De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Grenzen van je inzet zien

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Grenzen van je inzet zien

Supervisie [1]: Waarom?

9 minuten leestijd

SUPERVISIE [1]: WAAROM?

Als u in de gezondheidszorg, de hulpverlening of het onderwijs werkzaam bent, zult u vast wel eens gehoord hebben over supervisie. Wellicht hebt u zelf supervisie gehad, toen u stage liep of toen u na jaren werken van uw instelling aangeboden kreeg om een reeks supervisiegesprekken aan te gaan. Het vreemde is dat ik als predikant - opgeleid in de jaren zeventig in Utrecht - tot zes jaar geleden nog nooit van supervisie had gehoord. De bedoeling van mij en de redactie is om in drie artikelen en zonder al te veel vaktaal aan collega-predikanten, maar ook aan belangstellende gemeenteleden duidelijk te maken wat supervisieleren is. In het eerste artikel vertel ik inleidend iets over mijn eigen motivatie tot supervisieleren en mijn eigen leerweg daarin.

In het tweede artikel leg ik uit wat supervisie is. Daarbij vermoei ik u nauwelijks met verschillen die er zijn tussen het Nederlandse supervisieconcept en de pastorale supervisie. Ten slotte wil ik in het derde artikel iets schrijven over wat supervisieleren mij opgeleverd heeft. De bedoeling is u warm te krijgen voor deze heel concrete en praktische vorm van leren. Ook kunt u het wellicht een ander aanraden, wanneer u het vermoeden hebt dat het hem of haar zou kunnen helpen.

Een vak Ieren

Om te beginnen: Hoe leerde iemand vroeger een vak? Onder leiding van een leermeester! Eerst was je bijvoorbeeld leerling-timmerman. Je baas was je leermeester en werkbegeleider. Maakte je goede vorderingen, dan werd je gezel en ten slotte kon je zelf ook meester-timmerman worden. Je leerde je vakkennis dus vooral door de praktijk en door een goede begeleiding.

Als wij in de kerk - de werkplaats van de Geest - met en voor mensen werken tot eer van God en tot opbouw van de gemeente van Christus, dan luistert het allemaal nog veel nauwer dan in een timmermanswerkplaats. Maar dan is al werkend leren en al lerend werken onder goede begeleiding veel belangrijker.

Pastorale vorming

Toen ik als zendingspredikant in Lima (Peru) werkte, was ik daar de spilfiguur van een stadszendingsteam van evangelisten, diakenen en stagiaires. Het wekelijkse teamoverleg was de plek waar we samen leerden werken, organiseren en evalueren. Learning by doing. Dat bleek voor Peruanen maar ook voor mijzelf de beste vorm van leren te zijn. Ik werd echter in de rol van pastor, voorzitter, bestuurder, praktijkbegeleider en supervisor tegelijk geduwd, terwijl ik daar niet voor geschoold was! Met vallen en opstaan moest ik leren leiding geven aan zo'n team.

Terug in Nederland las ik de aankondiging van een kennismakingsweek met Klinische Pastorale Vorming (KPV) op het seminarie. Het ging om een van de nascholingsprogramma's voor predikanten. Hoewel ik als 'bonder' altijd wat argwanend had gekeken naar dit soort trainingen, wonnen de nieuwsgierigheid en de leergierigheid het.

Een mens is toch nooit te oud om te leren, zeggen we in het algemeen. Dat geldt zeker voor een predikant! Ben ik niet levenslang leerling van de beste Meester? Het leren komt me echter niet aanwaaien. Ik mag de leermiddelen gebruiken die de kerk me biedt.

Ik ging in die week het nut inzien van deze vorm van begeleid leren. Ik besloot daarom na vijfjaar werken in de gemeente Wezep-Hattemerbroek mijn eerste studieverlof in zijn geheel te wijden aan de drie maanden durende KPV-training op locatie Zon & Schild te Amersfoort. Van maandag tot vrijdag waren we als groep van acht dominees bij elkaar om te leren van vrije groepsgesprekken en van het analyseren van pastorale gesprekken en op de band opgenomen preken. Aan die training bewaar ik goede en heftige herinneringen. Nog elk jaar houden We als groep een werkreünie!

Pastorale supervisor

Vlak na deze training verhuisde ik naar Ede. Daar nam ik me voor om door te gaan met het vervolgtraject van de KPV: Dat is de opleiding tot Pastorale Supervisor. Voorwaarde voor deze opleiding is datje zelf individuele supervisie ontvangt. Je brengt dan leermateriaal uit je eigen werksituatie in. Supervisie schept voor een dominee een veilige plek waar je kritisch naar jezelf en je werk leert kijken.

Ik was de eerste die daarna de opleiding tot pastorale supervisor ging volgen door eerst de algemene seculiere opleiding te volgen. Ik nam deel aan de methodisch sterke cursus van Frans Siegers, die onlangs het Handboek Supervisiekunde schreef. Ik superviseerde vooral studenten Godsdienst Pastoraal Werk van de Christelijke Hogeschool Ede. Tegelijk kreeg ik supervisie-over-supervisie. Daarbovenop kwam het 'dak' van de Pastorale Supervisie opleiding. Al met al is het een lang traject voor mij als drukke wijkpredikant, die deze opleidingen voornamelijk in mijn vrije tijd moet volgen. Maar ik heb er geen spijt van. Supervisiekunde is een nieuw en mooi vak dat ik erbij leer. Mij inspireerde

onder andere het mooie boek: Wybe Zijlstra, Pastor + Pionier, Een portret, Baarn 1998. Wat mij aanspreekt, is hoe hij als zoon van een GZB-zendeling zijn weg zoekt door onontgonnen gebied.

Ik hoop zelf als eerste pastorale supervisor in onze kring iets te betekenen voor collega's. Tevens heeft mij steeds gestimuleerd dat ik er wellicht wat mee kan in Peru. Ik denk met name aan de analyse van preken en pastorale gesprekken. Bij mijn bezoek vorig jaar merkte ik een sterke behoefte aan pastoraat aan pastores. Er is een crisis van leiderschap, ook daar.

Eenzaam beroep

Ik weet niet of ik het als predikant hier volgehouden had zonder wat ik via de supervisiebijeenkomsten leerde. Dominee zijn is eigenlijk een te eenzaam beroep in zulke ingewikkelde tijden als wij nu meemaken.Er zijn gelukkig goede ambtsdragers en goede echtgenotes, die ons opbouwende kritiek.durven geven, maar er zijn ook genoeg anderen die niet echt goed in de gaten hebben wat er allemaal op werkers in de kerk afkomt. Wij hebben nu eenmaal te maken met een sterk verwachtingspatroon van de gemeente. Welke predikant is op eigen kracht in staat om de grenzen van zijn inzet in te zien en te bewaken? Wie is bestand tegen het nooit klaarkomen met het bezoeken van hen die graag bezoek van de dominee willen krijgen? Welke herder en leraar moet in de praktijk niet toch dat schaap met vijf poten zijn zonder tijd over te houden om leerling te zijn? Goed met je tijd omgaan en met de steeds weer vollopende agenda is een klus die levenslang op je eigen bord ligt. Wie kan die klus menselijkerwijs klaren zonder supervisie te ontvangen?

Wie kan zuivere beslissingen nemen over beroepen die op hem worden uitgebracht, als je niet ontdekt hebt welke mogelijkheden en begrenzingen hij met zich meedraagt? Het is bij mijn levensloop opvallend hoeveel invloed supervisieleren heeft gehad op mijn beslissingen omtrent beroepen.

Na- en bijscholing

In ieder geval ben ik er steeds meer van overtuigd geraakt hoe belangrijk het is dat een predikant ook aan nascholing en bijscholing blijft doen. Het kan toch niet waar wezen dat elke professional daar behoefte aan heeft, behalve de predikant? Zijn er nog niet genoeg bakens in zee van overwerkte of overspannen ambtsdragers?

Ik pleit er daarom voor om de mogelijkheden die er zijn om supervisie of een andere vorm van begeleiding te ontvangen, te benutten. In een studieverlof is het wellicht raadzaam om nu eens geen ver-van-uw-bed-onderwerp te kiezen, maar echt te werken aan uw eigen deskundigheidsbevordering. Ren niet letterlijk uzelf voorbij in de (ziel)zorg voor anderen. Wie zichzelf voorbij rent, heeft geen zelfsturing meer, wordt slaaf van zijn werk, verliest de vreugde in het werk en brandt vroeg of laat op tot grote schade van zichzelf, zijn gezin en zijn gemeente.

Leren

Mijn intredetekst was destijds: 'Leer mij, HEERE, Uw weg; ik zal in Uw waarheid wandelen; verenig mijn hart tot de vreze van Uw Naam' (Ps. 86:11). Toch zijn er vele krachten in mij en buiten mij, die erop uitzijn mijn hart uiteen te laten vallen. Wie loopt niet het risico versnipperd en verknipt te raken door het vele wat via de mallemolen en de 'rat-race' van het maatschappelijk en kerkelijk leven op je afkomt? .

Supervisieleren is voor mij een van God gekregen hulpmiddel om te blijven leren. Een hulpbron om te blijven groeien in zelfkennis, zondekennis, Christuskennis en mensenkennis. Betrok Calvijn deze zaken al niet sterk op elkaar? Hoort het niet bij de dagelijkse bekering dat je steeds meer beseft: ik moet nog heel veel leren en wellicht nog meer afleren.

(Af)leren gaat daarom met pijn gepaard. Afsterving van de oude mens, noemt de Bijbel dat. Niet in de zonde blijven liggen, maar in een nieuw godzalig leven leren wandelen.

De belangrijkste reden om aan supervisieleren te beginnen is het besef dat jezelf als persoon het belangrijkste instrument bent in je werk. Als je niet genoeg weet wie jezelf bent, hoe je zelf in elkaar zit, watje sterke en zwakke kanten zijn, waar je uitdagingen en je valkuilen liggen, hoe kun je dan bijvoorbeeld een goed pastor of maatschappelijk werkster worden? Het belangrijkste gereedschap in handen van

God ben jezelf als persoon, met alles wat je in huis hebt en ontvangen hebt. Immers, wanneer ik met iemand echt in gesprek treed, dan gebeurt er veel met die ander, maar niet minder met mezelf. En dat allemaal in die korte, flitsende, heen en weer beweging van communicatie in relatie tot die ander. Hoe leer ik registreren wat er met en in mijzelf gebeurt? Want dat bepaalt toch mede mijn luisteren naar de ander! Hoe kan ik een ander de goede kant uitsturen, als ik mezelf niet kan besturen?

Hoofd en hart

Wat ik zelf moest leren, was sneller en doelgerichter een verbinding leren leggen tussen wat er in mijn hoofd omgaat en wat ik voel. Als theoloog gevormd in de cultuurfase van de jaren zeventig ben ik snel geneigd in cognitieve, verstandelijke redenaties te schieten. Zo ga ik voorbij aan de emotionele laag in de communicatie met de ander. Dan luister ik echter meer naar mijn inschattingen van en oplossingen voor de ander dan dat ik goed luister naar wat die ander mét en zonder woorden zegt.

Een ander voorbeeld is datje te snel geneigd bent iemand te helpen. Je bent dan zelf hard aan het werk, terwijl degene die hulp vraagt, niet wordt geactiveerd om zelf naar een oplossing te zoeken. De pastor laat zo toe dat mensen te veel op hem gaan leunen. Dan overvraagt hij zichzelf én wat erger is: hij helpt de ander niet echt op eigen benen te staan om zélf verder te wandelen. Hoe leer je jezelf als persoon beter kennen via supervisie? Je leert dit door te leren reflecteren. Daarover een volgende keer.

L. W. SMELT, DE BILT

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 augustus 2004

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Grenzen van je inzet zien

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 augustus 2004

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's