstaan dat ik en velen met mij onder de zegen van zijn bediening van het Woord van God tot geloof ben gekomen en dus menselijkerwijs gesproken zonder hem niet eens geabonneerd zou zijn op dit blad, laat staan deze stukjes schrijven.

Wat gebeurde er? Ik las dat bundeltje en herkende de preken natuurlijk, want we hadden ze gehoord. Met herkennen bedoel ik alsof je ze al lezend weer hoort, de stem, de intonatie, én eigenlijk ook het gebeuren weer voor ogen ziet, de mimiek, de emotie, het gebaar, de houding. Ik was enthousiast en was benieuwd of anderen die ervaring met mij zouden delen. Nu, degenen die zelf mijn leermeester ook gekend en gehoord hadden, deden dat zeker wel. Degenen die hem zo niet kenden of hoorden - en mij dikwijls over hem en zijn preken hadden horen praten; u moet weten dat ik (ook) heb 'geleden' aan de kwaal dat er maar één dominee echt goed was - , deelden dat enthousiasme veel minder of niet. Is dat het nu? , zeiden ze. Zijn dat nu die preken? Niet dat ze het slecht of verkeerd vonden, of zoiets. Maar er was toch een heel verschil in beleving. Aanvankelijk was ik daar verbaasd over. Maar al pratend blijkt dan wel dat wel of niet gehoord en meegemaakt hebben een heel verschil maakt. Preken lezen (daar is niks mis mee) is nog heel wat anders dan preken horen.

Dat deed me wel opnieuw vragen wat er dan zo bijzonder, speciaal, of hoe je het noemen wilt, was aan het horen van die preken. Wat maakte dat tot zo'n belevenis? Want dat was het: een belevenis, elke keer weer. En ik was bepaald niet de enige, ook al deelde niet iedereen - dat is eveneens waar - die ervaring.

Abraham

Nu ik kan daar van alles over zeggen, maar ik duid het nu maar aan met: je was er bij. Ik zal in dit stukje proberen uit te leggen wat ik daarmee bedoel en ervaren heb. Terwijl je luisterde, gebeurde er 'iets', waardoor je er bij was. Ik zou daar heel wat voorbeelden van kunnen geven. Ik herinner me goed hoe we gedurende enige jaren optrokken met Abraham (ook die preken werden gepubliceerd), altijd in de middagdienst. Een van de hoogtepunten was beslist de afsluiting: de begrafenis van Abraham. We waren daar bij, als deelnemers, als mensen die afscheid namen met een zekere treurnis, want nu was het afgelopen, en dankbaar om alles waarin de gedachtenis aan Abraham ons tot zegen was geweest. Kortom, we waren erbij betrokken, als hadden we een dierbare verloren, die veel voor ons had betekend. Ik was niet de enige die de dominee opbelde, die zondag nog, om te bedanken voor dit bijzondere afscheid. Trouwens, daarin aarzelden we zelden. We zochten, dikwijls dezelfde dag nog, contact met de voorganger om 'even' iets met hem of zijn vrouw over het beleefde te delen. Er bij zijn, dat is wat er gebeurde. Als hoorders werden we deelnemers.

Erbij zijn

Ik herinner me een heel ander moment: een moment van gebed en meditatie in de Stille Week. Het ging over de schare die Hem weg wilde en het volk dat er bij stond en het aanzag. Ik herinner me nog heel goed het moment dat ik me realiseerde dat ik er ook bij stond, in de gang van de gepredikte geschiedenis meegenomen, midden tussen al die mensen met een mengeling van gedachten en gevoelens. Maar 'ineens' waren we van hoorders deelnemers geworden aan dat barre gebeuren. Ik herinner me de schaamte. Dat was ontdekkend. Zo werden we erbij gehaald.

Met dat we er zo bij herhaling bij waren en het meemaakten, wilden we er naar verloop van tijd ook telkens bij zijn. In die zin ging er op den duur - want dat duurde wel even - een bindende en samenvoegende kracht uit van de prediking: mensen wilden erbij zijn. Er was geen haar op ons hoofd • die erover dacht weg te blijven of over te slaan. Zo leefde dat niet, integendeel. We leefden er naartoe. En ik geloof, achteraf, zeker dat het erbij zijn er eerst was en dat daaruit het erbij willen zijn, opkwam.

Trouwens, aan dat erbij zijn, 'zaten wel meer kanten. Want op een gegeven moment 'was je er ook bij'. Maar nu bedoel ik het zoals in het spelletje verstoppertje spelen (vergeef me de onbenullige vergelijking): jij bent erbij. Want natuurlijk er was een moment waarop je wel voor de dag moest komen om vrij te kunnen zijn. Je kon je toch niet blijven verstoppen? Dat wilden we ook niet langer. Waarom zouden we?

Leven van Jezus

Later ontdekte ik dat wat er gebeurde, diepe wortels had in de traditie en spiritualiteit van wat ik maar noem de Christus-meditatie, waarin geoefend wordt in het verwerken van Jezus' leven om er echt wat aan te hebben. Telkens is er de aansporing: ga er maar bij staan, stap in het verhaal, buig en kniel als de anderen, neem het Kind in de armen als Simeon.

Laat ik proberen het nog wat algemener te formuleren. Wat zoekt de hoorder? Waar komen ze voor? Ze komen om nieuwe, om de goede woorden te leren. We lezen en horen zoveel

woorden, telkens ook weer nieuwe woorden. De hoorders komen om uit het Woord de (nieuwe) woorden te leren die nodig zijn en die helpen uitdrukken voor God en voor elkaar wat er is, wat er gaande is, wat er met mij is, in het hier en nu, en straks. Wanneer de vanzelfsprekendheid van 'het maar aan leven' vervalt door dit of door dat, zitten wij dringend om woorden verlegen.

In de prediking worden we aan die woorden geholpen. Maar die leer je niet als je er niet bij bent, er niet bijgehaald, bij betrokken wordt. Anders leeft het niet, gaan de woorden niet door je heen en niet met je mee. In de prediking worden ons de woorden aangereikt om te kunnen zeggen, belijden en bidden wat nodig is, wat uit ons hart opkomt, waarvoor ons anders de woorden ontbreken; net als kinde-ren die leren praten. Woorden voor schuld, nood en ellende, voor vreugde, dank en gerechtigheid. Ik pleit zeker niet voor aparte dialecten of jargon alleen voor insiders, maar in zoiets als de tale Kanaans 'is een existentiële communicatie tussen mensen onmiddellijk en spontaan mogelijk en dat over het allerlaatste dat het hart ontroert; God kan er zo maar in uitgedrukt worden.' (Van Ruler) Woorden waarmee het 'allerlaatste', het allerbelangrijkste, dat wat echt telt 'zo maar' gezegd kan worden, aan zulke woorden moet de prediking ons helpen. Waar dat niet gebeurt, horen we woorden die er hooguit op lijken.

Geschiedenis

Die woorden, die ons in de prediking worden aangereikt, zijn geen losse woorden, maar woorden uit de ge-schiedenis die God gaat door de tijd met Zijn volk. Waar wij die woorden leren, wordt Zijn geschiedenis de onze en onze geschiedenis wordt een draadje in de Zijne, en zo zijn we erbij. Dat is de grote verandering. Trouwens in mijn vak geldt dat kunnen communiceren door middel van taal een teken van psychische gezondheid is. Dus dat geeft wel aan dat het om iets van belang gaat. Dat zou op deze manier ook wel voor gezond geloof kunnen gelden: door middel van woorden kunnen zeggen wat echt telt. Maar dan moeten we die woorden wel meemaken om ze te leren zeggen.

Nu ja, zo ging dat. Erbij zijn, erbij willen zijn, en dan komt het natuurlijk ook God dank tot erbij horen.

P. J. VERHAGEN, HAEDERWIJK

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 augustus 2004

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Hoorders worden deelnemers

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 augustus 2004

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's